Tot wijziging van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap en van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap, wat betreft de verwerking van persoonsgegevens, de aanvraag van een persoonsvolgend budget, de samenloop van procedures en de verplichting om een uittreksel uit het strafregister voor te leggen #167
Gemerged 




Vooruit, N-VA, cd&v voegde 13 artikels samen in decreet-2004-05-07-1013104decreet-2014-04-25-1024475 · 17 december 2024 Alle checks geslaagd
Amendementen
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
Zie de documentenfiche op vlaamsparlement.be
ingediend op 15 oktober 2025 (2025-2026)
Amendement
voorgesteld na indiening van het verslag
op het voorstel van decreet
van Hannes Anaf, Koen Dillen, Loes Vandromme, Ine Tombeur,
Koen Daniëls, Bieke Verlinden en Katrien Schryvers
tot wijziging van het decreet van 7 mei 2004
tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap
met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap
voor Personen met een Handicap
en van het decreet van 25 april 2014
houdende de persoonsvolgende financiering
voor personen met een handicap en tot hervorming
van de wijze van financiering van de zorg
en de ondersteuning voor personen met een handicap,
wat betreft de verwerking van persoonsgegevens,
de aanvraag van een persoonsvolgend budget,
de samenloop van procedures en de verplichting
om een uittreksel uit het strafregister voor te leggen
Dit amendement werd ingetrokken op 26 november 2025.
AMENDEMENT NR. 13
voorgesteld door Lise Vandecasteele, Debby Burssens en Jos D’Haese
na indiening van het verslag
Artikel 16
Een derde lid toevoegen, dat luidt als volgt:
“Vóór artikel 6 tot en met 8, 11, 12, 14 en 15 in werking treden, laat de Vlaamse
Regering een onderzoek uitvoeren naar de mogelijke impact van deze maatregel
op het beschermingsniveau van personen met een handicap. Het onderzoek moet
nagaan of de voorgestelde wijzigingen geen afbreuk doen aan bestaande rechten
of aan de kwaliteit van de bescherming en ondersteuning die personen met een
handicap genieten. Als uit het onderzoek blijkt dat het beschermingsniveau aanzienlijk wordt verminderd, worden corrigerende maatregelen getroffen vóór de inwerkingtreding van die artikelen.”.
VERANTWOORDING
Het is van essentieel belang dat wijzigingen aan het decreet die raken aan de rechten van personen
met een handicap, niet leiden tot een vermindering van het bestaande beschermingsniveau. Het Vlaams
Mensenrechteninstituut (VMRI) vraagt in zijn advies om vooraf aan de bekrachtiging van het decreet
na te gaan of er door de voorgestelde wijzigingen geen sprake is van een aanzienlijke achteruitgang
van het beschermingsniveau van mensen met een handicap.
Zo schrijft het VMRI in zijn advies: “Dit vereist een grondige vergelijking tussen het beschermingsniveau
van de oude en nieuwe norm. Deze vergelijking dient rekening te houden met de gehele groep van
personen die geraakt worden door de regelgeving en met alle relevante bepalingen van de regelgeving.
[…] Zodoende kan de precieze impact van het voorgestelde beleid vooraf duidelijk worden bepaald en
kan ook toezicht op de naleving van de ter zake geldende internationale verplichtingen beter worden
uitgeoefend.”
Ook de Vlaamse adviesraad handicap NOOZO (Niets Over Ons Zonder Ons) waarschuwt in zijn advies
over een verminderde rechtszekerheid: “Pas wanneer er budget vrijkomt, zal de budgethoogte bepaald
worden via een zorgzwaarte-inschaling. De PVB-aanvrager weet dus niet meer waarop zij of hij recht
heeft. Met het wegnemen van het recht op een inschaling en bijhorende budgethoogte wordt de rechtszekerheid van het recht op ondersteuning verzwakt.”
Door eerst een degelijk onderzoek te voeren, kan de Vlaamse Regering onderbouwd en transparant
nagaan of bijkomende waarborgen nodig zijn en het decreet nog aanpassen, zodat het beschermingsniveau van personen met een handicap niet aanzienlijk verminderd wordt.
◼