§ flandrepo

Decreet tot wijziging van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, wat de voorrangsgroepen voor leerlingen met een voortraject in het Nederlandstalig basisonderwijs bij de inschrijvingen in het gewoon secundair onderwijs betreft

N-VAcd&vOpen Vld N-VA, cd&v, Open Vld #1443 Staatsblad 13 januari 2023 NUMAC 2022042793
3 artikels gewijzigd
+10 −0 codex-secundair-onderwijs/art. 253/15/1
1+§ 1. Een schoolbestuur kan voor zijn vestigingsplaatsen die in de door de Vlaamse Regering bepaalde gemeenten liggen, kiezen om voor een of meer van die vestigingsplaatsen per bepaalde capaciteit als vermeld in artikel 253/13, voorrang te verlenen aan leerlingen die vanaf de start van de leerplicht ieder jaar onderwijs hebben gevolgd in een school voor Nederlandstalig basisonderwijs die door de Vlaamse Gemeenschap erkend is, na kennisgeving aan de schoolbesturen van de andere scholen in de gemeente.
2+In afwijking van het eerste lid worden leerlingen die vanaf het moment van hun domiciliëring in het Vlaamse Gewest of in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest onafgebroken voor het Nederlandstalige basisonderwijs gekozen hebben, gerekend als behorend tot de voorrangsgroep in kwestie.
3+De voorrang wordt toegepast tot maximaal 70 procent van de bepaalde capaciteit bezet wordt door de leerlingen, vermeld in het eerste en tweede lid.
4+Scholen die de voorrang, vermeld in het eerste, tweede en derde lid, toepassen, melden dat uiterlijk op 15 november aan de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap. Voor scholen die in het werkingsgebied van een LOP liggen, meldt het LOP de toepassing van die voorrang uiterlijk op 15 november aan de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap. De voormelde scholen gebruiken het formulier, vermeld in artikel 253/12, § 1, tweede lid, om die melding te doen.
5+De Vlaamse Regering bepaalt de gemeenten waar de voorrang, vermeld in het eerste tot en met het derde lid, van toepassing is. Deze gemeenten grenzen aan een gewestgrens of aan een randgemeente als vermeld in artikel 7 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966.
6+§ 2. Het beantwoorden aan de voorwaarde, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, wordt vastgelegd door telkens de inschrijving als regelmatige leerling in het Nederlandstalige basisonderwijs op de eerste lesdag van februari als ijkdatum te nemen, zoals geregistreerd in de administratieve toepassingen voor het uitwisselen van leerlingengegevens tussen scholen en het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming.
7+§ 3. Als een schoolbestuur ervoor kiest om de voorrangsgroep, vermeld in paragraaf 1, toe te passen dan bepaalt het schoolbestuur het aantal leerlingen dat wordt vooropgesteld voor de inschrijving bij voorrang van leerlingen die minstens vanaf de start van de leerplicht ieder jaar Nederlandstalig basisonderwijs hebben gevolgd of aan de uitzondering, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, voldoen.
8+§ 4. Als een schoolbestuur ervoor kiest om de voorrangsgroep, vermeld in paragraaf 1, toe te passen, komt die voorrangsgroep in de ordening, met toepassing van artikel 253/16, § 1, na de voorrangsgroep, vermeld in artikel 253/16, § 1, eerste lid, 2°, en voor de voorrangsgroep, vermeld in artikel 253/16, § 1, eerste lid, 3°.
9+§ 5. Als de capaciteit die vooraf is bepaald, vermeld in artikel 253/13, al bereikt wordt binnen de leerlingengroep, vermeld in paragraaf 1, worden de leerlingen binnen die leerlingengroep in kwestie geordend volgens de volgorde van de voorrangsgroepen, zoals de overige leerlingen als vermeld in artikel 253/16, § 1, eerste lid, 4°, en volgens het ordeningscriterium of de combinatie van ordeningscriteria uit het standaarddossier die het schoolbestuur, meerdere schoolbesturen samen of het LOP onderschreven hebben, of de eventuele afwijkingen daarvan die de CLR heeft goedgekeurd.
10+In voorkomend geval worden de resterende leerlingen uit de leerlingengroep in kwestie geordend met de overige leerlingen, vermeld in artikel 253/16, § 1, eerste lid, 4°.
+6 −0 codex-secundair-onderwijs/art. 253/45 nieuw
1+§1. Uiterlijk voor de aanmeldingen voor inschrijvingen in het schooljaar 2023-2024 verleent een schoolbestuur, met behoud van de toepassing van artikel 253/43 en artikel 253/44, voor zijn scholen die in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad liggen, voorrang aan leerlingen die vanaf de start van de leerplicht ieder jaar Nederlandstalig basisonderwijs hebben gevolgd in een school voor Nederlandstalig basisonderwijs die door de Vlaamse Gemeenschap erkend is.
