| 1 | De centra voor basiseducatie ontvangen ten laste van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het schooljaar n/n+1 een werkingstoelage per lesuurcursist, berekend op basis van het gemiddelde aantal gerealiseerde lesurencursist van de referteperiodes van 1 januari n-4 tot en met 31 december n-2. Vanaf het schooljaar 2023- 2024 bedraagt de werkingstoelage per lesuurcursist 2,2403 euro. |
| 2 | De werkingstoelage wordt betaald in twee schijven vanaf het begrotingsjaar 2020. De eerste schijf wordt betaald gedurende het eerste trimester van het begrotingsjaar n+1. De eerste schijf bedraagt 50 percent van het totale bedrag waarop het centrum voor het schooljaar n/n+1 recht heeft. Het resterende saldo wordt uitbetaald tijdens het tweede semester van het begrotingsjaar n+1. |
| 3 | Het totale volume aan werkingsmiddelen wordt jaarlijks aangepast aan de evolutie van de gezondheidsindex. |