Decreet tot wijziging van het decreet van 7 juni 2013 betreffende het Vlaamse integratie- en inburgeringsbeleid
43 artikels gewijzigd
| 4 | 4 | b) niet het Nederlands als thuistaal of moedertaal hebben; | |
| 5 | 5 | c) niet ingeschreven zijn in het kleuteronderwijs; | |
| 6 | − | 2° attest van inburgering : een attest dat wordt uitgereikt aan de inburgeraar die minstens voor elk onderdeel van zijn vormingsprogramma de doelstellingen van het vormingsprogramma heeft bereikt; | |
| 6 | + | 2° attest van inburgering : een attest dat wordt uitgereikt aan de inburgeraar die minstens voor elk onderdeel van zijn inburgeringstraject de doelstellingen van het inburgeringstraject heeft bereikt; | |
| 7 | 7 | 3° attest van vrijstelling : een attest dat wordt uitgereikt aan de inburgeraar die vrijgesteld is van de inburgeringsplicht; | |
| 8 | + | 3°/1 beroepsactieve leeftijd: alle personen tussen vijftien jaar en de pensioengerechtigde leeftijd die niet meer onderworpen zijn aan de voltijdse leerplicht; | |
| 8 | 9 | 4° centrum : voor zover ze opleidingen Nederlands tweede taal aanbieden een van de volgende entiteiten : | |
| 9 | 10 | a) het centrum, vermeld in artikel 2, 4°, van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs; | |
| 10 | 11 | b) een talencentrum, opgericht door een universiteit als bedoeld in artikel 4 van het decreet van 4 april 2003 betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen; | |
| 11 | 12 | c) een erkend centrum voor vorming van zelfstandigen en kleine of middelgrote ondernemingen als vermeld in artikel 26/2 van het decreet van 16 maart 2012 betreffende het economisch ondersteuningsbeleid; | |
| 12 | − | d) een centrum voor beroepsopleiding als vermeld in artikel 64 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 houdende de organisatie van de arbeidsbemiddeling en de beroepsopleiding. | |
| 13 | + | d) een centrum voor beroepsopleiding als vermeld in artikel 64 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 houdende de organisatie van de arbeidsbemiddeling en de beroepsopleiding; | |
| 14 | + | e) private aanbodverstrekkers die NT2 aanbieden conform het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Moderne Vreemde Talen. | |
| 13 | 15 | 5° ...; | |
| 14 | 16 | 6° EVA : het privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap, vermeld in artikel 16; | |
| 25 | 27 | 16° leefloon : een geïndexeerd inkomen dat wordt uitgekeerd met toepassing van de wetgeving betreffende het recht op maatschappelijke integratie; | |
| 26 | 28 | 17° levensloopbaan : het volledige traject dat een individuele natuurlijke persoon kan doorlopen gedurende zijn leven en waarbij de verschillende rollen zoals die van onder meer kind, student, burger, werkende, vrijetijdsmens, echtgenoot of echtgenote, gezinsverzorger, ouder of gepensioneerde aan bod kunnen komen; | |
| 27 | − | 18° lokaal bestuur : een gemeente, provincie of een extern verzelfstandigd agentschap van een gemeente of provincie; | |
| 29 | + | 18° lokaal bestuur : een OCMW, gemeente, provincie of een extern verzelfstandigd agentschap van een gemeente of provincie; | |
| 28 | 30 | 19° maatschappelijke dienstverlening : de maatschappelijke dienstverlening in de vorm van een financiële uitkering door het O.C.M.W., die geheel of gedeeltelijk door de federale overheid ten laste wordt genomen met toepassing van artikel 5 van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun, verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn; | |
| 29 | 31 | 20° minderjarige nieuwkomer : de persoon die gelijktijdig aan de volgende voorwaarden voldoet : | |
| 36 | 38 | 21°/1 persoon van buitenlandse herkomst: een persoon die wettig en langdurig in België verblijft en die bij zijn geboorte niet de Belgische nationaliteit bezat of van wie minstens een van de ouders bij de geboorte niet de Belgische nationaliteit bezat, in het bijzonder diegene die zich in een vaststelbare achterstandspositie bevindt; | |
| 37 | 39 | 22° reguliere voorziening : een voorziening, inzonderheid in de sectoren onderwijs, tewerkstelling, welzijn en cultuur, die wordt erkend, gefinancierd of gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest, de Vlaamse Gemeenschapscommissie, het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of een lokaal bestuur; | |
| 38 | − | 22°/1 residentieel woonwagenterrein: een terrein dat bestemd en ingericht is voor het sedentaire wonen in een woonwagen en waarop een beperkte ambachtelijke en/of commerciële activiteit kan plaatsvinden in overeenstemming met de geldende wetgeving; | |
| 40 | + | 22°/1 ...; | |
| 39 | 41 | 23° toeleidingstraject : het traject, vermeld in artikel 36; | |
| 40 | 42 | 24° VDAB : het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding; | |
| 41 | 43 | 24°/1 verplicht ingeschreven werkzoekende: de verplicht ingeschreven werkzoekende, vermeld in artikel 2, 11°, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap "Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding"; | |
| 42 | 44 | 25° verplichte inburgeraar : een inburgeraar als vermeld in artikel 27, § 1, voor zover niet vrijgesteld van de inburgeringsplicht; | |
| 43 | − | 26° vormingsprogramma : het programma, vermeld in artikel 29; | |
| 45 | + | 26° vormingspakket: het onderdeel maatschappelijke oriëntatie of het onderdeel Nederlands als tweede taal, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, 1° en 2°; | |
| 44 | 46 | 27° vreemdeling met wettig verblijf : een persoon die het bewijs niet levert in het bezit te zijn van de Belgische nationaliteit en die gemachtigd of toegelaten is tot een verblijf of om zich te vestigen in België of die volgens een geldig document in België mag verblijven, met toepassing van de bepalingen van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen; | |
| 45 | 47 | 28° ...; | |
| 1 | − | Het Vlaamse integratiebeleid richt zich op de gehele samenleving en heeft daarbijnaargelang het geval, speciale aandacht voor de volgende bijzondere doelgroepen: | |
| 1 | + | Het Vlaamse integratiebeleid richt zich op de hele samenleving en heeft daarbij, naargelang het geval, speciale aandacht voor: | |
| 2 | − | 1° personen van buitenlandse herkomst; | |
| 2 | + | 1° de bijzondere doelgroep van personen van buitenlandse herkomst; | |
| 3 | − | 2° personen die legaal in België verblijven en die wonen in een woonwagen als vermeld in artikel 1.3, § 1, eerste lid, 73°, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, met uitzondering van personen die verblijven op een residentieel woonwagenterrein en bewoners van campings of gebieden met weekendverblijven. | |
| 4 | − | Daarnaast richt het Vlaamse integratiebeleid zich ook op vreemdelingen zonder wettig verblijf, meer bepaald vreemdelingen die zich in België bevinden zonder wettig verblijfsstatuut en die wegens een noodsituatie begeleiding vragen. | |
| 3 | + | 2° minderjarige nieuwkomers, vermeld in artikel 2, eerste lid, 20°, voor de doelstelling, vermeld in artikel 4, § 2, tweede lid. |
| 2 | 2 | Het Vlaamse integratiebeleid is een onderbouwd, afgestemd en gecoördineerd beleid dat zich verhoudt tot de federale, Europese en internationale regelgeving en context. | |
| 3 | 3 | § 2. Het Vlaamse integratiebeleid speelt in op de situaties en dynamieken die verbonden zijn met de gevolgen van migratie met als doel : | |
| 4 | − | 1° de zelfstandige en evenredige participatie van de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, 1° en 2°; | |
| 4 | + | 1° de zelfstandige en evenredige participatie van de personen, vermeld in artikel 3, 1°; | |
| 5 | − | 2° de toegankelijkheid van alle voorzieningen voor iedereen, en meer specifiek voor de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, 1° en 2°; | |