2+Een leerling die gebruikmaakt van de voorrangsgroep, vermeld in artikel 253/44, kan geen gebruikmaken van de voorrang, vermeld in het eerste lid.
3+§2. De Vlaamse Regering bepaalt de wijze waarop wordt aangetoond dat een leerling tot de voorrangsgroep, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, behoort.
4+§3. Een schoolbestuur bepaalt voor zijn scholen die in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad liggen, het aantal leerlingen voor de inschrijving bij voorrang van leerlingen die minstens vanaf de start van de leerplicht ieder jaar Nederlandstalig basisonderwijs hebben gevolgd in een school voor Nederlandstalig basisonderwijs die door de Vlaamse Gemeenschap erkend is.
5+Het aantal leerlingen, vermeld in het eerste lid, is gericht op de verwerving of het behoud in de school van 15% leerlingen die vanaf de start van de leerplicht ieder jaar Nederlandstalig basisonderwijs hebben gevolgd in een school voor Nederlandstalig basisonderwijs die door de Vlaamse Gemeenschap erkend is.
6+Het aantal leerlingen, vermeld in het eerste lid, kan door een schoolbestuur bepaald worden tot op de niveaus, vermeld in artikel 253/42, §1, eerste lid.
+13 −0 codex-secundair-onderwijs/art. 253/47
1+§ 1. Voor de inschrijvingen ordent het schoolbestuur, of, na akkoord van de betrokken schoolbesturen, het schoolbestuur dat daarvoor gemandateerd is of het LOP, op het einde van de aanmeldingsperiode, voor zijn school of voor elk van zijn scholen alle aangemelde leerlingen, zodat de toewijzingen de volgende voorrangen in volgorde respecteren:
2+1° eerst de leerlingen die tot dezelfde leefentiteit behoren, vermeld in artikel 253/43, eerste lid, 1° ;
3+2° dan de kinderen van een ouder die personeelslid is, vermeld in artikel 253/43, eerste lid, 2° ;
4+3° dan de kinderen van ouders die conform artikel 253/44 het Nederlands in voldoende mate machtig zijn;
5+4° dan de kinderen die vanaf de start van de leerplicht ieder jaar Nederlandstalig basisonderwijs hebben gevolgd, vermeld in artikel 253/45;
6+5° in voorkomend geval, dan de leerlingen die behoren tot de ondervertegenwoordigde groep, vermeld in artikel 253/46;
7+6° tot slot de overige leerlingen, in voorkomend geval met inbegrip van de leerlingen die overblijven na de toepassing van de criteria, vermeld in punt 1° tot en met 5°, volgens een van de volgende ordeningscriteria:
8+a) de plaats van de school of vestigingsplaats binnen de rangorde in de keuze die de betrokken personen hebben gemaakt en dan toeval;
9+b) toeval en dan de plaats van de school of vestigingsplaats binnen de rangorde in keuze die de betrokken personen hebben gemaakt.
10+Het schoolbestuur, de schoolbesturen of het LOP hanteren bij het ordenen van de aangemelde leerlingen de combinatie van ordeningscriteria uit het standaarddossier dat ze hebben onderschreven of de eventuele afwijkingen daarop, zoals de CLR ze heeft goedgekeurd.
11+§ 2. Als de vooraf bepaalde capaciteit, vermeld in artikel 253/42, al bereikt wordt binnen de leerlingengroep, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, 2°, 3°, 4° of 5°, worden de leerlingen binnen die leerlingengroep in kwestie geordend volgens de volgorde van de voorrangsgroepen en volgens de ordeningscriteria, zoals de overige leerlingen, vermeld in het eerste lid, 6°, en vermeld in het standaarddossier dat door hen is onderschreven, of de eventuele afwijkingen daarop, die de CLR heeft goedgekeurd.
12+§ 3. In voorkomend geval wordt aan een leerling die voor meerdere scholen of vestigingsplaatsen gunstig gerangschikt is, de hoogste school of vestigingsplaats van voorkeur toegewezen en wordt die leerling verwijderd in de scholen of vestigingsplaatsen van lagere keuze.
13+Het schoolbestuur, de schoolbesturen of het LOP kunnen beslissen dat na de definitieve toewijzing er geen leerlingen kunnen zijn die elkaars hogere keuze hebben. Deze beslissing mag er niet toe leiden dat de voorrang van een geweigerde leerling geschonden zou worden
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd