§ flandrepo

Decreet houdende diverse technische wijzigingen van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013 en gerelateerde bepalingen

Vlaamse Regering #674 Staatsblad 15 april 2021 NUMAC 2021041255
79 artikels gewijzigd
+6 −6 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 1.1.0.0.2
55556° euronorm: de maximumdrempel voor de concentratie van bepaalde vervuilende stoffen in de uitlaatgassen van motorvoertuigen, bepaald in opeenvolgende Europese richtlijnen en verordeningen;
56567° wegvoertuigen: de personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen zoals die voertuigen zijn omschreven in de reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens en zoals ze worden verstaan in de zin van de laatste zin van punt 2°, voor zover die voertuigen voorzien zijn van of voorzien moeten zijn van een andere nummerplaat dan een in het kader van de bedoelde regeling uitgereikte proefrittenplaat, handelaarsplaat, beroepsplaat, nationale plaat of tijdelijke plaat die geen internationale kentekenplaat is;
57−8° vennootschap: in afwijking van het eerste lid, 21°, een vennootschap als vermeld in de wet van 7 mei 1999 houdende het Wetboek van Vennootschappen.
57+8° vennootschap: in afwijking van het eerste lid, 21°, een vennootschap als vermeld in het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
5858In titel 2, hoofdstuk 3, wordt verstaan onder :
59591° wegvoertuigen : de personenauto's, auto's voor dubbel gebruik, minibussen en motorfietsen, zoals die voertuigen zijn omschreven in de reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens en zoals ze worden verstaan in de zin van de laatste zin van punt 2° van het vorige lid, voor zover die voertuigen voorzien zijn van of voorzien moeten zijn van een andere nummerplaat dan een in het kader van de bedoelde regeling uitgereikte proefrittenplaat, handelaarsplaat of tijdelijke plaat die geen internationale kentekenplaat is;
61613° boten : de jachten en pleziervaartuigen die langer zijn dan 7,5 meter, als daarvoor een vlaggenbrief afgeleverd is of afgeleverd moet zijn;
62624° euronorm: de maximumdrempel voor de concentratie van bepaalde vervuilende stoffen in de uitlaatgassen van motorvoertuigen, bepaald in opeenvolgende Europese richtlijnen en verordeningen;
63−5° vennootschap: in afwijking van het eerste lid, 21°, een vennootschap als vermeld in de wet van 7 mei 1999 houdende het Wetboek van Vennootschappen.
63+5° vennootschap: in afwijking van het eerste lid, 21°, een vennootschap als vermeld in het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
6464In titel 2, hoofdstuk 4, wordt verstaan onder :
65651° EURO-emissieklasse : de klasse gedefinieerd op basis van de emissiegrenswaarden, vermeld in bijlage 0 van richtlijn 1999/62/EG van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 1999 betreffende het in rekening brengen van het gebruik van bepaalde infrastructuurvoorzieningen aan zware vrachtvoertuigen;
1031034° de schenking van roerende goederen door een niet-rijksinwoner natuurlijke persoon of een rechtspersoon aan een niet-rijksinwoner natuurlijke persoon of een rechtspersoon als de schenking ter registratie wordt aangeboden in het Vlaamse Gewest.
104104In titel 2, hoofdstuk 9, wordt in afwijking van het eerste lid verstaan onder :
105−1° gehandicapt kind : een kind met een specifieke ondersteuningsbehoefte als vermeld in artikel 3, § 1, 39°, van het decreet van 27 april 2018 tot regeling van de toelagen in het kader van het gezinsbeleid;
105+1° ...;
1061062° aanhorigheid : elk gebouwd of ongebouwd onroerend goed dat volgens de aard, de ligging, de oppervlakte en de waarde ervan een normale bijhorigheid vormt, al naargelang het geval, hetzij van het huis of de verdieping of het gedeelte van verdieping, hetzij van een op te richten woning;
107−3° kinderen ten laste : de kinderen die deel uitmaken van het feitelijke gezin van de verkrijger op de datum van de akte van verkrijging en die, gedurende het kalenderjaar dat aan die datum voorafgaat, persoonlijk geen bestaansmiddelen hebben genoten waarvan het nettobedrag hoger is dan de nettobedragen, vermeld in artikel 136 en artikel 141 van het federale WIB 92;
108−4° kadastraal inkomen : het inkomen, vastgesteld overeenkomstig titel IX van het federale WIB 92;
109−5° ...;
107+3° ...;
108+4° ...;
109+5° onbebouwd landgoed: het onroerend goed dat bestaat uit een of meer gronden die voor het landbouwbedrijf gebruikt worden of bestemd zijn, met uitsluiting van gebouwen en de grond waarop deze gebouwen zich bevinden;
1101106° woning : het huis of het geheel of het gedeelte van een verdieping van een gebouw dat hetzij dadelijk, hetzij na normale herstellings- of onderhoudswerken hoofdzakelijk dient of zal dienen tot huisvesting van één gezin of een persoon, met in voorkomend geval de aanhorigheden die tegelijk met het huis, het geheel of het gedeelte van een verdieping worden verkregen;
1111117° bouwgrond : een perceel grond dat stedenbouwkundig bestemd is tot woningbouw of een onroerend goed dat ermee wordt gelijkgesteld. Het geheel of het gedeelte van een gebouw dat, pas na de uitvoering van andere werken dan normale herstellings- of onderhoudswerken, kan dienen tot huisvesting van een gezin of een persoon, met in voorkomend geval de aanhorigheden die tegelijk met het gebouw worden verkregen, wordt met een bouwgrond gelijkgesteld;
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.1.4.0.1
886° ...;
997° de eigendommen die toebehoren aan rechtspersonen, erkend overeenkomstig artikel 7, tweede lid, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap en die gebruikt worden voor wooninfrastructuur voor personen met een handicap, vermeld in artikel 2, 2°, van hetzelfde decreet, die een duidelijk vastgestelde behoefte aan zorg en ondersteuning hebben. De Vlaamse Regering bepaalt de wijze waarop de behoefte aan zorg en ondersteuning wordt vastgesteld.
10−Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijkaardige onroerende goederen van gelijkaardige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun statutaire zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
10+Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijkaardige onroerende goederen van gelijkaardige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
1111Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, 7°, wordt toegekend vanaf het aanslagjaar waarin uiterlijk op 31 maart aan de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie gemeld wordt dat een rechtspersoon erkend is overeenkomstig artikel 7, tweede lid, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. De toekenning geldt tot het einde van de erkenning. Elke beëindiging van een erkenning moet uiterlijk op 31 maart van het jaar dat volgt op de beëindiging aan de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie gemeld worden.
12−§ 2/1. In afwijking van paragraaf 1 bedraagt het tarief 2,4 % voor de eigendommen die door een erkend sociaal verhuurkantoor worden gehuurd met toepassing van en conform de voorwaarden, vermeld in artikel 2 en 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2012 houdende bepaling van de erkennings- en subsidievoorwaarden van sociale verhuurkantoren.
12+§ 2/1. In afwijking van paragraaf 1 bedraagt het tarief 2,4 % voor de eigendommen die door een erkend sociaal verhuurkantoor worden gehuurd met toepassing van en conform de voorwaarden, vermeld in artikel 4.55, tweede en derde lid, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en in artikel 4.168 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021.
1313Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, wordt toegekend vanaf het aanslagjaar waarin uiterlijk op 31 maart aan de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie gemeld wordt dat de eigendom op 1 januari van het aanslagjaar gehuurd wordt door een erkend sociaal verhuurkantoor. De toekenning geldt tot het einde van de huurovereenkomst. Elke vroegtijdige beëindiging van de huurovereenkomst wordt uiterlijk op 31 maart van het jaar dat volgt op de beëindiging aan de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie gemeld.
1414§ 3. In afwijking van paragraaf 1 bedraagt het tarief voor materieel en outillage als vermeld in artikel 471, § 3, van het federale WIB 92, 3,97% vermenigvuldigd met de coëfficiënt, vermeld in het tweede lid. De toepassing van de coëfficiënt mag geen aanleiding geven tot een hoger tarief dan het tarief dat van toepassing is in het vorige aanslagjaar, met uitzondering van het aanslagjaar waarin dit decreet in werking treedt waarbij de toepassing van de coëfficiënt geen aanleiding mag geven tot een hoger tarief dan 3,97%.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.1.6.0.1
776° de nieuwe onroerende goederen, vermeld in artikel 471, § 3, van het federale WIB 92, waarvoor voor de eerste keer, overeenkomstig artikel 472, § 2, van het federale WIB 92, een kadastraal inkomen is vastgesteld na 1 januari 1998 en voor 1 januari 2008;
887° de onroerende goederen die onder de toepassing van het Bosdecreet van 13 juni 1990 vallen en die erkend zijn voor de productie van bosbouwkundig teeltmateriaal als vermeld in artikel 42 van het voormelde decreet;
9−8° de als monument beschermde onroerende goederen of delen ervan die de Vlaamse Regering in erfpacht heeft gegeven of in volle eigendom heeft afgestaan aan een vereniging of stichting die is opgericht overeenkomstig de wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de stichtingen en de Europese politieke partijen en stichtingen, en waarvan de hoofddoelstelling erin bestaat een of meer beschermde onroerende goederen waarvan ze eigenaar of erfpachter is, in stand te houden, te beheren en te ontsluiten;
9+8° de als monument beschermde onroerende goederen of delen ervan die de Vlaamse Regering in erfpacht heeft gegeven of in volle eigendom heeft afgestaan aan een vereniging of stichting die is opgericht overeenkomstig het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, en waarvan de hoofddoelstelling erin bestaat een of meer beschermde onroerende goederen waarvan ze eigenaar of erfpachter is, in stand te houden, te beheren en te ontsluiten;
10109° de onroerende goederen, vermeld in artikel 471, § 3, van het federale WIB 92 voor het gedeelte dat overeenstemt met het kadastraal inkomen van de nieuwe onroerende goederen waarvoor overeenkomstig artikel 472, § 2, van het federale WIB 92 een kadastraal inkomen wordt vastgesteld vanaf 1 januari 2014 en voor 1 januari 2020. Die vrijstelling kan cumulatief worden genoten met de vrijstellingen, vermeld in punt 4° tot en met punt 6°;
111110° de onbebouwde onroerende goederen waarvoor een natuurbeheerplan als vermeld in artikel 16ter, § 1, 4°, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, is goedgekeurd conform de bepalingen en uitvoeringsbepalingen van het voormelde decreet.
1212De vrijstelling, vermeld in het eerste lid, 3°, is van de drie voorwaarden, vermeld in het eerste lid, 3°, samen afhankelijk. Bij de beoordeling van de voorwaarde dat de goederen op zichzelf niets mogen opbrengen wordt geen rekening gehouden met het feit dat deze onroerende goederen worden gebruikt voor het installeren van hernieuwbare energietechnologieën zoals vermeld in het Energiedecreet van 8 mei 2009, zelfs indien de belastingschuldige daarvoor een vergoeding krijgt van een derde partij.
1313De vrijstelling, vermeld in het eerste lid, 5°, wordt verleend voor het gedeelte dat het kadastraal inkomen, vastgesteld op 1 januari 1998, overschrijdt.
14−De vrijstellingen, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 3°, worden ook verleend als het onroerend goed in kwestie het voorwerp uitmaakt van een financiering door middel van financiële leasing of huurkoop met uitgestelde eigendomsoverdracht voor de duur van de overeenkomst. Onder die overeenkomsten worden zowel de leasingovereenkomsten, vermeld in artikel 44, § 3, 2°, b), van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, als de leasingovereenkomsten , vermeld in de uitvoeringsbesluiten van het Wetboek van Vennootschappen, begrepen.
14+De vrijstellingen, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 3°, worden ook verleend als het onroerend goed in kwestie het voorwerp uitmaakt van een financiering door middel van financiële leasing of huurkoop met uitgestelde eigendomsoverdracht voor de duur van de overeenkomst. Onder die overeenkomsten worden zowel de leasingovereenkomsten, vermeld in artikel 44, § 3, 2°, b), van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, als de leasingovereenkomsten of vergelijkbare overeenkomsten, vermeld in het koninklijk besluit van 29 april 2019 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, begrepen.
1515In afwijking van het eerste lid, 4° en 9°, wordt de vrijstelling verleend, hetzij voor nieuwe onroerende goederen waarvoor voor de eerste keer een kadastraal inkomen is vastgesteld, hetzij voor het gedeelte dat het kadastraal inkomen, vastgesteld op 1 januari 1998, overschrijdt voor nieuwe onroerende goederen die na 1 januari 1998 aanleiding hebben gegeven tot een verhoogd kadastraal inkomen in vergelijking met het kadastraal inkomen per 1 januari 1998, voor de belastingplichtige die behoort tot een doelgroep waarvoor de Vlaamse Regering, met toepassing van artikel 7.7.1, § 2, van het Energiedecreet van 8 mei 2009, een ontwerp van energiebeleidsovereenkomst heeft voorgelegd aan het Vlaams Parlement, en de belastingplichtige die overeenkomst niet heeft ondertekend of niet naleeft.
1616De nieuwe onroerende goederen die geplaatst worden in industriële, nijverheids- of handelsgebouwen die met toepassing van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 in overtreding zijn inzake de bouwvergunning, komen niet in aanmerking voor de toepassing van het eerste lid, 4°, 5° en 9°.
+1 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.2.4.0.2
77d) in aanslagjaar 2020 sedert meer dan achtentwintig jaar in het verkeer zijn gebracht;
88e) in aanslagjaar 2021 sedert meer dan negenentwintig jaar in het verkeer zijn gebracht;
9+f) in aanslagjaar 2022 sedert meer dan dertig jaar in het verkeer zijn gebracht;
9102° de kampeeraanhangwagens en de aanhangwagens die speciaal zijn ontworpen voor het vervoer van één boot.
1011Artikel 2.2.6.0.3, eerste lid, artikel 2.2.6.0.4, artikel 3.3.2.0.1 en artikel 3.4.7.0.3 zijn niet van toepassing op de belasting, vermeld in het eerste lid.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.2.4.0.5
44§ 3. In afwijking van paragraaf 2 wordt de opdeciem niet toegepast op de belasting op :
551° voertuigen die uitsluitend gebruikt worden voor bezoldigd vervoer van personen krachtens een machtiging uitgereikt voor de exploitatie van autocardiensten, ter uitvoering van de besluitwet van 30 december 1946 betreffende het bezoldigd vervoer van personen over de weg met autobussen en met autocars;
6−2° voertuigen waarvoor de belasting verminderd is met toepassing van artikel 2.2.5.0.2.
6+2° ...
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.2.4.0.9
553° een kopie van de bestelbon wordt aan de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie bezorgd vóór 15 januari 2016, samen met een formulier, afgeleverd door deze entiteit, dat wordt ondertekend door de betrokken belastingplichtige, en dat minstens de volgende gegevens bevat:
66a) hetzij het identificatienummer uit het Rijksregister van de natuurlijke personen, hetzij het ondernemingsnummer dat bekend is bij de Kruispuntbank van Ondernemingen, hetzij het identificatienummer, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid, van de persoon op wiens naam het voertuig ingeschreven werd of zal ingeschreven worden in het repertorium van het Directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid;
7−b) de voornamen, de achternaam en het domicilieadres van de natuurlijke persoon of de naam, de rechtsvorm en het adres van de maatschappelijke zetel van de rechtspersoon op wiens naam het voertuig ingeschreven werd of zal ingeschreven worden in het repertorium van het Directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid.
7+b) de voornamen, de achternaam en het domicilieadres van de natuurlijke persoon of de naam, de rechtsvorm en het adres van de zetel van de rechtspersoon op wiens naam het voertuig ingeschreven werd of zal ingeschreven worden in het repertorium van het Directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid.
+0 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.2.5.0.3
11De belasting wordt met 10 % verminderd als ze is verschuldigd krachtens een regelmatige aangifte, ingediend door een belastingplichtige die op 1 januari van het aanslagjaar, en dit tot minstens 30 juni drie of meer motorvoertuigen aangeeft die zijn geïnvesteerd in een handels- of nijverheidsbedrijf en die uitsluitend worden gebruikt voor het bezoldigd vervoer van personen krachtens een machtiging uitgereikt voor de exploitatie van autocardiensten, ter uitvoering van de besluitwet van 30 december 1946 betreffende het bezoldigd vervoer van personen over de weg met autobussen en met autocars.
2−De vermindering van 10 % is niet van toepassing op de belasting, verminderd met toepassing van artikel 2.2.5.0.2.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.2.6.0.1
332° de voertuigen die uitsluitend gebruikt worden voor gemeenschappelijk vervoer van personen krachtens :
44a) een machtiging uitgereikt voor de exploitatie van openbare autobusdiensten of van bijzondere autobusdiensten, ter uitvoering van de besluitwet van 30 december 1946 betreffende het bezoldigd vervoer van personen over de weg met autobussen en met autocars;
5−b) een machtiging afgeleverd ter uitvoering van het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg ;
5+b) een machtiging afgeleverd ter uitvoering van het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg of een vergunning afgeleverd ter uitvoering van het decreet van 29 maart 2019 betreffende het individuele bezoldigd personenvervoer;
66c) een concessie van de openbare machten;
773° de ziekenauto's die uitsluitend worden gebruikt voor het vervoer van gewonden en zieken;
21212° een invaliditeitsattest, uitgereikt door de FOD Sociale Zekerheid, met de vermelding dat de betrokkene recht heeft op vrijstelling van de verkeersbelasting, of dat hij is getroffen door volledige blindheid of volledige verlamming van de bovenste ledematen, of dat die ledematen geamputeerd zijn, of dat hij is aangetast door een blijvende invaliditeit die rechtstreeks toe te schrijven is aan de onderste ledematen en ten minste 50 % bedraagt.
2222De volgende voertuigen komen in aanmerking voor de toepassing van de vrijstelling, vermeld in het eerste lid, 11° :
23−1° de autovoertuigen die uitsluitend worden gebruikt voor taxidiensten onder de voorwaarden, vermeld in het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg , en die ingericht zijn krachtens een vergunning die regelmatig afgeleverd is ter uitvoering van het voormelde decreet;
23+1° de autovoertuigen die uitsluitend worden gebruikt voor taxidiensten onder de voorwaarden, vermeld in het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg of in het decreet van 29 maart 2019 betreffende het individuele bezoldigd personenvervoer, en die ingericht zijn krachtens een vergunning die regelmatig afgeleverd is ter uitvoering van de voormelde decreten;
24242° de autovoertuigen die, naar constructie en uitrusting, geschikt zijn voor het vervoer van ten hoogste negen personen, de bestuurder inbegrepen, en die, met uitsluiting van elk ander gebruik, met bestuurder worden verhuurd om personen te vervoeren, op voorwaarde dat de duur van elke verhuring niet meer dan één dag bedraagt en dat de verhuring op het voertuig en niet op elk van de plaatsen slaat;
25253° de autovoertuigen die tegelijk worden gebruikt voor taxidiensten als vermeld in 1°, en voor verhuring met bestuurder als vermeld in 2°.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.2.6.0.5
88§ 3. De tijdelijk ingevoerde voertuigen moeten zijn verkregen of moeten zijn ingevoerd met toepassing van de algemene belastingregeling voor de binnenlandse markt van een andere staat en mogen niet wegens de uitvoer in aanmerking komen voor ontheffing of teruggave van omzetbelastingen, accijnzen of andere verbruiksbelastingen.
99De voertuigen, verkregen of ingevoerd in een andere staat, met vrijstelling van alle belastingen in het kader van de voorrechten, verleend aan de diplomatieke zendingen en consulaire posten en aan hun leden, aan de internationale instellingen en aan hun leden, en aan de krijgsmachten van de staten die toegetreden zijn tot het Noord-Atlantisch Verdrag, andere dan de Belgische krijgsmacht, en aan hun leden, worden geacht te hebben voldaan aan de algemene belastingregeling voor de binnenlandse markt van die staat.
10−§ 4. De tijdelijk ingevoerde voertuigen mogen in België niet worden overgedragen, noch verhuurd, noch uitgeleend. Bij tijdelijke invoer voor persoonlijk gebruik, met uitsluiting van het gebruik, vermeld in paragraaf 2, tweede lid, 2° en 3°, en als ze toebehoren aan een verhuuronderneming met maatschappelijke zetel in het buitenland, kunnen ze aan een niet-verblijfhouder worden wederverhuurd met het oog op de wederuitvoer, als ze zich in België bevinden ingevolge de uitvoering van een huurovereenkomst die hier te lande is verstreken. De voertuigen mogen ook naar de staat van de plaats van oorspronkelijke huur worden teruggebracht door een personeelslid van de verhuuronderneming, zelfs als dat personeelslid zijn gewone verblijfplaats in België heeft.
10+§ 4. De tijdelijk ingevoerde voertuigen mogen in België niet worden overgedragen, noch verhuurd, noch uitgeleend. Bij tijdelijke invoer voor persoonlijk gebruik, met uitsluiting van het gebruik, vermeld in paragraaf 2, tweede lid, 2° en 3°, en als ze toebehoren aan een verhuuronderneming met zetel in het buitenland, kunnen ze aan een niet-verblijfhouder worden wederverhuurd met het oog op de wederuitvoer, als ze zich in België bevinden ingevolge de uitvoering van een huurovereenkomst die hier te lande is verstreken. De voertuigen mogen ook naar de staat van de plaats van oorspronkelijke huur worden teruggebracht door een personeelslid van de verhuuronderneming, zelfs als dat personeelslid zijn gewone verblijfplaats in België heeft.
1111§ 5. Als de tijdelijke invoer plaatsvindt voor beroepsmatig gebruik en voor het gebruik, vermeld in paragraaf 2, tweede lid, 2° en 3°, moet de voorwaarde, vermeld in paragraaf 3, vervuld zijn in de staat waarin de gebruiker zijn gewone verblijfplaats heeft. Die voorwaarde wordt geacht te zijn vervuld als de voertuigen voorzien zijn van een gewone nummerplaat van die staat, met uitzondering van alle tijdelijke nummerplaten.
1212Voor voertuigen die ingeschreven zijn in een staat waar de afgifte van nummerplaten niet verbonden is aan de inachtneming van de algemene belastingregeling voor de buitenlandse markt, moeten de gebruikers, met alle door het gemeen recht toegelaten bewijsmiddelen, met uitzondering van de eed, bewijzen dat ze de verbruiksbelastingen hebben betaald.
+2 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.3.4.1.3
443° in aanslagjaar 2019 sedert meer dan zevenentwintig jaar in het verkeer zijn gebracht;
554° in aanslagjaar 2020 sedert meer dan achtentwintig jaar in het verkeer zijn gebracht;
6−5° in aanslagjaar 2021 sedert meer dan negenentwintig jaar in het verkeer zijn gebracht.
6+5° in aanslagjaar 2021 sedert meer dan negenentwintig jaar in het verkeer zijn gebracht;
7+6° in aanslagjaar 2022 sedert meer dan dertig jaar in het verkeer zijn gebracht.
+0 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.3.4.2.1
3030§ 2. Voor de wegvoertuigen waarvan de motor, ook al is het maar gedeeltelijk of tijdelijk, aangedreven wordt met vloeibaar petroleumgas of andere vloeibare koolwaterstofgassen, wordt de belasting, berekend conform paragraaf 1, 1°, verminderd met 298 euro, in voorkomend geval beperkt tot het bedrag van de belasting.
3131Als de verbrandingsmotor van een wegvoertuig wordt aangedreven door verschillende brandstofsoorten en het voertuig daardoor in aanmerking komt voor een combinatie van de vermindering voor benzine en lpg, wordt de toe te kennen vermindering beperkt tot het hoogste bedrag dat voor dat aanslagjaar voor een bepaalde soort van brandstof van toepassing is.
32−De wegvoertuigen waaraan het Europese homologatieattest 98/69B of 1999/102B of 1999/96B is toegekend, worden geacht te beantwoorden aan de emissienorm "euro 4".
3332§ 3. De belasting, berekend conform paragraaf 1, 1°, en paragraaf 2, wordt verminderd tot het percentage van de belasting voor de wegvoertuigen, vermeld in de volgende tabel, naargelang de voertuigen al ingeschreven zijn geweest in het binnenland of in het buitenland voor ze definitief ingevoerd werden :
3433Termijn
+0 −11 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.4.4.0.2
2929EURO-emissieklasse
3030Ex
31−EURO 5 of EEV of hoger
32−1,1
33−EURO 4
34−3.2
35−EURO 3
36−6,3
37−overige EURO-emissieklassen
38−8,3
39−Vanaf 1 januari 2018 wordt volgende tabel toegepast :
40−EURO-emissieklasse
41−Ex
4231EURO 6 of hoger
43321,1
+1 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.4.6.0.1
554° de aard hebben van een landbouw-, tuinbouw- of bosbouwvoertuig, die slechts in beperkte mate worden gebruikt op de openbare weg in België en die uitsluitend worden gebruikt voor landbouw, tuinbouw, visteelt en bosbouwwerkzaamheden.
66§ 2. De vrijstellingen, vermeld in paragraaf 1, 2° tot en met 4°, kunnen alleen worden toegekend als ze worden aangevraagd voor het begin van het belastbare tijdperk en zullen pas uitwerking hebben vanaf het belastbare tijdperk dat volgt op de toekenning van de vrijstelling.
7−§ 3. Als het adres, vermeld in de persoonsgegevens van de houder van het voertuig op het kentekenbewijs van het voertuig, zoals vastgesteld krachtens de wetgeving betreffende de inschrijving van voertuigen, gelegen is op het grondgebied van het Vlaamse Gewest, vraagt de houder van een voertuig als vermeld in paragraaf 1, 2° tot en met 4°, de betreffende vrijstelling aan bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie.
8−Als het voertuig niet beschikt over een kentekenbewijs als vermeld in het eerste lid, vraagt de houder van een voertuig als vermeld in paragraaf 1, 2° tot en met 4°, van wie het domicilie of de maatschappelijke zetel gelegen is op het grondgebied van het Vlaamse Gewest , de betreffende vrijstellingaan bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie.
7+§ 3. De houder van een voertuig als vermeld in paragraaf 1, 2° tot en met 4°, van wie het domicilie of de zetel op het grondgebied van het Vlaamse Gewest ligt, vraagt de vrijstelling, vermeld in paragraaf 1, 2° tot en met 4°, aan bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie.
98De houder van een voertuig als vermeld in paragraaf 1, 2° tot en met 4°, dat niet in België moet zijn ingeschreven, dient de betreffende vrijstelling aan te vragen bij Viapass.
109§ 4. De vrijstellingen vermeld in paragraaf 1 blijven gelden tot niet langer aan de voorwaarden van dit artikel is voldaan.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.5.3.0.1
11De heffing wordt vastgesteld op een basisbedrag van 1100 euro.
2−Het basisbedrag, vermeld in het eerste lid, wordt jaarlijks aangepast op 1 januari op grond van de schommelingen van het algemeen indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk, vastgesteld tussen de maand november van het vorige jaar en de maand november van het lopende jaar.
2+Het basisbedrag, vermeld in het eerste lid, wordt met ingang van 1 januari 2022 jaarlijks aangepast op 1 januari op grond van de schommelingen van het algemene indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk, vastgesteld tussen de maand november van het jaar voorafgaand aan het vorige jaar en de maand november van het vorige jaar.
33Het aangepast basisbedrag, vermeld in het tweede lid, wordt afgerond op de lagere vijftig euro.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.7.1.0.2
11De erfbelasting is verschuldigd ongeacht of de verkrijging gebeurt ingevolge wettelijke devolutie, uiterste wilsbeschikking of contractuele erfstelling.
2−Naast het geval, vermeld in het eerste lid, is de erfbelasting ook verschuldigd op een verkrijging van vruchtgebruik met toepassing van artikel 858bis van het Burgerlijk Wetboek, tenzij de langstlevende echtgenoot of wettelijk samenwonende aan het vruchtgebruik heeft verzaakt conform paragraaf 6 van het voormelde artikel.
2+Naast het geval, vermeld in het eerste lid, is de erfbelasting ook verschuldigd op een verkrijging van vruchtgebruik met toepassing van artikel 858bis van het Burgerlijk Wetboek, tenzij de langstlevende echtgenoot of wettelijk samenwonende voor het overlijden van de schenker aan het vruchtgebruik heeft verzaakt conform paragraaf 6 van het voormelde artikel.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.7.4.2.1
776° de openbare instellingen van de publiekrechtelijke rechtspersonen, vermeld in punt 1° tot en met 5° ;
887° erkende sociale huisvestingsmaatschappijen als vermeld in artikel 4.36 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
9−8° de coöperatieve vennootschap Vlaams Woningfonds van de grote gezinnen;
9+8° het Vlaams Woningfonds;
10109° dienstverlenende en opdrachthoudende verenigingen als vermeld in artikel 12, § 2, 2° en 3°, van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking;
111110° verenigingen zonder winstoogmerk, ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen, beroepsverenigingen, internationale verenigingen zonder winstoogmerk, private stichtingen en stichtingen van openbaar nut;
121211° openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
13−Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun statutaire zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
13+Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
+4 −3 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.7.4.2.1
1−In afwijking van artikel 2.7.4.1.1 bedraagt het tarief van de erfbelasting 8,5 % voor de legaten aan :
1+In afwijking van artikel 2.7.4.1.1 bedraagt het tarief van de erfbelasting 0 % voor de legaten aan :
221° het Vlaamse Gewest en de Vlaamse Gemeenschap;
332° de Vlaamse, de Franse en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie;
998° het Vlaams Woningfonds;
10109° dienstverlenende en opdrachthoudende verenigingen als vermeld in artikel 12, § 2, 2° en 3°, van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking;
11−10° verenigingen zonder winstoogmerk, ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen, beroepsverenigingen, internationale verenigingen zonder winstoogmerk, private stichtingen en stichtingen van openbaar nut;
11+10° verenigingen zonder winstoogmerk, ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen, internationale verenigingen zonder winstoogmerk en stichtingen van openbaar nut;
121211° openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
13+In afwijking van artikel 2.7.4.1.1 bedraagt het tarief van de erfbelasting 8,5% voor de legaten aan beroepsverenigingen en private stichtingen.
13−Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
14+Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste en het tweede lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
+4 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.7.4.2.2
991° familiale onderneming : een nijverheids-, handels-, ambachts- of landbouwbedrijf of een vrij beroep dat door de erflater of zijn partner, al dan niet samen met anderen, persoonlijk wordt geëxploiteerd en uitgeoefend;
10102° familiale vennootschap : een vennootschap die de uitoefening van een nijverheids-, handels-, ambachts- of landbouwactiviteit, of van een vrij beroep tot voorwerp heeft en uitoefent.
11−Als de vennootschap aan het voorgaande niet beantwoordt, maar minstens 30% van de aandelen houdt van minstens één directe dochtervennootschap die aan die voorwaarde beantwoordt en die haar zetel van werkelijke leiding heeft in een van de staten van de Europese Economische Ruimte, wordt ze ook beschouwd als een familiale vennootschap.
11+Als de vennootschap aan het voorgaande niet beantwoordt, maar aandelen houdt die minstens 30% van de stemrechten van één directe dochtervennootschap vertegenwoordigen die aan die voorwaarde beantwoordt en die haar zetel van werkelijke leiding heeft in een van de staten van de Europese Economische Ruimte, wordt ze ook beschouwd als een familiale vennootschap.
1212Vennootschappen die geen reële economische activiteit hebben, worden uitgesloten van het verlaagde tarief, vermeld in paragraaf 1. Een vennootschap wordt geacht geen reële economische activiteit te hebben als uit de balansposten van ofwel de goedgekeurde jaarrekening in geval van een vennootschap als vermeld in paragraaf 2, 2°, eerste lid, ofwel de goedgekeurde geconsolideerde jaarrekening in geval van een vennootschap als vermeld in paragraaf 2, 2°, tweede lid, van minstens een van de drie boekjaren voorafgaand aan de datum van overlijden van de erflater cumulatief blijkt :
1313a) dat de bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen een percentage gelijk of lager dan 1,50 % uitmaken van de totale activa;
1818c) totaal actief : de waarde, opgenomen onder de balanspost totaal van de activa van de jaarrekening of onder een soortgelijke post van de jaarrekening of van de geconsolideerde jaarrekening;
19193° aandelen :
20−a) elk deelbewijs met stemrecht dat een deel van het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigt;
20+a) naargelang het geval:
21+1) als de familiale vennootschap een naamloze vennootschap, een Europese vennootschap of een Europese coöperatieve vennootschap is, dan wel een vennootschap met een andere rechtsvorm waarvoor het Belgische of buitenlandse recht dat haar beheerst, voorziet in een vergelijkbaar begrip: elk deelbewijs met stemrecht dat een deel van het kapitaal vertegenwoordigt;
22+2) als de familiale vennootschap een vennootschapsvorm heeft waarvoor het Belgische of buitenlandse recht dat de vennootschap beheerst, niet voorziet in het begrip kapitaal of een vergelijkbaar begrip: elk deelbewijs met stemrecht dat is uitgereikt als tegenprestatie voor een inbreng of naar aanleiding van de incorporatie van onbeschikbare reserves;
2123b) de certificaten van aandelen, uitgereikt door rechtspersonen met een zetel in een van de staten van de Europese Economische Ruimte, ter vertegen-woordiging van aandelen van familiale vennootschappen die aan de gestelde voorwaarden voldoen en waarvan de rechtspersoon de verplichting heeft om de dividenden en andere vermogensvoordelen onmiddellijk en uiterlijk binnen een maand door te storten aan de certificaathouder;
22244° familie van de erflater of de aandeelhouder als vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2° :
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.7.4.2.3
44§ 2. Het verlaagde tarief, vermeld in artikel 2.7.4.2.2, § 1, eerste lid, 2°, wordt alleen behouden als de volgende voorwaarden cumulatief zijn vervuld :
551° de familiale vennootschap blijft gedurende drie jaar vanaf de datum van het overlijden van de erflater voldoen aan de voorwaarden, vermeld in artikel 2.7.4.2.2, § 2, 2° ;
6−2° een activiteit van de familiale vennootschap wordt zonder onderbreking voortgezet gedurende drie jaar vanaf de datum van het overlijden van de erflater en voor elk van de drie jaar wordt een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opgemaakt en in voorkomend geval gepubliceerd overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de lidstaat waar de maatschappelijke zetel gevestigd is op het ogenblik van het overlijden, die ook aangewend is ter verantwoording van de aangifte in de inkomstenbelasting.
6+2° een activiteit van de familiale vennootschap wordt zonder onderbreking voortgezet gedurende drie jaar vanaf de datum van het overlijden van de erflater en voor elk van de drie jaar wordt een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opgemaakt en in voorkomend geval gepubliceerd overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de lidstaat waar de zetel gevestigd is op het ogenblik van het overlijden, die ook aangewend is ter verantwoording van de aangifte in de inkomstenbelasting.
7−Ondernemingen of vennootschappen waarvan de maatschappelijke zetel buiten het Vlaamse Gewest, maar binnen België ligt, moeten een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opmaken en in voorkomend geval publiceren overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving in België op het ogenblik van het overlijden;
7+Ondernemingen of vennootschappen waarvan de zetel buiten het Vlaamse Gewest, maar binnen België ligt, moeten een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opmaken en in voorkomend geval publiceren overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving in België op het ogenblik van het overlijden;
883° naargelang het geval:
99a) wanneer de familiale vennootschap een naamloze vennootschap, een Europese vennootschap of een Europese coöperatieve vennootschap is, dan wel een vennootschap met een andere rechtsvorm waarvoor het Belgische of buitenlandse recht dat haar beheerst, voorziet in een vergelijkbaar begrip: het kapitaal daalt niet door uitkeringen of terugbetalingen gedurende drie jaar vanaf de datum van het overlijden van de erflater;
+4 −4 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.7.6.0.1
99§ 2. Onder maatschappelijke rechten wordt verstaan de maatschappelijke rechten in een vennootschap die door de Vlaamse Regering is erkend in het kader van de financiering en de realisatie van serviceflatgebouwen als vermeld in artikel 88, § 5, van het Woonzorgdecreet van 13 maart 2009, of woningcomplexen met dienstverlening als vermeld in artikel 88, § 1 en § 2, van het Woonzorgdecreet van 13 maart 2009.
1010§ 3. Om erkend te worden door de Vlaamse Regering moet de vennootschap, vermeld in paragraaf 2, minstens voldoen aan de volgende voorwaarden :
11−1° haar maatschappelijke zetel gevestigd hebben in de Europese Economische Ruimte;
11+1° haar zetel gevestigd hebben in de Europese Economische Ruimte;
12122° opgericht zijn na 1 januari 1995;
13−3° vanaf het ogenblik van de uitgifte van de maatschappelijke rechten, vermeld in paragraaf 2, en minstens tot 27 november 2012, uitsluitend de financiering en realisatie van projecten voor de oprichting van serviceflatgebouwen tot doel hebben gehad;
13+3° vanaf het ogenblik van de uitgifte van de maatschappelijke rechten, vermeld in paragraaf 2, en minstens tot 27 november 2012, uitsluitend de financiering en realisatie van projecten voor de oprichting van serviceflatgebouwen als voorwerp hebben gehad;
14144° vanaf 27 november 2012 :
15−a) voor het Vlaamse Gewest uitsluitend de financiering en realisatie van projecten voor de oprichting van serviceflatgebouwen als vermeld in artikel 88, § 5, van het Woonzorgdecreet van 13 maart 2009, of de financiering en realisatie van projecten inzake onroerende goederen voor voorzieningen in het kader van het Woonzorgdecreet van 13 maart 2009, of de financiering en realisatie van projecten inzake onroerende goederen voor personen met een handicap tot doel hebben;
15+a) voor het Vlaamse Gewest uitsluitend de financiering en realisatie van projecten voor de oprichting van serviceflatgebouwen als vermeld in artikel 88, § 5, van het Woonzorgdecreet van 13 maart 2009, of de financiering en realisatie van projecten inzake onroerende goederen voor voorzieningen in het kader van het Woonzorgdecreet van 13 maart 2009, of de financiering en realisatie van projecten inzake onroerende goederen voor personen met een handicap als voorwerp hebben;
16−b) voor de Europese Economische Ruimte, uitgezonderd het Vlaamse Gewest, uitsluitend de financiering en realisatie van soortgelijke projecten inzake onroerende goederen tot doel hebben;
16+b) voor de Europese Economische Ruimte, uitgezonderd het Vlaamse Gewest, uitsluitend de financiering en realisatie van soortgelijke projecten inzake onroerende goederen als voorwerp hebben;
17175° de gelden, die zijn ingezameld ingevolge de uitgifte van de maatschappelijke rechten, vermeld in paragraaf 2, integraal besteden of besteed hebben aan projecten binnen de Europese Economische Ruimte.
1818§ 4. Op verzoek van de houder van maatschappelijke rechten of van zijn rechtverkrijgenden, wordt een attest uitgereikt voor het verkrijgen van de vrijstelling van het successierecht. Dit attest wordt, in de vorm vastgesteld door de Vlaamse Regering, door de betrokken financiële instelling slechts uitgereikt voor maatschappelijke rechten waarop, op de datum van het openvallen van de nalatenschap wegens het overlijden van de houder van de rechten of zijn echtgenoot, minstens vijf jaar vóór het overlijden van de houder ingeschreven werd en die reeds drie jaar volgestort werden.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.8.4.1.1
59596° de openbare instellingen van de publiekrechtelijke rechtspersonen, vermeld in de punt 1° tot en met 5° ;
60607° erkende sociale huisvestingsmaatschappijen als vermeld in artikel 4.36 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
61−8° de coöperatieve vennootschap Vlaams Woningfonds van de grote gezinnen;
61+8° het Vlaams Woningfonds;
62629° dienstverlenende en opdrachthoudende verenigingen als vermeld in artikel 12, § 2, 2° en 3°, van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking;
636310° verenigingen zonder winstoogmerk, ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen, beroepsverenigingen, internationale verenigingen zonder winstoogmerk, private stichtingen en stichtingen van openbaar nut;
646411° openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
6565In afwijking van het eerste lid wordt de schenkbelasting, vermeld in paragraaf 1 en 2, gebracht op 100 euro voor de schenkingen, inclusief inbrengen om niet, gedaan aan rechtspersonen als vermeld in het eerste lid, 10°, als de schenker zelf een rechtspersoon als vermeld in het eerste lid, 10°, is.
66−Het tarief, vermeld in het eerste en tweede lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun statutaire zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
66+Het tarief, vermeld in het eerste en tweede lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.8.4.4.1
99§ 5. Bij een schenking die onderworpen is aan een opschortende voorwaarde, wordt voor de toepassing van dit artikel de datum van de vervulling van de voorwaarde in de plaats gesteld van de datum van de akte.
1010§ 6. Het voordeel van de toepassing van paragraaf 1 of 3 kan niet gecombineerd worden met de premies, vermeld in artikel 10.2.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, noch met de belastingvermindering van de personenbelasting, vermeld in artikel 14536 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, als de voormelde premies of de belastingvermindering betrekking hebben op dezelfde beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten als de beheersmaatregelen, de werkzaamheden of de diensten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°.
11−§ 7. Voor de toepassing van dit artikel moet voldaan zijn aan de verplichtingen van artikel 3.12.3.0.1, § 1, 5°, en § 3, vijfde lid.
11+§ 7. Voor de toepassing van dit artikel moet voldaan zijn aan de verplichtingen van artikel 3.12.3.0.1, § 1, 5°, en § 3, eerste lid.
+2 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.8.6.0.1
332° de overeenkomsten houdende schenking van onroerende goederen die in het buitenland liggen;
443° op voorwaarde van wederkerigheid, de akten houdende schenking aan vreemde staten van onroerende goederen die bestemd zijn tot vestiging van hun diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging in België, of voor de woning van het hoofd van de standplaats;
5−4° de akten houdende schenking van onroerende goederen als vermeld in artikel 2.8.4.1.1, § 1, voor zover die schenking plaatsvindt met het oog op de realisatie van een brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt of zal uitmaken van een bownfieldconvenant als vermeld in het decreet van 30 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten.
5+4° de akten houdende schenking van onroerende goederen als vermeld in artikel 2.8.4.1.1, § 1, voor zover die schenking plaatsvindt met het oog op de realisatie van een brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt of zal uitmaken van een bownfieldconvenant als vermeld in het decreet van 30 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten;
6+5° de akten die met toepassing van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn of deel 3, titel 4, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, verrichtingen vaststellen als vermeld in artikel 2.8.1.0.1, hetzij ten bate van openbare centra voor maatschappelijk welzijn, hetzij ten bate van op grond van de voormelde wet of decreten opgerichte verenigingen, alsook akten houdende verrichtingen als vermeld in artikel 2.8.1.0.1, na ontbinding of splitsing van een voormelde vereniging.
67De vrijstelling, vermeld in het eerste lid, 4°, wordt alleen verleend als bij de aan de formaliteit van de registratie onderworpen akte of verklaring over de overeenkomst een attest is gevoegd waarin wordt bevestigd dat de schenking plaatsvindt met het oog op de realisatie van een brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt of zal uitmaken van een brownfieldconvenant, en dat de onroerende goederen waarvoor de vrijstelling wordt gevraagd, deel uitmaken van dat brownfieldproject. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de vormgeving van dat attest.
78Als de overeenkomst, vermeld in het eerste lid, 4°, ook andere onroerende goederen omvat dan de onroerende goederen, vermeld in het tweede lid, moet de verkoopwaarde van elk van de onderscheiden categorieën van onroerende goederen worden opgegeven in een aanvullende verklaring als vermeld in artikel 3.13.1.2.1, eerste lid.
+4 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.8.6.0.3
991° familiale onderneming : een nijverheids-, handels-, ambachts- of landbouwbedrijf of een vrij beroep dat door de schenker of zijn partner, al dan niet samen met anderen, persoonlijk wordt geëxploiteerd en uitgeoefend;
10102° familiale vennootschap : een vennootschap die de uitoefening van een nijverheids-, handels-, ambachts- of landbouwactiviteit, of van een vrij beroep tot voorwerp heeft en uitoefent.
11−Als de vennootschap aan het voorgaande niet beantwoordt, maar minstens 30 % van de aandelen houdt van minstens één directe dochtervennootschap die aan die voorwaarde beantwoordt en die haar zetel van werkelijke leiding heeft in een van de staten van de Europese Economische Ruimte, wordt ze ook beschouwd als een familiale vennootschap.
11+Als de vennootschap aan het voorgaande niet beantwoordt, maar aandelen houdt die minstens 30 % van de stemrechten van één directe dochtervennootschap vertegenwoordigen die aan die voorwaarde beantwoordt en die haar zetel van werkelijke leiding heeft in een van de staten van de Europese Economische Ruimte, wordt ze ook beschouwd als een familiale vennootschap.
1212Vennootschappen die geen reële economische activiteit hebben, worden uitgesloten van de vrijstelling, vermeld in paragraaf 1. Een vennootschap wordt geacht geen reële economische activiteit te hebben als uit de balansposten van ofwel de goedgekeurde jaarrekening in geval van een vennootschap als vermeld in paragraaf 2, punt 2°, eerste lid, ofwel de goedgekeurde geconsolideerde jaarrekening in geval van een vennootschap als vermeld in paragraaf 2, punt 2°, tweede lid, van minstens een van de drie boekjaren die voorafgaan aan de datum van de authentieke akte van schenking, cumulatief blijkt dat :
1313a) de bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen een percentage uitmaken dat gelijk is aan of lager is dan 1,50 % van de totale activa;
1818c) totaal actief : de waarde, opgenomen onder de balanspost totaal van de activa van de jaarrekening of onder een soortgelijke post van de jaarrekening of van de geconsolideerde jaarrekening;
19193° aandelen :
20−a) elk deelbewijs met stemrecht dat een deel van het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigt;
20+a) naargelang het geval:
21+1) als de familiale vennootschap een naamloze vennootschap, een Europese vennootschap of een Europese coöperatieve vennootschap is, dan wel een vennootschap met een andere rechtsvorm waarvoor het Belgische of buitenlandse recht dat haar beheerst, voorziet in een vergelijkbaar begrip: elk deelbewijs met stemrecht dat een deel van het kapitaal vertegenwoordigt;
22+2) als de familiale vennootschap een vennootschapsvorm heeft waarvoor het Belgische of buitenlandse recht dat de vennootschap beheerst, niet voorziet in het begrip kapitaal of een vergelijkbaar begrip: elk deelbewijs met stemrecht dat is uitgereikt als tegenprestatie voor een inbreng of naar aanleiding van de incorporatie van onbeschikbare reserves;
2123b) de certificaten van aandelen, uitgereikt door rechtspersonen met een zetel in een van de staten van de Europese Economische Ruimte, ter vertegenwoordiging van aandelen van familiale vennootschappen die aan de gestelde voorwaarden voldoen en waarvan de rechtspersoon de verplichting heeft om de dividenden en andere vermogensvoordelen onmiddellijk en uiterlijk binnen een maand door te storten aan de certificaathouder;
22244° familie van de schenker of de aandeelhouder als vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2° :
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.8.6.0.4
11De vrijstelling, vermeld in artikel 2.8.6.0.3, is alleen toepasselijk als de volgende voorwaarden cumulatief zijn vervuld :
221° de schenking van de activa of aandelen van de familiale onderneming of vennootschap wordt vastgesteld bij authentieke akte;
3−2° aan de verplichtingen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1, 4°, en § 5, is voldaan.
3+2° aan de verplichtingen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1 en § 5, is voldaan.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.8.6.0.6
44§ 2. De vrijstelling, vermeld in artikel 2.8.6.0.3, § 1, eerste lid, 2°, wordt alleen behouden als de volgende voorwaarden cumulatief zijn vervuld :
551° de familiale vennootschap blijft gedurende drie jaar vanaf de datum van de authentieke akte van schenking voldoen aan de voorwaarden, vermeld in artikel 2.8.6.0.3, § 2, 2° ;
6−2° een activiteit van de familiale vennootschap wordt zonder onderbreking voortgezet gedurende drie jaar vanaf de datum van de authentieke akte van schenking en voor elk van de drie jaar wordt een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opgemaakt die in voorkomend geval wordt gepubliceerd overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de lidstaat waar de maatschappelijke zetel gevestigd is op het ogenblik van de datum van de authentieke akte van schenking, die ook aangewend is ter verantwoording van de aangifte in de inkomstenbelasting.
6+2° een activiteit van de familiale vennootschap wordt zonder onderbreking voortgezet gedurende drie jaar vanaf de datum van de authentieke akte van schenking en voor elk van de drie jaar wordt een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opgemaakt die in voorkomend geval wordt gepubliceerd overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de lidstaat waar de zetel gevestigd is op het ogenblik van de datum van de authentieke akte van schenking, die ook aangewend is ter verantwoording van de aangifte in de inkomstenbelasting.
7−Ondernemingen of vennootschappen waarvan de maatschappelijke zetel buiten het Vlaamse Gewest maar binnen België ligt, moeten een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opmaken en in voorkomend geval publiceren overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving in België op de datum van de authentieke akte van schenking;
7+Ondernemingen of vennootschappen waarvan de zetel buiten het Vlaamse Gewest maar binnen België ligt, moeten een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opmaken en in voorkomend geval publiceren overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving in België op de datum van de authentieke akte van schenking;
883° naargelang het geval:
99a) wanneer de familiale vennootschap een naamloze vennootschap, een Europese vennootschap of een Europese coöperatieve vennootschap is, dan wel een vennootschap met een andere rechtsvorm waarvoor het Belgische of buitenlandse recht dat haar beheerst, voorziet in een vergelijkbaar begrip: het kapitaal daalt niet door uitkeringen of terugbetalingen gedurende drie jaar vanaf de datum van de authentieke akte van schenking;
+1 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.8.6.0.10 nieuw
1+Er wordt een vrijstelling van de schenkbelasting verleend voor de akten in der minne die betrekking hebben op onroerende goederen die uitsluitend bestemd zijn voor onderwijs, en die verleden zijn op naam van of ten voordele van de inrichtende machten van het gemeenschapsonderwijs of het gesubsidieerd onderwijs, of op naam van of ten voordele van verenigingen zonder winstoogmerk voor patrimoniaal beheer die uitsluitend tot doel hebben onroerende goederen ter beschikking te stellen voor onderwijs dat door de voormelde inrichtende machten wordt verstrekt.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.3
11In afwijking van artikel 2.9.4.1.1 bedraagt het verkooprecht 1,50 % voor verkoopovereenkomsten van woningen die gesloten zijn door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen of door de erkende sociale huisvestingsmaatschappijen, vermeld in artikel 4.36 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, en voor kopers die voldoen aan de voorwaarden, vermeld in artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 september 2006 betreffende de voorwaarden voor de overdracht van onroerende goederen door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de sociale huisvestingmaatschappijen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
22Als na de aankoop blijkt dat de kopers niet meer voldoen aan de voorwaarden, vermeld in artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 september 2006 betreffende de voorwaarden voor de overdracht van onroerende goederen door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de sociale huisvestingmaatschappijen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, of aan de voorwaarden tot behoud of bewoning, opgelegd door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen of door de erkende sociale huisvestingsmaatschappijen, vermeld in artikel 4.36 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, zijn ze het verkooprecht, vermeld in artikel 2.9.4.1.1, verschuldigd na aftrek van de reeds geheven belasting.
3−Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun statutaire zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
3+Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
+3 −3 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.4
22§ 2. Voor de toepassing van het verlaagde tarief, vermeld in paragraaf 1, moeten de volgende voorwaarden vervuld zijn :
331° de verkrijger ondertekent een beroepsverklaring en dient die in;
4−2° de verkrijger stelt op eigen kosten zekerheid met toepassing van artikel 3.10.5.1.3, eerste lid;
4+2° ...;
553° de verkrijger heeft de erkenning verkregen van een in België gevestigde vertegenwoordiger die met toepassing van artikel 3.10.4.4.5 met hem instaat voor de nakoming van zijn fiscale verplichtingen als hij :
66a) een natuurlijke persoon is en zijn wettelijke verblijfplaats buiten de Europese Economische Ruimte heeft;
7−b) een rechtspersoon is zonder vestiging in België waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is buiten de Europese Economische Ruimte.
7+b) een rechtspersoon is zonder vestiging in België waarvan de zetel gevestigd is buiten de Europese Economische Ruimte.
8−§ 3. De akte die de verklaring, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1, niet bevat of waarbij de verklaring, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, derde lid, niet gevoegd is, wordt tegen het tarief, vermeld in artikel 2.9.4.1.1, geregistreerd zonder enige mogelijkheid tot teruggave.
8+§ 3. De akte die de verklaring, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1, niet bevat of waarbij de verklaring, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, tweede lid, niet gevoegd is, wordt tegen het tarief, vermeld in artikel 2.9.4.1.1, geregistreerd zonder enige mogelijkheid tot teruggave.
99Een andere beroepspersoon dan de persoon, vermeld in paragraaf 2, 3°, kan de erkenning verkrijgen van een in België gevestigde vertegenwoordiger die medeaansprakelijk is en hoofdelijk met hem instaat voor de nakoming van zijn fiscale verplichtingen.
1010§ 4. Als de persoon die een beroepsverklaring heeft ondertekend, bij het verstrijken van een termijn van vijf jaar na die verklaring, geen drie wederverkopen kan aantonen waardoor blijkt dat hij het aangegeven beroep werkelijk uitoefent, is hij op al zijn aankopen het verkooprecht, vermeld in artikel 2.9.4.1.1, verschuldigd na aftrek van de reeds geheven belasting.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.6
11Bij overlijden van de vertegenwoordiger van een beroepspersoon als vermeld in artikel 2.9.4.2.4, § 2, 3°, bij de intrekking van zijn erkenning of als hij onbekwaam wordt verklaard om als vertegenwoordiger op te treden, moet binnen een termijn van zes maanden in zijn vervanging voorzien worden.
2−Als de voorschriften, vermeld in het eerste lid en in artikel 3.10.5.1.3, tweede lid, niet voldaan zijn, is de belasting, vermeld in artikel 2.9.4.2.5, verschuldigd voor de niet-wederverkochte goederen.
2+Als de voorschriften, vermeld in het eerste lid, niet voldaan zijn, is de belasting, vermeld in artikel 2.9.4.2.5, verschuldigd voor de niet-wederverkochte goederen.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.7
1−In afwijking van artikel 2.9.4.1.1 bedraagt het verkooprecht 6% voor een koopovereenkomst ter verwezenlijking van haar maatschappelijk doel :
1+In afwijking van artikel 2.9.4.1.1 bedraagt het verkooprecht 6% voor een koopovereenkomst ter verwezenlijking van haar voorwerp :
221° door een maatschappij die erkend is door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen, op voorwaarde van bewijs van haar erkenning;
332° door het Vlaams Woningfonds.
4−Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun statutaire zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
4+Het verlaagde tarief, vermeld in het eerste lid, is ook van toepassing op gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een staat van de Europese Economische Ruimte, en die bovendien hun zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte hebben.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.8
11§ 1. In afwijking van artikel 2.9.4.1.1 wordt het tarief van het verkooprecht verlaagd tot 6% voor de ruilovereenkomsten van ongebouwde landgoederen waarvan de oppervlakte van elk van de kavels niet meer bedraagt dan vijf hectare, op voorwaarde dat het waardeverschil tussen elk van de kavels of de opleg een vierde van de verkoopwaarde van de minste kavel niet te boven gaat.
2−Voor de toepassing van het tarief, vermeld in het eerste lid, moet voldaan zijn aan de verplichtingen van artikel 3.12.3.0.1, § 1 en § 3, tweede lid.
2+Voor de toepassing van het tarief, vermeld in het eerste lid, moet voldaan zijn aan de verplichtingen van artikel 3.12.3.0.1, § 1 en § 3, derde lid.
33§ 2. Voor elke te laag bevonden opleg of elk te laag bevonden waardeverschil, zijn aanvullende rechten verschuldigd.
44Hetzelfde geldt voor elke overschatting van de kavels die een vermindering van het verkooprecht tot gevolg heeft.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.9
11§ 1. Een overeenkomst als vermeld in artikel 2.9.1.0.1, wordt onderworpen aan een tarief van 10 euro als ze niet bij authentieke akte is vastgesteld, en als binnen de termijnen, overeenkomstig artikel 32 of artikel 33 van het federale Wetboek van Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten, samen met de ter registratie aangeboden akte of het ter registratie aangeboden geschrift een schriftelijk vastgestelde overeenkomst ter registratie wordt aangeboden waarin alle partijen verklaren de eerste overeenkomst in der minne te hebben ontbonden of vernietigd of waarin ze verklaren dat een in de eerste overeenkomst uitdrukkelijk bedongen ontbindende voorwaarde al is vervuld.
2−Het tarief, vermeld in het eerste lid, geldt niet voor de inbrengen door een natuurlijke persoon van een woning in een Belgische vennootschap, noch voor overeenkomsten die onderworpen zijn aan het tarief, vermeld in artikel 2.9.4.2.4, § 1.
2+Het tarief, vermeld in het eerste lid, geldt niet voor de inbrengen door een natuurlijke persoon van een woning in een Belgische vennootschap.
33§ 2. De schriftelijk vastgestelde overeenkomst waarin alle partijen verklaren een overeenkomst, zoals omschreven in artikel 2.9.1.0.1, te hebben ontbonden of vernietigd of waarin ze verklaren dat een in die overeenkomst uitdrukkelijk bedongen ontbindende voorwaarde is vervuld, wordt geregistreerd tegen het tarief van 10 euro op voorwaarde dat die ontbonden of vernietigde overeenkomst :
441° niet bij authentieke akte is vastgesteld;
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.10
331° de verkrijgers verbinden zich ertoe dat minstens het bedrag dat overeenkomt met het verschil tussen het verkooprecht, geheven met toepassing van paragraaf 1, en het verkooprecht, verschuldigd bij gebrek aan toepassing van hetzelfde artikel, binnen vijf jaar vanaf de datum van de authentieke akte van verkrijging geïnvesteerd wordt in beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten die noodzakelijk zijn voor het behoud of de herwaardering van erfgoedkenmerken en -elementen van het beschermde monument, vermeld in artikel 2.1, 16°, van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013. De voormelde beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten dienen opgenomen te zijn in een goedgekeurd beheersplan als vermeld in punt 2°, dat geldig is bij de aanvang van de voormelde beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten;
442° voor het beschermde monument, vermeld in artikel 2.1, 16°, van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, is er een goedgekeurd beheersplan of zal een beheersplan opgemaakt worden conform hoofdstuk 8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en hoofdstuk 8 van het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014. Het beheersplan is goedgekeurd of zal worden goedgekeurd door het agentschap, vermeld in artikel 2.1, 2°, van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
5−3° de verkrijgers voldoen aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1 en § 3, vijfde lid.
5+3° de verkrijgers voldoen aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1 en § 3, vierde lid.
66§ 3. Het bedrag, vermeld in paragraaf 2, 1°, is exclusief btw.
77§ 4. Het voordeel van de toepassing van de tariefvermindering uit dit artikel kan niet gecombineerd worden met de toepassing van de vermindering, vermeld in artikel 2.9.5.0.1, noch met de ontheffing, vermeld in artikel 3.6.0.0.6, § 3.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.11
66De koper die de voorwaarde, vermeld in het eerste lid, 2°, niet is nagekomen, is aanvullende rechten verschuldigd.
77§ 3. In afwijking van paragraaf 2, 1°, wordt geen rekening gehouden met de woning of de bouwgrond als:
8−1° de verkrijger zich ertoe verbindt om dit onroerend goed uiterlijk één jaar na de datum van de authentieke akte volledig en ten bezwarende titel te vervreemden en aantoont dat er een causaal verband bestaat tussen die vervreemding en de verkrijging tegen het verlaagd tarief, vermeld in paragraaf 1, en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, eerste lid;
8+1° de verkrijger zich ertoe verbindt om dit onroerend goed uiterlijk één jaar na de datum van de authentieke akte volledig en ten bezwarende titel te vervreemden en aantoont dat er een causaal verband bestaat tussen die vervreemding en de verkrijging tegen het verlaagd tarief, vermeld in paragraaf 1, en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, vijfde lid;
9−2° het onroerend goed uiterlijk een jaar na de datum van de authentieke akte van verkrijging, al dan niet gedwongen, wordt onteigend en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, tweede lid.
9+2° het onroerend goed uiterlijk een jaar na de datum van de authentieke akte van verkrijging, al dan niet gedwongen, wordt onteigend en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, zesde lid.
1010De koper die de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, 1° of 2°, niet is nagekomen, is aanvullende rechten verschuldigd.
1111§ 4. In geval van een overdracht, die aan een opschortende voorwaarde is onderworpen die nog niet is vervuld op datum van de authentieke akte, wordt voor de toepassing van dit artikel de datum van vervulling van de voorwaarde in de plaats gesteld van de datum van de authentieke akte.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.12
77De koper die de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, 1°, 2° en 4°, niet is nagekomen, is aanvullende rechten verschuldigd.
88§ 2. In afwijking van paragraaf 1, 3°, wordt geen rekening gehouden met de woning of de bouwgrond als:
9−1° de verkrijger zich ertoe verbindt om dit onroerend goed uiterlijk één jaar na de datum van de authentieke akte volledig en ten bezwarende titel te vervreemden en aantoont dat er een causaal verband bestaat tussen die vervreemding en de verkrijging tegen het verlaagd tarief, vermeld in paragraaf 1, en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, eerste lid;
9+1° de verkrijger zich ertoe verbindt om dit onroerend goed uiterlijk één jaar na de datum van de authentieke akte volledig en ten bezwarende titel te vervreemden en aantoont dat er een causaal verband bestaat tussen die vervreemding en de verkrijging tegen het verlaagd tarief, vermeld in paragraaf 1, en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, zevende lid;
10−2° het onroerend goed uiterlijk een jaar na de datum van de authentieke akte van verkrijging, al dan niet gedwongen, wordt onteigend en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, tweede lid.
10+2° het onroerend goed uiterlijk een jaar na de datum van de authentieke akte van verkrijging, al dan niet gedwongen, wordt onteigend en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, achtste lid.
1111De koper die de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, 1° of 2°, niet is nagekomen, is aanvullende rechten verschuldigd.
1212§ 3. In geval van een overdracht, die aan een opschortende voorwaarde is onderworpen die nog niet is vervuld op datum van de authentieke akte, wordt voor de toepassing van dit artikel de datum van vervulling van de voorwaarde in de plaats gesteld van de datum van de akte.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.13
11§ 1. In afwijking van artikel 2.9.4.1.1 bedraagt het verkooprecht 7 % voor overeenkomsten houdende zuivere aankoop, waarbij door een of meer natuurlijke personen samen en gelijktijdig de geheelheid volle eigendom van een woning wordt verkregen als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
2−1° de verkrijger verbindt zich ertoe om binnen een termijn van drie jaar vanaf de datum van de authentieke akte een huurovereenkomst met een minimumduur van 9 jaar voor het aangekochte goed af te sluiten met een erkend sociaal verhuurkantoor met toepassing van en in overeenstemming met de voorwaarden, vermeld in artikel 2 en 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2012 houdende bepaling van de erkennings- en subsidievoorwaarden van sociale verhuurkantoren;
2+1° de verkrijger verbindt zich ertoe om binnen een termijn van drie jaar vanaf de datum van de authentieke akte een huurovereenkomst met een minimumduur van 9 jaar voor het aangekochte goed af te sluiten met een erkend sociaal verhuurkantoor met toepassing van en in overeenstemming met de voorwaarden, vermeld in artikel 4.55, tweede en derde lid, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, en artikel 4.168 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021;
332° de verkrijger verbindt zich ertoe om binnen een termijn van drie jaar en zes maanden een kopie van de geregistreerde huurovereenkomst, vermeld in punt 1°, in te dienen bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie;
443° de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1, is nageleefd.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.4.2.14
88Het voordeel van de toepassing van de tariefvermindering, vermeld in paragraaf 1, kan niet gecombineerd worden met de premies, vermeld in artikel 10.2.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, noch met de vermindering van de personenbelasting, vermeld in artikel 14536 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, als de voormelde premies of de belastingvermindering betrekking hebben op dezelfde beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten als de beheersmaatregelen, de werkzaamheden of de diensten, vermeld in artikel 2.9.4.2.10, § 2, 1°.
99§ 5. In afwijking van de voorwaarde, vermeld in artikel 2.9.4.2.11, § 2, eerste lid, 1°, wordt er geen rekening gehouden met de woning of de bouwgrond als:
10−1° de verkrijger zich ertoe verbindt om dit onroerend goed uiterlijk één jaar na de datum van de authentieke akte volledig en ten bezwarende titel te vervreemden en aantoont dat er een causaal verband bestaat tussen die vervreemding en de verkrijging tegen het verlaagd tarief, vermeld in paragraaf 1, en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, eerste lid;
10+1° de verkrijger zich ertoe verbindt om dit onroerend goed uiterlijk één jaar na de datum van de authentieke akte volledig en ten bezwarende titel te vervreemden en aantoont dat er een causaal verband bestaat tussen die vervreemding en de verkrijging tegen het verlaagd tarief, vermeld in paragraaf 1, en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, negende lid;
11−2° het onroerend goed uiterlijk een jaar na de datum van de authentieke akte van verkrijging, al dan niet gedwongen, wordt onteigend en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, tweede lid.
11+2° het onroerend goed uiterlijk een jaar na de datum van de authentieke akte van verkrijging, al dan niet gedwongen, wordt onteigend en als de verkrijger voldoet aan de verplichting, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, tiende lid.
1212De koper die de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, 1° of 2°, niet is nagekomen, is aanvullende rechten verschuldigd.
1313§ 6. In geval van een overdracht, die aan een opschortende voorwaarde is onderworpen die nog niet is vervuld op datum van de authentieke akte, wordt voor de toepassing van dit artikel de datum van de vervulling van de voorwaarde in de plaats gesteld van de datum van de authentieke akte.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.6.0.1
1111Als aan de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, 1°, niet is voldaan, wordt de aanwijzing van lastgever voor de toepassing van dit hoofdstuk als een wederverkoop beschouwd.
1212In afwijking van hetgeen vermeld is in het eerste lid, 1°, a) en b), moet om de vrijstelling van het verkooprecht te genieten :
13−1° bij toewijzingen die wettelijk gedaan zijn onder de opschortende voorwaarde van ontstentenis van opbod, de aanwijzing van lastgever gedaan worden vóór de notaris die toewijzing gedaan heeft, of hem betekend worden uiterlijk op de vijfde werkdag nadat de wettelijke termijn voor opbod verstrijkt;
13+1°...;
14142° bij toewijzingen ten gevolge van een hoger bod op de vrijwillige vervreemding van onroerende goederen, de aanwijzing van lastgever gedaan worden vóór de notaris die toewijzing heeft gedaan, of hem betekend worden uiterlijk op de vijfde werkdag na de dag van de toewijzing.
1515In de gevallen, vermeld in het derde lid, wordt de aanwijzing ingeschreven of vermeld onderaan op het proces-verbaal van toewijzing zonder dat ze aan het bevoegde personeelslid betekend moet worden.
1616Als de toewijzingen, vermeld in het eerste lid, 2°, wel aanleiding geven tot de heffing van een hoger verkooprecht dan het verkooprecht dat geheven is op de vorige toewijzing, wordt de vrijstelling beperkt tot het verkooprecht dat geheven is op de vorige toewijzing.
1717Het eerste lid, 2°, is ook van toepassing op de toewijzingen naar aanleiding van prijsverhoging in de gevallen waarin het voorbehoud van prijsverhoging geen opschortende voorwaarde uitmaakt.
18−Om de vrijstelling, vermeld in het eerste lid, 4°, te verkrijgen, moet voldaan zijn aan de verplichtingen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1, 4°, en § 5, vierde lid.
18+Om de vrijstelling, vermeld in het eerste lid, 4°, te verkrijgen, moet voldaan zijn aan de verplichtingen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1 en § 5, zesde lid.
1919Als onroerende goederen verkregen worden in andere omstandigheden dan de omstandigheden, vermeld in het eerste lid, 7°, is voor de verkrijging, vermeld in het eerste lid, 7°, hoe ze ook gebeurt, het verkooprecht verschuldigd.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.6.0.2
1212c) de Vlaamse Vervoermaatschappij - De Lijn;
1313d) de Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij en de gewestelijke investeringsmaatschappijen;
14−9° de akten die, bij toepassing van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn of het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn , de overgave vaststellen van goederen aan openbare centra voor maatschappelijk welzijn ofwel de overgave van goederen aan op grond van voornoemde wet of decreet opgerichte verenigingen.
14+9° de akten die, bij toepassing van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn , het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn of deel 3, titel 4, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, de overgave vaststellen van goederen aan openbare centra voor maatschappelijk welzijn ofwel de overgave van goederen aan verenigingen die op grond van de voormelde wet of de voormelde decreten zijn opgericht.
1515Het eerste lid, 1° tot en met 7°, is alleen van toepassing op de akten waarvan de kosten wettelijk ten laste van vermelde entiteiten vallen.
1616Om de vrijstelling, vermeld in het eerste lid, te verkrijgen, moet voldaan zijn aan de verplichtingen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1, 4°.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.6.0.5
11In afwijking van artikel 2.9.1.0.3 wordt een vrijstelling van het verkooprecht verleend voor :
221° de omvorming van een vennootschap met rechtspersoonlijkheid in een vennootschap van een verschillende soort en de omzetting van een vereniging zonder winstoogmerk in een coöperatieve vennootschap erkend als sociale onderneming. Dit punt is ook van toepassing als de omvorming plaatsvindt via een vereffening, gevolgd door de oprichting van een nieuwe vennootschap, als in die oprichting voorzien wordt in de akte van invereffeningstelling en als ze binnen vijftien dagen na de akte plaatsvindt;
3−2° de overbrenging van de zetel van de werkelijke leiding of van de statutaire zetel van een vennootschap, als die overbrenging gebeurt uit het grondgebied van een staat van de Europese Economische Ruimte of als het een overbrenging naar België betreft van de zetel van de werkelijke leiding van een vennootschap waarvan de statutaire zetel zich al op het grondgebied van de vermelde gemeenschap bevindt. Dit punt is alleen van toepassing als het vaststaat dat de vennootschap behoort tot de soort van vennootschappen die onderworpen zijn aan een belasting op het bijeenbrengen van kapitaal in het land dat in aanmerking komt voor het voordeel van de vrijstelling.
3+2° de overbrenging van de zetel van de werkelijke leiding of van de zetel van een vennootschap, als die overbrenging gebeurt uit het grondgebied van een staat van de Europese Economische Ruimte of als het een overbrenging naar België betreft van de zetel van de werkelijke leiding van een vennootschap waarvan de zetel zich al op het grondgebied van de vermelde gemeenschap bevindt. Dit punt is alleen van toepassing als het vaststaat dat de vennootschap behoort tot de soort van vennootschappen die onderworpen zijn aan een belasting op het bijeenbrengen van kapitaal in het land dat in aanmerking komt voor het voordeel van de vrijstelling.
4−In alle gevallen, vermeld in het eerste lid, wordt het verkooprecht geheven op de vermeerdering van het statutaire kapitaal van de vennootschap, zonder nieuwe inbreng, of op de inbrengen van nieuwe goederen die gedaan worden ter gelegenheid van de omvorming, de wijziging van het voorwerp of de overbrenging van de zetel.
4+In alle gevallen, vermeld in het eerste lid, is het verkooprecht verschuldigd op de inbrengen van nieuwe goederen conform artikel 2.9.1.0.1 of 2.9.1.0.3.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.9.6.0.7
22§ 2. De vrijstelling, vermeld in paragraaf 1, is ook van toepassing als nog geen natuurbeheerplan is gesloten, als het onroerend goed wordt gekocht met het oog op het tot stand brengen van een natuurbeheerplan type vier als vermeld in artikel 16ter, § 1, 4°, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu.
33De vrijstelling, vermeld in het eerste lid, wordt verleend op voorwaarde dat uiterlijk bij de aanbieding ter registratie van de authentieke koopakte een overeenkomst is gesloten met het Agentschap voor Natuur en Bos waaruit de intentie blijkt om een natuurbeheerplan voor het onroerend goed te laten goedkeuren.
4−§ 3. Voor de toepassing van dit artikel moet voldaan zijn aan de verplichtingen van artikel 3.12.3.0.1, § 1, 4°, en § 5, achtste en negende lid.
4+§ 3. Voor de toepassing van dit artikel moet voldaan zijn aan de verplichtingen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1 en § 5, negende en tiende lid.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.10.6.0.1
221° de overeenkomsten tot overdracht van het vruchtgebruik op de blote eigenaar, als de evenredige registratiebelasting, de erfbelasting of een soortgelijk recht door de blote eigenaar of door een vorige blote eigenaar, zijn rechtsvoorganger, op de waarde van de volle eigendom is voldaan;
332° de overeenkomsten, vermeld in artikel 2.10.1.0.1, andere dan die welke aan de belasting, overeenkomstig artikel 115bis van het federale Wetboek van Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten onderworpen zijn, van gebouwen, gedeelten van gebouwen en het bijhorende terrein, vermeld in artikel 1, § 9, van het federale Wetboek van de Belasting over de Toegevoegde Waarde, alsook de vestigingen, overdrachten of wederoverdrachten van de zakelijke rechten, vermeld in artikel 9, tweede lid, 2°, van het Wetboek van de Belasting over de Toegevoegde Waarde met betrekking tot gebouwen, gedeelten van gebouwen en het bijhorende terrein, vermeld in artikel 1, § 9, van het Wetboek van de Belasting over de Toegevoegde Waarde, op voorwaarde dat de belasting over de toegevoegde waarde opeisbaar is op de levering van die goederen of de vestiging, de overdracht of wederoverdracht van die rechten.
4−3° de akten die met toepassing van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn of het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn , verrichtingen vaststellen als vermeld in artikel 2.10.1.0.1, hetzij ten bate van openbare centra voor maatschappelijk welzijn hetzij ten bate van op grond van de voormelde wet opgerichte verenigingen, alsook akten houdende verrichtingen als vermeld in artikel 2.10.1.0.1, na ontbinding of splitsing van een voormelde vereniging.
4+3° de akten die met toepassing van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn of deel 3, titel 4, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, verrichtingen vaststellen als vermeld in artikel 2.10.1.0.1, hetzij ten bate van openbare centra voor maatschappelijk welzijn hetzij ten bate van verenigingen die op grond van de voormelde wet of de voormelde decreten zijn opgericht, alsook akten houdende verrichtingen als vermeld in artikel 2.10.1.0.1, na ontbinding of splitsing van een voormelde vereniging.
5−Om de vrijstelling, vermeld in het eerste lid, 2°, te verkrijgen, moet voldaan zijn aan de verplichtingen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1, 4°, en § 5, vierde lid.
5+Om de vrijstelling, vermeld in het eerste lid, 2°, te verkrijgen, moet voldaan zijn aan de verplichtingen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 1 en § 5, zesde lid.
+1 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.11.6.0.3 nieuw
1+Er wordt een vrijstelling van het recht op hypotheekvestiging verleend voor de akten in der minne die betrekking hebben op onroerende goederen die uitsluitend bestemd zijn voor onderwijs, en die verleden zijn op naam van of ten voordele van de inrichtende machten van het gemeenschapsonderwijs of het gesubsidieerd onderwijs, of op naam van of ten voordele van verenigingen zonder winstoogmerk voor patrimoniaal beheer die uitsluitend tot doel hebben onroerende goederen ter beschikking te stellen voor onderwijs dat door de voormelde inrichtende machten wordt verstrekt.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.13.7.0.2
1−Met uitzondering van afdeling 5 en afdeling 6, is dit hoofdstuk niet van toepassing op de automatische ontspanningstoestellen waarvan de exploitatie is verboden krachtens artikel 4, 7 en 8 van de Kansspelwet van 7 mei 1999.
1+Afdeling 5 en 6 van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op de automatische ontspanningstoestellen waarvan de exploitatie is verboden krachtens artikel 4, 7 en 8 van de Kansspelwet van 7 mei 1999.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.2.4.0.1
1−Als een vennootschap wordt overgenomen of gesplitst in het kader van een fusie, een aan een fusie gelijkgestelde verrichting of een splitsing als vermeld in artikel 671 tot en met 677 van het Wetboek van Vennootschappen, of een soortgelijke vennootschapsrechtelijke verrichting onder buitenlands recht, kan de aanslag die betrekking heeft op belastbare feiten die dateren van vóór de vermelde verrichting, binnen de termijnen, bepaald in dit hoofdstuk, gevestigd worden op naam van de overnemende vennootschap of de verkrijgende vennootschappen, zelfs op een tijdstip waarop de overgenomen of gesplitste vennootschap als rechtspersoon niet langer bestaat.
1+Als een vennootschap wordt overgenomen of gesplitst in het kader van een fusie, een aan een fusie gelijkgestelde verrichting of een splitsing als vermeld in artikel 12:2 tot en met 12:8 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, of een soortgelijke vennootschapsrechtelijke verrichting onder buitenlands recht, kan de aanslag die betrekking heeft op belastbare feiten die dateren van vóór de vermelde verrichting, binnen de termijnen, bepaald in dit hoofdstuk, gevestigd worden op naam van de overnemende vennootschap of de verkrijgende vennootschappen, zelfs op een tijdstip waarop de overgenomen of gesplitste vennootschap als rechtspersoon niet langer bestaat.
