§ flandrepo

Tot invoering van een waarborg bij inkomende bruiklenen voor tijdelijke tentoonstellingen #1003

Gemerged Vlaamse Regering wijzigt geen gevolgde wet · 10 november 2021 1 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier: : Ontwerp van decreet 3 januari 2022 (2021-2022) Verslag namens de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media uitgebracht door Stephanie D’Hose en Filip Brusselmans over het ontwerp van decreet tot invoering van een waarborg bij inkomende bruiklenen voor tijdelijke tentoonstellingen ingediend op verzendcode: CUL — 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be Samenstelling van de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media: Voorzitter: Elisabeth Meuleman. Vaste leden: Cathy Coudyser, Marius Meremans, Freya Perdaens, Wilfried Vandaele, Manuela Van Werde; Filip Brusselmans, Johan Deckmyn, Klaas Slootmans; Karin Brouwers, Orry Van de Wauwer; Steven Coenegrachts, Stephanie D’Hose; Elisabeth Meuleman, Jeremie Vaneeckhout; Hannes Anaf. Plaatsvervangers: Andries Gryffroy, Kathleen Krekels, Philippe Muyters, Kris Van Dijck, Karl Vanlouwe; Immanuel De Reuse, Jan Laeremans, Ilse Malfroot; Maaike De Rudder, Tinne Rombouts; Els Ampe, Bart Tommelein; Björn Rzoska, Tine Van den Brande; Katia Segers. Toegevoegde leden: Tom De Meester. INHOUD I. Algemene bespreking ....................................................................... 4 1. Toelichting ................................................................................ 4 1.1. Basiskeuzes ...................................................................... 4 1.2. Aard van de dekking .......................................................... 5 1.3. Andere aspecten ................................................................ 5 2. Vragen en opmerkingen uit de commissie ...................................... 6 2.1. Cathy Coudyser ................................................................. 6 2.2. Stephanie D’Hose .............................................................. 7 2.3. Filip Brusselmans ............................................................... 7 2.4. Karin Brouwers .................................................................. 8 2.5. Katia Segers ..................................................................... 10 2.6. Elisabeth Meuleman ........................................................... 11 3. Antwoordenronde....................................................................... 11 4. Aanvullende opmerking............................................................... 13 II. Artikelsgewijze bespreking en stemming ............................................. 13 III. Eindstemming ................................................................................. 14 Gebruikte afkortingen ........................................................................... 15 Tekst aangenomen door de commissie..................................................... 16 Op donderdag 16 december 2021 behandelde de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media het ontwerp van decreet houdende de invoering van een waarborg bij inkomende bruiklenen voor tijdelijke tentoonstellingen. (Deze commissievergadering werd als videoconferentie georganiseerd.) I. Algemene bespreking 1. Toelichting Minister-president Jan Jambon legt uit dat het voorliggende ontwerp van decreet ook bekend staat als het ontwerp van Indemniteitsdecreet. Er is al heel lang sprake van de invoering van een dergelijk decreet. De wenselijkheid wordt reeds lang met enige regelmaat aangekaart door de erfgoedsector. In diverse beleidsbrieven hebben vorige ministers van Cultuur aangegeven dat een dergelijk decreet zeer wenselijk zou zijn. De minister-president is dan ook blij dat hij in samenwerking met minister van Financiën en Begroting Matthias Diependaele een evenwichtig ontwerp van decreet heeft kunnen opstellen. Het komt tegemoet aan de noden van de sector, respecteert de rol van verzekeringsmaatschappijen bij het dekken van schaderisico’s van inkomende bruiklenen en zorgt ervoor dat het risico gedeeld wordt tussen de overheid en de commerciële verzekeringssector. De spreker wijst erop dat het ontwerp van decreet een uitvoerige memorie van toelichting bevat. Vandaag gaat hij in op de basiskeuzes. 1.1. Basiskeuzes 1.1.1. Gemengde regeling De regering heeft geopteerd voor een gemengde regeling die het schaderisico verdeelt tussen de Vlaamse overheid en de verzekeraar. De Vlaamse overheid neemt het eerste risico op zich tot 50 procent van de totale waardes van de inkomende bruiklenen. De resterende 50 procent van het risico wordt gedragen door een verzekeraar. Door die keuze kan het museum dat de tentoonstelling organiseert onder andere een belangrijke besparing realiseren op de verzekeringspremies, terwijl de Vlaamse overheid ook weer niet het volledige risico hoeft te dragen. Om de risico’s voor de Vlaamse overheid te beperken en begrotingstechnisch beheersbaar te houden, bepaalt het ontwerp van decreet tevens dat het totale risico dat de Vlaamse overheid krachtens de indemniteitsregeling op zich mag nemen, op elk moment in de tijd beperkt moet blijven tot 600 miljoen euro. Omwille van de risicobeperking heeft de regering besloten om openluchttentoonstellingen uit te sluiten van de indemniteitsregeling. De bovengrens van 600 miljoen euro laat toe om jaarlijks drie of vier grote tentoonstellingen een beroep te laten doen op de indemniteitsregeling. Als voorbeeld om de concrete draagwijdte van het ontwerp van decreet te schetsen verwijst de minister-president naar de grootste Jan van Eycktentoonstelling in de geschiedenis, in 2021 in het MSK Gent. Helaas is de tentoonstellingstijd om gekende redenen ingekort, vermeldt hij terzijde. De totale verzekerde waarde aan bruiklenen voor deze tentoonstelling beliep 920 miljoen euro. Vertaald naar het voorliggende ontwerp van decreet zou de Vlaamse overheid voor deze tentoonstelling 276 miljoen euro aan garanties hebben toegekend. De minister-president duidt die berekening als volgt. De 60 procent van de waarde van de bruiklenen die maximaal onder de indemniteit kan vallen, zou zijn neergekomen op 552 miljoen euro, waarvan de Vlaamse overheid dan de helft garandeert en de …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd