Tot wijziging van verschillende decreten, wat betreft de regiovorming #2053
Gemerged Vlaamse Regering voegde 7 artikels samen in decreet-2012-02-17wijk-werkendecreet-van-7-juli-2017decreet-2021-12-23 · 26 februari 2024 Alle checks geslaagd
7 artikels gewijzigd
| 5 | 3° een beleidsvisie en beleidsdoelstellingen ontwikkelen over de sociale economie en over de tewerkstelling van personen in de reguliere en de sociale economie. | 5 | 3° een beleidsvisie en beleidsdoelstellingen ontwikkelen over de sociale economie en over de tewerkstelling van personen in de reguliere en de sociale economie. |
| 6 | § 2. De Vlaamse Regering bepaalt de begunstigden, de subsidie-, de aanvraag-, de toekenningsvoorwaarden en de omvang van de subsidie nader. Dit gebeurt overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 15 juli 2011 houdende vaststelling van de algemene regels waaronder in de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest periodieke plan- en rapporteringsverplichtingen aan lokale besturen kunnen worden opgelegd. | 6 | § 2. De Vlaamse Regering bepaalt de begunstigden, de subsidie-, de aanvraag-, de toekenningsvoorwaarden en de omvang van de subsidie nader. Dit gebeurt overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 15 juli 2011 houdende vaststelling van de algemene regels waaronder in de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest periodieke plan- en rapporteringsverplichtingen aan lokale besturen kunnen worden opgelegd. |
| 7 | §3. De begunstigden, vermeld in paragraaf 2, organiseren hun samenwerkingsvormen uiterlijk op 1 januari 2026 in overeenstemming met de principes, vermeld in artikel 6 van het Regiodecreet van 3 februari 2023. Artikel 7 van het voormelde decreet is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het bevoegde orgaan van de samenwerkingsvorm de aanvraag tot afwijking indient. | ||
| 6 | 5° het informeren en sensibiliseren van de gebruikers; | 6 | 5° het informeren en sensibiliseren van de gebruikers; |
| 7 | 6° het verzamelen en aanleveren aan de organisator van mogelijke werkplekken voor het verrichten van wijk-werken. | 7 | 6° het verzamelen en aanleveren aan de organisator van mogelijke werkplekken voor het verrichten van wijk-werken. |
| 8 | § 2. De gemeente kan de taken, vermeld in paragraaf 1, zelf uitvoeren, of voor de uitvoering van die taken een samenwerkingsverband sluiten met andere gemeenten als vermeld in het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, of een OCMW-vereniging oprichten als vermeld in titel VIII, hoofdstuk I, van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. | 8 | § 2. De gemeente kan de taken, vermeld in paragraaf 1, zelf uitvoeren, of voor de uitvoering van die taken een samenwerking aangaan als vermeld in artikel 14, §1, eerste lid, 2°. |
| 9 | Voor de taken, vermeld in paragraaf 1, maakt de gemeente gebruik van het platform, vermeld in afdeling 9. | 9 | Voor de taken, vermeld in paragraaf 1, maakt de gemeente gebruik van het platform, vermeld in afdeling 9. |
| 10 | § 3. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de taken, vermeld in paragraaf 1. | 10 | § 3. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de taken, vermeld in paragraaf 1. |
| 1 | § 1. De gemeente heeft de volgende taak inzake de organisatie van het wijk-werken: | 1 | § 1. De gemeente heeft de volgende taak inzake de organisatie van het wijk-werken: |
| 2 | 1° hetzij het oprichten van een organisator als het een gemeente betreft die minstens zestigduizend inwoners heeft; | 2 | 1° hetzij het oprichten van een organisator als het een gemeente betreft die minstens zestigduizend inwoners heeft; |
| 3 | 2° hetzij het vormen van een samenwerkingsverband met rechtspersoonlijkheid als vermeld in het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, dat als organisator zal optreden of een organisator zal oprichten, op voorwaarde dat het samenwerkingsverband een grondgebied van zestigduizend inwoners omvat, of een OCMW-vereniging als vermeld in titel VIII, hoofdstuk I, van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn , oprichten, die als organisator zal optreden of een organisator zal oprichten, op voorwaarde dat die OCMW-vereniging een grondgebied van zestigduizend inwoners omvat; | 3 | 2° hetzij het vormen van een samenwerkingsverband met rechtspersoonlijkheid als vermeld in deel 3, titel 3, hoofdstuk 3, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, of een interlokale vereniging als vermeld in deel 3, titel 3, hoofdstuk 2, van het voormelde decreet als een van de deelnemende gemeenten aangesteld wordt als beherende gemeente die de vereniging vertegenwoordigt, of een vereniging of vennootschap voor maatschappelijk welzijn als vermeld in deel 3, titel 4, van het voormelde decreet, die als organisator optreedt of een organisator zal oprichten, op voorwaarde dat het samenwerkingsverband of de vereniging of de vennootschap een grondgebied van zestigduizend inwoners omvat; |
| 4 | 3° hetzij de organisatie van wijk-werken over te laten aan de VDAB. | 4 | 3° hetzij de organisatie van wijk-werken over te laten aan de VDAB. |
| 5 | Voor de taak, vermeld in het eerste lid, 2°, kan de gemeente ervoor kiezen om een bestaand samenwerkingsverband of een bestaande vereniging als vermeld in het voormelde punt 2°, te belasten met de organisatie van wijk-werken. | 5 | Voor de taak, vermeld in het eerste lid, 2°, kan de gemeente ervoor kiezen om een bestaand samenwerkingsverband of een bestaande vereniging als vermeld in het voormelde punt 2°, te belasten met de organisatie van wijk-werken. |
| 6 | Voor de taken, vermeld in het eerste lid, 1° en 2°, wordt verstaan onder oprichten van een organisator: het oprichten van een rechtspersoon of het aanduiden van een bestaande rechtspersoon die als organisator zal optreden. De Vlaamse Regering bepaalt welke vormen van rechtspersoonlijkheid in aanmerking komen als organisator. | 6 | Voor de taken, vermeld in het eerste lid, 1° en 2°, wordt verstaan onder oprichten van een organisator: het oprichten van een rechtspersoon of het aanduiden van een bestaande rechtspersoon die als organisator zal optreden. De Vlaamse Regering bepaalt welke vormen van rechtspersoonlijkheid in aanmerking komen als organisator. |
| 7 | De gemeenten organiseren het samenwerkingsverband met rechtspersoonlijkheid, de interlokale vereniging of de vereniging of vennootschap voor maat- schappelijk welzijn, vermeld in het eerste lid, 2°, uiterlijk op 1 januari 2026 in overeenstemming met de principes, vermeld in artikel 6 van het Regiodecreet van 3 februari 2023. Artikel 7 van het voormelde decreet is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het bevoegde orgaan van het samenwerkingsverband met rechtspersoonlijkheid, de interlokale vereniging of de vereniging of vennootschap voor maatschappelijk welzijn, vermeld in het eerste lid, 2°, de aanvraag tot afwijking indient. | ||
| 7 | § 2. Als de gemeente kiest voor de mogelijkheid, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 3°, zal de VDAB optreden als organisator. | 8 | § 2. Als de gemeente kiest voor de mogelijkheid, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 3°, zal de VDAB optreden als organisator. |
| 8 | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de toepassing van deze paragraaf als een gemeente op een later tijdstip wil gebruikmaken van de mogelijkheden, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° of 2°. | 9 | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de toepassing van deze paragraaf als een gemeente op een later tijdstip wil gebruikmaken van de mogelijkheden, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° of 2°. |
| 9 | § 3. Er kan worden afgeweken van de vereiste van zestigduizend inwoners vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, als de gemeente of het samenwerkingsverband daartoe een gemotiveerde aanvraag indient en voldoet aan de voorwaarden. De Vlaamse Regering bepaalt voor de toepassing van deze paragraaf aan welke voorwaarden moet worden voldaan en hoe een gemotiveerde aanvraag moet worden ingediend. | 10 | § 3. Er kan worden afgeweken van de vereiste van zestigduizend inwoners vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, als de gemeente of het samenwerkingsverband daartoe een gemotiveerde aanvraag indient en voldoet aan de voorwaarden. De Vlaamse Regering bepaalt voor de toepassing van deze paragraaf aan welke voorwaarden moet worden voldaan en hoe een gemotiveerde aanvraag moet worden ingediend. |
| 10 | § 4. In afwijking van de bepalingen van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, de bepalingen van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 of andere reglementering die de lokale besturen bindt, kan de beslissing tot oprichting van een organisator met toepassing van dit artikel genomen worden tijdens kalenderjaren 2017 en 2018, ongeacht de nabijheid van de verkiezingen voor de algehele vernieuwing van de gemeenteraden. | 11 | § 4. In afwijking van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur of andere reglementering die de lokale besturen bindt, kan de beslissing tot oprichting van een organisator met toepassing van dit artikel genomen worden tijdens kalenderjaren 2017 en 2018, ongeacht de nabijheid van de verkiezingen voor de algehele vernieuwing van de gemeenteraden. |
| 11 | § 5. De Vlaamse Regering kan nadere regels en voorwaarden bepalen met betrekking tot dit artikel. De Vlaamse Regering kan bepalen welke vormen van rechtspersonen kunnen optreden als organisator en onder welke voorwaarden. | 12 | § 5. De Vlaamse Regering kan nadere regels en voorwaarden bepalen met betrekking tot dit artikel. De Vlaamse Regering kan bepalen welke vormen van rechtspersonen kunnen optreden als organisator en onder welke voorwaarden. |
| 1 | De raad van bestuur van de VDAB bepaalt de lijst van activiteiten die verricht mogen worden in het Vlaamse Gewest in het kader van wijk-werken. Die lijst kan uitgebreid, aangepast of beperkt worden door de raad van bestuur van de VDAB zonder dat er verdringing van reguliere arbeid is, noch in het normale economische circuit, noch in de sociale economie. | 1 | De raad van bestuur van de VDAB bepaalt de lijst van activiteiten die verricht mogen worden in het Vlaamse Gewest in het kader van wijk-werken. Die lijst kan uitgebreid, aangepast of beperkt worden door de raad van bestuur van de VDAB zonder dat er verdringing van reguliere arbeid is, noch in het normale economische circuit, noch in de sociale economie. |
| 2 | Gemeenten kunnen, voor hun grondgebied, de lijst van activiteiten verder uitbreiden of beperken zonder dat er verdringing van reguliere arbeid is, noch in het normale economische circuit, noch in de sociale economie. De gemeente kan dit zelf doen, of hiervoor een samenwerkingsverband sluiten met andere gemeenten als vermeld in het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, of een OCMW-vereniging oprichten als vermeld in titel VIII, hoofdstuk I, van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. | 2 | Gemeenten kunnen, voor hun grondgebied, de lijst van activiteiten verder uitbreiden of beperken zonder dat er verdringing van reguliere arbeid is, noch in het normale economische circuit, noch in de sociale economie. De gemeente kan dit zelf doen, of hiervoor een samenwerking aangaan als vermeld in artikel 14, §1, eerste lid, 2°. |
| 3 | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de vaststelling en de aanpassingen van de lijst, vermeld in het eerste en tweede lid. De Vlaamse Regering kan bepalen om bepaalde activiteiten voor te behouden aan bepaalde categorieën van gebruikers. | 3 | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de vaststelling en de aanpassingen van de lijst, vermeld in het eerste en tweede lid. De Vlaamse Regering kan bepalen om bepaalde activiteiten voor te behouden aan bepaalde categorieën van gebruikers. |
| 2 | 1° in het Vlaamse Gewest liggen; | 2 | 1° in het Vlaamse Gewest liggen; |
| 3 | 2° beschikken over rechtspersoonlijkheid conform de toepasselijke regelgeving over de intergemeentelijke samenwerking; | 3 | 2° beschikken over rechtspersoonlijkheid conform de toepasselijke regelgeving over de intergemeentelijke samenwerking; |
| 4 | 3° het intergemeentelijk samenwerkingsverband bevindt zich binnen de grenzen van de referentieregio's zoals bepaald door de Vlaamse Regering. | ||
| 5 | De Vlaamse Regering kan op gemotiveerde wijze afwijken van punt 3°, vermeld in het eerste lid. | ||
| 4 | 3° het intergemeentelijk samenwerkingsverband is georganiseerd in overeenstemming met de principes, vermeld in artikel 6 en 7 van het Regio- decreet van 3 februari 2023. | ||
| 1 | De territoriale afbakeningen van de regio’s, vermeld in artikel 11, §1, tweede lid, van dit decreet zijn: | ||
| 2 | 1° de referentieregio’s, vermeld in artikel 5 van het Regiodecreet van 3 februari 2023; | ||
| 3 | 2° het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. |
| 1 | §1. In afwijking van artikel 15 en 37 gebeurt de evaluatie van de sociaal-culturele volwassenenorganisaties met een regionale werking voor de beleidsperiode 2021-2025 op basis van de volgende beoordelingscriteria: | ||
| 2 | 1° de bijdrage van de missie en de visie van de sociaal-culturele volwassenenorganisatie aan het doel van het decreet van 7 juli 2017 houdende de subsidiëring en erkenning van het sociaalcultureel volwassenenwerk, zoals van kracht op 31 maart 2024; | ||
| 3 | 2° de relatie van de missie en de visie van de sociaal-culturele volwassenenorganisatie tot de door de organisatie omschreven actuele maatschappelijke context; | ||
| 4 | 3° de bijdrage van de sociaal-culturele volwassenenorganisatie aan de realisatie van de drie sociaal-culturele rollen; | ||
| 5 | 4° de strategische en operationele doelstellingen van de sociaal-culturele volwassenenorganisatie; | ||
| 6 | 5° de uitwerking van de vier sociaal-culturele functies; | ||
| 7 | 6° de werking met een relevantie en uitstraling voor de betrokken regio of regio’s, afgestemd op de culturele en maatschappelijke context van de regio en die complementair is aan de werking van andere spelers in de specifieke regio; | ||
| 8 | 7° een gesubsidieerde werking die zich grotendeels afspeelt binnen de vrije tijd; | ||
| 9 | 8° een werking gericht op het brede publiek, gemeenschappen, doelgroepen en | ||
| 10 | kansengroepen; | ||
| 11 | 9° de plaats van vrijwilligers in de sociaal-culturele volwassenenorganisatie en de manier waarop ze betrokken en ondersteund worden in relatie tot de visie en missie van de sociaal-culturele volwassenenorganisatie; | ||
| 12 | 10° een geïntegreerd zakelijk kwaliteits en financieel meerjarenbeleid; | ||
| 13 | 11° de toepassing van de principes van goed bestuur; | ||
| 14 | 12° de afstemming tussen het voormelde inhoudelijke en zakelijke deel van het beleidsplan. | ||
| 15 | In dit artikel wordt verstaan onder doelgroep: een deel van de bevolking of een groep van mensen die sociale of persoonskenmerken gemeenschappelijk hebben, waarop een bepaald aanbod of een bepaalde strategie gericht wordt met oog op de realisering van de missie en de visie van de organisatie. | ||
| 16 | In dit artikel wordt verstaan onder kansengroep: mensen in armoede, mensen met een handicap, personen van buitenlandse herkomst en gedetineerden. | ||
| 17 | De Vlaamse Regering werkt de beoordelingscriteria, vermeld in het eerste lid, verder uit in subcriteria voor de evaluatie. | ||
| 18 | §2. Voor de beleidsperiode 2026-2030 kunnen twee sociaal-culturele volwassenenorganisaties met een regionale werking onder de volgende voorwaarden door middel van een overkoepelende rechtspersoon een subsidiedossier indienen voor twee of meer referentieregio’s, vermeld in artikel 5 van het Regiodecreet van 3 februari 2023: | ||
| 19 | 1° de overkoepelende rechtspersoon en de onderliggende organisaties leggen een verantwoording van de subsidie af als vermeld in artikel 8 van dit decreet; | ||
| 20 | 2° artikel 8, §2, tweede lid, 6°, van dit decreet is niet van toepassing op de overkoepelende rechtspersoon. |