| 5 | + | 2° de toegankelijkheid van alle voorzieningen voor iedereen, en meer specifiek voor de personen, vermeld in artikel 3, 1°; | |
| 6 | 6 | 3° een actief en gedeeld burgerschap van eenieder; | |
| 7 | 7 | 4° het versterken van sociale samenhang. | |
| 8 | − | Tot de doelstellingen van het Vlaamse integratiebeleid behoren ook de menswaardige begeleiding en oriëntatie van de personen, vermeld in artikel 3, tweede lid, prioritair gevoerd met betrekking tot de gezondheidszorg, het kleuteronderwijs en het onderwijs voor leerplichtigen, vermeld in de wet van 29 juni 1983 betreffende de leerplicht, en gericht op de oriëntering naar een zinvol toekomstperspectief. | |
| 8 | + | Tot de doelstellingen van het Vlaamse integratiebeleid behoren ook de menswaardige begeleiding en de oriëntatie van de personen, vermeld in artikel 3, 2°, van dit decreet, naar het kleuteronderwijs en het onderwijs voor leerplichtigen, vermeld in de wet van 29 juni 1983 betreffende de leerplicht. | |
| 9 | 9 | § 3. Het Vlaamse integratiebeleid ondersteunt het proces van integratie en vertrekt daarbij van de volgende uitgangspunten : | |
| 10 | 10 | 1° gelijkwaardigheid van eenieder; | |
| 14 | 14 | 5° aandacht voor antidiscriminatie en racismebestrijding; | |
| 15 | 15 | 6° actief burgerschap van eenieder; | |
| 16 | − | 7° empowerment van de bijzondere doelgroepen; | |
| 16 | + | 7° empowerment van de bijzondere doelgroep, vermeld in artikel 3, 1°; | |
| 17 | − | 8° een goede kennis van de omgevingstaal. | |
| 17 | + | 8° een goede kennis van de omgevingstaal; | |
| 18 | + | 9° inclusief samenleven, niet naast elkaar maar met elkaar. | |
| 18 | 19 | § 4. De doelstellingen, vermeld in paragraaf 2, worden op een geïntegreerde manier gerealiseerd. Dat houdt in dat er gewerkt wordt op een manier waarbij er : | |
| 19 | 20 | 1° afstemming is op de lokale en bovenlokale context; | |
| 21 | + | 1°/1 afstemming is tussen de verschillende beleidsdomeinen, vermeld in artikel 6, eerste lid; | |
| 20 | 22 | 2° inschakeling is in het lokaal en bovenlokaal inclusief integratiebeleid; | |
| 21 | 23 | 3° een resultaatgerichte aanpak vooropstaat; | |
| 22 | 24 | 4° nauw wordt samen gewerkt met voorzieningen met het oog op structurele inbedding; | |
| 23 | − | 5° maximale betrokkenheid is van de bijzondere doelgroepen. | |
| 25 | + | 5° maximale betrokkenheid is van de bijzondere doelgroep, vermeld in artikel 3, 1° . | |
| 1 | − | § 1. De Vlaamse Regering stelt binnen twaalf maanden na haar aantreden de strategische en operationele doelstellingen en beleidsprioriteiten vast waarmee op elk relevant beleidsdomein de doelstellingen van het Vlaamse integratiebeleid, vermeld in artikel 4, zullen worden ingevuld. | |
| 1 | + | § 1. De Vlaamse Regering stelt binnen zes maanden na haar aantreden de doelstellingen en beleidsprioriteiten vast waarmee op elk relevant beleidsdomein de doelstellingen van het Vlaamse integratiebeleid, vermeld in artikel 4, zullen worden ingevuld. De Vlaamse Regering maakt ook een analyse op van de maatschappelijke context waarin die doelstellingen gerealiseerd moeten worden. | |
| 2 | − | Binnen zes maanden nadat de Vlaamse Regering de strategische en operationele doelstellingen heeft vastgelegd, stelt ze een geïntegreerd actieplan op. | |
| 2 | + | Binnen zes maanden nadat de Vlaamse Regering de doelstellingen heeft vastgelegd, stelt ze een geïntegreerd actieplan op. In dat actieplan worden alleen de acties opgenomen die aanvullend aan het reguliere beleid binnen de domeinen genomen worden en waarbij er samenwerking tussen beleidsdomeinen vereist is. | |
| 3 | 3 | Het geïntegreerd actieplan omvat minstens : | |
| 4 | − | 1° de beschrijving van de geformuleerde strategische en operationele doelstellingen binnen elk beleidsdomein; | |
| 4 | + | 1° een beknopte omschrijving van de geformuleerde doelstellingen en de beleidsdomeinen waarvoor ze gelden; | |
| 5 | − | 2° een analyse per beleidsdomein van de maatschappelijke context waarbinnen die doelstellingen gerealiseerd moeten worden; | |
| 5 | + | 2° ...; | |
| 6 | 6 | 3° de concrete acties die genomen moeten worden om de geformuleerde doelstellingen te realiseren; | |
| 7 | 7 | 4° het tijdpad, opgesteld voor de uitvoering van die acties; | |
| 8 | 8 | 5° de opgave van de indicatoren waarmee de voortgang wordt gemeten; | |
| 9 | 9 | 6° de ingezette middelen en instrumenten. | |
| 10 | − | § 2. Het geïntegreerd actieplan wordt na twee jaar geactualiseerd. Die actualisering omvat minstens : | |
| 11 | − | 1° een analyse per beleidsdomein van de maatschappelijke ontwikkelingen die relevant zijn voor het Vlaamse integratiebeleid; | |
| 12 | − | 2° een beschrijving per beleidsdomein van de voortgang van de acties, en de eventuele bijsturingen; | |
| 13 | − | 3° de nieuwe acties binnen elk beleidsdomein, met opgave van het tijdpad en de indicatoren waarmee de voortgang wordt gemeten. | |
| 14 | − | De commissie Integratiebeleid, vermeld in artikel 6, rapporteert aan de Vlaamse Regering over de realisatie van het voorgaande actieplan naar aanleiding van het opstellen van de strategische en operationele doelstellingen, vermeld in paragraaf 1. Daarnaast rapporteert de commissie aan de Vlaamse Regering over de realisatie en de voortgang van het gevoerde beleid naar aanleiding van de actualisering van het actieplan, vermeld in het eerste lid. Die rapporten worden door de Vlaamse Regering meegedeeld aan het Vlaams Parlement. | |
| 10 | + | § 2..... | |
| 15 | − | § 3. De Vlaamse Regering kan het geïntegreerd actieplan, vermeld in paragraaf 1, tweede en derde lid, en de actualisatie van het geïntegreerd actieplan, vermeld in paragraaf 2, afstemmen op het actieplan, vermeld in artikel 10 van het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid. | |
| 11 | + | § 3. De Vlaamse Regering kan het geïntegreerd actieplan, vermeld in paragraaf 1, tweede en derde lid, afstemmen op het actieplan, vermeld in artikel 10 van het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid. | |
| 16 | − | § 4. De relevante beleidsdomeinen houden bij de evaluatie van de Vlaamse beleidsprioriteiten, vermeld in artikel 4, § 2, van het decreet van 15 juli 2011, rekening met de beleidsprioriteiten, vermeld in paragraaf 1. | |
| 12 | + | § 4. ... |
| 1 | − | § 1. Binnen de Vlaamse overheid wordt een commissie Integratiebeleid ingericht met als opdracht : | |
| 2 | − | 1° toe te zien op de coherentie, synergie en coördinatie van het Vlaamse integratiebeleid, vermeld in artikel 4; | |
| 3 | − | 2° een ontwerp van het geïntegreerd actieplan als vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, op te stellen; | |
| 4 | − | 3° de acties van de verschillende beleidsdomeinen op elkaar af te stemmen; | |
| 5 | − | 4° de impact van de acties te analyseren; | |
| 6 | − | 5° het actieplan te evalueren; | |
| 7 | − | 6° voorstellen te formuleren voor het actualiseren van het actieplan, met toepassing van artikel 5, § 2. | |
| 8 | − | § 2. ... | |
| 9 | − | § 3. De Vlaamse Regering kan de opdracht van de commissie, vermeld in paragraaf 1, en de rapportageverplichting, vermeld in artikel 5, § 2, concretiseren en aanvullen, alsook de samenstelling en werking van de commissie regelen. | |
| 1 | + | De Vlaamse Regering bepaalt de beleidsdomeinen en de betrokken departementen en intern en extern verzelfstandigde agentschappen van de Vlaamse overheid die relevant zijn voor het integratiebeleid. | |
| 2 | + | Binnen de beleidsdomeinen die de Vlaamse Regering als relevant aanwijst, bereiden de Vlaamse Regering en de betrokken departementen en intern en extern verzelfstandigde agentschappen van de Vlaamse overheid het Vlaamse integratiebeleid, vermeld in artikel 4, voor. Ze voeren het voormelde integratiebeleid ook uit en evalueren het. | |
| 3 | + | Bij de evaluatie van het Vlaamse integratiebeleid, vermeld in het tweede lid, wordt rekening gehouden met de definitie van personen van buitenlandse herkomst, vermeld in artikel 2, 21° /1. |
| 1 | − | De Vlaamse Regering bepaalt de voor het integratiebeleid relevante beleidsdomeinen. | |
| 2 | − | Binnen de als relevant aangewezen beleidsdomeinen zullen de Vlaamse Regering en de rechtspersonen die afhangen van de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest het Vlaamse integratiebeleid, vermeld in artikel 4, voorbereiden, uitvoeren en evalueren. | |
| 3 | − | De Vlaamse Regering waakt erover dat per relevant beleidsdomein minstens een vertegenwoordiger wordt voorgedragen die zitting houdt in de commissie vermeld in artikel 6. | |
| 1 | + | De Vlaamse Regering bepaalt de wijze waarop de departementen en de intern en extern verzelfstandigde agentschappen het integratiebeleid vormgeven. |
| 1 | 1 | De Vlaamse Regering erkent één participatieorganisatie. | |
| 2 | − | De participatieorganisatie vervult, met het oog op de empowerment en de emancipatie van de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, en de correcte beeldvorming over personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, met voldoende lokale spreiding, de volgende algemene opdrachten: | |
| 2 | + | De participatieorganisatie vervult, met het oog op de empowerment en de emancipatie van de personen, vermeld in artikel 3, en de correcte beeldvorming over personen, vermeld in artikel 3, met voldoende lokale spreiding, de volgende algemene opdrachten: | |
| 3 | − | 1° de belangen van personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, behartigen; | |
| 3 | + | 1° de belangen van personen, vermeld in artikel 3, behartigen; | |
| 4 | − | 2° de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, vertegenwoordigen ten opzichte van de Vlaamse overheid; | |
| 4 | + | 2° de personen, vermeld in artikel 3, vertegenwoordigen ten opzichte van de Vlaamse overheid; | |
| 5 | 5 | 3° beleidsaanbevelingen uitbrengen; | |
| 6 | − | 4° lokale actoren sensibiliseren voor en ondersteunen bij het nemen van initiatieven om de beleidsparticipatie van de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, te bevorderen. | |
| 6 | + | 4° lokale actoren sensibiliseren voor en ondersteunen bij het nemen van initiatieven om de beleidsparticipatie van de personen, vermeld in artikel 3, te bevorderen. | |
| 7 | − | Naast de opdrachten, vermeld in het tweede lid, kan de participatieorganisatie andere initiatieven nemen ter bevordering van de empowerment en de emancipatie van de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, en de correcte beeldvorming over de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid. | |
| 7 | + | Naast de opdrachten, vermeld in het tweede lid, kan de participatieorganisatie andere initiatieven nemen ter bevordering van de empowerment en de emancipatie van de personen, vermeld in artikel 3 en de correcte beeldvorming over de personen, vermeld in artikel 3. |
| 1 | − | Binnen de grenzen van hun grondgebied hebben de steden en gemeenten de regierol over het integratiebeleid. Dat betekent dat ze binnen de grenzen van het subsidiariteitsbeginsel voor de uitwerking, sturing, afstemming en uitvoering van het inclusieve lokale integratiebeleid zorgen. Ze coördineren de relevante actoren in de eigen stad of gemeente en betrekken de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, 1° en 2°, en hun organisaties bij dat beleid. | |
| 1 | + | Binnen de grenzen van hun grondgebied hebben de steden en gemeenten de regierol over het integratiebeleid. Dat betekent dat ze binnen de grenzen van het subsidiariteitsbeginsel voor de uitwerking, sturing, afstemming en uitvoering van het inclusieve lokale integratiebeleid zorgen. Ze coördineren de relevante actoren in de eigen stad of gemeente en betrekken de personen, vermeld in artikel 3, 1°, en hun organisaties bij dat beleid. |
| 2 | 2 | Behalve in het geval van andersluidende bepalingen in dit decreet, zijn de bepalingen van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 van toepassing op het EVA. | |
| 3 | 3 | De statuten van het EVA en elke wijziging daaraan, worden ter goedkeuring voorgelegd aan de Vlaamse Regering en meegedeeld aan het Vlaams Parlement. | |
| 4 | − | § 2. De Vlaamse Regering bepaalt tot welk homogeen beleidsdomein het EVA behoort. De statuten van het EVA bepalen dat de leden van de raad van bestuur door de Vlaamse Regering worden benoemd en ontslagen. | |
| 4 | + | § 2. De Vlaamse Regering bepaalt tot welk homogeen beleidsdomein het EVA behoort. De statuten van het EVA bepalen dat de leden van het bestuursorgaan door de Vlaamse Regering worden benoemd en ontslagen. | |
| 5 | 5 | § 3. Het EVA voert het Vlaamse integratie- en inburgeringsbeleid op het terrein uit en heeft als werkingsgebied het volledige Nederlandse taalgebied en het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. | |
| 6 | 6 | § 4. De Vlaamse Regering kan de beleidsondersteuning en de beleidsvoorbereiding van het Vlaamse integratiebeleid toevertrouwen aan een departement of een intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid. | |
| 5 | 5 | b) het aanbieden van een specifiek trajectmatig vormings- en begeleidingsaanbod op maat, hetzij individueel, hetzij in groep, in samenwerking met reguliere voorzieningen, om personen van buitenlandse herkomst te bereiken en te versterken; | |
| 6 | 6 | 2° adviesverstrekking en praktijkondersteuning op maat in functie van structureel werken aan integratie met het oog op zelfstandige en evenredige participatie, toegankelijkheid van alle voorzieningen, actief burgerschap en sociale samenhang via : | |
| 7 | − | a) dienstverlening sociaal tolken en sociaal vertalen; | |
| 7 | + | a) ...; | |
| 8 | 8 | b) taalbeleid; | |
| 9 | 9 | c) taalpromotie; | |
| 12 | 12 | 3° adviesverstrekking en praktijkondersteuning op maat in functie van het draagvlak, de beeldvorming en de wederkerigheid van integratie en in functie van sociale samenhang; | |
| 13 | 13 | 4° adviesverstrekking en praktijkondersteuning op maat in functie van een onderbouwd, afgestemd, gecoördineerd en inclusief beleid; | |
| 14 | − | 5° adviesverstrekking en begeleiding op maat in functie van een optimale dienstverlening met betrekking tot Nederlands voor anderstaligen die aan de voltijdse leerplicht voldaan hebben en die Nederlands willen leren gericht op sociale, professionele of educatieve redzaamheid; | |
| 14 | + | 5° adviesverstrekking en begeleiding op maat in functie van een optimale dienstverlening met betrekking tot Nederlands voor anderstaligen die aan de voltijdse leerplicht voldaan hebben en die Nederlands willen leren gericht op sociale, professionele of educatieve zelfredzaamheid; | |
| 15 | 15 | 6° uitreiken van bewijzen van het taalniveau Nederlands; | |
| 16 | 16 | 7° de regie opnemen over een behoeftedekkend en behoeftegericht aanbod Nederlands als tweede taal. | |
| 1 | 1 | § 1. De Vlaamse Regering is gemachtigd om statutaire personeelsleden van de departementen, IVA's zonder rechtspersoonlijkheid, IVA's met rechtspersoonlijkheid en publiekrechtelijke EVA's als vermeld in het Bestuursdecreet van 7 december 2018, overeenkomstig de modaliteiten, bepaald in de samenwerkingsovereenkomst, ter beschikking te stellen van het EVA. | |
| 2 | 2 | § 2. De Vlaamse Regering kan tevens gebouwen en andere infrastructuur of andere middelen overeenkomstig de modaliteiten, vermeld in de samenwerkingsovereenkomst, ter beschikking stellen van het EVA. De terbeschikkingstelling geldt maar tot wederopzegging, zonder dat het EVA daaruit schadeloosstelling tegenover de Vlaamse Gemeenschap kan eisen. | |
