Artikel II.262
§1. Een instelling kan enkel een anderstalige initiële bachelor- of masteropleiding aanbieden als het om opleidingsprogramma's gaat die specifiek voor buitenlandse studenten zijn ontworpen of als de meerwaarde voor de studenten en het afnemende veld en de functionaliteit voor de opleiding op voldoende wijze aangetoond kunnen worden.
§2. De instelling kan een anderstalige initiële bachelor- of masteropleiding aanbieden op voorwaarde dat er in de Vlaamse Gemeenschap een equivalente initiële bachelor- of masteropleiding wordt aangeboden waarvan de percentages van de opleidingsonderdelen die worden aangeboden in een andere onderwijstaal dan het Nederlands, vermeld in artikel II.261, §3, niet worden overschreden. De opleidingsonderdelen, vermeld in artikel II.261, §2, 1° en 3°, worden niet meegeteld voor de berekening van deze grenzen.
Behoudens in de gevallen dat er een vrijstelling van de equivalentievoorwaarde werd verleend, moeten de studenten op elk moment de garantie hebben dat er binnen de Vlaamse Gemeenschap een equivalente initiële bachelor-of masteropleiding wordt aangeboden.
De instellingen kunnen de equivalente initiële bachelor-of masteropleiding aanbieden als een gezamenlijk georganiseerde opleiding. Alle opleidingsonderdelen van deze gezamenlijk georganiseerde equivalente bachelor- of masteropleiding worden door de studenten op 1 vestiging gevolgd.
De voorwaarde vermeld in het derde lid is niet van toepassing op de volgende opleidingen:
- 1°de equivalente opleiding master in de ingenieurswetenschappen, fotonica, gezamenlijk aangeboden door de Universiteit Gent en de Vrije Universteit Brussel;
- 2°de equivalente opleiding master in de geografie, gezamenlijk aangeboden door de Katholieke Universiteit Leuven en de Vrije Universiteit Brussel;
- 3°de gezamenlijk georganiseerde equivalente opleidingen die van de Commissie Hoger Onderwijs de toelating hebben gekregen om het volgen van de onderwijsactiviteiten te spreiden over meer dan 1 vestiging. De aanvragen tot afwijking worden door de Commissie Hoger Onderwijs behandeld overeenkomstig de procedure beschreven in artikel II.263;
- 4°de equivalente opleiding master in de ingenieurswetenschappen : biomedische ingenieurstechnieken, gezamenlijk aangeboden door de Universiteit Gent en de Vrije Universiteit Brussel.
§3. Als er door een beslissing van een instelling om een Nederlandstalige opleiding stop te zetten in de Vlaamse Gemeenschap geen Nederlandstalige equivalente opleiding meer wordt aangeboden voor een bepaalde anderstalige initiële bachelor- of masteropleiding, wordt die anderstalige initiële bachelor- of masteropleiding afgebouwd. Bij de afbouw neemt het instellingsbestuur de nodige maatregelen zodat de ingeschreven studenten hun opleiding kunnen voltooien binnen een redelijke termijn.
Als de enige Nederlandstalige equivalente opleiding, vermeld in het eerste lid, door een andere instelling wordt aangeboden dan de instelling die de anderstalige opleiding aanbiedt, dan heeft de instelling die de anderstalige opleiding aanbiedt de mogelijkheid om deze anderstalige opleiding niet af te bouwen maar om voor de Nederlandstalige equivalente opleiding, vermeld in het eerste lid, de erkenning als nieuwe opleiding aan te vragen. Zij dient hiervoor een dossier toets nieuwe opleiding, vermeld in artikel II.153/1, in bij de accreditatieorganisatie. Zij dient deze aanvraag in uiterlijk tijdens het academiejaar dat volgt op de beslissing om de Nederlandstalige equivalente opleiding stop te zetten. Als de accreditatieorganisatie niet tot een positief toetsingsbesluit over deze aanvraag komt, dan bouwt de instelling de anderstalige opleiding af.