Houdende wijziging van diverse decreten met betrekking tot wonen #828
Gemerged Vlaamse Regering voegde 179 artikels samen in decreet-1995-04-19decreet-2007-06-29vlaamse-codex-ruimtelijke-ordening · 31 mei 2021 114 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
verzendcode: WON
ingediend op 7 juli 2021 (2020-2021)
Amendementen
voorgesteld na indiening van het verslag
op het ontwerp van decreet
houdende wijziging
van diverse decreten met betrekking tot wonen
Documenten in het dossier:
828 (2020-2021) –Nr. 1: Ontwerp van decreet
–Nr. 2:Amendementen
–Nr. 3: Verslag van de hoorzitting
–Nr. 4: Verslag
AMENDEMENT Nr. 16
voorgesteld door Adeline Blancquaert, Guy D’haeseleer,
Kristof Slagmulder en Chris Janssens
na indiening van het verslag
Artikel 87
In de voorgestelde tekst van artikel 4.39/5, §3, tussen het eerste en het
tweede lid een nieuw lid invoegen, dat luidt als volgt:
“De samenstelling van het bestuursorgaan gebeurt overeenkomstig de evenredige
vertegenwoordiging van de fracties in de gemeenteraden van het werkingsgebied
zoals die zijn samengesteld bij de aanvang van de zittingsperiode.”.
VERANTWOORDING
Een sociaal woonbeleid dat gefinancierd wordt met publieke middelen moet maximaal democratisch
gelegitimeerd zijn. Daarom verdient het de voorkeur dat ook leden van oppositiepartijen gegarandeerd
vertegenwoordigd zijn in het bestuursorgaan. Dit zal de democratische controle ten goede komen. Nu
worden deze bestuursmandaten vaak voorbehouden voor de meerderheidspartijen.
■
AMENDEMENT Nr. 17
voorgesteld door Adeline Blancquaert, Guy D’haeseleer,
Kristof Slagmulder en Chris Janssens
na indiening van het verslag
Artikel 144
Dit artikel schrappen.
VERANTWOORDING
Een procentuele verhouding tussen het aantal gerealiseerde plus de geplande sociale huurwoningen ten
opzichte van het aantal huishoudens in de gemeente, zoals blijkt uit een nulmeting van 2008, is moeilijk
nog realistisch te noemen. Gezien de toenemende wachtlijsten voor kandidaat-huurders mogen
gemeenten die beter willen doen dan de zogenaamde 15 procent financieel niet gestraft worden. Er is
hierdoor ook geen enkele garantie dat gemeenten die minder inzetten op uitbreiding van de sociale
huisvesting hierdoor meer sociale huurwoningen gaan realiseren. Spreiding wordt evenmin
gegarandeerd. Op een moment dat er meer sociale woningen nodig zijn, is het niet wenselijk om een
plafond op de financiering vast te leggen voor gemeenten die het sociaal patrimonium willen uitbreiden.
■
AMENDEMENT Nr. 18
voorgesteld door Adeline Blancquaert, Guy D’haeseleer,
Kristof Slagmulder en Chris Janssens
na indiening van het verslag
Artikel 178
In punt 1° de zinsnede “A2” vervangen door de zinsnede “B1”.
VERANTWOORDING
Er mag van mensen die willen genieten van onze sociale voorzieningen verwacht worden dat ze
inspanningen leveren om zich in onze samenleving te integreren. Een belangrijk element daarbij is het
aanleren van onze taal. Het niveau B1 stelt het volgende voorop: “Kan de belangrijkste punten
begrijpen uit duidelijke standaardteksten over vertrouwde zaken die regelmatig voorkomen op het
werk, op school en in de vrije tijd.” Het is belangrijk dat personen die een sociale woning toegewezen
krijgen, begrijpen wat hun rechten en plichten zijn. Een goed begrip van rechten en plichten behoort
tot de integratie. Met gemiddelde wachttijden van 3,5 tot 5 jaar voor een sociale woning hebben alle
kandidaten aan wie een woning toegewezen wordt voldoende tijd gehad om het taalniveau B1 aan te
leren en zo te investeren in hun integratie in de Vlaamse maatschappij.
■
AMENDEMENT Nr. 19
voorgesteld door Adeline Blancquaert, Guy D’haeseleer,
Kristof Slagmulder en Chris Janssens
na indiening van het verslag
Artikel 182
In de voorgestelde tekst van artikel 6.27 paragraaf 2 vervangen door wat
volgt:
“§2. Als de huurder op het einde van zijn woonrecht van negen jaar of op het einde
van een verlengde periode als vermeld in het tweede lid, niet voldoet aan de
voorwaarden van taalvaardigheid van het Nederlands, van woonbehoeftigheid of
van passendheid van de woning, vermeld in artikel 6.20, 5° en 6°, 6.29 en 6.30,
zegt de verhuurder de lopende huurovereenkomst op met een opzeggingstermijn
van zes maanden en eindigt het woonrecht op de vervaldag van de
huurovereenkomst.
Als de huurder op het einde van zijn woonrecht van negen jaar aan de
voorwaarden, vermeld in het eerste lid, voldoet, wordt zijn woonrecht verlengd
met drie jaar. Het woonrecht wordt vervolgens telkens met drie jaar verlengd als
de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, vervuld zijn.”.
VERANTWOORDING
Er mag van mensen die willen genieten van onze sociale voorzieningen verwacht worden dat ze
minimale inspanningen leveren om zich in onze samenleving te integreren. Een belangrijk element
daarbij is het aanleren van onze taal. Het niveau B1 stelt het volgende voorop: “Kan de belangrijkste
punten begrijpen uit duidelijke standaardteksten over vertrouwde zaken die regelmatig voorkomen op
het werk, op school en in de vrije tijd.” Het is belangrijk dat personen die een sociale woning toegewezen
krijgen, begrijpen wat hun rechten en plichten zijn. Een goed begrip van rechten en plichten behoort
tot de integratie. Met gemiddelde wachttijden van 3,5 tot 5 jaar voor een sociale woning mag men
verwachten dat alle kandidaten aan wie een woning toegewezen wordt voldoende tijd hebben gehad
om het taalniveau B1 aan te leren en zo te investeren in hun integratie in de Vlaamse maatschappij.
Door de toevoeging van de taalvaardigheid van het Nederlands, worden ook de zittende huurders die
een contract na 1 maart 2017 afgesloten hebben, verplicht om inspanningen te leveren tot integratie.
De periode is ook voldoende lang om er zwaardere sancties tegenover te stellen dan de sancties die
verbonden zijn aan artikel 6.20 uit de Vlaamse Codex Wonen.
■
AMENDEMENT Nr. 20
voorgesteld door Adeline Blancquaert, Guy D’haeseleer,
Kristof Slagmulder en Chris Janssens
na indiening van het verslag
Artikel 220
Dit artikel vervangen door wat volgt:
“Art. 220. De verhuurder brengt de personen die op het ogenblik van de
inwerkingtreding van artikel 178 van dit decreet kandidaat-huurder zijn,
uitdrukkelijk op de hoogte van de nieuwe huurdersverplichting, vermeld in artikel
6.20, eerste lid, 5° en 6°, …