§ flandrepo
38 regels · van kracht sinds 1 jan 2024
programmadecreet bij de begroting 2024 1 jan 20241§1. Elke heffingsplichtige die door investeringen in het productieproces en/of in zuiveringstechnische werken komt tot een totale niet-lozing van afvalwater uit het productieproces is vrijgesteld van de heffing waterverontreiniging voor zover geen sanitair afvalwater en/of koelwater geloosd wordt.
Codificatie: Gecodificeerd Decreet van 15 juni 2018 betreffende het integraal waterbeleid 1 jan 20192Indien sanitair afvalwater en/of koelwater geloosd wordt, wordt enkel op het sanitair waterverbruik en/of koelwater een heffing gevestigd.
programmadecreet bij de begroting 2024 1 jan 20243De heffingsplichtige mag bovendien niet beschikken over een omgevings- of lozingsvergunning die hem toelaat ander afvalwater dan huishoudelijk afvalwater en/of koelwater te lozen.
4§2. Elke heffingsplichtige die van de regeling in de vorige paragraaf gebruik wenst te maken, moet een dossier bezorgen aan de Vlaamse Milieumaatschappij dat opgesteld is door een MER-deskundige in de discipline water, deeldomein oppervlakte- en afvalwater, die daarvoor in het Vlaamse Gewest is erkend met toepassing van de bepalingen van titel V, hoofdstuk 6, van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake het milieubeleid. Elk ander bewijs van niet lozing zal niet worden aanvaard door de Vlaamse Milieumaatschappij.
Codificatie: Gecodificeerd Decreet van 15 juni 2018 betreffende het integraal waterbeleid 1 jan 20195Het bedoelde dossier bevat minstens de volgende gegevens:
61° een beschrijving van het productieproces met aanduiding van de verschillende waterstromen;
72° een gedetailleerde waterbalans met vermelding van de verschillende waterbronnen, de aanwending en de afvoer van dit water;
83° indien van toepassing een beschrijving van de toegepaste technische maatregelen om tot de niet-lozing te komen;
94° een beschrijving van noodplannen en noodvoorzieningen.
105° een overzicht van de omgevings- of lozingsvergunningen van de laatste tien jaar met afzonderlijke vermelding van de nog geldende vergunningen waarover de heffingsplichtige beschikt
116° de datum waarop de milieudeskundige zijn vaststellingen ter plaatse heeft gedaan die hebben geleid tot de opmaak van dit rapport.
12De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen inzake het bedoelde dossier.
programmadecreet bij de begroting 2024 1 jan 202413§3. Uiterlijk één maand voordat de vaststellingen ter plaatse zullen worden gedaan door de milieudeskundige, brengt de heffingsplichtige het Afdelingshoofd van de Vlaamse Milieumaatschappij bevoegd voor de vestiging, inning en invordering van de heffing of de door hem gedelegeerde ambtenaar schriftelijk of via e-mail op de hoogte van het geplande plaatsbezoek.
Codificatie: Gecodificeerd Decreet van 15 juni 2018 betreffende het integraal waterbeleid 1 jan 201914Indien de milieudeskundige erom wordt verzocht, stelt hij de ambtenaren van de Vlaamse Milieumaatschappij belast met de controle of onderzoek in verband met de toepassing van de heffing, alle relevante informatie ter beschikking en geeft hij hen de mogelijkheid deel te nemen aan het plaatsbezoek.
programmadecreet bij de begroting 2024 1 jan 202415§4. Het nullozersstatuut wordt toegekend vanaf de dag waarop de Vlaamse Milieumaatschappij vaststelt dat aan alle voorwaarden, vermeld in paragraaf 1 en 2, is voldaan.
16Het dossier, vermeld in paragraaf 2, geldt voor tien jaar vanaf de dag waarop het nullozersstatuut wordt toegekend, behalve na wijzigingen die tot gevolg hebben dat niet meer aan de voorwaarden, vermeld in paragraaf 1, is voldaan.
17De toekenningsvoorwaarden, vermeld in paragraaf 1, moeten vervuld zijn gedurende de volledige looptijd van het nullozersstatuut. Iedere wijziging van de lozings- en vergunningssituatie wordt onmiddellijk met een aangetekende brief gemeld aan het afdelingshoofd van de Vlaamse Milieumaatschappij dat bevoegd is voor de vestiging, inning en invordering van de heffing, of aan de ambtenaar die het afdelingshoofd gedelegeerd heeft.
18Het nullozersstatuut vervalt vanaf de dag waarop de Vlaamse Milieumaatschappij vaststelt dat de heffingsplichtige niet meer voldoet aan alle voorwaarden, vermeld in paragraaf 1.
Codificatie: Gecodificeerd Decreet van 15 juni 2018 betreffende het integraal waterbeleid 1 jan 201919§5. Het statuut van nullozer kan worden verlengd voor opeenvolgende periodes van tien jaar.
20Hiertoe moet de heffingsplichtige waterverontreiniging, vóór het verstrijken van de geldigheidsduur van het bedoelde dossier, een hernieuwingsaanvraag indienen bij de ambtenaar die conform artikel 4.2.1.1.8 aangewezen is voor de vestiging van de heffing, samen met een attest afgeleverd door een milieu-deskundige bedoeld in paragraaf 2, waarin de conclusie van het aanvankelijk ingediende dossier wordt herbevestigd."
programmadecreet bij de begroting 2024 1 jan 202421Het attest vermeldt tevens de datum waarop de milieudeskundige zijn vaststellingen ter plaatse heeft gedaan die hebben geleid tot de opmaak van dit attest.
