Tot wijziging van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid, wat betreft de meldingsplicht en het bron- en contactonderzoek voor infectieziekten, het immunisatiebeleid en de verwerking van persoonsgegevens in het kader van de bevolkingsonderzoeken en initiatieven met betrekking tot leefstijlfactoren #353
Gemerged Vlaamse Regering voegde 14 artikels samen in decreet-2003-11-21 · 22 mei 2025 Alle checks geslaagd
14 artikels gewijzigd
| 1 | Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder: | 1 | Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder: |
| 2 | 1° administratie: de administratie van de diensten van de Vlaamse regering, bevoegd voor de gezondheidszorg; | ||
| 2 | 1° administratie: het Departement Zorg, opgericht bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023 over het Departement Zorg; | ||
| 3 | 1°/1 algemene verordening gegevensbescherming: verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije ver-keer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (al-gemene verordening gegevensbescherming); | 3 | 1°/1 algemene verordening gegevensbescherming: verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije ver-keer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (al-gemene verordening gegevensbescherming); |
| 4 | 2° bevolkingsonderzoek: een geheel van acties met betrekking tot een onderzoek naar een ziekte of aandoening of naar risicofactoren, voorstadia of verwikkelingen ervan, aangeboden aan een groep personen. Dat onderzoek gebeurt niet naar aanleiding van gezondheidsklachten van individuele personen die uit eigen beweging worden geformuleerd, en die verband houden met de opgespoorde ziekte of aandoening of de risicofactoren, voorstadia of verwikkelingen ervan; | 4 | 2° bevolkingsonderzoek: een geheel van acties met betrekking tot een onderzoek naar een ziekte of aandoening of naar risicofactoren, voorstadia of verwikkelingen ervan, aangeboden aan een groep personen. Dat onderzoek gebeurt niet naar aanleiding van gezondheidsklachten van individuele personen die uit eigen beweging worden geformuleerd, en die verband houden met de opgespoorde ziekte of aandoening of de risicofactoren, voorstadia of verwikkelingen ervan; |
| 12 | 5° chemische factoren: scheikundige stoffen die potentieel schadelijk zijn voor de gezondheid van de mens door hun toxische, mutagene, carcinogene, traumatogene, teratogene, caustische, allergene eigenschappen, en/of door een combinatie van deze eigenschappen; | 12 | 5° chemische factoren: scheikundige stoffen die potentieel schadelijk zijn voor de gezondheid van de mens door hun toxische, mutagene, carcinogene, traumatogene, teratogene, caustische, allergene eigenschappen, en/of door een combinatie van deze eigenschappen; |
| 13 | 6° collectieve gezondheidsovereenkomst: een overeenkomst tussen de Vlaamse regering en een organisatie die een bijdrage kan leveren aan het preventieve gezondheidsbeleid, waarin de organisatie een inspanningsverbintenis onderschrijft om een of meer Vlaamse gezondheidsdoelstellingen of andere aspecten van het preventieve gezondheidsbeleid mee te helpen nastreven door haar leden of de doelgroep tot wie ze zich richt hierover te informeren, te sensibiliseren en aan te zetten tot gezond gedrag; | 13 | 6° collectieve gezondheidsovereenkomst: een overeenkomst tussen de Vlaamse regering en een organisatie die een bijdrage kan leveren aan het preventieve gezondheidsbeleid, waarin de organisatie een inspanningsverbintenis onderschrijft om een of meer Vlaamse gezondheidsdoelstellingen of andere aspecten van het preventieve gezondheidsbeleid mee te helpen nastreven door haar leden of de doelgroep tot wie ze zich richt hierover te informeren, te sensibiliseren en aan te zetten tot gezond gedrag; |
| 14 | 6°/1 collectiviteit: een voorziening, een instelling of een organisatie waar personen met elkaar in contact komen; | ||
| 14 | 7° determinant van gezondheid: een factor die de mate van gezondheid van individuen of populaties mee bepaalt, hierna determinant te noemen; | 15 | 7° determinant van gezondheid: een factor die de mate van gezondheid van individuen of populaties mee bepaalt, hierna determinant te noemen; |
| 15 | 8° duurzame ontwikkeling: maatschappelijke ontwikkeling die niet enkel rekening houdt met de behoeften van de huidige generatie, maar ook met die van toekomstige generaties; | 16 | 8° duurzame ontwikkeling: maatschappelijke ontwikkeling die niet enkel rekening houdt met de behoeften van de huidige generatie, maar ook met die van toekomstige generaties; |
| 17 | 9° facettenbeleid: beleid dat buiten het domein van de gezondheidszorg valt en bijdraagt tot het bevorderen, beschermen of behouden van gezondheid; | 18 | 9° facettenbeleid: beleid dat buiten het domein van de gezondheidszorg valt en bijdraagt tot het bevorderen, beschermen of behouden van gezondheid; |
| 18 | 10° fysische factoren: natuurkundige verschijnselen die potentieel schadelijk zijn voor de gezondheid van de mens door hun akoestische, mechanische, thermische of elektromagnetische eigenschappen, met uitzondering van ioniserende straling; | 19 | 10° fysische factoren: natuurkundige verschijnselen die potentieel schadelijk zijn voor de gezondheid van de mens door hun akoestische, mechanische, thermische of elektromagnetische eigenschappen, met uitzondering van ioniserende straling; |
| 20 | 10°/1 geïnfecteerde persoon: een persoon die geïnfecteerd is of over wie een ernstig vermoeden bestaat dat hij geïnfecteerd is met een infectie die door biotische factoren wordt veroorzaakt als vermeld in artikel 44, §3, 1°; | ||
| 19 | 11° gezondheid: toestand van lichamelijk, geestelijk en sociaal welbevinden bij de mens; | 21 | 11° gezondheid: toestand van lichamelijk, geestelijk en sociaal welbevinden bij de mens; |
| 20 | 12° gezondheidsbevordering: preventiemethode, gebruikt binnen het preventieve gezondheidsbeleid, die tot doel heeft de gezondheid te bevorderen, te beschermen of te behouden door die processen te ondersteunen die individuen en groepen in staat stellen om de determinanten van hun gezondheid positief te beïnvloeden; | 22 | 12° gezondheidsbevordering: preventiemethode, gebruikt binnen het preventieve gezondheidsbeleid, die tot doel heeft de gezondheid te bevorderen, te beschermen of te behouden door die processen te ondersteunen die individuen en groepen in staat stellen om de determinanten van hun gezondheid positief te beïnvloeden; |
| 26 | 16° grenswaarde in de mens voor fysische of chemische factoren: de drempelwaarde in de mens van een lichaamsvreemde factor of de drempelwaarde in de mens van metabolieten van deze factor of van andere indicatoren van blootstelling en/of effect, die, bij overschrijding, een maatschappelijk onaanvaardbare graad van gezondheidsbedreiging met zich meebrengt voor de bevolking als geheel of voor bepaalde risicogroepen, hierna grenswaarde in de mens te noemen; | 28 | 16° grenswaarde in de mens voor fysische of chemische factoren: de drempelwaarde in de mens van een lichaamsvreemde factor of de drempelwaarde in de mens van metabolieten van deze factor of van andere indicatoren van blootstelling en/of effect, die, bij overschrijding, een maatschappelijk onaanvaardbare graad van gezondheidsbedreiging met zich meebrengt voor de bevolking als geheel of voor bepaalde risicogroepen, hierna grenswaarde in de mens te noemen; |
| 27 | 16°/1 humane zeer zorgwekkende stof: een stof waarbij humane toxiciteit vermoed wordt of vastgesteld is, die relevant is voor een Vlaamse setting en die voldoet of mogelijk voldoet aan een of meer van de criteria, vermeld in artikel 57 van verordening nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 decem-ber 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot op-richting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, hou-dende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie; | 29 | 16°/1 humane zeer zorgwekkende stof: een stof waarbij humane toxiciteit vermoed wordt of vastgesteld is, die relevant is voor een Vlaamse setting en die voldoet of mogelijk voldoet aan een of meer van de criteria, vermeld in artikel 57 van verordening nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 decem-ber 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot op-richting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, hou-dende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie; |
| 30 | 16°/2 immunisatie: de toediening van een preventief geneesmiddel aan een persoon tegen een specifieke biotische factor; | ||
| 28 | 17° individuele zorgaanbieder: een persoon die meewerkt aan een of meer initiatieven van het Vlaamse preventieve gezondheidsbeleid, al dan niet in een mono- of multidisciplinair samenwerkingsverband, en die daarvoor erkend of gesubsidieerd kan worden door de Vlaamse Regering; | 31 | 17° individuele zorgaanbieder: een persoon die meewerkt aan een of meer initiatieven van het Vlaamse preventieve gezondheidsbeleid, al dan niet in een mono- of multidisciplinair samenwerkingsverband, en die daarvoor erkend of gesubsidieerd kan worden door de Vlaamse Regering; |
| 29 | 18° initiatief: een beslissing die genomen wordt ter uitvoering van het preventieve gezondheidsbeleid, met een al dan niet regelgevend karakter; | 32 | 18° initiatief: een beslissing die genomen wordt ter uitvoering van het preventieve gezondheidsbeleid, met een al dan niet regelgevend karakter; |
| 32 | 20° middelengebruik: het al dan niet legale gebruik van psychotrope stoffen die gezondheidsschade kunnen veroorzaken; | 35 | 20° middelengebruik: het al dan niet legale gebruik van psychotrope stoffen die gezondheidsschade kunnen veroorzaken; |
| 33 | 20°/1 milieugezondheidskundig aandachtsgebied: een afgebakende zone in tijd en ruimte waarbinnen de aanwezige biotische, chemi-sche, fysische, ruimtelijke of materiële factoren een hoger risico vormen voor de gezondheid van de mens dan in andere gebieden binnen de Europese Unie met gelijkaardige kenmerken; | 36 | 20°/1 milieugezondheidskundig aandachtsgebied: een afgebakende zone in tijd en ruimte waarbinnen de aanwezige biotische, chemi-sche, fysische, ruimtelijke of materiële factoren een hoger risico vormen voor de gezondheid van de mens dan in andere gebieden binnen de Europese Unie met gelijkaardige kenmerken; |
| 34 | 20°/2 milieugezondheidszorg: het onderdeel van het preventieve gezond-heidsbeleid dat door een multidisciplinaire benadering, met min-stens de wetenschappelijke disciplines geneeskunde, toxicologie, epidemiologie, gezondheidszorg, milieutechnologie en milieukunde, inzet op het voorkomen, vroegdetectie en interventie van milieuge-zondheidsschade; | 37 | 20°/2 milieugezondheidszorg: het onderdeel van het preventieve gezond-heidsbeleid dat door een multidisciplinaire benadering, met min-stens de wetenschappelijke disciplines geneeskunde, toxicologie, epidemiologie, gezondheidszorg, milieutechnologie en milieukunde, inzet op het voorkomen, vroegdetectie en interventie van milieugezondheidsschade; |
| 35 | 21° ontwikkelingsstoornis: een verstoring in het verwerven van motorische, sociale of cognitieve vaardigheden; | 38 | 21° ontwikkelingsstoornis: een verstoring in het verwerven van motorische, sociale of cognitieve vaardigheden; |
| 39 | 21°/1 Opgroeien regie: het agentschap, opgericht bij het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie; | ||
| 36 | 22° organisatie met terreinwerking: een van rechtswege erkende organisatie, een door de Vlaamse Regering erkende of erkende en gesubsidieerde organisatie, of een organisatie die gesubsidieerd wordt via een beheersovereenkomst, die op het terrein de opdrachten uitvoert, de methodieken toepast of de diensten levert met betrekking tot de preventieve gezondheidszorg; | 40 | 22° organisatie met terreinwerking: een van rechtswege erkende organisatie, een door de Vlaamse Regering erkende of erkende en gesubsidieerde organisatie, of een organisatie die gesubsidieerd wordt via een beheersovereenkomst, die op het terrein de opdrachten uitvoert, de methodieken toepast of de diensten levert met betrekking tot de preventieve gezondheidszorg; |
| 37 | 23° partnerorganisatie: een organisatie met rechtspersoonlijkheid die als een kern binnen een expertisenetwerk fungeert en die van rechtswege erkend en gesubsidieerd is, door de Vlaamse Regering erkend of erkend en gesubsidieerd wordt, of gesubsidieerd wordt via een beheersovereenkomst, vanwege minstens een van de hiernavolgende competenties: | 41 | 23° partnerorganisatie: een organisatie met rechtspersoonlijkheid die als een kern binnen een expertisenetwerk fungeert en die van rechtswege erkend en gesubsidieerd is, door de Vlaamse Regering erkend of erkend en gesubsidieerd wordt, of gesubsidieerd wordt via een beheersovereenkomst, vanwege minstens een van de hiernavolgende competenties: |
| 39 | b) de inhoudelijke deskundigheid in verband met gezondheidsbevordering; | 43 | b) de inhoudelijke deskundigheid in verband met gezondheidsbevordering; |
| 40 | c) het verstrekken van gegevens inzake gezondheidszorg; | 44 | c) het verstrekken van gegevens inzake gezondheidszorg; |
| 45 | 23°/1 preventief geneesmiddel: een geneesmiddel dat een ziekte of aandoening die veroorzaakt wordt door een specifieke biotische factor, probeert te voorkomen en dat opgenomen is in de lijst, vermeld in artikel 43, §5; | ||
| 41 | 24° preventieve gezondheidszorg: het deel van de gezondheidszorg dat maatregelen en acties omvat die tot doel hebben de gezondheid te bevorderen, te beschermen of te behouden; | 46 | 24° preventieve gezondheidszorg: het deel van de gezondheidszorg dat maatregelen en acties omvat die tot doel hebben de gezondheid te bevorderen, te beschermen of te behouden; |
| 42 | 25° seksuele gezondheid: aan intieme lichamelijke relaties verbonden lichamelijk, geestelijk en sociaal welbevinden; | 47 | 25° seksuele gezondheid: aan intieme lichamelijke relaties verbonden lichamelijk, geestelijk en sociaal welbevinden; |
| 44 | 27° ...; | 49 | 27° ...; |
| 45 | 28° stresshantering: methode die gericht is op het wegnemen of beperken van stress en/of op het leren omgaan met stress; | 50 | 28° stresshantering: methode die gericht is op het wegnemen of beperken van stress en/of op het leren omgaan met stress; |
| 46 | 29° vaccinator: een arts, verpleegkundige of andere gezondheids-zorgbeoefenaar die door de overheid die daarvoor bevoegd is, ge-machtigd is om vaccinaties toe te dienen; | ||
| 51 | 29° toediener: een gezondheidszorgbeoefenaar als vermeld in artikel 2, 2°, van de wet van 22 april 2019 inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg, die door de overheid die daarvoor bevoegd is, gemachtigd is om een preventief geneesmiddel toe te dienen; | ||
| 47 | 30° verworven factoren: biologische eigenschappen die in de loop van het leven opgebouwd zijn en als indicator voor de gezondheidstoestand kunnen fungeren; | 52 | 30° verworven factoren: biologische eigenschappen die in de loop van het leven opgebouwd zijn en als indicator voor de gezondheidstoestand kunnen fungeren; |
| 48 | 31° Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin : de commissie, vermeld in artikel 12 van het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid en van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin; | 53 | 31° Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin : de commissie, vermeld in artikel 12 van het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid en van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin; |
| 1 | §1. In dit artikel wordt verstaan onder het initiatief bewegen op verwijzing: een aanbod ter uitvoering van artikel 57 dat gericht is op de motivationele ondersteuning en opvolging van personen om meer te bewegen en sedentair gedrag te beperken, na verwijzing door een zorgverlener. | ||
| 2 | De Vlaamse Regering bepaalt welke zorgverleners als vermeld in het eerste lid kunnen doorverwijzen. | ||
| 3 | §2. De organisatie die een subsidie ontvangt van de Vlaamse Regering om de subsidiëring van individuele zorgaanbieders in het kader van het initiatief bewegen op verwijzing te ondersteunen en te evalueren, kan persoonsgegevens verwerken van de deelnemers aan dat initiatief en van de individuele zorgaanbieders om dat initiatief te realiseren. | ||
| 4 | Om het initiatief bewegen op verwijzing op het terrein uit te voeren, kunnen de individuele zorgaanbieders persoonsgegevens verwerken van de deelnemers aan dat initiatief. | ||
| 5 | §3. In het kader van de doeleinden, vermeld in paragraaf 2, verwerken de organisatie, vermeld in paragraaf 2, en de individuele zorgaanbieders de volgende gegevens, met inbegrip van de gegevens over gezondheid, vermeld in artikel 4, 15), van de algemene verordening gegevensbescherming, van de deelnemers aan het initiatief bewegen op verwijzing: | ||
| 6 | 1° de persoonsgegevens om de deelnemer te identificeren, waaronder het rijksregisternummer; | ||
| 7 | 2° de contactgegevens, het adres en de werkelijke verblijfplaats van de deelnemer; | ||
| 8 | 3° het geslacht van de deelnemer; | ||
| 9 | 4° het geboortejaar van de deelnemer; | ||
| 10 | 5° het gegeven of de deelnemer recht heeft op het statuut verhoogde tegemoetkoming; | ||
| 11 | 6° een overzicht van de prestaties die de deelnemer in het kader van de ‘bewegen op verwijzing’-begeleiding heeft ontvangen. | ||
| 12 | In het kader van het doeleinde, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, verwerkt de organisatie de volgende gegevens van de individuele zorgaanbieders: | ||
| 13 | 1° de persoonsgegevens om de individuele zorgaanbieder te identificeren, waaronder het rijksregisternummer; | ||
| 14 | 2° de contactgegevens van de individuele zorgaanbieder; | ||
| 15 | 3° de gegevens over het dienstverband waarbinnen de individuele zorgaanbieder werkt; | ||
| 16 | 4° de gegevens over het aanbod van de individuele zorgaanbieder in het kader van de ‘bewegen op verwijzing’-begeleiding en de vermelding of de individuele zorgaanbieder actief is als aanbieder van bewegen op verwijzing of niet; | ||
| 17 | 5° de gegevens over de bekwaamheid van de individuele zorgaanbieder; | ||
| 18 | 6° het beroepsadres waar de individuele zorgaanbieder de ‘bewegen op verwijzing’-begeleiding aan deelnemers aan het initiatief bewegen op verwij-zing aanbiedt en uitvoert; | ||
| 19 | 7° de gegevens die noodzakelijk zijn om de vergoeding voor de uitvoering van een initiatief bewegen op verwijzing uit te betalen aan de individuele zorgaan-bieder; | ||
| 20 | 8° de persoonsgegevens die noodzakelijk zijn om de mandaathouder te identificeren, waaronder het rijksregisternummer, opdat de mandaathouder namens een individuele zorgaanbieder de uitgevoerde prestaties van die individuele zorgaanbieder kan invoeren in de uitbetalingssoftware. | ||
| 21 | In het kader van de doeleinden, vermeld in paragraaf 2, verwerken de organisatie en de individuele zorgaanbieders de volgende persoonsgegevens van de personen die de deelnemer naar een initiatief bewegen op verwijzing doorverwijzen: | ||
| 22 | 1° de naam en de voornaam van de doorverwijzer; | ||
| 23 | 2° het beroep van de doorverwijzer; | ||
| 24 | 3° in voorkomend geval, het RIZIV-nummer van de doorverwijzer. | ||
| 25 | De Vlaamse Regering kan de lijst van de gegevens, vermeld in het eerste en tweede lid, inclusief de gegevens over gezondheid, vermeld in artikel 4, 15), van de algemene verordening gegevensbescherming, nader preciseren. | ||
| 26 | De Vlaamse Regering kan de regels voor en de wijze van de verwerking van de gegevens, vermeld in het eerste tot en met het derde lid, bepalen. | ||
| 27 | §4. De gegevens van de deelnemer, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, worden bewaard tot maximaal tien jaar na de laatste deelname van de deelnemer aan het initiatief bewegen op verwijzing. | ||
| 28 | De gegevens van de individuele zorgaanbieder, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, worden bewaard tot maximaal tien jaar na het moment waarop de individuele zorgaanbieder het laatst het initiatief bewegen op verwijzing op het terrein heeft uitgevoerd. | ||
| 29 | De gegevens van de doorverwijzer, vermeld in paragraaf 3, derde lid, worden bewaard tot maximaal tien jaar na de laatste deelname van de deelnemer aan het initiatief bewegen op verwijzing die hij heeft doorverwezen aan het initiatief bewegen op verwijzing. | ||
| 30 | §5. De organisatie, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, is de verwerkingsverant-woordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste tot en met derde lid, die verwerkt worden om het initiatief bewegen op verwijzing te realiseren. | ||
| 31 | De Vlaamse Regering kan bepalen welke technische en organisatorische maatregelen de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in het eerste lid, moet treffen om de persoonsgegevens te beschermen conform artikel 32 van de algemene verordening gegevensbescherming. | ||
| 32 | De organisatie, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, verwerkt de gegevens, vermeld in paragraaf 3, onder de voorwaarden en waarborgen, vermeld in artikel 9, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming. | ||
| 33 | §6. Na anonimisering kan de administratie de gegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste tot en met het derde lid, ook verwerken voor wetenschappelijke, beleids- en statistische doeleinden. |
| 1 | §1. In dit artikel wordt verstaan onder het initiatief rookstopbegeleiding: een aanbod ter uitvoering van artikel 63 dat gericht is op de begeleiding van personen bij het stoppen met roken en vapen. | ||
| 2 | §2. De partnerorganisatie die een subsidie ontvangt van de Vlaamse Regering om de subsidiëring van individuele zorgaanbieders in het kader van het initiatief rookstopbegeleiding te ondersteunen en te evalueren, kan persoonsgegevens verwerken van de deelnemers aan dat initiatief en van de individuele zorgaanbieders om dat initiatief te realiseren. | ||
