Decreet tot wijziging van de Vlaamse Codex Dierenwelzijn van 17 mei 2024
26 artikels gewijzigd
| 10 | 10 | 9° dwangvoedering: het onder dwang toedienen van voeder of drinken; | |
| 11 | 11 | 10° fokker: elke natuurlijke persoon of elke rechtspersoon die dieren fokt die de Vlaamse Regering bepaalt om hen te gebruiken in proeven of hun weefsels of organen voor wetenschappelijke doeleinden te gebruiken, of die hoofdzakelijk voor die doeleinden andere dieren fokt, al dan niet met winstoogmerk; | |
| 12 | + | 10°/1 gastgezin: een natuurlijke persoon die op initiatief van een dierenasiel dieren opvangt op een andere plaats dan in het dierenasiel zelf; | |
| 12 | 13 | 11° gebruiker: elke natuurlijke persoon of elke rechtspersoon die, al dan niet met winstoogmerk, dieren in dierproeven gebruikt; | |
| 13 | 14 | 12° handelszaak voor dieren: inrichting, met uitzondering van het landbouw-bedrijf en al dan niet toegankelijk voor het publiek, waar dieren worden gehouden met het doel om ze te verhandelen; | |
| 14 | − | 13° hondenkwekerij: een inrichting waarin teven voor de kweek worden gehouden en honden worden verhandeld uit eigen nesten of nesten van andere kwekerijen, die voldoet aan de bepalingen van dit decreet en de uitvoeringsbesluiten ervan; | |
| 15 | + | 13° hondenkwekerij: een inrichting waarin teven voor de kweek worden gehouden en honden worden verhandeld uit eigen nesten of nesten van andere kwekerijen; | |
| 15 | 16 | 14° inrichting: elke installatie, elk gebouw, elke groep van gebouwen of elk ander pand, met inbegrip van ruimten die niet volledig zijn afgeperkt of overdekt, en ook verplaatsbare voorzieningen; | |
| 16 | 17 | 15° interventiehond: een hond die getraind is of getraind wordt om te worden ingezet door het leger, de politie, de operationele diensten van de civiele veiligheid, of ondernemingen of diensten die vergund zijn met toepassing van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid; | |
| 17 | − | 16° kattenkwekerij: een inrichting waarin kattinnen voor de kweek worden gehouden en katten worden verhandeld uit eigen nesten of nesten van andere kwekerijen, die voldoet aan de bepalingen van dit decreet en de uitvoeringsbesluiten ervan; | |
| 18 | + | 16° kattenkwekerij: een inrichting waarin kattinnen voor de kweek worden gehouden en katten worden verhandeld uit eigen nesten of nesten van andere kwekerijen; | |
| 18 | 19 | 17° landcommissie: een landcommissie als vermeld in artikel 2.2.1 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting; | |
| 19 | 20 | 18° leverancier: elke natuurlijke persoon of elke rechtspersoon die geen fokker is en die dieren levert voor gebruik in proeven of voor het gebruik van hun weefsels of organen voor wetenschappelijke doeleinden, al dan niet met winstoogmerk; | |
| 7 | 7 | 4° het aantal dieren dat maximaal kan gehouden worden; | |
| 8 | 8 | 5° de diergeneeskundige controle en de begeleiding; | |
| 9 | − | 6° de voorschriften van hoofdstuk 3. | |
| 9 | + | 6° de voorschriften van hoofdstuk 3; | |
| 10 | + | 7° de verzorging van de dieren. | |
| 10 | 11 | De Vlaamse Regering kan voor de erkenning van dierenasielen ook voor-waarden vaststellen die betrekking hebben op de opvolging van dieren in het asiel en op de adoptie. | |
| 11 | 12 | De Vlaamse Regering stelt de voorwaarden voor de erkenning van dieren-tuinen vast op advies van een comité van deskundigen die ze opricht, hierna de Vlaamse Dierentuinencommissie te noemen. De Vlaamse Regering bepaalt de samenstelling en de werking van de Vlaamse Dierentuinencommissie en kan voorzien in een vergoeding van de leden ervan. | |
| 1 | − | In dit artikel wordt verstaan onder gastgezin: een natuurlijke persoon met wie een dierenasiel een overeenkomst heeft gesloten, die onderdeel is van dat dierenasiel en die een beperkt aantal dieren voor een beperkte tijd opvangt op een andere plaats dan in het dierenasiel zelf. | |
| 2 | 1 | Dierenasielen kunnen een overeenkomst sluiten met gastgezinnen voor de tijdelijke opvang van een beperkt aantal dieren. Om controle van het welzijn van de betrokken dieren mogelijk te maken, registreren dierenasielen de gastgezinnen. | |
| 3 | 2 | De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden om gastgezinnen door dierenasielen te laten inzetten en om die gastgezinnen te registreren. De Vlaamse Regering bepaalt ook de voorwaarden waaraan gastgezinnen zijn onderworpen. |
| 3 | 3 | 1° de wijze van berekening van de subsidies; | |
| 4 | 4 | 2° de procedure voor de aanvraag, de beoordeling, de toekenning en de uitbetaling van de subsidies en de voorwaarden om voor de subsidies in aanmerking te komen; | |
| 5 | − | 3° de procedure voor de terugvordering van de subsidies. | |
| 5 | + | 3° de procedure voor de terugvordering van de subsidies; | |
| 6 | + | 4° de wijze van verantwoording van de subsidies, met inbegrip van de controle op de naleving van de voorwaarden voor de subsidies. | |
| 2 | 2 | Voor de subsidies, vermeld in het eerste lid, kan de Vlaamse Regering nadere regels bepalen voor de volgende elementen: | |
| 3 | 3 | 1° het bedrag, de aard, de inhoud, de toepassing en de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de subsidies waaronder de deelname door de veehouder aan een door de minister erkende kwaliteitsregeling; | |
| 4 | − | 2° de aanvraag- en de toekenningsprocedure ; | |
| 4 | + | 2° de aanvraag- en de toekenningsprocedure en de procedure voor de beoordeling van de aanvraag; | |
| 5 | − | 3° de uitbetaling en de verantwoording van de subsidies met inbegrip van de controle op de naleving van de voorwaarden voor de subsidies. | |
| 5 | + | 3° de uitbetaling en de verantwoording van de subsidies met inbegrip van de controle op de naleving van de voorwaarden voor de subsidies; | |
| 6 | + | 4° de procedure voor de terugvordering van de subsidies. | |
| 1 | − | Dieren worden niet verhandeld op de openbare weg of op markten. | |
| 1 | + | Dieren worden niet verhandeld op de openbare weg of op markten. Dieren worden ook niet verhandeld bij de koper thuis, tenzij: | |
| 2 | + | 1° het initiatief van de koper zelf uitgaat; | |
| 3 | + | 2° het gaat om een verkoop op afspraak tussen professionele houders, in het kader van regelmatig voorkomende transacties. | |
| 2 | 4 | In afwijking op het eerste lid, geldt de volgende limitatieve lijst van uit-zonderingen: | |
| 3 | 5 | 1° jaarmarkten; | |
| 2 | 2 | De voorwaarden, vermeld in het eerste lid, hebben betrekking op de volgende elementen: | |
| 3 | 3 | 1° de leeftijd; | |
| 4 | − | 2° de identificatieen het land van oorsprong van de te koop aangeboden dieren; | |
| 4 | + | 2° de identificatie, de persoon of inrichting van herkomst en het land van oorsprong van de te koop aangeboden dieren; | |
| 5 | 5 | 3° de informatie aan de koper; | |
| 6 | 6 | 4° de waarborgen aan de koper en de getuigschriften in verband daarmee; | |
| 7 | 7 | 5° de ziektepreventie; | |
| 8 | + | 5°/1 het kweken van dieren; | |
| 8 | 9 | 6° de verpakking; | |
| 9 | 10 | 7° de aanbieding; | |
| 10 | − | 8° de tentoonstelling voor de verhandeling. | |
| 11 | + | 8° de tentoonstelling voor de verhandeling; | |
| 12 | + | 9° de instanties of personen waaraan de dieren worden verkocht. | |
| 9 | 9 | 8° het uitreiken, schorsen en intrekken van het getuigschrift van vakbekwaamheid voor bestuurders en verzorgers. | |
| 10 | 10 | De Vlaamse Regering bepaalt het tarief van de retributie voor deelname aan de examens, vermeld in het eerste lid, 7°. De voormelde retributie wordt geïnd door en is bestemd voor de onafhankelijke erkende instellingen die de voormelde examens organiseren. | |
| 11 | − | §2. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor het certificaat van goedkeuring van het wegvervoermiddel, vermeld in artikel 18 van de verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad van 22 december 2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en van Verordening (EG) nr. 1255/97. De Vlaamse Regering bepaalt het tarief en de regels om een retributie te betalen om een certificaat van goedkeuring te verkrijgen. | |
| 11 | + | §2. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure om het certificaat van goedkeuring van het wegvervoermiddel, vermeld in artikel 18 van verordening (EG) Nr. 4/2005 van de Raad van 22 december 2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en van Verordening (EG) Nr. 4255/97, aan te vragen, uit te reiken, te schorsen of in te trekken. De Vlaamse Regering bepaalt het tarief van de retributie en de regels voor de betaling van de retributie om een certificaat van goedkeuring te verkrijgen. | |
| 12 | 12 | §3. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure om de vergunning voor vervoerders, vermeld in artikel 10 en 11 van de verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad van 22 december 2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en van Verordening (EG) nr. 1255/97, aan te vragen, uit te reiken, te schorsen of in te trekken. De Vlaamse Regering bepaalt het tarief en de regels om een retributie te betalen om de voormelde vergunning te verkrijgen. | |
| 13 | 13 | §4. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen voor de erkenning van de controleposten, vermeld in artikel 3 van de verordening (EG) nr. 1255/97 van de Raad van 25 juni 1997 betreffende de communautaire criteria voor controlepost(en) en tot aanpassing van het in Richtlijn 91/628/EEG bedoelde reisschema. De Vlaamse Regering kan het tarief en de regels om een retributie te betalen bepalen om de voormelde erkenning te verkrijgen. | |
| 1 | − | Een dier wordt niet per post of pakketdienst verzonden of wordt niet besteld voor verzending per post of pakketdienst, behoudens de uitzonderingen, vermeld in de Wereldpostconventie, gedaan te Doha op 11 oktober 2012. | |
| 1 | + | Een dier wordt niet per post of pakketdienst verzonden of wordt niet besteld voor verzending per post of pakketdienst, behoudens de uitzonderingen, vermeld in de Wereldpostconventie, zoals van kracht op de dag waarop de dieren worden besteld of verzonden. |
| 3 | 3 | 2° de bouw, de inrichting en de uitrusting van slachthuizen; | |
| 4 | 4 | 3° de garantie voor een onafhankelijk optreden van de functionaris voor het dierenwelzijn; | |
| 5 | − | 4° de bekwaamheid van de functionaris voor het dierenwelzijn en het personeel in de slachthuizen die in contact komen met levende dieren, met inbegrip van de inhoud en organisatie van de opleidingen en examens, en de uitreiking, intrekking en schorsing van de getuigschriften die in dat kader zijn uitgereikt. | |
| 5 | + | 4° de bekwaamheid van de functionaris voor het dierenwelzijn en het personeel in de slachthuizen dat in contact komt met levende dieren, met inbegrip van de inhoud en organisatie van de opleidingen en examens, en de uitreiking, intrekking en schorsing van de getuigschriften die in dat kader zijn uitgereikt. | |
| 6 | − | §2. De Vlaamse Regering erkent inrichtingen voor het gegroepeerd slachten van dieren voor particulier huishoudelijk verbruik en kan de voorwaarden ervan bepalen. | |
| 6 | + | §2. De Vlaamse Regering erkent inrichtingen voor het gegroepeerd slachten van dieren voor particulier huishoudelijk verbruik en kan de voorwaarden daarvoor bepalen. | |
| 7 | 7 | §3. Het doden en slachten van schapen, geiten en varkens voor particulier huishoudelijk verbruik buiten een erkend slachthuis of een op grond van paragraaf 2 erkende inrichting is verboden. | |
| 8 | 8 | Het eerste lid is niet van toepassing op: | |
| 9 | − | 1° landbouwers als vermeld in artikel 2, 7°, van het decreet van 22 december 2006 tot inrichting van een gemeenschappelijke identificatie van landbou-wers, exploitaties en landbouwgrond in het kader van het meststoffenbe-leid en van het landbouwbeleid; | |
| 9 | + | 1° landbouwers als vermeld in artikel 2, 7°, van het decreet van 22 december 2006 houdende inrichting van een gemeenschappelijke identificatie van landbou-wers, exploitaties en landbouwgrond in het kader van het meststoffenbe-leid en van het landbouwbeleid; | |
| 10 | − | 2° personen die in het bezit zijn van een getuigschrift van vakbekwaamheid afgeleverd door het departement én over een verdovingsinstrument be-schikken. Het getuigschrift van vakbekwaamheid wordt verkregen door een opleiding over het slachten of doden van dieren te volgen en door te slagen voor een onafhankelijk examen. De opleiding wordt verzorgd door een opleidingsinstituut of een andere persoon die aantoonbare expertise heeft in het domein van dierenwelzijn bij het slachten en doden, op basis van een cursus die het departement heeft goedgekeurd. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen van het getuigschrift van vakbekwaamheid, de te volgen opleiding over het slachten of doden van dieren, het examen en van het verdovingsinstrument. | |
| 10 | + | 2° personen die in het bezit zijn van een getuigschrift van vakbekwaamheid afgeleverd door het departement én over een verdovingsinstrument beschikken. Het getuigschrift van vakbekwaamheid wordt verkregen door een opleiding over het slachten of doden van dieren te volgen en door te slagen voor een onafhankelijk examen. De opleiding wordt verzorgd door een opleidingsinstituut of een andere persoon die aantoonbare expertise heeft in het domein van dierenwelzijn bij het slachten en doden, op basis van een cursus die het departement heeft goedgekeurd. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen voor het aanvragen, uitreiken, schorsen of intrekken van het getuigschrift van vakbekwaamheid, de te volgen opleiding over het slachten of doden van dieren, het examen en het verdovingsinstrument. | |
| 1 | 1 | §1. Het Vlaams Dierenwelzijnsfonds is een begrotingsfonds als vermeld in artikel 15, §2, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019. | |
| 2 | − | §2. Het Vlaams Dierenwelzijnsfonds wordt gespijsd met: | |
| 2 | + | §2. Het Vlaams Dierenwelzijnsfonds wordt gespijsd met: 1° de volgende opbrengsten: | |
| 3 | − | 1° de volgende opbrengsten: | |
| 4 | − | a) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 8, §2, tweede lid; | |
| 3 | + | a) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 8, §2, tweede lid, van dit decreet; | |
| 5 | − | b) de bijdrage voor de identificatie en registratie van honden en katten, vermeld in artikel 14 ; | |
| 4 | + | b) de bijdrage voor de identificatie en registratie van honden en katten, vermeld in artikel 14 van dit decreet; | |
| 6 | − | c) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 17, §3; | |
| 5 | + | c) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 17, §3, van dit decreet; | |
| 7 | − | d) de retributie voor het toekennen van het certificaat van goedkeuring van het wegvervoermiddel, vermeld in artikel 33, §2; | |
| 6 | + | d) de retributie voor het toekennen van het certificaat van goedkeuring van het wegvervoermiddel, vermeld in artikel 33, §2, van dit decreet; | |
| 8 | − | e) de retributie voor het toekennen van de vergunning, vermeld in artikel 33, §3; | |
| 7 | + | e) de retributie voor het toekennen van de vergunning, vermeld in artikel 33, §3, van dit decreet; | |
| 9 | − | f) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 33, §4; | |
| 8 | + | f) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 33, §4, van dit decreet; | |
| 10 | − | g) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 49, §1, tweede lid; | |
| 9 | + | g) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 49, §1, tweede lid, van dit decreet; | |
| 11 | − | h) de retributie voor de opdrachten die zijn uitgevoerd door de dierenart-sen die door het departement zijn aangesteld, vermeld in artikel 65, §2, tweede lid; | |
| 10 | + | h) de retributie voor de opdrachten die zijn uitgevoerd door de dierenartsen die door het departement zijn aangesteld, vermeld in artikel 65, §2, tweede lid, van dit decreet; | |
| 12 | − | i) de administratieve geldboetes, vermeld in artikel 70, §1; | |
| 11 | + | i) de administratieve geldboetes, vermeld in artikel 70, §3, van dit decreet; | |
| 13 | − | j) de administratieve boetes bedoeld in artikel 41bis van de wet van 14 au-gustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren. | |
| 12 | + | j) de administratieve boetes, vermeld in artikel 41bis van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren; | |
| 14 | − | 2° schenkingen, legaten en sponsoring; | |
| 13 | + | k) de geldsommen, vermeld in artikel 70, §3, van dit decreet;”; 2° schenkingen, legaten en sponsoring; | |
| 15 | 14 | 3° vrijwillige bijdragen van de proefdiergebruikers voor onderzoek naar en promotie van alternatieven voor dierproeven; | |
| 16 | 15 | 4° rechtsplegingsvergoedingen die in het kader van rechtszaken opgelegd kunnen worden; | |
| 17 | 16 | 5° de inning van onkosten die bij verantwoordelijken worden teruggevorderd en die voortvloeien uit de inbeslagname van hun verwaarloosde dieren; | |
| 18 | − | 6° de inning van onkosten die bij verantwoordelijken worden teruggevorderd en die voortvloeien uit het uitvoeren van maatregelen met toepassing van artikel 64, §2, zevende lid. | |
| 17 | + | 6° de inning van onkosten die bij verantwoordelijken worden teruggevorderd en die voortvloeien uit het uitvoeren van maatregelen met toepassing van artikel 64, §2/1, vierde lid, van dit decreet. | |
| 19 | 18 | §3. De inkomsten van het Vlaams Dierenwelzijnsfonds kunnen aangewend worden voor de financiering van: | |
| 20 | 19 | 1° administratie- en werkingskosten met inbegrip van de personeelskosten van de entiteit die bevoegd is voor dierenwelzijn en van de kosten voor juridische bijstand; | |
| 28 | 27 | 9° het verlenen van subsidies die bestemd zijn om projecten in het kader van het klimaatbeleid uit te voeren. | |
| 29 | 28 | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de toekenning van de dierenwelzijnsprijzen, vermeld in het eerste lid, 4°, met inbegrip van het bepalen van de voorwaarden en het bedrag ervan, alsook de procedure voor het verlenen van de dierenwelzijnsprijzen. | |
| 30 | − | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor het verlenen van de subsidies, vermeld in het eerste lid, 7° tot en met 9°, met inbegrip van het bepalen van de subsidievoorwaarden, het bedrag van de subsidies, alsook de procedure voor het aanvragenen verlenen van de subsidies, de uitbetaling, de verantwoording en het toezicht . | |
| 29 | + | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor het verlenen van de subsidies, vermeld in het eerste lid, 7° tot en met 9°, met inbegrip van het bepalen van de subsidievoorwaarden, het bedrag van de subsidies, alsook de procedure voor het aanvragen, beoordelen en verlenen van de subsidies, de uitbetaling, de verantwoording, het toezicht en de terugvordering ervan. | |
| 19 | 19 | De eventuele kosten voor het departement als gevolg van de maatregelen, vermeld in het eerste en tweede lid, worden verhaald op de verantwoordelijke van het dier. | |
| 20 | 20 | §3. Zonder afbreuk te doen aan de regelgeving over de bescherming van natuurlijke personen bij de verwerking van persoonsgegevens, kunnen de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, vaststellingen doen met audiovisuele middelen. Ze kunnen ook audiovisueel materiaal van derden gebruiken, als die derden dat materiaal rechtmatig hebben gemaakt of verkregen. | |
| 21 | + | §4. Voor de toepassing van deze paragraaf wordt verstaan onder bevoegde autoriteit: de bevoegde autoriteit, vermeld in artikel 3, 3. van verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) Nr. 4069/2009, (EG) Nr. 4107/2009, (EU) Nr. 4151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) Nr. 4/2005 en (EG) Nr. 4099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles), en bevoegd voor het uitoefenen van officiële controles op naleving van de op Unieniveau vastgestelde regels aangaande de in artikel 1, 2., a), c), d), e) en f), van dezelfde verordening bepaalde toepassingsgebieden. | |
| 21 | − | §4. Het proces-verbaal dat wordt opgemaakt door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, heeft bewijskracht tot het tegenbewijs is geleverd. De personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen ook een proces-verbaal opstellen voor overtredingen op de verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad van 22 december 2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en van Verordening (EG) nr. 1255/97 die zijn vastgesteld door officiële controle-instanties in het buitenland, maar die begaan zijn op het grondgebied van het Vlaamse Gewest. Een afschrift van het proces-verbaal wordt, op straffe van verval van de bewijswaarde tot het tegendeel, binnen vijftien dagen nadat het proces-verbaal is afgesloten, aan de overtreders toegezonden. | |
| 22 | + | Het proces-verbaal dat wordt opgemaakt door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, heeft bewijskracht tot het tegenbewijs is geleverd. De personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen ook een proces-verbaal opstellen voor overtredingen op de verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad van 22 december 2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en van Verordening (EG) nr. 1255/97 die begaan zijn op het grondgebied van het Vlaamse Gewest, na vaststellingen op basis van een melding door een bevoegde autoriteit in het buitenland. Een afschrift van het proces-verbaal wordt, op straffe van verval van de bewijswaarde tot het tegendeel, binnen vijftien dagen nadat het proces-verbaal is afgesloten, aan de overtreders toegezonden. | |
| 22 | 23 | §5. Een proces-verbaal dat is opgesteld door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°, wordt bezorgd aan het openbaar ministerie. Een afschrift van het proces-verbaal, opgesteld door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, wordt, op hetzelfde moment als de verzending van het proces-verbaal aan het openbaar ministerie, bezorgd aan de personeelsleden, vermeld in artikel 70, §2. | |
| 23 | 24 | §6. Als een overtreding van dit decreet of van een uitvoeringsbesluit ervan of van de Europese verordeningen en beschikkingen en besluiten ter zake is vastgesteld, kunnen de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°, een proces-verbaal van waarschuwing opstellen waarin de overtreder tot stopzetting van de overtreding wordt aangemaand. | |
| 27 | 28 | 2° de termijn waarin de feiten, vermeld in punt 1°, moeten worden stopgezet; | |
| 28 | 29 | 3° de vermelding dat, als er geen gevolg wordt gegeven aan de waarschuwing, een proces-verbaal van overtreding wordt opgesteld dat wordt bezorgd aan het openbaar ministerie en aan de personeelsleden, vermeld in artikel 70, §2. | |
| 30 | + | §6/1. Het proces-verbaal, vermeld in paragraaf 4, en het proces-verbaal van waarschuwing, vermeld in paragraaf 6, kunnen worden ondertekend met een gekwalificeerde elektronische handtekening als vermeld in artikel 3, punt 12, van verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG. | |
| 29 | 31 | §7. Het is verboden de in dit artikel bedoelde bevoegdheden van de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, te verhinderen. | |
| 12 | 12 | De personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen zich bij de uitoefening van hun bevoegdheden laten bijstaan door personen die ze daarvoor hebben aangewezen op grond van hun deskundigheid. | |
| 13 | 13 | De personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen over-gaan tot het verhoor van de overtreder en tot elk ander nuttig verhoor. | |
| 14 | − | De personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen alle nodige maatregelen treffen of opleggen om de naleving te verzekeren van de bepalingen van dit decreet, de uitvoeringsbesluiten ervan en de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake. De eventuele kosten voor het departement door de voormelde maatregelen worden verhaald op de verantwoordelijke van het dier. | |
| 14 | + | §2/1. De personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen alle andere nodige maatregelen dan de maatregelen, vermeld in het tweede lid, treffen of opleggen om de naleving te verzekeren van de bepalingen van dit decreet, de uitvoeringsbesluiten ervan en de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake. | |
| 15 | + | Naast de maatregelen, vermeld in het eerste lid, kan de Vlaamse Regering het volgende bepalen: | |
| 16 | + | 1° de maatregelen aangaande de huisvesting en verzorging van de dieren of het aantal dieren dat gehouden kan worden, die beperkingen van grondrechten inhouden die de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen treffen of opleggen en de voorwaarden waaronder hiervan gebruikgemaakt kan worden; | |
| 17 | + | 2° de dwingende toezichtrechten die de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen gebruiken. | |
| 18 | + | De persoon aan wie de maatregelen, vermeld in het eerste en tweede lid, worden opgelegd, is verplicht die uit te voeren. Het is verboden de maatregelen, getroffen door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, teniet te doen, tenzij het anders bepaald is door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°. | |
| 19 | + | De eventuele kosten voor het departement als gevolg van de maatregelen, vermeld in het eerste en tweede lid, worden verhaald op de verantwoordelijke van het dier. | |
| 15 | 20 | §3. Zonder afbreuk te doen aan de regelgeving over de bescherming van natuurlijke personen bij de verwerking van persoonsgegevens, kunnen de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, vaststellingen doen met audiovisuele middelen. Ze kunnen ook audiovisueel materiaal van derden gebruiken, als die derden dat materiaal rechtmatig hebben gemaakt of verkregen. | |
| 16 | 21 | §4. Het proces-verbaal dat wordt opgemaakt door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, heeft bewijskracht tot het tegenbewijs is geleverd. De personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen ook een proces-verbaal opstellen voor overtredingen op de verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad van 22 december 2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en van Verordening (EG) nr. 1255/97 die zijn vastgesteld door officiële controle-instanties in het buitenland, maar die begaan zijn op het grondgebied van het Vlaamse Gewest. Een afschrift van het proces-verbaal wordt, op straffe van verval van de bewijswaarde tot het tegendeel, binnen vijftien dagen nadat het proces-verbaal is afgesloten, aan de overtreders toegezonden. | |
| 17 | − | §5. Een proces-verbaal dat is opgesteld door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°, wordt bezorgd aan de ambtenaar die is aangesteld met toepassing van artikel 70, §1, die ze bezorgt aan het Openbaar Ministerie. | |
| 22 | + | §5. Een proces-verbaal dat is opgesteld door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°, wordt bezorgd aan het openbaar ministerie. Een afschrift van het proces-verbaal, opgesteld door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, wordt, op hetzelfde moment als de verzending van het proces-verbaal aan het openbaar ministerie, bezorgd aan de personeelsleden, vermeld in artikel 70, §2. | |
| 18 | 23 | §6. Als een overtreding van dit decreet of van een uitvoeringsbesluit ervan of van de Europese verordeningen en beschikkingen en besluiten ter zake is vastgesteld, kunnen de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°, een proces-verbaal van waarschuwing opstellen waarin de overtreder tot stopzetting van de overtreding wordt aangemaand. | |
| 19 | 24 | Het proces-verbaal van waarschuwing, vermeld in het eerste lid, wordt binnen vijftien dagen nadat het proces-verbaal van waarschuwing is afgesloten, aan de overtreder toegezonden. | |
| 21 | 26 | 1° de ten laste gelegde feiten en de overtreden bepaling of bepalingen van dit decreet, de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake; | |
| 22 | 27 | 2° de termijn waarin de feiten, vermeld in punt 1°, moeten worden stopgezet; | |
| 23 | − | 3° de volgende vermeldingen: | |
| 24 | − | a) de vermelding datals geen gevolg wordt gegeven aan de waarschuwing, een proces-verbaal van overtreding wordt opgesteld dat wordt bezorgd aan de ambtenaar, vermeld in artikel 70, §1; | |
| 28 | + | 3° de vermelding dat, als er geen gevolg wordt gegeven aan de waarschuwing, een proces-verbaal van overtreding wordt opgesteld dat wordt bezorgd aan het openbaar ministerie en aan de personeelsleden, vermeld in artikel 70, §2. | |
| 25 | − | b) de vermelding dat het Openbaar Ministerie zal kunnen worden ingelicht. | |