Codificatie: Gecodificeerd Decreet van 15 juni 2018 betreffende het integraal waterbeleid 1 jan 201922Als het ingediende dossier op de datum van de eerste aanvraag nog niet hoefde te voldoen aan de inhoudelijke voorwaarden, vermeld in paragraaf 2, wordt het dosser aangevuld met de gegevens, vermeld in die paragraaf.
programmadecreet bij de begroting 2024 1 jan 202423Uiterlijk één maand voordat de vaststellingen voor het voormeld attest met het oog op de hernieuwing van het nullozerstatuut ter plaatse zullen worden gedaan door de milieudeskundige, brengt de heffingsplichtige het Afdelingshoofd van de Vlaamse Milieumaatschappij bevoegd voor de vestiging, inning en invordering van de heffing of de door hem gedelegeerde ambtenaar schriftelijk, of via e-mail op de hoogte van het geplande plaatsbezoek. Indien de milieudeskundige erom wordt verzocht, stelt hij de ambtenaren van de Vlaamse Milieumaatschappij belast met de controle of onderzoek in verband met de toepassing van de heffing, alle relevante informatie ter beschikking en geeft hij hen de mogelijkheid deel te nemen aan het plaatsbezoek.
Programmadecreet bij de aanpassing van de begroting 2021 30 aug 2021 · #81224Indien de heffingsplichtige waterverontreiniging, in afwijking van wat wordt bepaald in het eerste en tweede lid, een laattijdige hernieuwingsaanvraag indient, kan de Vlaamse Milieumaatschappij na onderzoek van het dossier beslissen de verlenging van het statuut met terugwerkende kracht toe te staan vanaf de vervaldatum van het oorspronkelijke statuut. De toepassing van de overige bepalingen van dit artikel blijft daarbij onverkort.
25Het met terugwerkende kracht toekennen van de verlenging geeft aanleiding tot het opleggen van een boete conform artikel 5.4.2.2, tweede lid.
Codificatie: Gecodificeerd Decreet van 15 juni 2018 betreffende het integraal waterbeleid 1 jan 201926§6. Als de Vlaamse Milieumaatschappij beschikt over gegevens over enige onvergunde lozing uit dat productieproces, wordt de heffing op de vuilvracht, veroorzaakt door die lozing, bepaald conform artikel 4.2.2.1.10, §1.
programmadecreet bij de begroting 2024 1 jan 202427Als naar aanleiding van de vaststelling van de onvergunde lozing blijkt dat de inhoud van het dossier dat de heffingsplichtige heeft ingediend en op basis waarvan het nullozersstatuut is toegekend, niet overeenstemt met de werkelijke lozingssituatie, vervalt het nullozersstatuut voor de resterende looptijd vanaf de dag waarop die vaststelling is gedaan.
28§7. ...
Programmadecreet bij de aanpassing van de begroting 2021 30 aug 2021 · #81229§8. Alle vermeldingen en bepalingen opgenomen in paragrafen 2, 3 en 4 zijn voorgeschreven op straffe van nietigheid.
30§9. Het onderzoek, vermeld in paragraaf 5, zesde lid, kan worden uitgevoerd op heffingsdossiers waarin voorafgaand aan de inwerkingtreding van paragraaf 5, zesde en zevende lid, een laattijdige hernieuwingsaanvraag werd ingediend, en waarvoor op het ogenblik van de bekendmaking van het programmadecreet van 9 juli 2021 bij de aanpassing van de begroting 2021 waarbij deze bepalingen worden ingevoegd:
311° een bezwaarschrift hangende is of reeds een beslissing over het bezwaarschrift werd genomen waartegen nog een beroepsmogelijkheid openstaat;
322° een vordering in rechte hangende is;
333° een aanvraag tot ambtshalve ontheffing als vermeld in artikel 376 van het WIB ingediend werd bij en aanvaard wordt door de Vlaamse Milieumaatschappij;
344° een navordering gevestigd werd als vermeld in artikel 4.2.4.5, § 2;
355° een aansprakelijkheidsvordering werd ingeleid voor hoven en rechtbanken.
36De heffingsplichtige dient de Vlaamse Milieumaatschappij hiertoe te verzoeken met een per post aangetekende brief, die ten laatste één jaar na de bekendmaking van het programmadecreet van 9 juli 2021 bij de aanpassing van de begroting 2021 wordt verstuurd.
37Indien de Vlaamse Milieumaatschappij na onderzoek de verlenging van het nullozersstatuut met terugwerkende kracht toekent kan, in afwijking van artikel 418 WIB, enkel het verschil tussen het oorspronkelijke heffingsbedrag vermeerderd met de eventuele heffingsverhoging en het heffingsbedrag na toepassing van de vrijstelling voor nullozing, eventueel rekening houdend met de toepassing van paragraaf 6, terugbetaald worden aan de heffingsplichtige. De toekenning met terugwerkende kracht geeft eveneens aanleiding tot het opleggen van de boete, zoals bepaald in artikel 5.4.2.2, tweede lid.
38Alle kosten verbonden aan eerdere betwistingen in dit verband blijven ten laste van de heffingsplichtige.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd