Over het Covid Safe Ticket #958
Gesloten 




cd&v, N-VA, Open Vld wijzigt geen gevolgde wet · 12 oktober 2021 1 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
ingediend op958 (2021-2022) – Nr. 3
22 oktober 2021 (2021-2022)
verzendcode: WEL
Advies
van de Raad van State
over het voorstel van decreet
van Katrien Schryvers, Lorin Parys, Freya Saeys,
Elke Sleurs, Maaike De Rudder en Tine van der Vloet
over het Covid Safe Ticket
Documenten in het dossier:
: Voorstel van decreet
– Nr. 2: Advies van de Risk Assessment Group
Vlaams
Parlement
Vlaams Parlement958 (2021-2022) – Nr. 3 3
RAAD VAN STATE
afdeling Wetgeving
advies 70.319/3
van 22 oktober 2021
over
een voorstel van decreet van de Vlaamse Gemeenschap ‘over het
Covid Safe Ticket’ (Parl.St Vl. Parl. 2021-22, nr. 958/001)
‡LW-CCKVPCFCD-HADBJQW‡
2/14 advies Raad van State 70.319/3
Op 15 oktober 2021 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Voorzitster
van het Vlaams Parlement verzocht binnen een termijn van vijf werkdagen een advies te
verstrekken over een voorstel van decreet van de Vlaamse Gemeenschap ‘over het Covid Safe
Ticket’ (Parl.St Vl. Parl. 2021-22, nr. 958/001).
Het voorstel is door de derde kamer onderzocht op 21 oktober 2021. De kamer was
samengesteld uit Wilfried VAN VAERENBERGH, kamervoorzitter, Jeroen VAN NIEUWENHOVE en
Koen MUYLLE, staatsraden, Jan VELAERS, assessor, en Astrid TRUYENS, griffier.
Het verslag is uitgebracht door Tim CORTHAUT en Jonas RIEMSLAGH, auditeurs.
Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 22 oktober 2021.
*
‡LW-CCKVPCFCD-HADBJQW‡
Vlaams Parlement70.319/3 advies Raad van State 3/14
1. Volgens artikel 84, § 1, eerste lid, 3°, van de wetten op de Raad van State,
gecoördineerd op 12 januari 1973, moeten in de adviesaanvraag de redenen worden opgegeven
tot staving van het spoedeisende karakter ervan.
In het onderhavige geval wordt het verzoek om spoedbehandeling gemotiveerd als
volgt:
“De spoedeisendheid van deze adviesaanvraag wordt gemotiveerd door de
omstandigheid dat de epidemiologische situatie in Vlaanderen, alhoewel momenteel
behoorlijk onder controle, precair blijft (want besmettingscijfers blijven op een hoog
niveau en zijn recent weer stijgende) en zeer nauwgezet dient opgevolgd, en urgent met de
nodige begeleidende maatregelen moet omkaderd worden opdat de besmettingscijfers,
positiviteitsratio en ziekenhuisopnames ook in de nabije toekomst onder controle kunnen
gehouden worden én door de omstandigheid dat de verplichting van het gebruik van het
‘COVID SAFE TICKET’ op massa-evenementen, piloot- en proefprojecten en dancings
en discotheken komt te vervallen na 31 oktober 2021 en dat de verdere verplichting, te
voorzien door de Vlaamse decreetgever via voorliggend voorstel van decreet,
ononderbroken dient aan te sluiten na 31 oktober 2021, gelet op het feit dat net in die
sectoren het risico op de verspreiding van COVID-19 als zeer hoog wordt aanzien én door
de omstandigheid dat de in het voorstel van decreet beschreven zorgvoorzieningen met
spoed de mogelijkheid moet geboden worden om het CST in te zetten als instrument om
de meest kwetsbare personen te beschermen.”
2. Overeenkomstig artikel 84, § 3, eerste lid, van de gecoördineerde wetten op de
Raad van State, heeft de afdeling Wetgeving zich moeten beperken tot het onderzoek van de
bevoegdheid van de steller van de handeling, van de rechtsgrond1, alsmede van de vraag of aan
de te vervullen vormvereisten is voldaan.
*
STREKKING VAN HET VOORSTEL
3. Het voor advies voorgelegde voorstel van decreet van de Vlaamse Gemeenschap
voorziet in een kader voor de invoering van het Covid Safe Ticket voor bezoekers van 12 jaar en
ouder van voorzieningen voor residentiële opvang van kwetsbare personen, alsook van
massa-evenementen, proef- en pilootprojecten, dancings en discotheken.
Artikel 2 van het voorstel bevat enkele definities.
Artikel 3 staat toe dat het Covid Safe Ticket wordt ingezet bij bezoekers van
12 jaar en ouder van voorzieningen van residentiële opvang van kwetsbare personen als vermeld
in artikel 1, § 1, 21°, 5°, van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021,2 meer bepaald in
1 Aangezien het om een voorstel van decreet gaat, wordt onder “rechtsgrond” de overeenstemming met de hogere
rechtsnormen verstaan.
2 Samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 ‘tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse
Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, het Waalse Gewest
en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de verwerking van gegevens met betrekking tot het digitaal
‡LW-CCKVPCFCD-HADBJQW‡
4/14 advies Raad van State 70.319/3
ziekenhuizen, woonzorgcentra, revalidatieziekenhuizen en voorzieningen voor personen met een
handicap, vanaf de dag die volgt op de bekendmaking van het decreet in het Belgisch Staatsblad
(artikel 6).
Artikel 4, § 1, maakt het gebruik van het Covid Safe Ticket verplicht voor de
bezoekers van 12 jaar en ouder van massa-evenementen, proef- en pilootprojecten en dancings en
discotheken als vermeld in artikel 1, § 1, 11°, 12° en 23°, van het samenwerkingsakkoord van
14 juli 2021, vanaf 1 november 2021 (artikel 6). Artikel 4, § 2, tweede lid, bepaalt dat
overtredingen van die verplichting worden bestraft met boetes van 50 tot 500 euro voor de
bezoekers en 50 tot 2500 euro voor de organisatoren, directieleden en uitbaters van die
aangelegenheden en voorzieningen. Met behoud van de toepassing van de bevoegdheden van
officieren van de gerechtelijke politie zijn de burgemeesters belast met het toezicht op de
naleving van die verplichting (artikel 4, § 2, eerste lid).
Artikel 5 expliciteert dat de verwerking van de persoonsgegevens moet gebeuren
overeenkomstig het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021.
Het aan te nemen decreet treedt in werking op de dag die volgt op de
bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad, met uitzondering van artikel 4, dat in werking
treedt op 1 november 2021 (artikel 6). Het decreet treedt buiten werking op 31 december 2021,
maar de Vlaamse Regering kan voor iedere bepaling een eerdere datum van buitenwerkingtreding
vaststellen (artikel 7).
BEVOEGDHEID
4.1. Het voorliggende voorstel van …