| 26 | 29 | §7. Het is verboden de in dit artikel bedoelde bevoegdheden van de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, te verhinderen. | |
| 1 | − | De persoon die handelt in strijd met de bepalingen van dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zakewordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot vijf jaar en met een geldboete van 52 euro tot 100.000 euro, of met een van die straffen alleen. | |
| 1 | + | De persoon die handelt in strijd met de bepalingen van dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake, er opdracht toe heeft gegeven of er haar medewerking aan heeft verleend, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot vijf jaar en met een geldboete van 52 euro tot 100.000 euro, of met een van die straffen alleen. |
| 1 | + | §1. Het personeelslid, vermeld in artikel 70, §2, kan tot de administratieve afhandeling overgaan, tenzij de procureur des Konings binnen negentig dagen na de dag waarop die het proces-verbaal heeft ontvangen, meedeelt dat hij tot strafrechtelijke afhandeling zal overgaan. Het openbaar ministerie kan op dossierspecifiek gemotiveerd verzoek, binnen de termijn van negentig dagen, die termijn één keer met ten hoogste negentig dagen verlengen. In dat geval brengt het openbaar ministerie het personeelslid, vermeld in artikel 70, §2, hiervan onmiddellijk op de hoogte. Als de procureur des Konings niet binnen de termijn van negentig dagen, die eventueel wordt verlengd, aan het personeelslid, vermeld in artikel 70, §2, heeft meegedeeld dat hij tot strafrechtelijke afhandeling overgaat, vervalt de strafvordering. | |
| 2 | + | De personeelsleden, vermeld in artikel 70, §2, kunnen een protocol afsluiten met het college van procureurs-generaal waarin de bezorging aan deze personeelsleden van de dossiers waarvoor tot administratieve afhandeling kan worden overgegaan, wordt geregeld. Indien een dergelijk protocol niet bestaat, kunnen de vermelde personeelsleden in de gevallen waarin tot administratieve afhandeling kan worden overgegaan, de procureur des Konings verzoeken het dossier te bezorgen. | |
| 3 | + | §2. De personeelsleden, vermeld in artikel 70, §2, kunnen met het college van procureurs-generaal een protocol sluiten waarin wordt overeengekomen om bepaalde misdrijven in beginsel altijd administratief te vervolgen. | |
| 4 | + | Het protocol, vermeld in het eerste lid, bevat al de volgende elementen: | |
| 5 | + | 1° de beschrijving van de misdrijven die in beginsel administratief worden vervolgd; | |
| 6 | + | 2° de eventuele bijkomende voorwaarden waaraan voldaan moet zijn om een misdrijf in beginsel administratief te kunnen vervolgen; | |
| 7 | + | 3° de kennisgeving van de misdrijven aan het openbaar ministerie; | |
| 8 | + | 4° de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder het openbaar ministerie alsnog kan beslissen tot de strafrechtelijke afhandeling; | |
| 9 | + | 5° de geldigheidsduur van het protocol. | |
| 10 | + | De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen voor de maximale geldigheidsduur van het protocol, vermeld in het eerste lid. | |
| 11 | + | De Vlaamse Regering keurt het protocol goed en maakt het bekend op de website van het departement. | |
| 12 | + | Als in toepassing van het protocol wordt overgegaan tot administratieve afhandeling, vervalt de strafvordering. |
| 1 | + | §1. In dit artikel wordt verstaan onder: | |
| 2 | + | 1° beveiligde zending: de zending die gebeurt via een van de volgende betekeningswijzen: | |
| 3 | + | a) een elektronisch aangetekende zending; | |
| 4 | + | b) een aangetekende brief; | |
| 5 | + | c) een afgifte tegen ontvangstbewijs; | |
| 6 | + | d) een betekening door een gerechtsdeurwaarder; | |
| 7 | + | 2° kennisgeving: een schriftelijke mededeling die wordt gedaan met een beveiligde zending. | |
| 8 | + | De Vlaamse Regering kan andere betekeningswijzen dan de betekeningswijzen, vermeld in het eerste lid, 1°, die toelaten om de datum van kennisgeving vast te stellen, toelaten. | |
| 1 | − | §1. De ambtenaar of ambtenaren binnen het departement die daarvoor zijn aangesteld door de Vlaamse Regering kan bij overtreding van dit decreet, de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake, een administratieve geldboete opleggen . | |
| 9 | + | §2. De Vlaamse Regering stelt een of meer statutaire of contractuele personeelsleden aan binnen het departement die bij overtreding van dit decreet, de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake een administratieve geldboete kunnen opleggen of een alternatieve sanctie of een geldsom kunnen voorstellen. | |
| 10 | + | §3. Een administratieve geldboete kan worden opgelegd of een alternatieve sanctie of een geldsom kan worden voorgesteld aan de personen die het misdrijf hebben uitgevoerd, er opdracht toe hebben gegeven of er hun medewerking aan hebben verleend. | |
| 11 | + | Bij de bepaling van het bedrag van de administratieve geldboete of, in voorkomend geval, bij de voorstelling van een alternatieve sanctie of een geldsom wordt rekening gehouden met al de volgende factoren: | |
| 12 | + | 1° de ernst van het misdrijf; | |
| 13 | + | 2° de frequentie waarmee en de omstandigheden waarin het misdrijf is gepleegd of beëindigd. | |
| 2 | − | Het bedrag van de administratieve geldboete, vermeld in het eerste lid, mag niet lager zijn dan de helft van het minimum noch hoger zijn dan het maximum van de geldboete die voor de overtreding is bepaald, vermeld in artikel 66. Bij samenloop van verschillende overtredingen, kunnen de bedragen van de geldsommen samengevoegd worden . | |
| 14 | + | Het bedrag van de administratieve geldboete of van de geldsom mag niet lager zijn dan de helft van het minimum noch hoger dan het maximum van de geldboete die voor de overtreding is bepaald, vermeld in artikel 66. Bij samenloop van verschillende overtredingen kunnen de bedragen van de boetes of de geldsommen worden samengevoegd. | |
| 3 | − | §2. De ambtenaren, vermeld in paragraaf 1, kunnen een alternatieve sanctie aan de overtreder voorstellen voor ze een administratieve geldboete opleggen. | |
| 15 | + | §4. Voor ze een administratieve geldboete opleggen, kunnen de personeelsleden, vermeld in paragraaf 2, aan de overtreder een alternatieve sanctie of een geldsom voorstellen die wordt betaald binnen negentig dagen na de kennisgeving ervan aan de overtreder. | |
| 4 | 16 | De volgende alternatieve sancties kunnen conform het eerste lid worden voorgesteld: | |
| 5 | 17 | 1° een vorming die het departement heeft georganiseerd of goedgekeurd; | |
| 6 | − | 2° een taakstraf uitvoeren die minstens 20 uren en maximaal 45 uren bedraagt; | |
| 18 | + | 2° een taakstraf die minstens 20 uur en maximaal 45 uur bedraagt; | |
| 7 | − | 3° verplichte professionele begeleiding door een instantie of persoon die het departement aanwijst om het dierenwelzijnsprobleem dat voorwerp is van de overtredingte verhelpen. | |
| 19 | + | 3° verplichte professionele begeleiding door een instantie of persoon die het departement aanwijst om het dierenwelzijnsprobleem dat het voorwerp is van de overtreding, te verhelpen. | |
| 8 | − | De Vlaamse Regering kan de nadere modaliteiten hiervan bepalen. | |
| 9 | − | Als de overtreder de alternatieve sanctie, vermeld in het eerste lid, uitvoert en hiervoor een getuigschrift of attest voorlegt, kan er, voor de overtreding waarvoor ze is opgelegd, geen administratieve geldboete meer opgelegd worden door de ambtenaren, vermeld in paragraaf 1. | |
| 10 | − | §3. Binnen de termijn van drie maanden na de verzending van het proces-verbaal aan het Openbaar-Ministerie kan er door deze beslist worden om hetzij tot strafrechtelijke vervolging of tot seponering over te gaan hetzij dat door de ambtenaren, vermeld in paragraaf 1, tot de bestuurlijke afhandeling kan worden overgegaan. De ambtenaren, vermeld in paragraaf 1, worden door het Openbaar Ministerie op de hoogte gebracht van deze beslissing. Bij gebreke aan beslissing binnen deze termijn van drie maanden vervalt de strafvordering en kan tot bestuurlijke afhandeling overgegaan worden. | |
| 11 | − | §4. De ambtenaren, vermeld in paragraaf 1, kunnen met het Openbaar Ministerie een protocol afsluiten waarin wordt overeengekomen om bepaalde misdrijven in beginsel altijd bestuurlijk te vervolgen. In die gevallen worden in afwijking van artikel 64, §5, de betrokken processen-verbaal niet overgemaakt aan het Openbaar-Ministerie. | |
| 12 | − | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen met betrekking tot de goedkeuring, inhoud en geldigheidsduur van het protocol, vermeld in het eerste lid. | |
| 20 | + | Het voorstel voor een alternatieve sanctie of om een geldsom te betalen schorst de procedure tot het opleggen van een administratieve geldboete op. | |
| 21 | + | In de volgende gevallen kunnen de personeelsleden, vermeld in paragraaf 2, geen administratieve boete opleggen: | |
| 22 | + | 1° de overtreder voert de alternatieve sanctie, vermeld in het eerste lid, tijdig en integraal uit en kan een getuigschrift of attest voorleggen om dat te bewijzen; | |
| 23 | + | 2° de overtreder betaalt de geldsom, vermeld in het eerste lid, tijdig en integraal; | |
| 24 | + | Het voorstel voor een alternatieve sanctie of om een geldsom te betalen vervalt van rechtswege en de administratieve sanctieprocedure wordt hervat als de alternatieve sanctie niet tijdig en integraal wordt uitgevoerd of de geldsom niet tijdig en integraal wordt betaald. | |
| 25 | + | §5. Het personeelslid, vermeld in paragraaf 2, brengt de betrokkene met een beveiligde zending op de hoogte van het voornemen om een administratieve geldboete op te leggen. De betrokkene wordt uitgenodigd om binnen dertig dagen na de kennisgeving van dat bericht schriftelijk een verweer mee te delen. | |
| 26 | + | Als de betrokkene daarom verzoekt, kan die de documenten op basis waarvan het voornemen tot het opleggen van een administratieve geldboete is genomen, inzien en er een kopie van ontvangen. | |
| 27 | + | Het personeelslid, vermeld in paragraaf 2, beslist nadat die het verweer heeft ontvangen of, als de betrokkene geen verweer indient, nadat de termijn, vermeld in het eerste lid, is verstreken, over het opleggen van de administratieve geldboete en brengt de betrokkene met een beveiligde zending op de hoogte van die beslissing. | |
| 28 | + | In voorkomend geval betaalt de betrokkene de administratieve geldboete binnen negentig kalenderdagen na de kennisgeving van de beslissing, vermeld in het derde lid. | |
| 13 | − | §5. Er kan geen administratieve geldboete worden opgelegd of een alternatieve sanctie als vermeld in paragraaf 1 of 2 worden voorgesteld meer dan drie jaar na de feitelijke overtreding van de bepalingen van dit decreet, de uitvoerings-besluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake. | |
| 29 | + | §6. Er kan geen administratieve geldboete worden opgelegd of een alternatieve sanctie of een geldsom worden voorgesteld meer dan drie jaar na de datum waarop het proces-verbaal is afgesloten. | |
| 14 | − | De daden van onderzoek of van vervolging die zijn verricht binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, stuiten de loop ervan. Met de voormelde daden begint een nieuwe termijn te lopen, zelfs ten aanzien van personen die daarbij niet betrokken waren . | |
| 30 | + | De daden van onderzoek of van vervolging die zijn verricht binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, stuiten de loop ervan, zelfs ten aanzien van personen die niet betrokken waren bij die daden. | |
| 31 | + | In geval van een stuiting als vermeld in het tweede lid kan geen administratieve geldboete worden opgelegd of een alternatieve sanctie of een geldsom worden voorgesteld meer dan drie jaar na de datum waarop het proces-verbaal dat volgt uit de daden van onderzoek of van vervolging, vermeld in het tweede lid, is afgesloten. | |
| 32 | + | §7. De Vlaamse Regering kan de procedurele en praktische modaliteiten bepalen voor het opleggen van de administratieve geldboete en voor het voorstellen van de alternatieve sanctie of de geldsom. |
| 1 | − | Het bedrag van de administratieve geldboete , vermeld in artikel 70, §1, wordt verhoogd met de opdeciemen die van toepassing zijn op de strafrechtelijke geldboeten. | |
| 1 | + | Het bedrag van de administratieve geldboete of van de geldsom, vermeld in artikel 70, §3, wordt verhoogd met de opdeciemen die van toepassing zijn op de strafrechtelijke geldboeten. | |
| 2 | − | De wijze waarop de voormelde administratieve geldboete wordt betaald, wordt vastgesteld door de Vlaamse Regering. | |
| 2 | + | De Vlaamse Regering stelt de wijze vast waarop de administratieve geldboete of geldsom, vermeld in het eerste lid, wordt betaald. |
| 1 | − | §1. Als de betrokkene in gebreke blijft bij het betalen van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §3, of van de verschuldigde kosten, vermeld in artikel 64, §2/1, vierde lid, en 72, §6 en §7, worden die bedragen, verhoogd met de invorderingskosten, bij dwangbevel ingevorderd. Het dwangbevel wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door een ambtenaar of ambtenaren die de Vlaamse Regering daarvoor aanwijst. | |
| 1 | + | §1. Als de betrokkene in gebreke blijft bij het betalen van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §3, of van de verschuldigde kosten, vermeld in artikel 64, §2/1, vierde lid, en 72, §6 en §7, worden die bedragen, verhoogd met de invorderingskosten, bij dwangbevel ingevorderd. Het dwangbevel wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door een of meer statutaire of contractuele personeelsleden die de Vlaamse Regering daarvoor aanwijst. | |
| 2 | 2 | §2. Het dwangbevel, vermeld in paragraaf 1, wordt aan de schuldenaar bij deurwaardersexploot betekend. | |
| 3 | 3 | Binnen dertig dagen na de dag waarop de schuldenaar het voormelde dwangbevel heeft ontvangen, kan de schuldenaar verzet aantekenen door het Vlaamse Gewest te laten dagvaarden. | |
| 8 | 8 | Het voorrecht, vermeld in het eerste lid, neemt de rang in onmiddellijk na de voorrechten, vermeld in artikel 19 en 20 van de Hypotheekwet van 16 december 1851, en artikel 23 van boek II van het Wetboek van Koophandel. | |
| 9 | 9 | De rang van de wettelijke hypotheek wordt bepaald door de dagtekening van de inschrijving die genomen wordt krachtens het uitvoerbaar verklaarde en betekende dwangbevel. | |
| 10 | − | De hypotheek wordt ingeschreven op verzoek van de ambtenaar, vermeld in paragraaf 1. De inschrijving heeft plaats, niettegenstaande verzet, betwisting of beroep, op voorlegging van een afschrift van het dwangbevel dat eensluidend wordt verklaard door de voormelde ambtenaar en dat de betekening ervan vermeldt. | |
| 10 | + | De hypotheek wordt ingeschreven op verzoek van het personeelslid, vermeld in paragraaf 1. De inschrijving heeft plaats, niettegenstaande verzet, betwisting of beroep, op voorlegging van een afschrift van het dwangbevel dat eensluidend wordt verklaard door het personeelslid, vermeld in paragraaf 1, en dat de betekening ervan vermeldt. | |
| 1 | − | §1. Als de betrokkene in gebreke blijft bij het betalen van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §1, of van de verschuldigde kosten, vermeld in artikel 64, §2, zevende lid, en 72, §6 en §7, worden die bedragen, verhoogd met de invorderingskosten, bij dwangbevel ingevorderd. Het dwangbevel wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door een ambtenaar of ambtenaren die de Vlaamse Regering daarvoor aanwijst. | |
| 1 | + | §1. Als de betrokkene in gebreke blijft bij het betalen van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §3, of van de verschuldigde kosten, vermeld in artikel 64, §2/1, vierde lid, en 72, §6 en §7, worden die bedragen, verhoogd met de invorderingskosten, bij dwangbevel ingevorderd. Het dwangbevel wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door een ambtenaar of ambtenaren die de Vlaamse Regering daarvoor aanwijst. | |
| 2 | 2 | §2. Het dwangbevel, vermeld in paragraaf 1, wordt aan de schuldenaar bij deurwaardersexploot betekend. | |
| 3 | 3 | Binnen dertig dagen na de dag waarop de schuldenaar het voormelde dwangbevel heeft ontvangen, kan de schuldenaar verzet aantekenen door het Vlaamse Gewest te laten dagvaarden. | |
| 5 | 5 | In het kader van het voormelde dwangbevel kan bewarend beslag gelegd worden. Op het voormelde bewarend beslag zijn de bepalingen van titel II van deel V van het Gerechtelijk Wetboek van toepassing. | |
| 6 | 6 | Een beroep tegen een dwangbevel als vermeld in paragraaf 1 kan alleen worden ingesteld voor geschillen die in verband met de uitvoering van dat dwangbevel rijzen. De voormelde geschillen worden overeenkomstig artikel 1395 van het Gerechtelijk Wetboek voor de beslagrechter gebracht. | |
| 7 | − | §3. Op grond van het uitvoerbaar verklaarde dwangbevel en tot zekerheid van voldoening van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §1, of de kosten, vermeld in artikel 64, §2, zevende lid, en 72, §6 en §7, heeft het Vlaamse Gewest een algemeen voorrecht op alle roerende goederen van de schuldenaar en kan ze een wettelijke hypotheek nemen op al de goederen van de schuldenaar die daarvoor vatbaar zijn en die in het Vlaamse Gewest liggen of geregistreerd zijn in het Vlaamse Gewest. | |
| 7 | + | §3. Op grond van het uitvoerbaar verklaarde dwangbevel en tot zekerheid van voldoening van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §3, of de kosten, vermeld in artikel 64, §2/1, vierde lid, en 72, §6 en §7, heeft het Vlaamse Gewest een algemeen voorrecht op alle roerende goederen van de schuldenaar en kan ze een wettelijke hypotheek nemen op al de goederen van de schuldenaar die daarvoor vatbaar zijn en die in het Vlaamse Gewest liggen of geregistreerd zijn in het Vlaamse Gewest. | |
| 8 | 8 | Het voorrecht, vermeld in het eerste lid, neemt de rang in onmiddellijk na de voorrechten, vermeld in artikel 19 en 20 van de Hypotheekwet van 16 december 1851, en artikel 23 van boek II van het Wetboek van Koophandel. | |
| 9 | 9 | De rang van de wettelijke hypotheek wordt bepaald door de dagtekening van de inschrijving die genomen wordt krachtens het uitvoerbaar verklaarde en betekende dwangbevel. | |
| 1 | − | In afwijking van artikel 73 kan de ambtenaar, vermeld in artikel 73, §1, beslissen af te zien van de invordering van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §1, of de kosten, vermeld in artikel 64, §2, zevende lid, en 72, §6 en §7, als de invorderingskosten groter zijn dan het terug te vorderen bedrag of als niet kan worden vastgesteld wie de overtreder is. | |
| 1 | + | In afwijking van artikel 73 kan de ambtenaar, vermeld in artikel 73, §1, beslissen af te zien van de invordering van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §3, of de kosten, vermeld in artikel 64, §2/1, vierde lid, en 72, §6 en §7, als de invorderingskosten groter zijn dan het terug te vorderen bedrag of als niet kan worden vastgesteld wie de overtreder is. |
| 1 | − | In afwijking van artikel 73 kan de ambtenaar, vermeld in artikel 73, §1, beslissen af te zien van de invordering van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §3, of de kosten, vermeld in artikel 64, §2/1, vierde lid, en 72, §6 en §7, als de invorderingskosten groter zijn dan het terug te vorderen bedrag of als niet kan worden vastgesteld wie de overtreder is. | |
| 1 | + | In afwijking van artikel 73 kan het personeelslid, vermeld in artikel 73, §1, beslissen af te zien van de invordering van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 70, §3, of de kosten, vermeld in artikel 64, §2/1, vierde lid, en 72, §6 en §7, als de invorderingskosten groter zijn dan het terug te vorderen bedrag of als niet kan worden vastgesteld wie de overtreder is. |
| 1 | − | De ambtenaar die belast is met de inning en de invordering, beslist ook over de gemotiveerde verzoeken tot uitstel of spreiding van betaling die de overtreder tot die ambtenaar richt. | |
| 1 | + | Het personeelslid dat belast is met de inning en de invordering, beslist ook over de gemotiveerde verzoeken tot uitstel of spreiding van betaling die de overtreder tot dat personeelslid richt. |
| 14 | 14 | 12° dierenartsen; | |
| 15 | 15 | 13° kwekers; | |
| 16 | − | 14° de persoon die handelt in strijd met de bepalingen van dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten. | |
| 16 | + | 14° de persoon die handelt in strijd met de bepalingen van dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten; | |
| 17 | + | 15° de personen die een mogelijke overtreding van dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten melden aan het departement; | |
| 18 | + | 16° de personen die contact opnemen met het departement; | |
| 19 | + | 17° de personen die verbonden zijn aan een van de inrichtingen, vermeld in artikel 17; | |
| 20 | + | 18° de personen die dieren houden, verzorgen en gebruiken, vermeld in artikel 25; | |
| 21 | + | 19° de personen die dieren houden en gebruiken in circussen en rondreizende tentoonstellingen, vermeld in artikel 26; | |
| 22 | + | 20° de personen, vermeld in artikel 32. | |
| 17 | 23 | De verwerking van persoonsgegevens in het kader van dit decreet heeft betrekking op de volgende categorieën van persoonsgegevens: | |
| 18 | − | 1° naam, adres, rijksregisternummer, of andere identificatiegegevens; | |
| 24 | + | 1° de voor- en achternaam, het adres, het rijksregisternummer, het nummer van de identiteitskaart, het paspoortnummer, de telefonische contactgegevens, het e-mailadres en de contactgegevens van de persoonlijke sociale media; | |
| 19 | 25 | 2° gegevens over het beroep in het kader van een erkennings- of registratie-aanvraag; | |
| 20 | 26 | 3° bekwaamheid van personen aan wie daartoe een getuigschrift verleend wordt; | |
| 22 | 28 | 5° bekwaamheid, vorming en de opleiding van de proefleider; | |
| 23 | 29 | 6° opleiding en bekwaamheid van het personeel van gebruikers, fokkers en leveranciers; | |
| 24 | − | 7° strafrechtelijke veroordelingen en strafbare feiten. | |
| 30 | + | 7° strafrechtelijke veroordelingen en strafbare feiten; | |
| 31 | + | 8° de nummerplaat van het voertuig en chassisnummer van het voertuig; | |
| 32 | + | 9° de nationaliteit en de geboortedatum; | |
| 33 | + | 10° de identificatienummers van dieren; | |
| 34 | + | 11° de ordenummers van dierenartsen; | |
| 35 | + | 12° de bankrekeningnummers; | |
| 36 | + | 13° de sancties, andere dan strafrechtelijke veroordelingen; | |
| 37 | + | 14° het voogdijschap, de voorlopig bewindvoerder, de internering en de plaatsing. | |
| 25 | − | §2. De maximale bewaringstermijnen voor persoonsgegevens die op basis van dit decreet worden verwerkt, conform artikel 5, eerste lid, e), van de algemene verordening gegevensbescherming, worden vastgelegd in beheersregels, conform artikel III.81, §2, van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 . | |
| 38 | + | §2. De maximale bewaartermijnen voor persoonsgegevens die op basis van dit decreet worden verwerkt, conform artikel 5, eerste lid, e), van de algemene verordening gegevensbescherming, worden vastgelegd in beheersregels, conform artikel III.81, §2, van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 en beantwoorden aan de bepalingen, vermeld in artikel III.87 van het voormelde decreet. | |
| 26 | 39 | Bij het bepalen van de bewaartermijnen, vermeld in het eerste lid, wordt rekening gehouden met: | |
| 27 | 40 | 1° het gegeven dat er voor de feiten naar aanleiding waarvan de persoonsge-gevens zijn verwerkt, de mogelijkheid bestaat om een strafsanctie, een administratieve sanctie of maatregelen op te leggen; | |
| 28 | 41 | 2° het gegeven dat beslissingen, gegrond op de feiten naar aanleiding waarvan de persoonsgegevens zijn verwerkt, nog het voorwerp uitmaken of kunnen uitmaken van een administratief of jurisdictioneel beroep; | |
| 29 | − | 3° de relevantie van de persoonsgegevens voor toekomstige handelingen in het kader van toezicht, opsporing, vervolging of, sanctionering. | |
| 42 | + | 3° de relevantie van de persoonsgegevens voor toekomstige handelingen in het kader van toezicht, opsporing, vervolging of sanctionering. | |
| 30 | 43 | In afwijking van het eerste lid geldt voor persoonsgegevens, opgenomen in artikel 40, een bewaartermijn van veertig dagen. | |
| 31 | − | §3. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen voor de verwerking van de persoonsgegevens, de beveiliging van die gegevens en de passende waarborgen voor de rechten en vrijheden van de betrokkenen. De Vlaamse Regering kan ook de entiteiten waaraan en doeleinden waarvoor de persoons-gegevens mogen worden verstrekt, nader omschrijven. | |
| 44 | + | §3. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen voor de verwerking van de persoonsgegevens, de beveiliging van die gegevens en de passende waarborgen voor de rechten en vrijheden van de betrokkenen. | |
| 45 | + | §4. Het departement kan de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 1, derde lid, bezorgen aan het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen om de gegevens te raadplegen die noodzakelijk zijn voor controles die worden uitgevoerd in het kader van de regelgeving over de dierengezondheid. | |
| 2 | 2 | 1° bedrijfsstopzetting: de vervroegde volledige stopzetting van het houden van pelsdieren; | |
| 3 | 3 | 2° bedrijfsreconversie: de omschakeling van een commerciële pelsdierhoude-rij naar een andere commerciële landbouwactiviteit. | |
| 4 | − | §2. De Vlaamse Regering kan ter uitvoering van dit decreet vergoedingen toekennen voor een bedrijfsstopzetting of een bedrijfsreconversie aan pelsdierhouderijen die op 5 mei 2019 pelsdieren hielden en voor 1 december 2023 alle activiteiten als pelsdierhouderij stopzetten en dat voor de delen van de voormelde pelshouderijen die gevestigd zijn op het grondgebied van het Vlaamse Gewest. | |
| 4 | + | §2. De Vlaamse Regering kan ter uitvoering van dit decreet vergoedingen toekennen voor een bedrijfsstopzetting of een bedrijfsreconversie aan pelsdierhouderijen die op 5 mei 2019 pelsdieren hielden en voor 1 december 2023 alle activiteiten als pelsdierhouderij stopzetten en dat voor de delen van de voormelde pelsdierhouderijen die gevestigd zijn op het grondgebied van het Vlaamse Gewest. | |
| 5 | 5 | §3. In geval van bedrijfsstopzetting bestaat de vergoeding, vermeld in paragraaf 2, uit: | |
| 6 | 6 | 1° een vergoeding voor het verlies van het gebruik van onroerende goederen dat gepaard gaat met de bedrijfsstopzetting; | |
| 1 | − | In afwijking van artikel 36 kan de bedwelming bij runderen, andere dan kalverendie geslacht worden volgens speciale methoden die vereist zijn voor religieuze riten, tijdelijk onmiddellijk na het kelen plaatsvinden, en dat tot op de datum waarop de Vlaamse Regering bepaalt dat omkeerbare bedwelming voor de voormelde diersoort praktisch toepasbaar is. | |
| 1 | + | In afwijking van artikel 36 kan de bedwelming bij runderen, andere dan kalveren, die geslacht worden volgens speciale methoden die vereist zijn voor religieuze riten, tijdelijk onmiddellijk na het kelen plaatsvinden, en dat tot op de datum waarop de Vlaamse Regering bepaalt dat omkeerbare bedwelming voor de voormelde diersoort praktisch toepasbaar is. |
| 5 | 5 | 4° artikel 22, dat in werking treedt op 1 januari 2036. In afwijking hierop, treedt het artikel in werking op 1 januari 2025 voor die houderijen die voor 1 januari 2036 hun bestaande kooisystemen willen vervangen dan wel voor de eerste maal kooisystemen in gebruik willen nemen en waarvan tegelij-kertijd de omgevingsvergunningaanvraag hiervoor niet ingediend werd voor 14 juli 2023, behoudens voor aanpassingen die het dierenwelzijn ten goede komen; | |
| 6 | 6 | 5° artikel 27, dat in werking treedt op 1 januari 2026. Tot aan die datum blijft het verbod, vermeld in artikel 12, eerste lid, van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, van toepas-sing; | |
| 7 | − | 6° artikel 39, §3, dat in werking treedt op 1 januari 2025, met uitzondering van diegenen die zich beroepen op de uitzondering, vermeld in artikel 39, §3, tweede lid, 2°, die de tijd krijgen tot 1 januari 2026 om het getuig-schrift van vakbekwaamheid te behalen; | |
| 7 | + | 6° artikel 39, §3, dat in werking treedt op 1 januari 2025, met uitzondering van diegenen die zich beroepen op de uitzondering, vermeld in artikel 39, §3, tweede lid, 2°, die de tijd krijgen tot 1 januari 2026 om het getuig-schrift van vakbekwaamheid te behalen. | |
| 8 | − | 7° artikel 63, §2, 1°, i), artikel 64, §5, artikel 70 en artikel 71, die in werking treden op 1 januari 2026. | |