+4 −3 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.3.1.0.8
10109° voor alle polissen die op de dag van het overlijden van kracht waren met betrekking tot lichamelijke roerende goederen : de naam of de firma en het domicilie van de verzekeraar, de datum van de polis en het nummer ervan, alsook de verzekerde goederen en de verzekerde waarde als de door de erflater nagelaten lichamelijk roerende goederen verzekerd waren tegen brand, diefstal of een ander risico. Er moet ook uitdrukkelijk bevestigd worden dat, voor zover de aangevers weten, de goederen niet het voorwerp van andere polissen uitmaakten. Als de goederen in kwestie niet verzekerd waren op de dag van het overlijden, moet dat uitdrukkelijk in de aangifte bevestigd worden;
111110° behoudens als toepassing wordt gemaakt van artikel 2.7.3.4.2, eerste lid, de aanduiding van iedere schuld die in mindering van het belastbare actief toegelaten kan worden, met opgave van de voornamen, de achternaam en het domicilie van de schuldeiser, van de oorzaak van de schuld en van de datum van de akte, als er een bestaat. Als de afwijking, vermeld in artikel 2.7.4.1.1, § 2, derde lid, van toepassing is, moet bij de schulden die specifiek zijn aangegaan om de gezinswoning te verwerven of te behouden, uitdrukkelijk worden vermeld dat ze met dat doel zijn aangegaan;
12−11° het actief en het passief van de gemeenschap in geval van toepassing van artikel 3.3.1.0.5, § 1, derde lid;
12+11°...;
131312° de begunstigde persoon, alsook de datum van de akten of aangiften, en de grondslag waarop het registratierecht is of moet worden geheven als de erflater ten bate van zijn erfgenamen, legatarissen of begiftigden schenkingen heeft gedaan die vastgesteld zijn door akten, die dagtekenen van minder dan drie jaar vóór de datum van het overlijden en die vóór dezelfde datum tot de formaliteit van de registratie aangeboden zijn of verplicht registreerbaar geworden zijn. Ongeacht de datum van de akte geldt deze regel ook als de schenking gedaan is onder een opschortende voorwaarde die vervuld is ingevolge het overlijden van de schenker of minder dan drie jaar vóór dat overlijden;
141413° als de erflater het vruchtgebruik van goederen gehad heeft of met fideï-commis bezwaarde goederen verkregen heeft : welke die goederen zijn, met aanduiding van de personen die tot het genot van de volle eigendom zijn gekomen of voordeel getrokken hebben uit het fideï-commis ten gevolge van het overlijden van de erflater;
1616a) het abattement, vermeld in artikel 2.7.3.2.12;
1717b) het verlaagde tarief, vermeld in artikel 2.7.4.2.2. In voorkomend geval moet bij de aangifte de volgende informatie gevoegd worden :
18−1) de benaming en het ondernemingsnummer van de familiale onderneming of familiale vennootschap waarvoor het voordeel gevraagd wordt;
18+1) de naam en het ondernemingsnummer van de familiale onderneming of familiale vennootschap waarvoor het voordeel gevraagd wordt;
19192) de voornaam en de achternaam van de medeaandeelhouders van de erflater en hun graad van verwantschap met de erflater;
20203) hetzij de activa van de familiale onderneming met een duidelijke omschrijving en verwijzing naar de boekhouding en, als het onroerende goederen betreft, de vermelding of ze al dan niet hoofdzakelijk voor bewoning worden aangewend of zijn bestemd, hetzij het aantal aandelen en de precieze aard van alle aandelen van een familiale vennootschap met enerzijds de vermelding van het aantal aandelen dat in het bezit was van de erflater en van andere bij naam te noemen medeaandeelhouders, alsook met het percentage van de stemrechten dat zij vertegenwoordigen, en anderzijds de aard van het zakelijk recht dat de erflater en andere bij naam te noemen personen bezitten;
21−4) kopieën van de goedgekeurde jaarrekeningen van de drie boekjaren die voorafgaan aan het overlijden van de erflater, opgemaakt overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de plaats waar de maatschappelijke zetel gevestigd is als de maatschappelijke zetel van de onderneming of vennootschap niet in België ligt;
21+4) kopieën van de goedgekeurde jaarrekeningen van de drie boekjaren die voorafgaan aan het overlijden van de erflater, opgemaakt overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de plaats waar de zetel gevestigd is als de zetel van de onderneming of vennootschap niet in België ligt;
22225) kopieën van het rechtsgeldige aandelenregister of, bij gebrek daaraan, de door alle aandeelhouders ondertekende notulen van de laatste algemene vergadering die voorafgaat aan het overlijden van de erflater, waaruit op ondubbelzinnige wijze de participaties blijken, vermeld in artikel 2.7.4.2.2, § 1, eerste lid, 2°, of tweede lid;
23236) een kopie van de laatste voor het overlijden door de erflater ingediende fiscale aangifte voor de personenbelasting wat familiale ondernemingen betreft;
3232j) de vrijstelling, vermeld in artikel 2.7.4.1.1, § 2, derde lid;
3333k) de vrijstelling, vermeld in artikel 2.7.6.0.5. In voorkomend geval moeten de verzoekers in de aangifte verklaren dat ze kennis hebben van het bepaalde in artikel 16septiesdecies, eerste lid, 1°, en het tweede tot en met het vierde lid van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. In voorkomend geval wordt hetzij een afschrift van de beslissing tot goedkeuring van het natuurbeheerplan, vermeld in artikel 16octies, § 1, eerste lid, 5°, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, hetzij een afschrift van de overeenkomst, vermeld in artikel 2.7.6.0.5, § 2, tweede lid, gevoegd bij de aangifte;
34+m) de vrijstelling, vermeld in artikel 2.7.6.0.6, § 1;
343515° in voorkomend geval de erfovereenkomst, vermeld in artikel 1100/7 van het Burgerlijk Wetboek. In dat geval wordt een kopie van die notariële erfovereenkomst bij de aangifte gevoegd;
353616° in voorkomend geval de verkrijgingen van vruchtgebruik met toepassing van artikel 858bis van het Burgerlijk Wetboek. In dat geval wordt een kopie van de akte van schenking bij de aangifte gevoegd. In geval van verzaking aan het vruchtgebruik op een ander tijdstip wordt het stuk gevoegd waaruit die verzaking blijkt;
+1 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.3.1.0.9
33Als de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie een plaatsbezoek noodzakelijk acht, worden de aanvragers ingelicht over de datum en het uur waarop dat plaatsbezoek zal plaatsvinden.
44Het gemotiveerde resultaat van de schatting wordt schriftelijk ter kennis gebracht van de aanvragers. De schatting is bindend voor de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie en zal bijgevolg gebruikt worden voor de berekening van de erfbelasting.
5+De aanvraag tot schatting, vermeld in dit artikel, heeft voor de aanvrager tot gevolg dat het bindende karakter van de schatting, vermeld in artikel 3.3.1.0.9/1, vervalt voor hetzelfde onroerend goed.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.3.1.0.15
1−Voor de toepassing van titel 2, hoofdstuk 12, dient de belastingplichtige de eerste werkdag van de maand bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie een aangifte in voor de verrichtingen die gerealiseerd zijn in de vorige maand.
1+Voor de toepassing van titel 2, hoofdstuk 12, dient de belastingplichtige uiterlijk de vijfde werkdag van de maand bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie een aangifte in voor de verrichtingen die gerealiseerd zijn in de vorige maand.
22De aangifte, vermeld in het eerste lid, vermeldt:
331° hetzij het identificatienummer uit het Rijksregister van de natuurlijke personen, hetzij het ondernemingsnummer dat bekend is bij de Kruispuntbank van Ondernemingen, hetzij het identificatienummer, vermeld in artikel 8 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid, van de belastingplichtige;
+2 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.3.5.0.1
11De aanslagbiljetten worden in gesloten omslag aan de belastingschuldigen toegezonden.
2−Zodra de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie voor een bepaalde belasting het daarvoor vereiste elektronische platform ter beschikking stelt, kunnen de belastingschuldigen er evenwel voor opteren om de aanslagbiljetten voor die belasting te ontvangen door middel van een procedure waarbij informaticatechnieken worden gebruikt. De aanbieding via een dergelijke procedure geldt als rechtsgeldige kennisgeving van het aanslagbiljet .
2+Zodra de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie voor een bepaalde belasting en voor een bepaald documenttype het daarvoor vereiste elektronische platform ter beschikking stelt, kunnen de belastingschuldigen of hun vertegenwoordigers er evenwel voor opteren om de aan hen verzonden aanslagbiljetten en de andere documenten over die belasting te ontvangen door middel van een procedure waarbij informaticatechnieken worden gebruikt. De aanbieding via een dergelijke procedure geldt als rechtsgeldige kennisgeving van het aanslagbiljet of van het document in kwestie.
3+De Vlaamse Regering bepaalt de toepassingsmodaliteiten van de procedure, vermeld in het tweede lid.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.5.4.0.1
11Om de behandeling van het bezwaarschrift te verzekeren beschikt elk bevoegde personeelslid over de bewijsmiddelen en de bevoegdheden die aan de administratie verleend zijn met toepassing van artikel 3.13.1.1.1, 3.13.1.1.2, 3.13.1.1.3, 3.13.1.2.1 tot en met 3.13.1.2.5, 3.13.1.3.1 tot en met 3.13.1.3.6, 3.13.1.4.1, 3.13.1.4.2, 3.17.0.0.1 en 3.19.0.0.1.
2−Bovendien kan hij, in het kader van dat bezwaarschrift, van de kredietinstellingen die onderworpen zijn aan de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen , alle inlichtingen vorderen waarvan ze kennis hebben en die nuttig kunnen zijn.
2+Bovendien kan hij, in het kader van dat bezwaarschrift, van de kredietinstellingen die onderworpen zijn aan de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursvennootschappen, alle inlichtingen vorderen waarvan ze kennis hebben en die nuttig kunnen zijn.
+2 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.7.0.0.2
771° de erfgenamen van de belastingplichtige;
882° zijn echtgenoot of wettelijk samenwonende en de huwgemeenschap;
9−3° de overnemende of de verkrijgende vennootschappen, naargelang het geval.
9+3° de overnemende of de verkrijgende vennootschappen, naargelang het geval;
10+4° de vereffenaar van de rechtspersoon waarvan de vereffening gesloten is, in die hoedanigheid of, bij afwezigheid daarvan, de personen die beschouwd worden als vereffenaar krachtens deel 1, boek 2, titel 8, van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, gedurende de periode, vermeld in artikel 2:143 van het voormelde wetboek.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.10.3.1.3
1−Als een legaat ten behoeve van een rechtspersoon met statutaire zetel, hoofdbestuur of hoofdvestiging op het grondgebied van een staat van de Europese Economische Ruimte aan een machtiging of aan een goedkeuring van de overheid onderworpen is, wordt inzake de erfbelasting, op schriftelijk verzoek van de rechtspersoon, de invordering van de belastingen en toebehoren, verschuldigd door die rechtspersoon, geschorst gedurende twee maanden.
1+Als een legaat ten behoeve van een rechtspersoon met zetel, hoofdbestuur of hoofdvestiging op het grondgebied van een staat van de Europese Economische Ruimte aan een machtiging of aan een goedkeuring van de overheid onderworpen is, wordt inzake de erfbelasting, op schriftelijk verzoek van de rechtspersoon, de invordering van de belastingen en toebehoren, verschuldigd door die rechtspersoon, geschorst gedurende twee maanden.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.10.3.1.8
1−Als de verklaring over de uitbating van de geruilde onroerende goederen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, vierde lid, onjuist wordt bevonden, zijn de partijen hoofdelijk gehouden tot de betaling van de aanvullende rechten.
1+Als de verklaring over de uitbating van de geruilde onroerende goederen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, derde lid, onjuist wordt bevonden, zijn de partijen hoofdelijk gehouden tot de betaling van de aanvullende rechten.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.10.4.2.1
1−De invordering van de belasting die gevestigd is op naam van de vennoten of leden van de burgerlijke vennootschappen en verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid, kan rechtstreeks ten laste van de burgerlijke vennootschap of vereniging worden vervolgd als die belasting proportioneel overeenstemt met het aandeel van de vennoten of leden in de niet-uitgekeerde winst of baten van die vennootschappen of verenigingen.
1+De invordering van de belasting die gevestigd is op naam van de vennoten van vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid of van de leden van verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid, kan rechtstreeks ten laste van de vennootschap of de vereniging worden vervolgd als die belasting proportioneel overeenstemt met het aandeel van de vennoten of leden in de niet-uitgekeerde winst of baten van die vennootschappen of verenigingen.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.10.4.2.2
1−De invordering van de belasting van een met toepassing van artikel 673 tot en met 675 van het Wetboek van vennootschappen of van een gelijkaardige vennootschapsrechtelijke verrichting onder buitenlands recht gesplitste vennootschap die gevestigd is op naam van de verkrijgende vennootschappen, kan, behalve in geval van afwijkende vermeldingen in de akte die de verrichting vaststelt, worden verricht op naam van iedere verkrijgende vennootschap. Elke verkrijgende vennootschap is hoofdelijk gehouden tot betaling van de belasting.
1+De invordering van de belasting van een met toepassing van artikel 12:4 tot en met 12:6 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen of van een gelijkaardige vennootschapsrechtelijke verrichting onder buitenlands recht gesplitste vennootschap die gevestigd is op naam van de verkrijgende vennootschappen, kan, behalve in geval van afwijkende vermeldingen in de akte die de verrichting vaststelt, worden verricht op naam van iedere verkrijgende vennootschap. Elke verkrijgende vennootschap is hoofdelijk gehouden tot betaling van de belasting.
+0 −3 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.10.5.1.3 opgeheven
1−Wat de registratiebelasting betreft, moeten de personen die hun beroep maken van het kopen en verkopen van onroerende goederen, op eigen kosten zekerheid stellen voor de invordering van de sommen die bij de toepassing van artikel 2.9.4.2.4, § 4, artikel 2.9.4.2.5, artikel 2.9.4.2.6 en artikel 3.18.0.0.11, eerste lid, 8° en 9° vorderbaar kunnen worden om het verlaagde tarief, vermeld in artikel 2.9.4.2.4, § 1, te kunnen genieten.
2−Als de zekerheid, vermeld in het eerste lid, ontoereikend wordt, moet de betrokken beroepspersoon, binnen de door het bevoegde personeelslid vastgestelde termijn, een aanvullende zekerheid stellen.
3−Het bevoegde personeelslid bepaalt de aard en het bedrag van de zekerheid, vermeld in het eerste lid, of van de aanvullende zekerheid, vermeld in het tweede lid. Die zekerheid moet gesteld worden onder de door het bevoegde personeelslid bepaalde voorwaarden en mag niet minder dan 5000 euro bedragen.
+0 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.10.5.2.3 opgeheven
1−Inzake de registratiebelasting heeft het Vlaamse Gewest, voor de invordering van de belastingen en toebehoren, die eisbaar worden uit hoofde van titel 2, hoofdstuk 8 tot en met hoofdstuk 11, een voorrecht op de sommen en waarden die het voorwerp uitmaken van de veroordeling, verreffening of rangregeling.
2−De belastingen en toebehoren, vermeld in het eerste lid, gaan boven alle schuldvorderingen van de begunstigden van de veroordelingen, vereffeningen of rangregelingen.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.12.1.0.8
1−Met het akkoord van de belastingschuldige zijn de banken, onderworpen aan de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen, de ondernemingen, onderworpen aan het koninklijk besluit nr. 225 van 7 januari 1936 tot reglementering van de hypothecaire leningen en tot inrichting van de controle op de ondernemingen van hypothecaire leningen, en de hypotheekondernemingen, onderworpen aan de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet, gemachtigd het bericht, vermeld in artikel 3.12.1.0.1, toe te sturen en in staat om de kennisgeving, vermeld in artikel 3.12.1.0.2, te ontvangen.
1+Met het akkoord van de belastingschuldige zijn de banken die onderworpen zijn aan de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursvennootschappen, en ook de kredietgevers en bemiddelaars inzake hypothecair krediet die onderworpen zijn aan boek VII, titel 4, hoofdstuk 4, van het Wetboek van economisch recht, gemachtigd het bericht, vermeld in artikel 3.12.1.0.1, toe te sturen en in staat om de kennisgeving, vermeld in artikel 3.12.1.0.2, te ontvangen.
22De afgifte door die instellingen van een attest aan de notaris betreffende de verzending van het bericht en het gevolg dat daaraan gegeven wordt door de bevoegde personeelsleden, stelt de aansprakelijkheid van die instellingen in de plaats van die van de notaris.
+3 −3 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.12.1.0.14
1−§ 1. Met behoud van de toepassing van artikel 3.12.1.0.1 tot en met 3.12.1.0.8 is de overdracht in eigendom of in vruchtgebruik van een geheel van goederen, samengesteld uit onder meer elementen die het behoud van de clientèle mogelijk maken, die voor de uitoefening van een vrij beroep, ambt of post of een industrieel, handels- of landbouwbedrijf worden aangewend, alsook de vestiging van een vruchtgebruik op dezelfde goederen, pas tegenstelbaar aan de bevoegde personeelsleden na verloop van de maand die volgt op de maand waarin een eensluidend verklaard afschrift van de akte tot overdracht of vestiging ter kennis is gebracht van het bevoegde personeelslid van de woonplaats of van de maatschappelijke zetel van de overdrager.
1+§ 1. Met behoud van de toepassing van artikel 3.12.1.0.1 tot en met 3.12.1.0.8 is de overdracht in eigendom of in vruchtgebruik van een geheel van goederen, samengesteld uit onder meer elementen die het behoud van de clientèle mogelijk maken, die voor de uitoefening van een vrij beroep, ambt of post of een industrieel, handels- of landbouwbedrijf worden aangewend, alsook de vestiging van een vruchtgebruik op dezelfde goederen, pas tegenstelbaar aan de bevoegde personeelsleden na verloop van de maand die volgt op de maand waarin een eensluidend verklaard afschrift van de akte tot overdracht of vestiging ter kennis is gebracht van het bevoegde personeelslid van de woonplaats of van de zetel van de overdrager.
22§ 2. De overnemer is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belastingschulden, verschuldigd door de overdrager na verloop van de termijn, vermeld in paragraaf 1, voor het bedrag dat al door hem is betaald of verstrekt, of voor een bedrag dat overeenstemt met de nominale waarde van de aandelen die in ruil voor de overdracht zijn toegekend vóór de afloop van de voormelde termijn.
33§ 3. Paragraaf 1 en 2 zijn niet van toepassing als de overdrager bij de akte van overdracht een certificaat voegt dat uitsluitend met dat doel is opgemaakt door het personeelslid, vermeld in paragraaf 1, binnen dertig dagen die voorafgaan aan de kennisgeving van de overeenkomst.
4−De uitreiking van dat certificaat is afhankelijk van een aanvraag die de overdrager in tweevoud heeft ingediend bij het bevoegde personeelslid van de belastingen van de woonplaats of de maatschappelijke zetel van de overdrager.
4+De uitreiking van dat certificaat is afhankelijk van een aanvraag die de overdrager in tweevoud heeft ingediend bij het bevoegde personeelslid van de belastingen van de woonplaats of de zetel van de overdrager.
55Het certificaat wordt geweigerd door het bevoegde personeelslid als de overdrager bedragen verschuldigd blijft als belastingen en toebehoren op de dag van de aanvraag of als de aanvraag is ingediend na de aankondiging van of tijdens een belastingonderzoek of na het verzenden van een verzoek om inlichtingen.
66Het certificaat wordt ofwel uitgereikt ofwel geweigerd binnen een termijn van dertig dagen na de indiening van de vraag van de overdrager.
7−§ 4. De overdrachten die worden uitgevoerd door een curator, een gerechtsmandataris, belast met het organiseren en realiseren van een overdracht onder gerechtelijk gezag met toepassing van XX.85 van het Wetboek van Economisch Recht of in geval van fusie, splitsing, inbreng van de algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid, verricht overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen, zijn niet onderworpen aan de bepalingen van dit artikel.
7+§ 4. De overdrachten die worden uitgevoerd door een curator, een gerechtsmandataris, belast met het organiseren en realiseren van een overdracht onder gerechtelijk gezag met toepassing van XX.85 van het Wetboek van Economisch Recht of in geval van fusie, splitsing, inbreng van de algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid, verricht overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, zijn niet onderworpen aan de bepalingen van dit artikel.
88§ 5. De Vlaamse Regering kan modellen vaststellen voor de aanvraag en het certificaat, vermeld in dit artikel.
+7 −4 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.12.3.0.1
332° de voorwaarden van het verlaagde tarief dat ze willen verkrijgen, vervuld zijn;
443° de voorwaarden van hetzij de vermindering, hetzij de vrijstelling die ze willen verkrijgen, vervuld zijn of vervuld zullen worden;
5−4° ze de toepassing vragen van artikel 2.8.6.0.3, artikel 2.8.6.0.9, artikel 2.9.4.2.10, artikel 2.9.4.2.11, artikel 2.9.4.2.12, artikel 2.9.4.2.13, artikel 2.9.4.2.14, artikel 2.9.5.0.1, artikel 2.9.6.0.1, eerste lid, 4°, artikel 2.9.6.0.2, artikel 2.10.4.0.1, tweede lid, artikel 2.10.6.0.1, eerste lid, 2°, of artikel 2.10.6.0.2;
5+4° ze de toepassing vragen van artikel 2.8.6.0.3, artikel 2.8.6.0.8, artikel 2.8.6.0.9, artikel 2.9.4.2.10, artikel 2.9.4.2.11, artikel 2.9.4.2.12, artikel 2.9.4.2.13, artikel 2.9.4.2.14, artikel 2.9.5.0.1, artikel 2.9.6.0.1, eerste lid, 4°, artikel 2.9.6.0.2, artikel 2.9.6.0.7, artikel 2.10.4.0.1, tweede lid, artikel 2.10.6.0.1, eerste lid, 2°, of artikel 2.10.6.0.2;
665° het geschonken onroerend goed een beschermd monument is en dat het voornemen bestaat toepassing te vragen van artikel 2.8.4.4.1.
77§ 2. Als partijen de toepassing vragen van het abattement, vermeld in artikel 2.10.3.0.2, maken ze ook melding van het aantal kinderen die recht geven op een verhoging van het bedrag, vermeld in dat artikel, met vermelding van hun naam, geboortedatum en afstammingsband.
8+§ 3. Als de partijen de toepassing van het tarief, vermeld in artikel 2.8.4.4.1, § 1, van deze codex, inroepen, is vereist dat de volgende elementen in de verklaring, vermeld in paragraaf 1, worden vermeld:
9+1° het goedgekeurde beheersplan, vermeld in artikel 2.8.4.4.1, § 1, eerste lid, 2°, van deze codex, met opgave van de referentie en ook de datum van de goedkeuring van het beheersplan door het agentschap, vermeld in artikel 2.1, 2°, van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013. Als het beheersplan nog niet is opgemaakt en goedgekeurd op het moment waarop de authentieke akte van schenking wordt verleden, wordt in de verklaring vermeld dat er een beheersplan opgemaakt zal worden als vermeld in artikel 8.1.1 tot en met 8.1.3 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
10+2° het feit dat ze op de hoogte zijn van de bepalingen, vermeld in artikel 10.5.2 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013.
8−§ 3. Voor de toepassing van het verlaagde tarief, vermeld in artikel 2.9.4.2.4, moet de verklaring, vermeld in paragraaf 1, vóór de registratie door de verkrijger of, in zijn naam, door de notaris zijn ondertekend.
11+Voor de toepassing van het verlaagde tarief, vermeld in artikel 2.9.4.2.4, moet de verklaring, vermeld in paragraaf 1, vóór de registratie door de verkrijger of, in zijn naam, door de notaris zijn ondertekend.
912Als partijen de toepassing vragen van het verlaagde tarief, vermeld in artikel 2.9.4.2.8, is vereist dat :
10131° de verkoopwaarde van elke kavel door de partijen wordt aangegeven, hetzij in de akte, hetzij onderaan op de akte, vóór de registratie;
4043Aan de toepassing van paragraaf 1, 3°, juncto artikel 2.9.5.0.2 kan ook voldaan zijn als het verzoek en de vermeldingen het voorwerp uitmaken van een verzoek, ondertekend door de natuurlijke persoon, dat gevoegd is bij de akte die of het geschrift dat ter registratie aangeboden is en dat aanleiding geeft tot de heffing van het verkooprecht.
4144§ 5. Als partijen de toepassing vragen van de vrijstelling, vermeld in artikel 2.8.6.0.3, en als de schenking ook andere goederen omvat dan de goederen, vermeld in artikel 2.8.6.0.3, § 1, geven ze nauwkeurig aan voor welke van de geschonken goederen die deel uitmaken van de familiale onderneming of van het aandelenpakket van de familiale vennootschap, de toepassing van de vrijstelling gevraagd wordt, en voor welke van de geschonken goederen geen toepassing van de vrijstelling gevraagd wordt. Daarnaast moet melding gemaakt worden van :
42−1° de benaming en het ondernemingsnummer van de familiale onderneming of familiale vennootschap waarvoor de vrijstelling gevraagd wordt;
45+1° de naam en het ondernemingsnummer van de familiale onderneming of familiale vennootschap waarvoor de vrijstelling gevraagd wordt;
43462° in voorkomend geval, de voornaam en achternaam van de medeaandeelhouders van de schenker en hun graad van verwantschap met de schenker;
44473° hetzij de activa van de familiale onderneming met een duidelijke omschrijving en verwijzing naar de boekhouding en, als het onroerende goederen betreft, de vermelding of ze al dan niet hoofdzakelijk voor bewoning worden aangewend of zijn bestemd, hetzij het aantal aandelen en de precieze aard van alle aandelen van een familiale vennootschap met enerzijds de vermelding van het aantal aandelen dat in het bezit was van de schenker en van andere bij naam te noemen mede-aandeelhouders, alsook met het percentage van de stemrechten dat zij vertegenwoordigen, en anderzijds de aard van het zakelijk recht dat de schenker en andere bij naam te noemen personen bezitten.
4548Als toepassing gemaakt wordt van het eerste lid, en om de vrijstelling, vermeld in artikel 2.8.6.0.3, te kunnen verkrijgen, moeten de volgende bescheiden binnen zeven dagen vanaf de werkdag die volgt op de datum van registratie van de authentieke akte van de schenking bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie ingediend zijn :
46−1° kopieën van de goedgekeurde jaarrekeningen van de drie boekjaren die voorafgaan aan de authentieke akte van de schenking, opgemaakt overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de plaats waar de maatschappelijke zetel gevestigd is als de maatschappelijke zetel van de onderneming of vennootschap niet in België ligt;
49+1° kopieën van de goedgekeurde jaarrekeningen van de drie boekjaren die voorafgaan aan de authentieke akte van de schenking, opgemaakt overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de plaats waar de zetel gevestigd is als de zetel van de onderneming of vennootschap niet in België ligt;
47502° kopieën van het rechtsgeldige aandelenregister of, bij gebrek daaraan, de door alle aandeelhouders ondertekende notulen van de laatste algemene vergadering die voorafgaat aan de authentieke akte van schenking, waaruit op ondubbelzinnige wijze de participaties blijken, vermeld in artikel 2.8.6.0.3, § 1;
48513° een kopie van de laatste door de schenker ingediende fiscale aangifte voor de personenbelasting wat familiale ondernemingen betreft;
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.12.3.0.5
22§ 2. De verplichting, vermeld in paragraaf 1, geldt niet voor :
331° de uitgiften van akten, verleden voor notarissen of bestuurlijke overheden, die aanleiding geven tot het vervullen van een hypothecaire formaliteit;
4−2° de uitgiften en uittreksels van akten, verleden voor notarissen, die aanleiding geven tot neerlegging op de griffie van de Rechtbank van Koophandel overeenkomstig artikel 67 van het Wetboek van Vennootschappen;
4+2° de uitgiften en uittreksels van akten, verleden voor notarissen, die aanleiding geven tot neerlegging op de griffie van de Rechtbank van Koophandel overeenkomstig artikel 2:12 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen;
553° de uitgiften en uittreksels van akten, verleden voor notarissen, die worden uitgereikt met als enig doel de inschrijving van een onderneming bij een ondernemingsloket, op voorwaarde dat het uitdrukkelijk vermeld wordt op de uitgifte of het uittreksel;
664° afschriften die vereist zijn voor de betekening van exploten en van andere soortgelijke akten;
+0 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.13.1.3.7
+1 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.13.2.0.1
11Voor de verkeersbelasting, de belasting op de inverkeerstelling, het eurovignet en de kilometerheffing houden de bevoegde personeelsleden toezicht op de naleving van de bepalingen van deze codex en de uitvoeringsbesluiten ervan met betrekking tot de voertuigen die zich op de openbare weg bevinden. Ze kunnen alle documenten die nuttig zijn voor de identificatie van het voertuig of vaartuig, van de bestuurder of houder doen voorleggen, alsook een ander document dat de betaling van de belasting bewijst. Ze zijn gemachtigd zonder enige bijstand de garages, de hangars en de berg- of aanmeerplaatsen te onderzoeken.
22Voor de belasting op de spelen en weddenschappen en de belasting op de automatische ontspanningstoestellen houden de bevoegde personeelsleden toezicht op de naleving van de bepalingen van deze codex en de uitvoeringsbesluiten ervan op de plaatsen waar die spelen en weddenschappen plaatsvinden of de automatische ontspanningstoestellen opgesteld zijn.
3+De bevoegde personeelsleden die toezicht houden op de naleving van de bepalingen van deze codex en de uitvoeringsbesluiten ervan kunnen zich bij een controle ter plaatse alle documenten laten voorleggen die nuttig zijn voor de identificatie van de personen die aan de controle onderworpen zijn.
+3 −3 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.15.1.0.1
1−Overeenkomstig artikel 460 van het federale WIB 92 wordt de strafvordering uitgeoefend door het Openbaar Ministerie.
1+Overeenkomstig artikel 460 van het federale WIB 92 en artikel 94, § 1, van het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen wordt de strafvordering uitgeoefend door het Openbaar Ministerie.
2−Het Openbaar Ministerie kan echter geen vervolgingen instellen, indien het kennis heeft gekregen van de feiten ten gevolge van een klacht of een aangifte van het bevoegd personeelslid dat niet de machtiging had waarvan sprake is in artikel 29, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
2+Het Openbaar Ministerie kan echter geen vervolgingen instellen, indien het kennis heeft gekregen van de feiten ten gevolge van een klacht of een aangifte van het bevoegd personeelslid dat niet de machtiging had waarvan sprake is in artikel 29, §2, van het Wetboek van Strafvordering.
3−Het Openbaar Ministerie kan de strafrechtelijk strafbare feiten vervolgen waarvan het tijdens het in artikel 29, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering bedoelde overleg kennis heeft genomen.
3+Het Openbaar Ministerie kan de strafrechtelijk strafbare feiten vervolgen waarvan het tijdens het in artikel 29, §3, van het Wetboek van Strafvordering bedoelde overleg kennis heeft genomen.
+2 −2 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.15.1.0.2
1−§ 1. Overeenkomstig artikel 461 van het federale WIB 92 en onverminderd het in artikel 29, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering bedoelde overleg kan de procureur des Konings, indien hij een vervolging instelt wegens feiten die strafrechtelijk strafbaar zijn ingevolge de bepalingen van deze codex of van de ter uitvoering ervan genomen besluiten, het advies vragen van het bevoegde personeelslid. De procureur des Konings voegt het feitenmateriaal waarover hij beschikt bij zijn verzoek om advies. Het bevoegde personeelslid antwoordt op dit verzoek binnen vier maanden na de ontvangst ervan.
1+§ 1. Overeenkomstig artikel 461 van het federale WIB 92 en onverminderd het in artikel 29, §3, van het Wetboek van Strafvordering bedoelde overleg kan de procureur des Konings, indien hij een vervolging instelt wegens feiten die strafrechtelijk strafbaar zijn ingevolge de bepalingen van deze codex of van de ter uitvoering ervan genomen besluiten, het advies vragen van het bevoegde personeelslid. De procureur des Konings voegt het feitenmateriaal waarover hij beschikt bij zijn verzoek om advies. Het bevoegde personeelslid antwoordt op dit verzoek binnen vier maanden na de ontvangst ervan.
22In geen geval schorst het verzoek om advies de strafvordering.
3−§ 2. Overeenkomstig artikel 462 van het federale WIB 92 en in het kader van de kennisgeving en het overleg bedoeld in artikel 29, tweede en derde lid, van het Wetboek van Strafvordering, deelt het bevoegde personeelslid, de gegevens van het fiscaal dossier met betrekking tot de feiten die strafrechtelijk strafbaar zijn ingevolge de bepalingen van deze codex of van de ter uitvoering ervan genomen besluiten mede aan het Openbaar Ministerie.
3+§ 2. Overeenkomstig artikel 462 van het federale WIB 92 en in het kader van de kennisgeving en het overleg bedoeld in artikel 29, §2 en §3, van het Wetboek van Strafvordering, deelt het bevoegde personeelslid, de gegevens van het fiscaal dossier met betrekking tot de feiten die strafrechtelijk strafbaar zijn ingevolge de bepalingen van deze codex of van de ter uitvoering ervan genomen besluiten mede aan het Openbaar Ministerie.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.15.3.0.1
1−Een persoon die met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden de bepalingen van deze codex of van de besluiten die genomen zijn ter uitvoering ervan, overtreedt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot twee jaar en met een geldboete van 250 euro tot 125.000 euro of met een van die straffen alleen.
1+Een persoon die met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden de bepalingen van deze codex of van de besluiten die genomen zijn ter uitvoering ervan, overtreedt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot twee jaar en met een geldboete van 250 euro tot 500.000 euro of met een van die straffen alleen.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.15.3.0.2
11Een persoon wordt gestraft met een gevangenisstraf van een maand tot vijf jaar en met een geldboete van 250 euro tot 125.000 euro of met een van die straffen alleen als hij, met het oogmerk om een van de misdrijven, vermeld in artikel 3.15.3.0.1, te plegen, in openbare geschriften, in handelsgeschriften of in private geschriften valsheid pleegt, of als hij gebruikmaakt van een geschrift dat op die manier vervalst is.
2−Een persoon die willens en wetens een vals getuigschrift opstelt dat de belangen van het Vlaamse Gewest kan schaden of die van een dergelijk getuigschrift gebruikmaakt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot twee jaar en met een geldboete van 250 euro tot 125.000 euro of met een van die straffen alleen.
2+Een persoon die willens en wetens een vals getuigschrift opstelt dat de belangen van het Vlaamse Gewest kan schaden of die van een dergelijk getuigschrift gebruikmaakt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot twee jaar en met een geldboete van 250 euro tot 500.000 euro of met een van die straffen alleen.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.15.3.0.4
1−De niet-verschijning of de weigering om te getuigen in de onderzoeken die toegelaten zijn met toepassing van artikel 3.5.4.0.1, 3.5.8.0.1, 3.13.1.3.1 en 3.13.1.3.5, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en met een geldboete van 125 euro tot 12.500euro of met een van die straffen alleen.
1+De niet-verschijning of de weigering om te getuigen in de onderzoeken die toegelaten zijn met toepassing van artikel 3.5.4.0.1, 3.5.8.0.1, 3.13.1.3.1 en 3.13.1.3.5, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en met een geldboete van 125 euro tot 500.000 euro of met een van die straffen alleen.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.15.3.0.7
1−Een persoon die rechtstreeks of onrechtstreeks het verbod of de sluiting, uitgesproken met toepassing van artikel 3.15.3.0.6 of 3.16.0.0.5, overtreedt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot twee jaar en met een geldboete van 250 euro tot 125.000 euro of met een van die straffen alleen.
1+Een persoon die rechtstreeks of onrechtstreeks het verbod of de sluiting, uitgesproken met toepassing van artikel 3.15.3.0.6 of 3.16.0.0.5, overtreedt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot twee jaar en met een geldboete van 250 euro tot 500.000 euro of met een van die straffen alleen.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.15.3.0.8
1−De wet van 5 maart 1952 betreffende de opdecimes op de strafrechterlijke geldboeten, is niet van toepassing op de misdrijven, vermeld in artikel 3.15.3.0.1, 3.15.3.0.2, 3.15.3.0.4 en 3.15.3.0.7.
1+De wet van 5 maart 1952 betreffende de opdecimes op de strafrechterlijke geldboeten, is van toepassing op de misdrijven, vermeld in artikel 3.15.3.0.1, 3.15.3.0.2, 3.15.3.0.4 en 3.15.3.0.7.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.17.0.0.12
1−In het geval, vermeld in artikel 2.7.3.4.2, derde lid, moet het bestaan van de schulden bewezen worden door de bewijsmiddelen die in rechte toelaatbaar zijn in de verhouding tussen schuldeiser en schuldenaar.
1+In het geval, vermeld in artikel 2.7.3.4.2, zevende lid, moet het bestaan van de schulden bewezen worden door de bewijsmiddelen die in rechte toelaatbaar zijn in de verhouding tussen schuldeiser en schuldenaar.
22De schulden met betrekking tot het beroep van de erflater en de schulden met betrekking tot de huishoudelijke uitgaven van het verstreken jaar en van het lopende jaar kunnen door getuigen en vermoedens worden vastgesteld.
+0 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.18.0.0.1
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.18.0.0.11
202012° de cedent in geval van onjuiste vermeldingen omtrent de voorwaarden, vermeld in artikel 2.9.6.0.1, eerste lid, 4° ;
212113° de natuurlijke persoon die een teruggave van de registratiebelasting heeft ontvangen met toepassing van artikel 3.6.0.0.6, in geval van onjuistheid of niet-nakoming van de vermeldingen, voorgeschreven bij artikel 3.6.0.0.6, § 3, zesde lid;
22−14° de partijen in geval van onjuistheid van de verklaring over de uitbating van de geruilde onroerende goederen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, vierde lid;
22+14° de partijen in geval van onjuistheid van de verklaring over de uitbating van de geruilde onroerende goederen, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 3, derde lid;
232315° de partijen, als voor de toepassing van artikel 3.12.3.0.4 bewuste vermeldingen ontbreken of als ze onjuist of onvolledig zijn;
242416° de personen die een verklaring afgelegd hebben over elke andere onjuistheid, bevonden in de elementen van een verklaring in of onderaan op de akte, gesteld tot vereffening van de registratiebelasting, dan de onjuistheid die beboet wordt met de belastingverhoging, vermeld in artikel 3.18.0.0.15.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.21.0.0.1/1
11§ 1. Voorafgaand aan de authentieke akte van schenking kan de belanghebbende een verzoek richten tot de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie tot het bekomen van een attest waaruit blijkt dat op het moment van het verzoek en op basis van de gegevens, aangereikt door de verzoeker, al dan niet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 2.8.6.0.3, is voldaan.
22In het verzoek wordt opgave gedaan van de gegevens, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 5, eerste lid, en de bescheiden, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 5, tweede lid, worden toegevoegd.
3−§ 2. De bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie verleent het attest, vermeld in paragraaf 1, binnen zestig dagen na de ontvangst van het verzoek.
3+§ 2. De bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie verleent het attest, vermeld in paragraaf 1, binnen negentig dagen na de ontvangst van het verzoek.
44Als het verzoek niet alle gegevens, vermeld in 3.12.3.0.1, § 5, eerste lid, of de bescheiden, vermeld in artikel 3.12.3.0.1, § 5, tweede lid, bevat, meldt de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie dat voor het verstrijken van de termijn, vermeld in het eerste lid, met opgave van de gegevens of bescheiden die ontbreken. In dat geval zal de termijn, vermeld in het eerste lid, geschorst worden vanaf de datum van verzending van die melding tot de datum van ontvangst van de ontbrekende gegevens of bescheiden door de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie.
+2 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 5.0.0.0.1
442°/1 het wetboek van 23 november 1965 van de met Inkomstenbelastingen Gelijkgestelde Belastingen, zoals van toepassing op de belasting op de spelen en weddenschappen en de belasting op de automatische ontspanningstoestellen wat betreft het Vlaamse Gewest, het laatst gewijzigd bij het decreet van 3 juli 2015, met uitzondering van artikel 66 en 76;
553° de wet van 27 december 1994 tot goedkeuring van het Verdrag inzake de heffing van rechten voor het gebruik van bepaalde wegen door zware vrachtwagens, ondertekend in Brussel op 9 februari 1994 door de Regeringen van het Koninkrijk België, het Koninkrijk Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, en tot invoering van een Eurovignet overeenkomstig richtlijn 93/89/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 25 oktober 1993 wat betreft het Vlaamse Gewest, het laatst gewijzigd bij het decreet van 9 november 2012, met uitzondering van artikel 1, 2, eerste lid, 2bis en 3, eerste lid;
6−4° het Wetboek van Successierechten, zoals van toepassing voor wat betreft het Vlaamse Gewest, voor de belastingen, vermeld in artikel 3, 4°, van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, het laatst gewijzigd bij de wet van 21 december 2013, met uitzondering van artikel 1, artikel 60bis, § 1 tot en met § 9, § 10, 1° en 3°, § 11, tweede tot en met vijfde lid (als het betrekking heeft op overlijdens van voor 1 januari 2012), artikel 76, artikel 96 tot en met 99 van het federale Wetboek van Successierechten, artikel 101 tot en met 103 van het federale Wetboek van Successierechten, artikel 144, artikel 145, artikel 163 en boek II, IIbis en III;
6+4° het Wetboek van Successierechten, zoals van toepassing voor wat betreft het Vlaamse Gewest, voor de belastingen, vermeld in artikel 3, 4°, van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, het laatst gewijzigd bij de wet van 21 december 2013, met uitzondering van artikel 1, artikel 60bis, § 1 tot en met § 9, § 10, 1° en 3°, § 11, tweede tot en met vijfde lid (als het betrekking heeft op overlijdens van voor 1 januari 2012), artikel 76, artikel 96 tot en met 99 van het federale Wetboek van Successierechten, artikel 101 tot en met 1032 van het federale Wetboek van Successierechten, artikel 144, artikel 145, artikel 163 en boek II, IIbis en III;
775° het Wetboek der Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten, zoals van toepassing voor wat betreft het Vlaamse Gewest voor de belastingen, vermeld in artikel 3, 6°, 7° en 8°, van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, het laatst gewijzigd bij het decreet van 28 maart 2014, met uitzondering van artikel 1, artikel 2 (met uitzondering van het derde lid, de woorden "alsook de voorschriften die voor de juiste heffing van de verschuldigde rechten nodig zijn"), artikel 2bis tot en met artikel 8bis, artikel 9, eerste en tweede lid, artikel 10, tweede lid, artikel 11, tweede en derde lid, artikel 13, artikel 19, artikel 211, artikel 212, 1°, artikel 23 tot en met artikel 34, artikel 35, eerste en vijfde lid (als die leden geen betrekking hebben op de registratiebelasting), artikel 35, tweede en derde lid, artikel 36 tot en met artikel 39, artikel 41, 2° en 3°, artikel 41bis, artikel 43 (als het geen betrekking heeft op schenkbelasting, verkooprecht of verdeelrecht), artikel 75, tweede lid, tweede zin, artikel 77 tot en met artikel 84, artikel 88, artikel 921 (als het geen betrekking heeft op het recht van hypotheekvestiging), artikel 922, artikel 94, artikel 103, artikel 115 tot en met artikel 119, artikel 121 (als het geen betrekking heeft op verkooprecht), artikel 122, artikel 123, artikel 124, artikel 128, artikel 142 tot en met artikel 145, artikel 158, artikel 159, 9° en 14°, artikel 160, artikel 161, 1° (als het geen betrekking heeft op verkooprecht of verdeelrecht), 1° bis, 3° (als het geen betrekking heeft op verkooprecht), 4° (als het geen betrekking heeft op registratiebelasting), 5°, 10°, 12° en 13°, artikel 162 tot en met artikel 165, artikel 166 (als het geen betrekking heeft op de openbare verkoping van onroerende goederen), artikel 170, tweede lid, artikel 173, 3°, 4°, 5° en 6°, artikel 176 tot en met artikel 180, artikel 184, artikel 184bis (als het geen betrekking heeft op schenkbelasting, verkooprecht of verdeelrecht), artikel 206, tweede lid, artikel 206bis, derde lid,
88artikel 207bis, tweede lid, artikel 209, eerste lid, 5°, artikel 210, tweede lid, artikel 226 tot en met artikel 236, artikel 237 tot en met artikel 287, artikel 290, artikel 301, artikel 302 tot en met artikel 304;
9+5°/1 artikel 161, 1°, van het Wetboek der Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten, zoals van toepassing voor het Vlaamse Gewest voor de belastingen, vermeld in artikel 3, eerste lid, 6°, 7° en 8°, van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, als het betrekking heeft op schenkbelasting en op het recht op hypotheekvestiging;
9106° artikel 9 van het organiek besluit van 18 maart 1831 van het bestuur van `s lands middelen voor wat betreft de administratieve geldboetes of de belastingverhogingen opgelegd in toepassing van titel 3, hoofdstuk 18;
10117° artikel 4, 5, de bijlage en de tweede bijlage van het koninklijk besluit van 11 januari 1940 betreffende de uitvoering van het Wetboek der Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten;
+1 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 5.0.0.0.15 nieuw
1+De zekerheden die werden gesteld ter uitvoering van artikel 3.10.5.1.3, zoals het van toepassing was voor de opheffing van dat artikel, worden vrijgegeven. Kosten die aan deze vrijgave zouden verbonden zijn, zijn ten laste van de borgsteller.
+0 −3 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 5.1.0.0.14 opgeheven
1−In afwijking van artikel 3.3.1.0.14, dient elke belastingplichtige zijn aangifte in bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie uiterlijk op 31 januari 2019 voor de organisatie van:
2−1° eenmalige spelen en weddenschappen, die georganiseerd worden tussen 1 en 31 januari 2019;
3−2° spelen en weddenschappen met een voortdurend karakter, die georganiseerd worden vanaf 1 januari 2019 of na 31 december 2018 verder georganiseerd worden.
+0 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 5.1.0.0.15 opgeheven
1−In afwijking van artikel 3.3.1.0.16 dient de belastingplichtige de aangifte voor de opstelling van een automatisch ontspanningstoestel vanaf 1 januari 2019 bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie in uiterlijk op 31 januari 2019.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd