Tot wijziging van diverse bepalingen van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, wat de sociale huur en de woonwaarborg betreft #2073
Gesloten 




N-VA, cd&v, Open Vld wou 18 artikels wijzigen in codex-wonen · 28 februari 2024 Alle checks geslaagd
18 artikels gewijzigd
14 van 18 wijzigingen berekend door de instructies op de huidige tekst toe te passen. De officiële tekst blijft het document van het Parlement.
Art. 2. In artikel 1.3, §1, eerste lid, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, het laatst gewijzigd bij het decreet van 22 december 2023, wordt een punt 53°/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
“53°/1 startende koper: de startende ontlener van hypothecair krediet, vermeld in de definitie van de Nationale Bank van België in het kader van de verwachtingen van de Belgische macroprudentiële autoriteit betreffende het intern beheer van de voorwaarden voor Belgisch hypothecair krediet die worden toegepast door de banken en de verzekeringsondernemingen die actief zijn op de Belgische woningmarkt;”.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (plaats van invoeging niet gevonden). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | De Vlaamse Regering voert een centraal woningen- en huurdersregister in met betrekking tot de geconventioneerde huurwoningen, vermeld in artikel 4.42 en 5.52/1, en de huurders van de geconventioneerde huurwoningen. | ||
| 2 | De Vlaamse Regering wijst de entiteit aan die het register, vermeld in het eerste lid, bijhoudt. De verhuurder bezorgt de gegevens over de geconventioneerde huurwoningen en de huurders die met toepassing van het derde lid worden opgenomen in het register, vermeld in het eerste lid, aan de entiteit die de Vlaamse Regering aanwijst. | ||
| 3 | De Vlaamse Regering bepaalt de vorm en de inhoud van het register, vermeld in het eerste lid, de wijze waarop het wordt bijgehouden en periodiek wordt bijgewerkt, en de wijze waarop het toezicht erop wordt georganiseerd. |
| 1 | Onder de voorwaarden, vermeld in dit artikel, en onder de voorwaarden die de Vlaamse Regering vaststelt, kan het Vlaamse Gewest, met toepassing van het plafond, vermeld in de begrotingsdecreten, de terugbetaling van de hoofdsom van hypothecaire leningen die werden toegestaan door een hypothecair kredietgever als vermeld in artikel VII.159, §2, eerste lid, van het Wetboek van economisch recht van 28 februari 2013, waarborgen. | ||
| 2 | De waarborg van het Vlaamse Gewest kan alleen worden gehecht aan hypothecaire leningen van een startende koper voor de aankoop van een eerste woning die in het Vlaamse Gewest ligt. | ||
| 3 | De waarborg van het Vlaamse Gewest heeft betrekking op het gedeelte van de hypothecaire lening dat 90 procent van de verkoopwaarde van de woning overschrijdt. | ||
| 4 | In afwijking van artikel 101 van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019 wordt de tegemoetkoming aan de kredietgever niet teruggevorderd van de kredietnemer. | ||
| 5 | In afwijking van artikel 99 en 100 van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019 is de kredietgever een waarborgbijdrage verschuldigd ten voordele van het Waarborgfonds sociale leningen, vermeld in artikel 5.59. De Vlaamse Regering bepaalt de hoogte van de bijdrage. | ||
| 6 | De Vlaamse Regering bepaalt: | ||
| 7 | 1° de maximale aankoop- en verkoopwaarde van de woning, en de wijze van vaststelling ervan; | ||
| 8 | 2° de maximale verhouding tussen het geleende bedrag en de verkoopwaarde van de woning; | ||
| 9 | 3° de voorwaarden die de kredietgever bij betalingsachterstand van de kredietnemer naleeft; | ||
| 10 | 4° de wijze van vaststelling van het verlies na gedwongen verkoop en de procedure bij de uitwinning van de waarborg; | ||
| 11 | 5° de vaststelling van de termijn van de waarborg; | ||
| 12 | 6° de hoogte van het op het Vlaamse Gewest te verhalen verlies bij ontoereikende opbrengst van een gedwongen verkoop; | ||
| 13 | 7° de voorwaarden die de kredietgever bij de aanvraag van de waarborg naleeft. |
| 1 | §1. Aan het Waarborgfonds sociale leningen, dat werd opgericht als een begrotingsfonds als vermeld in artikel 15, § 2, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019, worden de ontvangsten die voortvloeien uit terugwinningen, de inkomsten uit de wederverkoop van ingekochte onroerende goederen en de intresten op belegde sommen toegewezen. | 1 | §1. Aan het Waarborgfonds sociale leningen, dat werd opgericht als een begrotingsfonds als vermeld in artikel 15, § 2, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019, worden de ontvangsten die voortvloeien uit terugwinningen, de inkomsten uit de wederverkoop van ingekochte onroerende goederen en de intresten op belegde sommen toegewezen. |
| 2 | §2. De middelen van het fonds kunnen enkel aangewend worden voor de roerende voorheffing op intrestenopbrengsten, bankkosten, tegemoetkomingen aan de kredietmaatschappijen en -instellingen ter uitvoering van de gewestwaarborg, alsook voor de aankoop van onroerende goederen. | 2 | §2. De middelen van het fonds kunnen enkel aangewend worden voor de roerende voorheffing op intrestenopbrengsten, bankkosten, tegemoetkomingen aan de kredietmaatschappijen en -instellingen ter uitvoering van de gewestwaarborg, tegemoetkomingen aan kredietgevers ter uitvoering van de gewestwaarborg, vermeld in artikel 5.58/1, alsook voor de aankoop van onroerende goederen. |
| 3 | §3. De Vlaamse Regering stelt de gevallen vast waarbij, om bijzondere sociale redenen, de sommen die in het kader van de uitvoering van de waarborg, vermeld in paragraaf 2, aan de kredietmaatschappijen en -instellingen werden betaald, niet worden teruggevorderd bij de kredietnemers. | 3 | §3. De Vlaamse Regering stelt de gevallen vast waarbij, om bijzondere sociale redenen, de sommen die in het kader van de uitvoering van de waarborg, vermeld in paragraaf 2, aan de kredietmaatschappijen en -instellingen werden betaald, niet worden teruggevorderd bij de kredietnemers. |
| 4 | §4. Alle schulden, vorderingen en tegoeden van het Fonds voor de waarborgstelling met betrekking tot huisvesting, vermeld in artikel 28 en 32 van het decreet van 21 december 1990 houdende begrotingstechnische bepalingen alsmede bepalingen tot begeleiding van de begroting 1991, worden overgenomen door het Waarborgfonds sociale leningen. Op het fonds kan rechtstreeks worden beschikt door de rekenplichtige die de ontvangsten heeft gedaan. | 4 | §4. Alle schulden, vorderingen en tegoeden van het Fonds voor de waarborgstelling met betrekking tot huisvesting, vermeld in artikel 28 en 32 van het decreet van 21 december 1990 houdende begrotingstechnische bepalingen alsmede bepalingen tot begeleiding van de begroting 1991, worden overgenomen door het Waarborgfonds sociale leningen. Op het fonds kan rechtstreeks worden beschikt door de rekenplichtige die de ontvangsten heeft gedaan. |
Art. 6. Artikel 5.60 van dezelfde codex, opgeheven door het decreet van 23 december 2021, wordt opnieuw opgenomen in de volgende lezing:
“Art. 5.60. §1. Voor de toepassing van deze titel worden persoonsgegevens verwerkt met als doel de voorwaarden en de verplichtingen na te gaan die de Vlaamse Regering vaststelt conform en ter uitvoering van artikel 5.58/1.
§2. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met de uitvoering van het woonbeleid, is de verwerkingsverantwoordelijke.
§3. Met toepassing van paragraaf 1 kunnen de volgende categorieën van gegevens worden verwerkt:
1° identificatiegegevens;
2° persoonlijke kenmerken;
3° woningkenmerken;
4° het beroep en de betrekking;
5° het rijksregisternummer en identificatienummer van de sociale zekerheid;
6° financiële gegevens;
7° gegevens van onroerende rechten;
8° de gezinssamenstelling.
De Vlaamse Regering kan de categorieën van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, nader omschrijven.
§4. De betrokkenen bij de verwerking van de persoonsgegevens zijn:
1° de kredietgever;
2° de kredietnemer of zijn vertegenwoordiger en de personen ten laste.
§5. Voor de verwerking van persoonsgegevens en voor het bewaren van de verantwoordingsstukken geldt bij uitwinning van de waarborg een bewaartermijn van tien jaar na de uitbetaling van de gewestwaarborg. Als de toegekende waarborg niet wordt uitgewonnen, geldt een bewaartermijn van tien jaar na de beslissing tot toekenning van de waarborg. Als de aangevraagde waarborg niet wordt toegekend, geldt een bewaartermijn van tien jaar na de beslissing tot weigering van de aanvraag.
§6. De verwerkingsverantwoordelijke verduidelijkt in een privacyverklaring welke verwerkingen er worden uitgevoerd. Hij neemt met het oog op transparantie en de garantie van de rechten van betrokkenen in zijn communicatie met de betrokkenen een verwijzing op naar de vindplaats van de privacyverklaring.
§7. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met de uitvoering van het woonbeleid, coördineert de elektronische gegevensstromen en elektronische informatie-uitwisseling tussen de diverse actoren, vermeld in dit artikel. Alle elektronische gegevens mogen in dat kader worden uitgewisseld via de dienst die door de Vlaamse Regering belast is met de uitvoering van het woonbeleid en kunnen door die dienst, die in dat geval verwerkingsverantwoordelijke is voor het opvragen en doorgeven van de gegevens, opgevraagd worden bij de gegevensbronnen. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, mag de gegevens ook gebruiken voor statistische verwerking en mag ze ter beschikking stellen van de andere entiteiten van het beleidsdomein Omgeving voor statistische verwerking. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, kan de persoonsgegevens verder verwerken voor doeleinden als vermeld in artikel 1.5 die verenigbaar zijn met de oorspronkelijke doeleinden.”.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (geen huidige tekst). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | §1. De Vlaamse Regering kan, afhankelijk van de kredieten die daartoe op de begroting van het Vlaamse Gewest worden ingeschreven, tegemoetkomingen verlenen, zoals bedoeld in titel 2, 3 en 4 van dit deel, om woonbehoeftige gezinnen en alleenstaanden in staat te stellen een woning te bouwen, te huren of te kopen of hun woning te renoveren, te verbeteren of aan te passen. | 1 | §1. De Vlaamse Regering kan, afhankelijk van de kredieten die daartoe op de begroting van het Vlaamse Gewest worden ingeschreven, tegemoetkomingen verlenen, zoals bedoeld in titel 2, 3 en 4 van dit deel, om woonbehoeftige gezinnen en alleenstaanden in staat te stellen een woning te bouwen, te huren of te kopen of hun woning te renoveren, te verbeteren of aan te passen. |
| 2 | De tegemoetkomingen die in dit deel worden vermeld, kunnen enkel worden verleend wanneer de alleenstaande of het gezin voldoet aan de voorwaarden inzake onroerend bezit en inkomen die de Vlaamse Regering vaststelt. Naargelang van het geval moet de huurprijs van de woning of de waarde of omvang ervan in overeenstemming zijn met de normen die de Vlaamse Regering vaststelt. | 2 | De tegemoetkomingen die in titel 2, 3 en 4 van dit deel worden vermeld, kunnen enkel worden verleend wanneer de alleenstaande of het gezin voldoet aan de voorwaarden inzake onroerend bezit en inkomen die de Vlaamse Regering vaststelt. Naargelang van het geval moet de huurprijs van de woning of de waarde of omvang ervan in overeenstemming zijn met de normen die de Vlaamse Regering vaststelt. |
| 3 | In afwijking van het tweede lid kan een tegemoetkoming in de kosten, zoals vermeld in artikel 5.75, verleend worden aan de eigenaar-verhuurder die werken uitvoert aan de door hem verhuurde woning. | 3 | In afwijking van het tweede lid kan een tegemoetkoming in de kosten, zoals vermeld in artikel 5.75, verleend worden aan de eigenaar-verhuurder die werken uitvoert aan de door hem verhuurde woning. |
| 4 | De Vlaamse Regering bepaalt de bijzondere voorwaarden voor de toepassing van dit deel. | 4 | De Vlaamse Regering bepaalt de bijzondere voorwaarden voor de toepassing van titel 2, 3 en 4 van dit deel. |
| 5 | §2. De openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de verenigingen ervan, kunnen het deel van de huurprijs dat overeenstemt met de hulp die zij voor de huisvesting van de betrokken gezinnen verlenen, rechtstreeks betalen aan de gemeenten en de sociale woonorganisaties die woningen verhuren overeenkomstig boek 6. | 5 | §2. De openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de verenigingen ervan, kunnen het deel van de huurprijs dat overeenstemt met de hulp die zij voor de huisvesting van de betrokken gezinnen verlenen, rechtstreeks betalen aan de gemeenten en de sociale woonorganisaties die woningen verhuren overeenkomstig boek 6. |
| 6 | Als een tegemoetkoming wordt verleend overeenkomstig titel 2 en 3 van dit deel, betaalt het Vlaamse Gewest deze, met toepassing van het eerste lid, aan het OCMW of aan de vereniging van die centra. | 6 | Als een tegemoetkoming wordt verleend overeenkomstig titel 2 en 3 van dit deel, betaalt het Vlaamse Gewest deze, met toepassing van het eerste lid, aan het OCMW of aan de vereniging van die centra. |
| 7 | §3. De Vlaamse Regering kan een tegemoetkoming verlenen aan de ex-huurder van een sociale huurwoning om hem te ondersteunen bij het vinden van een woning nadat hij de sociale huurwoning heeft verlaten. |
| 1 | Aan de ex-huurder van een sociale huurwoning kan een tegemoetkoming worden verleend nadat hij de sociale huurwoning heeft verlaten. Die tegemoetkoming kan worden verleend als de ex-huurder tijdens de bewoning van de sociale huurwoning werkzaam is geweest als loontrekkende als vermeld in artikel 2, 3°, van het decreet van 15 juli 2022 tot regeling van de toekenning van een jobbonus plus voor startende zelfstandigen of werkzaam is geweest als zelfstandige in hoofdberoep als vermeld in artikel 2, 5°, van hetzelfde decreet. | ||
| 2 | De Vlaamse Regering stelt de voorwaarden vast voor het verkrijgen van de tegemoetkoming, vermeld in het eerste lid, en voor de berekeningswijze, het bedrag in verhouding tot de gewerkte periode, de aanvraagprocedure en de eventuele mogelijkheden tot terugvordering ervan. | ||
| 3 | Als de huurovereenkomst is beëindigd met toepassing van artikel 6.33, eerste lid, | ||
| 4 | 2° of 3°, kan de tegemoetkoming, vermeld in het eerste lid, niet verleend worden. |
| 1 | Voor de toepassing van deze titel worden persoonsgegevens verwerkt met als doel de voorwaarden, vermeld in artikel 5.74/1, en de voorwaarden die de Vlaamse Regering vaststelt conform artikel 5.74/1, na te gaan en om de berekening, de uitbetaling en de terugvordering van de tegemoetkoming, vermeld in artikel 5.74/1, mogelijk te maken. De verwerkte persoonsgegevens zijn toereikend, ter zake dienend en beperkt tot de persoonsgegevens die noodzakelijk zijn om vast te stellen of aan de vermelde voorwaarden is voldaan. | ||
| 2 | De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met de uitvoering van het woonbeleid, is de verwerkingsverantwoordelijke. | ||
| 3 | Met toepassing van het eerste lid kunnen de volgende categorieën van persoonsgegevens opgevraagd en verwerkt worden: | ||
| 4 | 1° persoonlijke identificatiegegevens; | ||
| 5 | 2° het rijksregisternummer en de identificatienummers van de sociale zekerheid; | ||
| 6 | 3° het nummer van de Kruispuntbank van Ondernemingen; | ||
| 7 | 4° gegevens over het beroep en de betrekking; | ||
| 8 | 5° gegevens over de geleverde arbeidsprestaties; | ||
| 9 | 6° financiële gegevens; | ||
| 10 | 7° gegevens over de huurovereenkomst van de sociale huurwoning. | ||
| 11 | De Vlaamse Regering kan de categorieën van persoonsgegevens, vermeld in het derde lid, nader omschrijven. | ||
| 12 | De betrokkene bij de verwerking van de persoonsgegevens is de ex-huurder van een sociale huurwoning of zijn vertegenwoordiger. | ||
| 13 | Voor de verwerkte persoonsgegevens geldt een bewaartermijn van maximaal één jaar na de definitieve beëindiging van de administratieve, gerechtelijke en buitengerechtelijke procedures, en maximaal tien jaar na: | ||
| 14 | 1° ofwel de volledige betaling van de tegemoetkoming, vermeld in artikel 5.74/1; | ||
| 15 | 2° ofwel de beoordeling dat de toekenningsvoorwaarden niet vervuld zijn; | ||
| 16 | 3° ofwel de vaststelling dat de voorwaarden voor een terugvordering vervuld zijn. | ||
| 17 | De verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in het tweede lid, kan de persoonsgegevens gebruiken voor statistische verwerking en kan ze ter beschikking stellen van andere entiteiten van het beleidsdomein Omgeving voor statistische verwerking. | ||
| 18 | De verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in het tweede lid, verduidelijkt in een privacyverklaring welke verwerkingen er worden uitgevoerd. Hij neemt met het oog op transparantie en de garantie van de rechten van de betrokkenen in zijn communicatie met de betrokkenen een verwijzing op naar de vindplaats van de privacyverklaring. |
| 3 | 2° de juridische afwikkeling van de huurovereenkomst verzekeren; | 3 | 2° de juridische afwikkeling van de huurovereenkomst verzekeren; |
| 4 | 3° de uitoefening van het toezicht, vermeld in deel 12, mogelijk maken; | 4 | 3° de uitoefening van het toezicht, vermeld in deel 12, mogelijk maken; |
| 5 | 4° het centraal woningregister, vermeld in artikel 6.4, bijhouden, ter ondersteuning van de entiteit die conform artikel 6.4 wordt aangewezen om het centraal woningregister bij te houden, bij de uitvoering van haar opdrachten. | 5 | 4° het centraal woningen- en huurdersregister, vermeld in artikel 6.4, bijhouden, ter ondersteuning van de entiteit die conform artikel 6.4 wordt aangewezen om het centraal woningen- en huurdersregister bij te houden, bij de uitvoering van haar opdrachten. |
| 6 | §2. De verwerkingsverantwoordelijken zijn: | 6 | §2. De verwerkingsverantwoordelijken zijn: |
| 7 | 1° de verhuurder, voor de verwerkingen die hij voor zijn rekening neemt; | 7 | 1° de verhuurder, voor de verwerkingen die hij voor zijn rekening neemt; |
| 8 | 2° voor het centraal inschrijvingsregister, de entiteit die conform artikel 6.5, eerste lid, wordt aangewezen om het centraal inschrijvingsregister bij te houden; | 8 | 2° voor het centraal inschrijvingsregister, de entiteit die conform artikel 6.5, eerste lid, wordt aangewezen om het centraal inschrijvingsregister bij te houden; |
| 9 | 3° de toezichthouder, vermeld in artikel 4.79, voor de verwerkingen in het kader van zijn toezichtsbevoegdheid; | 9 | 3° de toezichthouder, vermeld in artikel 4.79, voor de verwerkingen in het kader van zijn toezichtsbevoegdheid; |
| 10 | 4° voor het centraal woningregister, de entiteit die conform artikel 6.4wordt aangewezen om het centraal woningregister bij te houden. | 10 | 4° voor het centraal woningen- en huurdersregister, vermeld in artikel 6.4, eerste lid, de entiteit die conform artikel 6.4, tweede lid, wordt aangewezen om dat register bij te houden; |
| 11 | 5° VDAB, voor de verwerkingen die nodig zijn voor de identificatie van de kandidaat-huurders en de huurders in het kader van zijn opdrachten, vermeld in respectievelijk artikel 6.10/1, vierde en vijfde lid, en artikel 6.20, vijfde en zesde lid. | ||
| 11 | §3. Met toepassing van paragraaf 1 kunnen de volgende categorieën van persoonsgegevens worden verwerkt: | 12 | §3. Met toepassing van paragraaf 1 kunnen de volgende categorieën van persoonsgegevens worden verwerkt: |
| 12 | 1° identificatiegegevens, waaronder contactgegevens; | 13 | 1° identificatiegegevens, waaronder contactgegevens; |
| 25 | 14° de opleiding en vorming; | 26 | 14° de opleiding en vorming; |
| 26 | 15° gegevens van de huurovereenkomst die is opgezegd door de verhuurder; | 27 | 15° gegevens van de huurovereenkomst die is opgezegd door de verhuurder; |
| 27 | 16° verbruik van water, gas en elektriciteit. | 28 | 16° verbruik van water, gas en elektriciteit; |
| 29 | 17° identificatiegegevens van de verhuurders van een sociale huurwoning. | ||
| 28 | De Vlaamse Regering kan de categorieën van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, nader omschrijven. | 30 | De Vlaamse Regering kan de categorieën van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, nader omschrijven. |
| 29 | §4. De verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in paragraaf 2, 1° en 2° , past op de verwerkte persoonsgegevens een bewaartermijn van maximaal één jaar toe na de definitieve beëindiging van de administratieve, gerechtelijke en buitengerechtelijke procedures en uiterlijk maximaal tien jaar na de beoordeling dat de potentiële kandidaat-huurder de inschrijvingsvoorwaarden niet heeft vervuld of na de schrapping van het inschrijvingsdossier van de kandidaat-huurder of na het einde van de huurovereenkomst. | 31 | §4. De verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in paragraaf 2, 1° , 2° en 4°, past op de verwerkte persoonsgegevens een bewaartermijn van maximaal één jaar toe na de definitieve beëindiging van de administratieve, gerechtelijke en buitengerechtelijke procedures en uiterlijk maximaal tien jaar na de beoordeling dat de potentiële kandidaat-huurder de inschrijvingsvoorwaarden niet heeft vervuld of na de schrapping van het inschrijvingsdossier van de kandidaat-huurder of na het einde van de huurovereenkomst. |
| 30 | In afwijking van het eerste lid worden de persoonsgegevens die verwerkt worden voor het sluiten van de begeleidingsovereenkomst, vermeld in artikel 6.13, bewaard tot het begeleidingstraject is beëindigd. | 32 | In afwijking van het eerste lid worden de persoonsgegevens die verwerkt worden voor het sluiten van de begeleidingsovereenkomst, vermeld in artikel 6.13, bewaard tot het begeleidingstraject is beëindigd. |
| 31 | De verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in paragraaf 2, 3°, past op de persoonsgegevens die hij verwerkt in het kader van zijn toezicht, een bewaartermijn van maximaal één jaar toe na de definitieve beëindiging van de administratieve, gerechtelijke en buitengerechtelijke procedures en uiterlijk maximaal tien jaar te rekenen vanaf de beëindiging van zijn onderzoeksdaden. | 33 | De verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in paragraaf 2, 3°, past op de persoonsgegevens die hij verwerkt in het kader van zijn toezicht, een bewaartermijn van maximaal één jaar toe na de definitieve beëindiging van de administratieve, gerechtelijke en buitengerechtelijke procedures en uiterlijk maximaal tien jaar te rekenen vanaf de beëindiging van zijn onderzoeksdaden. |
| 37 | 5° de gezinsleden van de huurder; | 39 | 5° de gezinsleden van de huurder; |
| 38 | 6° de ex-huurder of zijn vertegenwoordiger. | 40 | 6° de ex-huurder of zijn vertegenwoordiger. |
| 39 | §6. De verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in paragraaf 2, 1° en 2° , kan persoonsgegevens doorgeven onder de volgende voorwaarden: | 41 | §6. De verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in paragraaf 2, 1°, 2° en 4°, kan persoonsgegevens doorgeven onder de volgende voorwaarden: |
| 40 | 1° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, aan de entiteiten van het beleidsdomein Omgeving voor statistische verwerking; | 42 | 1° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, aan de entiteiten van het beleidsdomein Omgeving voor statistische verwerking; |
| 41 | 2° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 1°, 2°, 3°, 8° en 10°, aan de private partners die de Vlaamse Regering conform artikel 6.3/2, tweede lid, aanwijst voor het onderzoek naar het onroerend bezit in het buitenland; | 43 | 2° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 1°, 2°, 3°, 8° en 10°, aan de private partners die de Vlaamse Regering conform artikel 6.3/2, tweede lid, aanwijst voor het onderzoek naar het onroerend bezit in het buitenland; |
| 45 | 6° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, aan de toezichthouder, vermeld in artikel 4.79, met het oog op het uitoefenen van het toezicht; | 47 | 6° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, aan de toezichthouder, vermeld in artikel 4.79, met het oog op het uitoefenen van het toezicht; |
| 46 | 7° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 16°, aan een private partner voor de berekening van de vergoeding, vermeld in artikel 6.25, eerste lid; | 48 | 7° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 16°, aan een private partner voor de berekening van de vergoeding, vermeld in artikel 6.25, eerste lid; |
| 47 | 8° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 1° en 2° , aan VDAB met het oog op een specifieke dienstverlening en aangepaste beleidsmaatregelen voor sociale huurders in het kader van de verplichting, vermeld in artikel 6.20, eerste lid, 12°. | 49 | 8° de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 1°, 2° en 17°, aan VDAB met het oog op de VDAB-dienstverlening en met het oog op aangepaste beleidsmaatregelen voor kandidaat-huurders en huurders, respectievelijk in het kader van de verplichting, vermeld in artikel 6.10/1, eerste lid, en artikel 6.20, eerste lid, 12°. |
| 50 | VDAB kan de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 1° en 2°, doorgeven aan de verwerkingsverantwoordelijken, vermeld in paragraaf 2, 1°, 2° en 4°, en paragraaf 8, met het oog op het sensibiliseren van de kandidaathuurder of huurder, respectievelijk in het kader van de verplichting, vermeld in artikel 6.10/1, tweede lid, en artikel 6.20, eerste lid, 13°. | ||
| 48 | De Vlaamse Regering kan aanvullende entiteiten aanwijzen waaraan persoonsgegevens voor specifiek omschreven doeleinden kunnen worden doorgegeven. | 51 | De Vlaamse Regering kan aanvullende entiteiten aanwijzen waaraan persoonsgegevens voor specifiek omschreven doeleinden kunnen worden doorgegeven. |
| 49 | §7. De verwerkingsverantwoordelijken, vermeld in paragraaf 2, 1°, 2° en 4°, verduidelijken in een privacyverklaring welke verwerkingen er worden uitgevoerd. Ze nemen met het oog op transparantie en de garantie van de rechten van de betrokkenen in hun communicatie met de betrokkenen een verwijzing op naar de vindplaats van hun respectieve privacyverklaring. | 52 | §7. De verwerkingsverantwoordelijken, vermeld in paragraaf 2, verduidelijken in een privacyverklaring welke verwerkingen er worden uitgevoerd. Ze nemen met het oog op transparantie en de garantie van de rechten van de betrokkenen in hun communicatie met de betrokkenen een verwijzing op naar de vindplaats van hun respectieve privacyverklaring. |
| 50 | §8. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, coördineert de elektronische gegevensstromen en elektronische informatie-uitwisseling tussen de diverse actoren, vermeld in dit boek. Alle elektronische gegevens mogen in dat kader via de dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, uitgewisseld worden en kunnen door die dienst, die in dat geval verwerkingsverantwoordelijke is voor de opvraging en doorgifte van die gegevens, opgevraagd worden bij de gegevensbronnen. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, mag de gegevens ook gebruiken voor statistische verwerking en mag ze ter beschikking stellen van de andere entiteiten van het beleidsdomein Omgeving voor statistische verwerking. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, kan de persoonsgegevens verder verwerken voor de doeleinden, vermeld in artikel 1.5, die verenigbaar zijn met de oorspronkelijke doeleinden. | 53 | §8. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, coördineert de elektronische gegevensstromen en elektronische informatie-uitwisseling tussen de diverse actoren, vermeld in dit boek. Alle elektronische gegevens mogen in dat kader via de dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, uitgewisseld worden en kunnen door die dienst, die in dat geval verwerkingsverantwoordelijke is voor de opvraging en doorgifte van die gegevens, opgevraagd worden bij de gegevensbronnen. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, mag de gegevens ook gebruiken voor statistische verwerking en mag ze ter beschikking stellen van de andere entiteiten van het beleidsdomein Omgeving voor statistische verwerking. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, kan de persoonsgegevens verder verwerken voor de doeleinden, vermeld in artikel 1.5, die verenigbaar zijn met de oorspronkelijke doeleinden. |
| 51 | §9. De verwerkingsverantwoordelijken, vermeld in paragraaf 2, 1° en 2°, nemen de nodige maatregelen om de juistheid van de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, te garanderen. | 54 | §9. De verwerkingsverantwoordelijken, vermeld in paragraaf 2, nemen de nodige maatregelen om de juistheid van de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, te garanderen. |
| 1 | De Vlaamse Regering voert een centraal woningregister in met betrekking tot de sociale huurwoningen . | 1 | De Vlaamse Regering voert een centraal woningen- en huurdersregister in met betrekking tot de sociale huurwoningen en de huurders. |
| 2 | De verhuurder bezorgt de gegevens die de Vlaamse Regering vaststelt aan de entiteit die de Vlaamse Regering aanduidt. | ||
| 2 | De Vlaamse Regering wijst de entiteit aan die het register, vermeld in het eerste lid, bijhoudt. De verhuurder bezorgt de gegevens over de sociale huurwoningen en huurders die met toepassing van het derde lid worden opgenomen in dat register, aan de entiteit die de Vlaamse Regering aanwijst. | ||
| 3 | De Vlaamse Regering bepaalt de vorm en de inhoud van het centraal woningregister, vermeld in het eerste lid, de wijze waarop dat register wordt bijgehouden en periodiek wordt bijgewerkt, en de wijze waarop het toezicht erop wordt georganiseerd. | 3 | De Vlaamse Regering bepaalt de vorm en de inhoud van het register, vermeld in het eerste lid, de wijze waarop het wordt bijgehouden en periodiek wordt bijgewerkt, en de wijze waarop het toezicht erop wordt georganiseerd. |
| 1 | De verhuurder brengt de kandidaat-huurder uitdrukkelijk op de hoogte van de huurdersverplichting, vermeld in artikel 6.20, eerste lid, 5° en 6°. | 1 | Via het centraal inschrijvingsregister wordt de kandidaat-huurder uitdrukkelijk op de hoogte gebracht van de huurdersverplichting, vermeld in artikel 6.20, eerste lid, 5° en 6°. |
| 1 | Als de kandidaat-huurder een niet-beroepsactieve persoon met arbeidspotentieel is, schrijft hij zich als werkzoekende in bij VDAB en blijft hij ingeschreven. | ||
| 2 | De kandidaat-huurder, vermeld in het eerste lid, verleent zijn medewerking aan de begeleiding naar werk door VDAB. | ||
| 3 | De Vlaamse Regering bepaalt: | ||
| 4 | 1° welke personen worden beschouwd als niet-beroepsactieve personen met arbeidspotentieel als vermeld in het eerste lid en wie van die personen wordt vrijgesteld van de verplichtingen, vermeld in het eerste of tweede lid; | ||
| 5 | 2° binnen welke termijn de kandidaat-huurder, vermeld in het eerste lid, zich na de inschrijving in het centraal inschrijvingsregister moet inschrijven als werkzoekende bij VDAB; | ||
| 6 | 3° door wie en op welke manier wordt gecontroleerd of de kandidaat-huurder, vermeld in het eerste lid, de verplichting nakomt om zich als werkzoekende bij VDAB in te schrijven. | ||
| 7 | VDAB heeft als opdracht om de kandidaat-huurder, vermeld in het eerste lid, te activeren en een begeleiding naar werk aan te bieden. | ||
| 8 | Als VDAB vaststelt dat de kandidaat-huurder, vermeld in het eerste lid, gesensibiliseerd moet worden om mee te werken aan het traject naar werk, vermeld in artikel 2, 8°, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap “Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding”, meldt VDAB dat aan de verhuurder die de Vlaamse Regering aanwijst. Na ontvangst van de melding zal de verhuurder de kandidaat-huurder sensibiliseren en zo nodig ondersteunen om mee te werken aan de begeleiding naar werk door VDAB. |