| 3 | Om het initiatief rookstopbegeleiding op het terrein uit te voeren, kunnen de individuele zorgaanbieders persoonsgegevens verwerken van de deelnemers aan dat initiatief. | ||
| 4 | §3. In het kader van de doeleinden, vermeld in paragraaf 2, verwerken de partnerorganisatie, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, en de individuele zorgaanbieders de volgende gegevens, met inbegrip van de gegevens over gezondheid, vermeld in artikel 4, 15), van de algemene verordening gegevensbescherming, van de deelnemers aan het initiatief rookstopbegeleiding: | ||
| 5 | 1° de persoonsgegevens om de deelnemer te identificeren, waaronder het rijksregisternummer; | ||
| 6 | 2° de contactgegevens, het adres en de werkelijke verblijfplaats van de deelnemer; | ||
| 7 | 3° het geslacht van de deelnemer; | ||
| 8 | 4° het geboortejaar van de deelnemer; | ||
| 9 | 5° de vermelding of de deelnemer zwanger is; | ||
| 10 | 6° het gegeven of de deelnemer recht heeft op het statuut verhoogde tegemoetkoming; | ||
| 11 | 7° een overzicht van de prestaties die de deelnemer in het kader van de rookstopbegeleiding heeft ontvangen. | ||
| 12 | In het kader van het doeleinde, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, verwerkt de partnerorganisatie, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, de volgende gegevens van de individuele zorgaanbieders: | ||
| 13 | 1° de persoonsgegevens om de individuele zorgaanbieder te identificeren, waaronder het rijksregisternummer; | ||
| 14 | 2° de contactgegevens van de individuele zorgaanbieder; | ||
| 15 | 3° de gegevens over het dienstverband waarbinnen de individuele zorgaanbieder werkt; | ||
| 16 | 4° de gegevens over het aanbod van de individuele zorgaanbieder in het kader van rookstopbegeleiding en de vermelding of de individuele zorgaanbieder actief is als aanbieder van rookstopbegeleiding of niet; | ||
| 17 | 5° de gegevens over de bekwaamheid van de individuele zorgaanbieder; | ||
| 18 | 6° het beroepsadres waar de individuele zorgaanbieder de rookstopbegeleiding aan deelnemers aan het initiatief rookstopbegeleiding aanbiedt; | ||
| 19 | 7° de gegevens die noodzakelijk zijn om de vergoeding voor de uitvoering van een initiatief rookstopbegeleiding uit te betalen aan de individuele zorgaanbieder; | ||
| 20 | 8° de persoonsgegevens die noodzakelijk zijn om de mandaathouder te identificeren, waaronder het rijksregisternummer, opdat de mandaathouder namens een individuele zorgaanbieder de uitgevoerde prestaties van die individuele zorgaanbieder kan invoeren in de uitbetalingssoftware. | ||
| 21 | De Vlaamse Regering kan de lijst van de gegevens, vermeld in het eerste en tweede lid, inclusief de gegevens over gezondheid, vermeld in artikel 4, 15), van de algemene verordening gegevensbescherming, nader preciseren. | ||
| 22 | De Vlaamse Regering kan de regels voor en de wijze van de verwerking van de gegevens, vermeld in het eerste en het tweede lid, bepalen. | ||
| 23 | §4. De gegevens van de deelnemer, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, worden bewaard tot maximaal tien jaar na de laatste deelname van de deelnemer aan het initiatief rookstopbegeleiding. | ||
| 24 | De gegevens van de individuele zorgaanbieder, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, worden bewaard tot maximaal tien jaar na het moment waarop de individuele zorgaanbieder het laatst het initiatief rookstopbegeleiding op het terrein heeft uitgevoerd. | ||
| 25 | §5. De partnerorganisatie, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, is de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste en tweede lid, die verwerkt worden om het initiatief rookstopbegeleiding te realiseren. | ||
| 26 | De Vlaamse Regering kan bepalen welke technische en organisatorische maatregelen de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in het eerste lid, moet treffen om de persoonsgegevens te beschermen conform artikel 32 van de algemene verordening gegevensbescherming. | ||
| 27 | De partnerorganisatie, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, verwerkt de gegevens, vermeld in paragraaf 3, onder de voorwaarden en waarborgen, vermeld in artikel 9, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming. | ||
| 28 | §6. Na anonimisering kan de administratie de gegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste en tweede lid, ook verwerken voor wetenschappelijke, beleids- en statistische doeleinden. |
| 1 | §1. Om bepaalde infecties te voorkomen, stelt de Vlaamse regering een vaccinatieschema op dat de aanbevolen vaccinaties weergeeft voor de bevolking, en informeert ze de vaccinatoren en de bevolking hierover. | 1 | §1. Om bepaalde infecties te voorkomen, stelt de Vlaamse regering een immunisatieschema op dat de aanbevolen immunisaties weergeeft voor de bevolking, en informeert ze de toedieners en de bevolking hierover. |
| 2 | §2. De Vlaamse regering neemt initiatieven om de vaccinatiegraad van de bevolking zo hoog mogelijk te maken. | 2 | §2. De Vlaamse regering neemt initiatieven om de immunisatiegraad van de bevolking zo hoog mogelijk te maken. |
| 3 | § 3. ... | ||
| 3 | §3. ... | ||
| 4 | §4. De Vlaamse regering kan bepalen in welke omstandigheden andere vaccins of andere vaccinatietijdstippen worden aanbevolen dan die aangegeven worden in het vaccinatieschema, bedoeld in § 1. | 4 | §4. De Vlaamse regering kan bepalen in welke omstandigheden andere preventieve geneesmiddelen of andere immuniusatietijdstippen worden aanbevolen dan die aangegeven worden in het immunisatieschema, bedoeld in § 1. |
| 5 | §5. De Vlaamse Regering bepaalt de lijst van preventieve geneesmiddelen waar de bepalingen van dit decreet op van toepassing zijn. |
| 1 | §1. De vaccinatoren registreren de vaccinaties die toegediend zijn in het Nederlandse taalgebied en die deel uitmaken van het vaccinatieschema, vermeld in artikel 43, §1, in het registratiesysteem Vaccinnet. | ||
| 1 | §1. In dit artikel wordt verstaan onder bestelsysteem van de Vlaamse Gemeen-schap: het systeem via hetwelk de Vlaamse Gemeenschap in het kader van haar programmatorisch immunisatiebeleid gratis preventieve geneesmiddelen ter beschikking stelt aan toedieners of aan entiteiten via dewelke de gratis preventieve geneesmiddelen worden toegediend en die erop toezien dat de gratis preventieve geneesmiddelen gebruikt worden voor de doelgroepen waarvoor ze bedoeld zijn. | ||
| 2 | §2. De toedieners die een preventief geneesmiddel toedienen in het Nederlandse taalgebied of in een instelling in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad die door haar organisatie beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap, registreren de immunisaties die deel uitmaken van het immunisatieschema, vermeld in artikel 43, §1, in het registratiesysteem dat de Vlaamse Gemeenschap ter beschikking stelt. | ||
| 3 | Met behoud van de toepassing van het eerste lid registreren toedieners die een preventief geneesmiddel toedienen in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, de immunisaties met preventieve geneesmiddelen die ze hebben besteld via het bestelsysteem van de Vlaamse Gemeenschap en die gratis aan burgers worden aangeboden, in het registratiesysteem, vermeld in het eerste lid. | ||
| 2 | De Vlaamse Regering kan bepalen dat vaccinaties die geen deel uitmaken van het vaccinatieschema, vermeld in artikel 43, §1, die toegediend zijn in het Nederlandse taalgebied en die kaderen in de preventieve gezondheidszorg, door de vaccinatoren geregistreerd worden in het registratiesysteem Vaccinnet, behalve in de gevallen waarin de persoon aan wie het vaccin werd toegediendzich verzet tegen de registratie . De Vlaamse Regering bepaalt om welke vaccinaties het gaat. | 4 | De Vlaamse Regering kan bepalen dat immunisaties die geen deel uitmaken van het immunisatieschema, vermeld in artikel 43, §1, die toegediend zijn in het Nederlandse taalgebied of in een instelling in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad die door haar organisatie beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap en die kaderen in de preventieve gezondheidszorg, door de toedieners geregistreerd worden in het registratiesysteem, vermeld in het eerste lid, behalve als de persoon aan wie het preventieve geneesmiddel is toegediend, zich verzet tegen de registratie van die immunisatie. De Vlaamse Regering bepaalt in dat geval om welke immunisaties het gaat. |
| 3 | In afwijking van het eerste en tweede lid registreren de vaccinatoren de vaccinaties met vaccins die de Vlaamse Gemeenschap gratis ter beschikking stelt van de vaccinatoren en die zijn toegediend in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, ook in het registratiesysteem Vaccinnet. | ||
| 4 | In afwijking van het eerste, tweede en derde lid kunnen de vaccinatoren ook vaccinaties registreren in Vaccinnet die in het buitenland of in het Franse of Duitse taalgebied zijn toegediend of die zijn toegediend in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, maar die niet gratis ter beschikking gesteld zijn door de Vlaamse Gemeenschap, als voldaan is aan al de volgende voorwaar-den: | 5 | In afwijking van het eerste, tweede en derde lid kunnen in het registratiesysteem, vermeld in het eerste lid, ook immunisaties worden geregistreerd die in het buitenland zijn toegediend of die zijn toegediend in het Nederlandse taalgebied of in een instelling in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad die door haar organisatie beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap, maar die niet geregistreerd konden worden conform het eerste of derde lid, als voldaan is aan al de volgende voorwaarden: |
| 5 | 1° de vaccinatie kadert in de preventieve gezondheidszorg; | 6 | 1° de immunisatie kadert in de preventieve gezondheidszorg; |
| 6 | 2° de registratie gebeurt op vraag van de persoon aan wie het vaccin werd toegediend; | 7 | 2° de registratie gebeurt op verzoek van de persoon aan wie het preventieve geneesmiddel is toegediend; |
| 7 | 3° de persoon aan wie het vaccin werd toegediend kan de vaccinatie bewijzen door middel van officiële documenten. | ||
| 8 | §2. Met betrekking tot elke vaccinatie, vermeld in paragraaf 1, worden de volgende categorieën van gegevens geregistreerd: | ||
| 8 | 3° de persoon aan wie het preventieve geneesmiddel is toegediend, legt een bewijs van toediening van het preventieve geneesmiddel voor. | ||
| 9 | De toediener kan voor de registratie een gevolmachtigde aanwijzen, die onder zijn verantwoordelijkheid de registratie verricht. De gevolmachtigde is daarbij gehouden tot een discretieplicht. | ||
| 10 | §3. De volgende gegevens worden opgenomen in het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 2, eerste lid: | ||
| 9 | 1° identificatiegegevens van de persoon aan wie het vaccin wordt toegediend, namelijk: | 11 | 1° de volgende identiteits- en contactgegevens van de persoon aan wie het preventieve geneesmiddel wordt toegediend: |
| 10 | a) het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienum-mer van de sociale zekerheid, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispunt-bank van de Sociale Zekerheid; | 12 | a) het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid; |
| 11 | b) de naam en voornaam; | 13 | b) de naam en voornaam; |
| 12 | c) de geboortedatum; | 14 | c) de geboortedatum; |
| 13 | d) de hoofdverblijfplaats; | 15 | d) de hoofdverblijfplaats; |
| 14 | e) het geslacht; | 16 | e) het geslacht; |
| 15 | f) in voorkomend geval, de overlijdensdatum; | 17 | f) in voorkomend geval, de datum van overlijden; |
| 16 | 2° identiteits- en eventuele contactgegevens van de persoon die het vaccin heeft toegediend: | 18 | 2° de volgende identiteits- en eventuele contactgegevens van de persoon die conform paragraaf 2 verantwoordelijk is voor de registratie van de immunisatie: |
| 17 | a) het rijksregisternummer; | ||
| 19 | a) het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid; | ||
| 18 | b) in voorkomend geval, het RIZIV-nummer; | 20 | b) in voorkomend geval, het RIZIV-nummer; |
| 19 | c) het beroepsadres; | 21 | c) het adres; |
| 20 | d) als het gaat om een arts, het adres dat gekoppeld is aan het RIZIV-nummer; | ||
| 21 | e) de voor- en achternaam; | ||
| 22 | d) de naam en voornaam; | ||
| 22 | f) in voorkomend geval, via welke entiteit de vaccinator het vaccin heeft toegediend; | 23 | e) in voorkomend geval, via welke entiteit het preventieve geneesmiddel is toegediend; |
| 23 | g) het telefoonnummer; | ||
| 24 | h) het e-mailadres; | ||
| 25 | 3° gegevens van het vaccin: | ||
| 26 | a) het merk; | ||
| 27 | b) het type vaccin; | ||
| 24 | 3° de volgende gegevens over het toegediende preventieve geneesmiddel: | ||
| 25 | a) de specialiteit; | ||
| 26 | b) als dat bekend is, het merk; | ||
| 27 | c) de dosis die tijdens de immunisatie is toegediend; | ||
| 28 | c) als dat bekend is, het lotnummer; | 28 | d) als dat bekend is, het lotnummer; |
| 29 | 4° de datum van de toediening van het vaccin; | 29 | 4° de datum van de toediening van het preventieve geneesmiddel; |
| 30 | 5° in voorkomend geval, gegevens over de ongewenste bijwerkingen die vastgesteld zijn tijdens of na de vaccinatie van de betrokken persoon, waarvan de persoon die het vaccin heeft toegediend of zijn gevolmachtigde kennis heeft. | ||
| 30 | 5° de datum van de registratie van de immunisatie; | ||
| 31 | 6° het land waar het preventieve geneesmiddel is toegediend; | ||
| 32 | 7° in geval van een registratie van een immunisatie met een preventief geneesmiddel dat besteld is via het bestelsysteem van de Vlaamse Gemeen-schap en dat gratis wordt aangeboden, de voorraadlocatie; | ||
| 33 | 8° het logische identificatienummer. | ||
| 31 | De gegevens, vermeld in het eerste lid, 1°, a), 2°, 3°, a) en b), en 4°, worden door de vaccinatoren in Vaccinnet geregistreerd. | 34 | De gegevens, vermeld in het eerste lid, 1°, a), 2°, a), b) en e), 3°, 4°, 6° en 7°, worden door de toediener, vermeld in paragraaf 2, geregistreerd. |
| 32 | In afwijking van het tweede lid registreert de vaccinator de gegevens, vermeld in het eerste lid, 1°, b), c) en d), als de vaccinator de gegevens, vermeld in het eerste lid, 1°, a), niet kent. | 35 | In afwijking van het tweede lid registreert de toediener de gegevens, vermeld in het eerste lid, 1°, b), c) en d), als die de gegevens, vermeld in het eerste lid, 1°, a), niet kent. |
| 36 | De volgende gegevens kunnen geregistreerd worden in het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 2, eerste lid: | ||
| 37 | 1° de toedieningsweg van het preventieve geneesmiddel; | ||
| 38 | 2° het lichaamsdeel waar het preventieve geneesmiddel is toegediend; | ||
| 39 | 3° de vermelding of het preventieve geneesmiddel toegediend is na blootstelling aan de ziekteverwekkende biotische factor; | ||
| 40 | 4° andere informatie die relevant is voor de immunisatie van de persoon aan wie het preventieve geneesmiddel toegediend is; | ||
| 41 | 5° de volgende gegevens van de persoon die conform paragraaf 2 verantwoordelijk is voor de registratie van de immunisatie: | ||
| 42 | a) het telefoonnummer; | ||
| 43 | b) het e-mailadres. | ||
| 44 | Als aan een zwangere persoon een preventief geneesmiddel wordt toegediend om het ongeboren kind te beschermen, kunnen de gegevens, vermeld in het eerste en vierde lid, die over die immunisatie geregistreerd zijn, later ook worden geregistreerd bij het kind dat door de immunisatie beschermd is. Naast de gegevens, vermeld in het eerste en vierde lid, kunnen de volgende persoonsgegevens verwerkt worden: | ||
| 45 | 1° gegevens over de duur van de zwangerschap op het moment van de immunisatie; | ||
| 46 | 2° gegevens over de afstamming; | ||
| 47 | 3° gegevens over de uitkomst van de zwangerschap; | ||
| 48 | 4° de volgende gegevens over het kind: | ||
| 33 | De gegevens, vermeld in het eerste lid, 1°, die niet door de vaccinator worden geregistreerd conform het tweede en derde lid, worden opgehaald uit het Rijksregister of uit de kruispuntbankregisters, vermeld in artikel 4 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. | 49 | a) het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid; |
| 34 | In geval van een registratie van een vaccinatie als vermeld in paragraaf 1, vierde lid, registreert de vaccinator ook het land waar het vaccin werd toegediend. | ||
| 50 | b) de naam en voornaam; | ||
| 51 | c) de geboortedatum; | ||
| 52 | d) de datum van overlijden als dat van toepassing is. | ||
| 35 | §3. De gegevens, vermeld in paragraaf 2, kunnen verwerkt worden voor de volgende doeleinden: | 53 | §4. De gegevens, vermeld in paragraaf 3, die geregistreerd zijn conform paragraaf 2, kunnen verwerkt worden voor de volgende doeleinden: |
| 36 | 1° het beheer van vaccinatieschema’s per te vaccineren of gevaccineerde persoon en het inplannen van vaccinatiemomenten; | ||
| 54 | 1° het beheer van immunisatieschema’s per persoon die moet worden geïmmuniseerd of per persoon aan wie een preventief geneesmiddel is toegediend, en de inplanning van immunisatiemomenten; | ||
| 37 | 2° de logistieke organisatie van de vaccinatie na anonimisering of ten minste pseudonimisering van de gegevens als de anonimisering de logistieke organisatie niet mogelijk maakt; | 55 | 2° de logistieke beleidsrapportering van de immunisatie na anonimisering of ten minste na pseudonimisering van de gegevens als de anonimisering de logistieke beleidsrapportering niet mogelijk maakt; |
| 38 | 3° de controle en het beheer van de bestellingen van vaccins om geheel of gedeeltelijk te kunnen ingrijpen op de automatische doorstroom van bestellingen; | 56 | 3° de controle en het beheer van de bestellingen van preventieve geneesmidde-len om volledig of gedeeltelijk te kunnen ingrijpen op de automatische door-stroom van bestellingen. Voor dit doeleinde kunnen alleen persoonsgegevens verwerkt worden van personen aan wie een preventief geneesmiddel is toegediend dat is besteld via het bestelsysteem van de Vlaamse Gemeenschap; |
| 39 | 4° het contacteren van de vaccinator met het oog op: | 57 | 4° het contacteren van de toediener om: |
| 40 | a) het signaleren van het belang van specifieke vaccinaties in het kader van de opvolging van infectieziekten die door vaccinaties voorkomen kunnen worden; | 58 | a) het belang te signaleren van specifieke immunisaties in het kader van de opvolging van infectieziekten die door immunisaties voorkomen kunnen worden; |
| 41 | b) het controleren en in voorkomend geval corrigeren of verwijderen van gegevens die opgenomen zijn in Vaccinnet; | 59 | b) gegevens te controleren die opgenomen zijn in het bestelsysteem van de Vlaamse Gemeenschap en het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 2, eerste lid; |
| 42 | 5° het uitvoeren van wetenschappelijke of statistische studies na anonimise-ring of ten minste pseudonimisering van de gegevens als anonimisering de uitvoering van een wetenschappelijke of statistische studie belemmert; | 60 | 5° de uitvoering van wetenschappelijke of statistische studies na anonimisering of ten minste na pseudonimisering van de gegevens als anonimisering niet toelaat om het wetenschappelijke of statistische doeleinde te bereiken; |
| 43 | 6° het bepalen door het Departement Zorg, vermeld in artikel 23, §1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie, of door een organisatie die hiervoor de opdracht heeft gekregen, van een anonieme vaccinatiegraad van de bevolking en van bepaalde segmenten van de bevolking, per infectieziekte, met als enig doel strategisch of operationeel bij te dragen aan de primaire of secundaire preventie van de infectieziekte in kwestie; | ||
| 61 | 6° het bepalen van de anonieme immunisatiegraad, vermeld in artikel 43/2; | ||
| 44 | 7° het gebruik van Vaccinnet door de vaccinatoren om kennis te nemen van de eerder toegediende vaccinaties om: | 62 | 7° het gebruik van het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, door de toedieners om kennis te nemen van de eerder toegediende preventieve geneesmiddelen om: |
| 63 | a) een overzicht te krijgen van alle immunisaties die ze zelf hebben toegediend; | ||
| 45 | a) te vermijden dat vaccins die al zijn toegediend aan een persoon, onnodig nogmaals worden toegediend; | 64 | b) te vermijden dat preventieve geneesmiddelen die al zijn toegediend aan een persoon, onnodig nogmaals worden toegediend; |
| 46 | b) te kunnen detecteren welke vaccinaties nog niet toegediend zijn aan een persoon; | 65 | c) te kunnen detecteren welke preventieve geneesmiddelen nog niet toegediend zijn aan een persoon; |
| 66 | d) gegevens die opgenomen zijn in het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, te corrigeren of verwijderen; | ||
| 47 | 8° het ontsluiten van de gegevens naar andere zorgverleners in het kader van een therapeutische relatie in de zin van artikel 37 van de wet van 22 april 2019 inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg, met het oog op het verlenen van zorg, waaronder ook preventieve zorg; | 67 | 8° het ontsluiten van de gegevens naar andere gezondheidszorgbeoefenaars in het kader van een therapeutische relatie als vermeld in artikel 37 van de wet van 22 april 2019 inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg, met het oog op het verlenen van zorg, waaronder ook preventieve zorg; |
| 48 | 9° het nemen van maatregelen door de ambtenaren-artsen , vermeld in artikel 44, §3, 2° ; | 68 | 9° het nemen van maatregelen door de ambtenaren-artsen en ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, en het onderzoeken van een melding en het bron- of contactonderzoek in het kader van de toepassing van artikel 45, 45/1 en 45/2; |
| 49 | 10° het onderzoeken van een melding, vermeld in artikel 45; | ||
| 50 | 11° de organisatie van de bevolkingsonderzoeken, vermeld in artikel 31, §1; | 69 | 10° de organisatie en de evaluatie van de bevolkingsonderzoeken, vermeld in artikel 31, §1; |
| 51 | 12° de evaluatie en organisatie van het vaccinatiebeleid. | 70 | 11° de organisatie en de evaluatie van het immunisatiebeleid; |
| 71 | 12° de uitvoering van de opdrachten van de centra voor leerlingenbegeleiding, vermeld in artikel 4, §2, vierde en vijfde lid, van het decreet van 27 april 2018 betreffende de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding; | ||
| 72 | 13° de uitvoering van de opdrachten van Opgroeien regie, vermeld in artikel 7 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie. | ||
| 52 | Met het oog op de doeleinden, vermeld in het eerste lid, kunnen alleen de gegevens, vermeld in paragraaf 2, verwerkt worden die noodzakelijk zijn om het doeleinde in kwestie te bereiken. | 73 | Met het oog op de doeleinden, vermeld in het eerste lid, kunnen alleen de gegevens, vermeld in paragraaf 3, verwerkt worden die noodzakelijk zijn om het doeleinde in kwestie te bereiken. |
| 74 | De gegevens, vermeld in paragraaf 3, kunnen doorgegeven worden aan of geraadpleegd worden door de volgende derden: | ||
| 75 | 1° de toedieners voor de doeleinden, vermeld in het eerste lid, 1° en 7°; | ||
| 76 | 2° gezondheidszorgbeoefenaars voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 8°; | ||
| 53 | Voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 5°, kunnen de gegevens, vermeld in paragraaf 2, doorgegeven worden aan onderzoeksinstellingen. | 77 | 3° onderzoeksinstellingen voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 5°; |
| 54 | Als dat voor de naleving van het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 6°, noodzakelijk is, kunnen de gegevens, vermeld in paragraaf 2, worden gekoppeld aan gegevens die toelaten om de segmentering uit te voeren en die ontsloten worden vanuit andere gegevensbanken waarin gegevens zijn opgenomen die relevant zijn om de anonieme vaccinatiegraad van de bevolking of van bepaalde segmenten van de bevolking te bepalen. | ||
| 55 | De vaccinatoren hebben toegang tot alle gegevens, vermeld in paragraaf 2, die noodzakelijk zijn voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 7°. | ||
| 56 | De zorgverleners, vermeld in het eerste lid, 8°, hebben toegang tot alle gegevens, vermeld in paragraaf 2, die noodzakelijk zijn voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 8°. | ||
| 57 | De ambtenaren-artsen kunnen in het kader van de doeleinden, vermeld in het eerste lid, 9° en 10°, zowel de noodzakelijke gegevens, vermeld in paragraaf 2, ontvangen van personen die besmet zijn met een infectieziekte die gevaarlijk is vanwege de ernst of besmettelijkheid ervan, als van personen die na contact met een geïnfecteerde persoon of na contact met een andere besmettingsbron mogelijk besmet zijn met een voormelde infectie. | ||
| 58 | Als dat voor de naleving van het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 11°, noodzakelijk is, kunnen de gegevens, vermeld in paragraaf 2, worden doorgegeven aan gegevensbanken waarin gegevens geregistreerd worden in het kader van de bevolkingsonderzoeken, vermeld in artikel 31, §1, en kunnen de gegevens, vermeld in paragraaf 2, worden gekoppeld aan de gegevens in deze gegevensbanken. | ||
| 59 | Als dat voor de naleving van het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 12°, noodzakelijk is, kunnen de gegevens, vermeld in paragraaf 2, worden gekoppeld aan gegevens die ontsloten worden vanuit andere gegevensbanken met gegevens die relevant zijn voor de organisatie en de evaluatie van het vaccinatiebeleid. | ||
| 60 | De Vlaamse Regering kan, na advies van de Vlaamse Toezichtcommissie voor de verwerking van persoonsgegevens, vermeld in artikel 10/1 van het decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevens-verkeer, de gegevensbanken, vermeld in het vierde, achtste en negende lid, nader preciseren. | ||
| 78 | 4° de artsen bij de centra voor leerlingenbegeleiding, vermeld in het eerste lid, 12°; | ||
| 79 | 5° Opgroeien regie voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 13°. | ||
| 61 | §4. De gegevens, vermeld in paragraaf 2, worden in het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 1, maximaal bewaard tot het overlijden van de persoon aan wie de vaccinatie is toegediend. | 80 | §5. De gegevens, vermeld in paragraaf 3, worden in het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, maximaal bewaard tot het overlijden van de persoon aan wie het preventieve geneesmiddel is toegediend. |
| 62 | In afwijking van het eerste lid worden, als de persoon aan wie het vaccin is toegediend overlijdt binnen dertig jaar na de toediening van het laatste vaccin, de gegevens, vermeld in paragraaf 2, in het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 1, bewaard tot dertig jaar na het moment dat het vaccin in kwestie is toegediend. | 81 | Als de persoon aan wie het preventieve geneesmiddel is toegediend overlijdt binnen dertig jaar na de toediening van het laatste preventieve geneesmiddel, worden in afwijking van het eerste lid de gegevens, vermeld in paragraaf 3, in het registratiesysteem, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, bewaard tot dertig jaar na het moment dat het laatste preventieve geneesmiddel is toegediend. |
| 63 | §5. Het Departement Zorg, vermeld in artikel 23, §1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie is de verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 2. | 82 | §6. De administratie is de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor de verwerking van de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3. |
| 1 | §1. De administratie of een organisatie die daarvoor de opdracht heeft gekregen van de Vlaamse Gemeenschap, kan een anonieme immunisatiegraad van de bevolking of van bepaalde segmenten van de bevolking bepalen per infectieziekte, met als doel strategisch of operationeel bij te dragen aan de primaire of secundaire preventie van de infectieziekte in kwestie of met als doel de evaluatie van het immunisatiebeleid. | ||
| 2 | De segmentering, vermeld in het eerste lid, kan uitgevoerd worden op basis van de volgende kenmerken of combinaties van kenmerken: | ||
| 3 | 1° per geografische eenheid; | ||
| 4 | 2° per onderwijsvorm, onderwijstype, school of leerjaar; | ||
| 5 | 3° per collectiviteit; | ||
| 6 | 4° per leeftijdscategorie; | ||
| 7 | 5° per geslacht; | ||
| 8 | 6° werkzaamheid, beroepscategorie, beroepssector en organisatie. Voor kinderen jonger dan zestien jaar kan de segmentering uitgevoerd worden op basis van de werkzaamheid, beroepscategorie of beroepssector van de moeder en de organisatie waar zij werkt; | ||
| 9 | 7° zwangere vrouwen of vrouwen die zwanger waren op het tijdstip van de immunisatie; | ||
| 10 | 8° gezinssamenstelling; | ||
| 11 | 9° per risicofactor die de Hoge Gezondheidsraad als vermeld in het Koninklijk besluit van 5 maart 2007 houdende oprichting van de Hoge Gezondheidsraad in een advies geïdentificeerd heeft voor de infectieziekte waarvoor de immu-nisatiegraad wordt berekend; | ||
| 12 | 10° thuistaal en migratie. | ||
| 13 | §2. Om de anonieme immunisatiegraad, vermeld in paragraaf 1, te bepalen, kunnen persoonsgegevens verwerkt worden van al de volgende personen: | ||
| 14 | 1° personen die in het Nederlandse taalgebied verblijven; | ||
| 15 | 2° personen die naar school gaan in het Nederlandse taalgebied of in een instelling in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad die door haar activiteiten beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap; | ||
| 16 | 3° personen die werken in het Nederlandse taalgebied of in een instelling in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad die door haar organisatie of activiteiten beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap; | ||
| 17 | 4° personen aan wie in het Nederlandse taalgebied of in een instelling in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad die door haar organisatie beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap, een preventief geneesmiddel als vermeld in artikel 43/1, §2, eerste of derde lid, is toegediend. | ||
| 18 | §3. Van de personen, vermeld in paragraaf 2, kunnen de volgende persoonsgegevens verwerkt worden om de anonieme immunisatiegraad te bepalen: | ||
| 19 | 1° het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid; | ||
| 20 | 2° de geboortedatum; | ||
| 21 | 3° de hoofdverblijfplaats; | ||
| 22 | 4° het geslacht; | ||
| 23 | 5° de datum van overlijden; | ||
| 24 | 6° de biotische factor waarvoor de immunisatiegraad wordt berekend; | ||
| 25 | 7° in voorkomend geval, de volgende gegevens over de toediening van het preventieve geneesmiddel: | ||
| 26 | a) de datum van toediening; | ||
| 27 | b) als dat bekend is, het merk; | ||
| 28 | c) het type preventief geneesmiddel; | ||
| 29 | d) de volgende gegevens over de toediener: | ||
| 30 | 1) het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid; | ||
| 31 | 2) in voorkomend geval, het RIZIV-nummer; | ||
| 32 | 3) in voorkomend geval, via welke entiteit het preventieve geneesmiddel is toegediend; | ||
| 33 | 8° in voorkomend geval, of de persoon zwanger is of was. In dat geval kunnen ook de volgende gegevens verwerkt worden: | ||
| 34 | a) de vermoedelijke datum van conceptie en de verwachte datum van bevalling; | ||
| 35 | b) gegevens over de uitkomst van de zwangerschap; | ||
| 36 | c) gegevens over afstamming; | ||
| 37 | d) de volgende gegevens over het kind: | ||
| 38 | 1) het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienum-mer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid; | ||
| 39 | 2) de geboortedatum; | ||
| 40 | 3) de datum van overlijden als dat van toepassing is; | ||
| 41 | 9° gegevens over de gezondheid die betrekking hebben op onderliggend lijden dat volgens de Hoge Gezondheidsraad als vermeld in het Koninklijk besluit van 5 maart 2007 houdende oprichting van de Hoge Gezondheidsraad een risico-factor vormt voor de infectieziekte waarvoor de anonieme immunisatiegraad bepaald wordt; | ||
| 42 | 10° gegevens over de werkzaamheid, het beroep van de betrokkene en de organisatie waar de betrokkene werkt. Voor kinderen onder zestien jaar kunnen de werkzaamheid en het beroep van de moeder en de organisatie waar de moeder werkt, verwerkt worden; | ||
| 43 | 11° gegevens over de school, het leerjaar, de onderwijsvorm en het onderwijstype en het gegeven of de persoon al dan niet huisonderwijs volgt; | ||
| 44 | 12° gegevens over de collectiviteit waar de persoon verblijft of deel van uitmaakt; | ||
| 45 | 13° gegevens over de gezinssamenstelling; | ||
| 46 | 14° gegevens over de thuistaal van de persoon; | ||
| 47 | 15° de volgende gegevens over de migratieachtergrond van de persoon: | ||
| 48 | a) het gegeven of de persoon in België geboren is; | ||
| 49 | b) het geboorteland van de persoon; | ||
| 50 | c) het jaartal van aankomst in België. | ||
| 51 | §4. Om de anonieme immunisatiegraad in het kader van dit artikel te bepalen, worden de gegevens, vermeld in paragraaf 3, maximaal twee jaar bewaard nadat de anonieme immunisatiegraad bepaald is. | ||
| 52 | §5. De administratie is de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor de verwerking van de persoonsgegevens, vermeld in dit artikel. |
| 1 | §1. Een verplichting tot melding van de infecties die door biotische factoren worden veroorzaakt, vermeld in artikel 44, §3, 1°, geldt voor de behandelende arts, het hoofd van een laboratorium van klinische biologie en de arts die belast is met het medisch toezicht in scholen, bedrijven, voorzieningen waar kinderen en jongeren verblijven, en residentiële zorginstellingen. | ||
| 2 | In het eerste lid wordt verstaan onder residentiële zorginstellingen: | ||
| 3 | 1° de woonzorgcentra, vermeld in artikel 33 van het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019; | ||
| 4 | 2° de residentiële voorzieningen die erkend, vergund of gesubsidieerd worden door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap; | ||
| 5 | 3° de revalidatieziekenhuizen, vermeld in artikel 2, 17°, van het decreet van 6 juli 2018 betreffende de overname van de sectoren psychiatrische verzorgingstehuizen, initiatieven van beschut wonen, revalidatieovereenkomsten, revalidatieziekenhuizen en multidisciplinaire begeleidingsequipes voor palliatieve verzorging. | ||
| 1 | §1. Al de volgende personen melden de infecties die door biotische factoren worden veroorzaakt als vermeld in artikel 44, §3, 1°: | ||
| 2 | 1° de behandelende arts; | ||
| 3 | 2° het hoofd van een laboratorium van klinische biologie; | ||
| 4 | 3° de arts-hygiënist in een ziekenhuis; | ||
| 5 | 4° de arts die belast is met het medische toezicht in een collectiviteit. | ||
| 6 | De verplichting tot melding door de personen, vermeld in het eerste lid, kan worden uitgevoerd door een gevolmachtigde die onder de verantwoorde-lijkheid van de meldingsplichtige persoon handelt. | ||
| 6 | §2. De melding, vermeld in paragraaf 1, kan al de volgende gegevens bevatten: | 7 | §2. De melding, vermeld in paragraaf 1, kan al de volgende gegevens bevatten: |
| 7 | 1° het identificatienummer van de sociale zekerheid van de geïnfecteerde persoon, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid; | 8 | 1° het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid; |
| 8 | 2° de voornamen en de achternaam van de geïnfecteerde persoon; | 9 | 2° de voornamen en de achternaam van de geïnfecteerde persoon; |
| 9 | 3° de geboortedatum van de geïnfecteerde persoon; | 10 | 3° de geboortedatum van de geïnfecteerde persoon; |
| 16 | 10° het domicilieadres van de geïnfecteerde persoon; | 17 | 10° het domicilieadres van de geïnfecteerde persoon; |
| 17 | 11° de gezinssamenstelling van de geïnfecteerde persoon; | 18 | 11° de gezinssamenstelling van de geïnfecteerde persoon; |
| 18 | 12° het adres waar de geïnfecteerde persoon daadwerkelijk verblijft. Als de geinfecteerde persoon in een voorziening verblijft: de vermelding van de soort voorziening; | 19 | 12° het adres waar de geïnfecteerde persoon daadwerkelijk verblijft. Als de geïnfecteerde persoon in een collectiviteit verblijft, wordt naast het adres ook de soort collectiviteit waarin de persoon verblijft, vermeld; |
| 19 | 13° de gegevens die nodig zijn om contact te kunnen opnemen met de geïnfecteerde persoon, met inbegrip van het telefoonnummer en het e-mailadres van de betrokkene en van de persoon of wettelijke vertegenwoordiger die in geval van nood gecontacteerd moet worden, en de vermelding van de relatie van die persoon tot de betrokkene; | 20 | 13° de gegevens die nodig zijn om contact te kunnen opnemen met de geïnfecteerde persoon, met inbegrip van het telefoonnummer en het e-mailadres van de betrokkene en van de persoon of wettelijke vertegenwoordiger die in geval van nood gecontacteerd moet worden, en de vermelding van de relatie van die persoon tot de betrokkene; |
| 20 | 14° het beroep van de geïnfecteerde persoon; | 21 | 14° het beroep van de geïnfecteerde persoon; |
| 25 | b) de datum en de resultaten van klinisch, technisch en labotechnisch onderzoek en medische beeldvorming; | 26 | b) de datum en de resultaten van klinisch, technisch en labotechnisch onderzoek en medische beeldvorming; |
| 26 | c) de ingestelde therapie; | 27 | c) de ingestelde therapie; |
| 27 | d) de outcome (sequellen, overleden, genezen) na acuut ziektestadium; | ||
| 28 | d) de volgende informatie over de gevolgen of de vermoede gevolgen van de infectieziekte na het acute ziektestadium: | ||
| 29 | 1) de sequelen; | ||
| 30 | 2) de datum en de plaats van overlijden; | ||
| 31 | 3) de vermelding of de geïnfecteerde persoon genezen is; | ||
| 28 | 18° informatie over onderliggend lijden, therapie en antecedenten; | 32 | 18° informatie over onderliggend lijden, therapie en antecedenten; |
| 29 | 19° de vaccinatiestatus van de geïnfecteerde persoon; | 33 | 19° de immunisatiestatus van de geïnfecteerde persoon; |
| 30 | 20° in voorkomend geval de zwangerschap van de geïnfecteerde persoon; | 34 | 20° in voorkomend geval de zwangerschap van de geïnfecteerde persoon; |
| 31 | 21° de coördinaten van de behandelende arts en, in voorkomend geval, van de arts-specialist en van het ziekenhuis; | 35 | 21° de coördinaten van de behandelende arts en, in voorkomend geval, van de arts-specialist en van het ziekenhuis; |
| 32 | 22° de vermoede bron van besmetting; | 36 | 22° de vermoede bron van besmetting; |
| 33 | 23° de dossierreferentie van de melder. | 37 | 23° de dossierreferentie van de melder; |
| 38 | 24° ingeval van klinisch laboratoriumonderzoek, al de volgende gege-vens: | ||
| 39 | a) de naam en de contactgegevens van de persoon of instantie die ge-vraagd heeft de stalen te onderzoeken; | ||
| 40 | b) het laboratorium dat de stalen onderzocht heeft; | ||
| 41 | c) het staalnummer; | ||
| 42 | d) het dossiernummer. | ||
| 34 | Als de melder op de hoogte is van de gegevens, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 7°, is de melder verplicht deze gegevens op te nemen in de melding. De gegevens, vermeld in het eerste lid, 8°tot en met 23°, kunnen door de melder worden opgenomen in de melding. Op verzoek van de ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, deelt de melder de opgevraagde gegevens, vermeld in het eerste lid, 8°tot en met 23°, mee als de melder op de hoogte is van deze gegevens. | 43 | Als de melder op de hoogte is van de gegevens, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 7°, 10° en 12°, neemt de melder die gegevens op in de melding. De gegevens, vermeld in het eerste lid, 8°, 9°, 11°, en 13° tot en met 24°, kunnen door de melder worden opgenomen in de melding. Op verzoek van de ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, deelt de melder de opgevraagde gegevens, vermeld in het eerste lid, 8°, 9°, 11°, en 13° tot en met 24°, mee als de melder op de hoogte is van die gegevens. |
| 35 | De melding, vermeld in het eerste lid, wordt gedaan aan een ambtenaar-arts als vermeld in artikel 44, §3, 2°. | 44 | De melding, vermeld in het eerste lid, wordt gedaan aan een ambtenaar-arts als vermeld in artikel 44, §3, 2°, of aan een ambtenaar als vermeld in artikel 44, §3, 3°. |
| 36 | In afwijking van het derde lid kan de Vlaamse Regering vaststellen in welke specifieke gevallen de melding, vermeld in paragraaf 1, aan andere personen dan de ambtenaar-arts, vermeld in artikel 44, §3, 2°, kan worden gedaan. | 45 | In afwijking van het derde lid kan de Vlaamse Regering vaststellen in welke specifieke gevallen de melding, vermeld in paragraaf 1, aan andere personen dan een ambtenaar-arts, vermeld in artikel 44, §3, 2°, of dan een ambtenaar, vermeld in artikel 44, §3, 3°, kan worden gedaan. |
| 37 | De Vlaamse Regering bepaalt, na advies van de Vlaamse Toezichtcommissie voor de verwerking van persoonsgegevens, vermeld in artikel 10/1 van het decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer, de termijn waarin de melding wordt gedaan, en de vorm en de wijze van de melding. | 46 | De Vlaamse Regering bepaalt de termijn waarin de melding wordt gedaan, en de vorm en de wijze van de melding. |
| 47 | §2/1. De volgende personen die een infectie die door biotische factoren wordt veroorzaakt als vermeld in artikel 44, §3, 1°, of een cluster van een van die infecties vaststellen, kunnen die infectieziekte of die cluster melden als ze van oordeel zijn dat het noodzakelijk is dat de ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, op de hoogte worden gesteld: | ||
| 48 | 1° de personen binnen andere binnenlandse en buitenlandse gezondheidsautoriteiten die daarvoor verantwoordelijk zijn; | ||
| 49 | 2° de personen binnen Sciensano die daarvoor verantwoordelijk zijn; | ||
| 50 | 3° het hoofd van een laboratorium voor klinische biologie dat gevestigd is in het Waalse Gewest of dat gevestigd is in het tweetalige gebied Brussel-Hoofstad en dat geen instelling is die wegens haar organisatie beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap. | ||
| 51 | In het eerste lid wordt verstaan onder Sciensano: de instelling die is opge-richt bij de wet van 25 februari 2018 tot oprichting van Sciensano. | ||
| 52 | De melding, vermeld in het eerste lid, kan alle gegevens als vermeld in paragraaf 2, eerste lid, bevatten. | ||
| 38 | §3. De gegevens, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, worden verwerkt met het oog op het nemen van initiatieven als vermeld in artikel 44, §2, en in het bijzonder met het oog op het nemen van de maatregelen, vermeld in artikel 44, §3, 2°. | 53 | §3. De gegevens, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, worden verwerkt met het oog op het nemen van initiatieven als vermeld in artikel 44, §2, en in het bijzonder met het oog op het nemen van de maatregelen, vermeld in artikel 44, §3, 2°. |
| 39 | De gegevens, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, kunnen ook worden verwerkt voor statistische, wetenschappelijke en beleidsondersteunende doeleinden, op voorwaarde dat de personen niet of niet meer identificeerbaar zijn. | 54 | De gegevens, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, kunnen ook worden verwerkt voor statistische, wetenschappelijke en beleidsondersteunende doeleinden, na anonimisering van de gegevens of ten minste na pseudonimisering als anonimisering niet volstaat voor het statistische, wetenschappelijke of beleidsondersteunende doeleinde. |
| 40 | §4. De ambtenaar-arts, vermeld in artikel 44, §3, 2°, legt over elke infectieziekte die gemeld wordt, een dossier aan. Dat dossier wordt aangevuld met alle informatie die ingewonnen wordt met toepassing van artikel 46, 3°, a), en artikel 48, en kan worden aangevuld met alle verdere informatie die daarvoor noodzakelijk is. | 55 | §4. De ambtenaar-arts, vermeld in artikel 44, §3, 2°, of de ambtenaar, vermeld in artikel 44, §3, 3°, legt over elke infectieziekte die gemeld wordt, een dossier aan. Dat dossier wordt aangevuld met alle informatie die ingewonnen wordt met toepassing van artikel 45/1, 45/2, 46, 3°, a), en artikel 48, en kan worden aangevuld met alle verdere informatie die daarvoor noodzakelijk is. |
| 41 | Het dossier, vermeld in het eerste lid, wordt in zijn geheel maximaal dertig jaar bewaard in geval van tuberculose en maximaal tien jaar als het een andere infectieziekte betreft. | 56 | Het dossier, vermeld in het eerste lid, wordt in zijn geheel maximaal dertig jaar bewaard in geval van tuberculose en maximaal tien jaar als het een andere infectieziekte betreft. |
| 42 | In afwijking van het tweede lid kan het dossier langer dan respectievelijk dertig of tien jaar bewaard worden als het dossier deel uitmaakt van een gerechtelijk onderzoek of als het vermoeden bestaat dat het dossier aanleiding kan geven tot een gerechtelijk onderzoek. In voorkomend geval wordt het dossier bewaard tot het gerechtelijk onderzoek gesloten wordt of tot er geen redelijk vermoeden meer is dat het dossier aanleiding kan geven tot een gerechtelijk onderzoek. | 57 | In afwijking van het tweede lid kan het dossier langer dan respectievelijk dertig of tien jaar bewaard worden als het dossier deel uitmaakt van een gerechtelijk onderzoek of als het vermoeden bestaat dat het dossier aanleiding kan geven tot een gerechtelijk onderzoek. In voorkomend geval wordt het dossier bewaard tot het gerechtelijk onderzoek gesloten wordt of tot er geen redelijk vermoeden meer is dat het dossier aanleiding kan geven tot een gerechtelijk onderzoek. |
| 58 | Als uit de collectiviteit, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, 12°, gegevens als vermeld in artikel 10 van de algemene verordening gegevensbescherming kunnen worden afgeleid, wordt de collectiviteit twee jaar na registratie geanonimiseerd en verwijderd uit het dossier, vermeld in het eerste lid. | ||
| 59 | In afwijking van het vierde lid, worden de gegevens over de collectiviteit, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, 12°, in geval van tuberculose zes jaar na de registratie geanonimiseerd en verwijderd uit het dossier, vermeld in het eerste lid, als uit de collectiviteit gegevens als vermeld in artikel 10 van de algemene verordening gegevensbescherming kunnen worden afgeleid. | ||
| 43 | De Vlaamse Regering kan de volgende aspecten nader regelen: | 60 | De Vlaamse Regering kan de volgende aspecten nader regelen: |
| 44 | 1° de wijze waarop het dossier bewaard wordt, vermeld in het eerste lid; | 61 | 1° de wijze waarop het dossier bewaard wordt, vermeld in het eerste lid; |
| 45 | 2° de wijze waarop de gegevens van het dossier, vermeld in het eerste lid, worden geanonimiseerd na afloop van de bewaartermijn, vermeld in het tweede of derde lid; | 62 | 2° de wijze waarop de gegevens van het dossier, vermeld in het eerste lid, worden geanonimiseerd na afloop van de bewaartermijn, vermeld in het tweede of derde lid; |
| 46 | 3° de wijze waarop de geanonimiseerde gegevens van het dossier worden bewaard. | 63 | 3° de wijze waarop de geanonimiseerde gegevens van het dossier worden bewaard. |
| 47 | §5. Het Departement Zorg, vermeld in artikel 23, §1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie is de verwerkingsverantwoordelijke, in de zin van artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor het dossier, vermeld in paragraaf 4, eerste lid. | 64 | §5. De administratie is de verwerkingsverantwoordelijke, in de zin van artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor het dossier, vermeld in paragraaf 4, eerste lid. |
| 48 | §6. De Vlaamse Regering kan technische en organisatorische maatregelen opleggen voor de verwerking van de persoonsgegevens, vermeld in dit artikel. | 65 | §6. De Vlaamse Regering kan technische en organisatorische maatregelen opleggen voor de verwerking van de persoonsgegevens, vermeld in dit artikel. |
| 1 | De ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, kunnen van geïnfecteerde personen alle persoonsgegevens verwerken die opgenomen zijn in de lijst, vermeld in artikel 45, §2. | ||
| 2 | Artikel 45, §3 tot en met §6, zijn van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid. | ||
| 3 | De persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, kunnen ook verwerkt worden door andere personen die werken onder de verantwoordelijkheid van de ambtenaren-artsen, vermeld in artikel 44, §3, 2°, conform artikel 9, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming. |
| 1 | §1. De ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, kunnen iedere melding of iedere vastgestelde infectie die door biotische factoren wordt veroorzaakt als vermeld in artikel 44, §3, 1°, verder onderzoeken. Om de melding of de vastgestelde infectieziekte verder te onderzoeken, kunnen de ambtenaren-artsen en ambtenaren zelf elk dienstig onderzoek instellen of een bijkomend onderzoek laten uitvoeren door een organisatie waarmee de Vlaamse Gemeenschap voor dit doeleinde een overeenkomst heeft gesloten. | ||
| 2 | Onder het onderzoek, vermeld in het eerste lid, wordt verstaan: | ||
| 3 | 1° afname en analyse van stalen en testen; | ||
| 4 | 2° medische beeldvorming; | ||
| 5 | 3° anamnese; | ||
| 6 | 4° brononderzoek; | ||
| 7 | 5° omgevingsonderzoek; | ||
| 8 | 6° ander medisch onderzoek. | ||
| 9 | In het kader van het onderzoek, vermeld in het eerste lid, kunnen de volgende categorieën van persoonsgegevens verwerkt worden van de geïnfecteerde persoon of van personen die mogelijk in contact zijn gekomen met de geïnfecteerde persoon of met een andere bron van de besmetting, die verband houden met de infectieziekte en die het resultaat zijn van de anamnese, het brononderzoek, de stalen, de testen, de beeldvorming, het omgevingsonderzoek of het ander medisch onderzoek, vermeld in het derde lid: | ||
| 10 | 1° gegevens over de leefstijl; | ||
| 11 | 2° de gegevens over gezondheid, vermeld in artikel 4, 15), van de algemene verordening gegevensbescherming; | ||
| 12 | 3° gegevens over risicocontacten, inclusief gegevens over seksueel gedrag; | ||
| 13 | 4° gegevens als vermeld in artikel 45, §2, eerste lid, die de ambtenaar of de ambtenaar-arts nog niet kent; | ||
| 14 | 5° gegevens over de bron van de infectieziekte of de omstandigheden waarin de infectieziekte zich verspreid heeft. | ||
| 15 | De geïnfecteerde persoon of de persoon die mogelijk in contact is gekomen met de geïnfecteerde persoon of met een andere bron van de besmetting, is verplicht mee te werken aan het onderzoek, vermeld in het eerste lid. Als het onderzoek, vermeld in het eerste lid, een medisch onderzoek is als vermeld in artikel 47, §1, 2°, is artikel 47, §2 en §3, van toepassing. | ||
| 16 | De gegevens uit het onderzoek, vermeld in het eerste lid, worden uitsluitend verwerkt door personen die voldoen aan de voorwaarden, vermeld in artikel 9, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming. | ||
| 17 | De resultaten van het onderzoek, vermeld in het eerste lid, worden opgeno-men in het dossier, vermeld in paragraaf 2, derde lid, of in het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid. | ||
| 18 | Als de behandelende arts, het hoofd van een laboratorium van klinische biologie, de arts-hygiënist in een ziekenhuis of de arts die belast is met het medische toezicht in een collectiviteit, zelf een bijkomend onderzoek over de infectie die door biotische factoren wordt veroorzaakt, vermeld in het eerste lid, heeft gevoerd, bezorgt die de resultaten van dat bijkomende onderzoek aan de betrokken ambtenaar of ambtenaar-arts. De resultaten worden opgenomen in het dossier, vermeld in paragraaf 2, derde lid, of in het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid. | ||
| 19 | Als gegevens over seksueel gedrag als vermeld in het derde lid, 3°, verwerkt worden in het kader van het onderzoek, vermeld in het eerste lid, worden die gegevens twee jaar na registratie geanonimiseerd en verwijderd uit het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid. | ||
| 20 | In afwijking van het achtste lid, worden gegevens over seksueel gedrag als vermeld in het derde lid, 3°, in geval van tuberculose zes jaar na registratie geanonimiseerd en verwijderd uit het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid. | ||
| 21 | §2. De ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, kunnen met het oog op het nemen van initiatieven als vermeld in artikel 44, §2, en in het bijzonder met het oog op het nemen van de maatregelen, vermeld in artikel 44, §3, 2°, de contacten van geïnfecteerde personen of de personen die in contact zijn geweest met een andere besmettingsbron van de infectie opsporen, onderzoeken of die personen ook geïnfecteerd zijn, of de nodige preventieve maatregelen nemen. | ||
| 22 | Met het oog op de doeleinden, vermeld in het eerste lid, kunnen de ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, of de personen die werken onder de verantwoordelijkheid van die ambtenaren-artsen, conform artikel 9, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming, de volgende gegevens verwerken van de personen die mogelijk in contact zijn gekomen met een geïnfecteerde persoon of met een andere bron van de besmetting: | ||
| 23 | 1° het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 hou-dende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zeker-heid; | ||
| 24 | 2° de naam en voornaam; | ||
| 25 | 3° de geboortedatum; | ||
| 26 | 4° het geslacht; | ||
| 27 | 5° de infectie die door biotische factoren wordt veroorzaakt als vermeld in artikel 44, §3, 1°, waarmee de persoon mogelijk in contact gekomen is; | ||
| 28 | 6° het geboorteland; | ||
| 29 | 7° de nationaliteit; | ||
| 30 | 8° het domicilieadres; | ||
| 31 | 9° de gezinssamenstelling; | ||
| 32 | 10° het adres waar de persoon daadwerkelijk verblijft. Als het contact in een collectiviteit verblijft, wordt naast het adres ook de soort collectiviteit waarin de persoon verblijft, vermeld; | ||
| 33 | 11° de gegevens die nodig zijn om contact te kunnen opnemen met de persoon die in contact is gekomen met de geïnfecteerde persoon of met de bron van de infectie, met inbegrip van het telefoonnummer en het e-mailadres van de betrokkene en van de persoon of de wettelijke vertegenwoordiger die in geval van nood gecontacteerd moet worden, en de vermelding van de relatie van die persoon tot de betrokkene; | ||
| 34 | 12° het beroep; | ||
| 35 | 13° de werkplaats; | ||
| 36 | 14° informatie over onderliggend lijden of risicofactoren voor besmetting door de infectieziekte, therapie en antecedenten; | ||
| 37 | 15° de immunisatiestatus; | ||
| 38 | 16° in voorkomend geval de zwangerschap; | ||
| 39 | 17° de coördinaten van de behandelende arts en, in voorkomend geval, van de arts-specialist en van het ziekenhuis; | ||
| 40 | 18° de resultaten, inclusief de gegevens over gezondheid, vermeld in artikel 4, 15), van de algemene verordening gegevensbescherming, van het verdere onderzoek, vermeld in paragraaf 1, om na te gaan of die persoon ook geïnfecteerd is. | ||
| 41 | De gegevens, vermeld in het tweede lid, van de persoon die mogelijk in contact is gekomen met de geïnfecteerde persoon of met de bron van de infectie, worden bewaard in een dossier over een infectieziekte conform artikel 45, §4, eerste lid. | ||
| 42 | Als uit de collectiviteit, vermeld in het tweede lid, 10°, gegevens als vermeld in artikel 10 van de algemene verordening gegevensbescherming kunnen worden afgeleid, wordt de collectiviteit twee jaar na registratie geanonimiseerd en verwijderd uit het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid, van dit decreet. | ||
| 43 | In afwijking van het vierde lid, worden de gegevens over de collectiviteit, vermeld in het tweede lid, 10°, ingeval van tuberculose zes jaar na de registratie geanonimiseerd en verwijderd uit het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid, van dit decreet als uit de collectiviteit gegevens als vermeld in artikel 10 van de algemene verordening gegevensbescherming kunnen worden afgeleid. | ||
| 44 | §3. Als wordt vastgesteld dat de persoon die mogelijk in contact is gekomen met de geïnfecteerde persoon of met een andere bron van de infectie, ook besmet is met een infectie die door biotische factoren wordt veroorzaakt als vermeld in artikel 44, §3, 1°, wordt die persoon zelf geïnfecteerde persoon. | ||
| 45 | Als binnen twee jaar na de registratie niet wordt vastgesteld dat de persoon die mogelijk in contact is gekomen met de geïnfecteerde persoon of met de bron van de infectie, geïnfecteerd is door de infectie die door biotische factoren wordt veroorzaakt als vermeld in artikel 44, §3, 1°, worden de gegevens, vermeld in paragraaf 2, tweede lid, geanonimiseerd en verwijderd uit het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid. | ||
| 46 | In afwijking van het tweede lid, worden in geval van tuberculose de gegevens van een persoon die mogelijk in contact is gekomen met de geïnfecteerde persoon of met de bron van de infectie, na zes jaar geanonimiseerd en verwijderd uit het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid, als dan niet vastgesteld is dat deze persoon geïnfecteerd is met tuberculose. | ||
| 47 | §4. Met het oog op het nemen van initiatieven als vermeld in artikel 44, §2, het nemen van de maatregelen, vermeld in artikel 44, §3, 2°, en in het bijzonder met het oog op contactopsporing en met het oog op het nemen van maatregelen om de verdere verspreiding van de infectieziekte tegen te gaan, kunnen de ambtenaren-artsen en ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, de personen bevragen die verantwoordelijk zijn voor de plaatsen waar of activiteiten waarbij de geïnfecteerde persoon in contact is gekomen met andere personen die daardoor mogelijk ook besmet zijn met de infectieziekte, of waarbij personen in contact zijn gekomen met een andere besmettingsbron en daardoor mogelijk ook besmet zijn met de infectieziekte. | ||
| 48 | De verantwoordelijke personen, vermeld in het eerste lid, die bevraagd worden, verlenen hun medewerking aan de bevraging, vermeld in het eerste lid. De ambtenaren-artsen of ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, kunnen de volgende persoonsgegevens opvragen van personen die mogelijk in contact zijn gekomen met de geïnfecteerde persoon of met de andere besmettingsbron van de infectie tijdens de maximale incubatieperiode of tijdens de periode van ziekte: | ||
| 49 | 1° het identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer van de Kruispuntbank, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 hou-dende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zeker-heid; | ||
| 50 | 2° de naam en voornaam; | ||
| 51 | 3° de geboortedatum; | ||
| 52 | 4° het adres; | ||
| 53 | 5° het geslacht; | ||
| 54 | 6° de contactgegevens; | ||
| 55 | 7° informatie over de plaats, het tijdstip en de aard van het contact met de geïnfecteerde persoon of met de bron van de infectie. | ||
| 56 | De gegevens, vermeld in het tweede lid, van de personen die mogelijk in contact zijn gekomen met de geïnfecteerde persoon of met de bron van de infectie, worden bewaard in een dossier conform artikel 45, §4. | ||
| 57 | §5. De administratie is de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor de verwerking van persoonsgegevens, vermeld in dit artikel. | ||
| 58 | §6. De Vlaamse Regering kan technische en organisatorische maatregelen opleggen voor de verwerking van de persoonsgegevens, vermeld in dit artikel. | ||
| 59 | §7. De gegevens, vermeld in dit artikel, kunnen ook worden verwerkt voor statistische, wetenschappelijke en beleidsondersteunende doeleinden, na anonimisering van de gegevens of ten minste na pseudonimisering als anonimisering niet volstaat voor het statistische, wetenschappelijke of beleidsondersteunende doeleinde. |
| 1 | §1. De gegevens, vermeld in artikel 45, 45/1 en 45/2, kunnen met de volgende personen of instanties worden uitgewisseld: | ||
| 2 | 1° organisaties die in het kader van de toepassing van artikel 45, 45/1 of 45/2 een overheidsopdracht uitvoeren voor de Vlaamse Gemeenschap; | ||
| 3 | 2° organisaties die de Vlaamse Gemeenschap subsidieert om mee te werken aan het onderzoek of de opvolging van meldingen of om naar aanleiding van meldingen maatregelen te nemen; | ||
| 4 | 3° de behandelende arts van de geïnfecteerde persoon, het hoofd van een laboratorium van klinische biologie, de arts-ziekenhuishygiënist, en de arts die belast is met het medische toezicht in een collectiviteit, of de personen onder de verantwoordelijkheid van die artsen; | ||
| 5 | 4° gezondheidszorgbeoefenaars die een therapeutische relatie als vermeld in artikel 37 van de wet van 22 april 2019 inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg, hebben met de geïnfecteerde persoon of met het contact of de personen onder de verantwoordelijkheid van die gezondheidszorgbeoefenaars, voor zover deze gezondheidszorgberoepsbeoefenaars betrokken zijn bij de uitvoering van maatregelen in het kader van de bestrijding van de gemelde infectieziekte; | ||
| 6 | 5° andere binnenlandse of buitenlandse gezondheidsautoriteiten. | ||
| 7 | De gegevens, vermeld in het eerste lid, kunnen alleen uitgewisseld worden met personen die voldoen aan de voorwaarden, vermeld in artikel 9, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming. | ||
| 8 | §2. De volgende personen kunnen aan het dossier, vermeld in artikel 45, §4, eerste lid, artikel 45/1, tweede lid, of artikel 45/2, §2, derde lid, bijkomende gegevens als vermeld in artikel 45, §2, of artikel 45/1, of artikel 45/2, §1 of §2, toevoegen: | ||
| 9 | 1° personen van organisaties die in het kader van de meldingsplicht een overheidsopdracht uitvoeren voor de administratie; | ||
| 10 | 2° personen van organisaties die de Vlaamse Gemeenschap subsidieert om mee te werken aan het onderzoek of de opvolging van meldingen of om naar aanleiding van meldingen maatregelen te nemen; | ||
| 11 | 3° gezondheidszorgbeoefenaars die een therapeutische relatie als vermeld in artikel 37 van de wet van 22 april 2019 inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg, hebben met de geïnfecteerde persoon of met het contact of de personen onder de verantwoordelijkheid van die gezondheidszorgbeoefenaars, voor zover deze gezondheidszorgberoepsbeoefenaars betrokken zijn bij de uitvoering van maatregelen in het kader van de bestrijding van de gemelde infectieziekte; | ||
| 12 | 4° de behandelende arts van de geïnfecteerde persoon, het hoofd van een laboratorium van klinische biologie, de arts-hygiënist in een ziekenhuis en de arts die belast is met het medische toezicht in scholen, bedrijven, voorzieningen waar kinderen en jongeren verblijven, en residentiële zorginstellingen, of de personen die werken onder de verantwoordelijkheid van die artsen; | ||
| 13 | 5° andere binnenlandse of buitenlandse gezondheidsautoriteiten. | ||
| 14 | De Vlaamse Regering kan de wijze bepalen waarop de bijkomende gegevens conform het eerste lid toegevoegd worden. | ||
| 15 | Alleen personen die voldoen aan de voorwaarden, vermeld in artikel 9, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming, kunnen het dossier, vermeld in het eerste lid, aanvullen. |
| 1 | Als dat noodzakelijk is om de verdere verspreiding van de infectieziekte tegen te gaan, kunnen de ambtenaren-artsen en ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, publieke oproepen lanceren om personen te informeren en op te sporen die op een bepaalde plaats of in het kader van een bepaalde activiteit mogelijk in contact gekomen zijn met een geïnfecteerde persoon of met een andere besmettingsbron. In die publieke oproepen kunnen ze de plaats waar of de activiteit waarbij de infectieziekte zich mogelijk verder verspreid heeft, vermelden, net als het tijdsinterval waarin de infectieziekte zich mogelijk verspreid heeft. | ||
| 2 | In de oproepen, vermeld in het eerste lid, kunnen de ambtenaren-artsen en ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, aanbevelingen doen aan de personen die op de plaats of in het kader van de activiteit, vermeld in die oproep, mogelijk in contact gekomen zijn met een geïnfecteerde persoon of met een andere besmettingsbron. De ambtenaren-artsen en ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, kunnen die personen verzoeken zich te melden. | ||
| 3 | De ambtenaren-artsen en ambtenaren, vermeld in artikel 44, §3, 2° en 3°, bepalen in de oproep, vermeld in het eerste lid, op welke wijze personen zich kunnen melden. | ||
| 4 | Op personen die zich naar aanleiding van een oproep als vermeld in het eerste lid, melden, is artikel 45/2, §1 en §2, van toepassing. |
| 1 | § 1. Als de verplichtingen, vermeld in artikel 45, § 1, artikel 47, § 1 en artikel 48 niet worden nageleefd, zijn de aangeduide ambtenaren die met het toezicht belast zijn, onverminderd de bevoegdheden van de gemeenten conform artikel 135, § 2, van de Nieuwe Gemeentewet van 24 juni 1988, bevoegd om een proces-verbaal op te stellen. Hun processen-verbaal hebben bewijskracht tot het tegendeel bewezen is. Een afschrift van hun proces-verbaal wordt de betrokkene binnen vijf werkdagen aangetekend toegestuurd. | 1 | § 1. Als de verplichtingen, vermeld in artikel 45, § 1, artikel 45/2, §1 en §4, artikel 47, § 1 en artikel 48 niet worden nageleefd, zijn de aangeduide ambtenaren die met het toezicht belast zijn, onverminderd de bevoegdheden van de gemeenten conform artikel 135, § 2, van de Nieuwe Gemeentewet van 24 juni 1988, bevoegd om een proces-verbaal op te stellen. Hun processen-verbaal hebben bewijskracht tot het tegendeel bewezen is. Een afschrift van hun proces-verbaal wordt de betrokkene binnen vijf werkdagen aangetekend toegestuurd. |
| 2 | § 2. Ten aanzien van natuurlijke personen zie zich bevinden op het grondgebied van het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad, zijn de artikelen 46 tot en met 49, § 1, enkel van toepassing op deze personen die vrijwillig beroep hebben gedaan op een voorziening die wegens haar organisatie beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van Vlaamse Gemeenschap. | 2 | § 2. Ten aanzien van natuurlijke personen zie zich bevinden op het grondgebied van het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad, zijn de artikelen 46 tot en met 49, § 1, enkel van toepassing op deze personen die vrijwillig beroep hebben gedaan op een voorziening die wegens haar organisatie beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van Vlaamse Gemeenschap. |