| 3 | + | § 3. Jaarlijks kunnen aan het EVA ten laste van de algemene uitgavenbegroting en binnen de beschikbare begrotingskredieten van de Vlaamse Gemeenschap algemene werkingssubsidies, investeringssubsidies en projectsubsidies toegekend worden. | |
| 4 | + | De Vlaamse Regering kan de nadere regels en modaliteiten vastleggen voor de wijze van de financiering van het EVA. | |
| 3 | − | § 3. Jaarlijks kunnen aan het EVA ten laste van de algemene uitgavenbegroting en binnen de beschikbare begrotingskredieten van de Vlaamse Gemeenschap algemene werkingssubsidies, investeringssubsidies en projectsubsidies toegekend worden. De regels en modaliteiten voor de toekenning, de terugvordering en de verantwoording van de subsidies, de indiening van aanvragen en verantwoordingsstukken, de eenmalige gegevensopvraging en voor de onverenigbaarheden en de procedure voor de controle op de aanwending van de subsidies worden vastgesteld in de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 19. | |
| 5 | + | De regels en modaliteiten voor de toekenning, de terugvordering en de verantwoording van de subsidies, de indiening van aanvragen en verantwoordingsstukken, de eenmalige gegevensopvraging en voor de onverenigbaarheden en de procedure voor de controle op de aanwending van de subsidies worden vastgesteld in de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 19. | |
| 4 | 6 | § 4. Het EVA is gemachtigd om, telkens mits akkoord van de betrokken entiteiten, over te gaan tot de overname van personeelsleden en gebouwen en andere infrastructuur van bestaande entiteiten. | |
| 5 | 7 | § 5. Het EVA is gemachtigd om over te gaan tot terugvordering van de subsidies die de bestaande entiteiten hebben aangewend voor het opbouwen van een reserve en of voor het verwerven van gebouwen en andere infrastructuur die de bestaande entiteiten niet meer kunnen aanwenden voor het doel waarvoor ze zijn verleend. |
| 8 | 8 | 6° de duur, opzeggings- en verlengingsmogelijkheden van de samenwerkingsovereenkomst; | |
| 9 | 9 | 7° de lokale en regionale vestigingsplaatsen van het EVA met het oog op een laagdrempelige werking en een voldoende lokale spreiding; | |
| 10 | − | 8° de manier waarop de raad van bestuur de onafhankelijkheid en de kwaliteit van de juridische dienstverlening zal garanderen. | |
| 10 | + | 8° de manier waarop het bestuursorgaan de onafhankelijkheid en de kwaliteit van de juridische dienstverlening zal garanderen. | |
| 11 | 11 | De samenwerkingsovereenkomst bevat een antidiscriminatie- en een diversiteitsclausule. | |
| 1 | 1 | § 1. De Vlaamse Regering stelt een uniform computergestuurd cliëntvolgsysteem ter beschikking van het EVA. Dat systeem moet het EVA toelaten de taken en kerntaken die aan het EVA zijn toevertrouwd door of krachtens dit decreet te vervullen en meer in het bijzonder : | |
| 2 | 2 | 1° het EVA ondersteunen bij het uitvoeren van de inburgeringstrajecten en de toeleidingstrajecten en bij het oriënteren van de anderstaligen naar het meest gepaste aanbod Nederlands als tweede taal; | |
| 3 | − | 2° het EVA toelaten om het individuele dossier van de inburgeraar, de anderstalige, de minderjarige nieuwkomer en de anderstalige kleuter te registreren en het traject van die personen op te volgen en om het individuele dossier te registreren van de anderstalige die verzoekt om een bewijs van het taalniveau Nederlands als vermeld in artikel 17, tweede lid, 6°; | |
| 3 | + | 2° het EVA toelaten om het individuele dossier van de inburgeraar, de anderstalige, de minderjarige nieuwkomer en de anderstalige kleuter te registreren en het traject van die personen op te volgen en om het individuele dossier te registreren van de anderstalige die verzoekt om een bewijs van het taalniveau Nederlands als vermeld in artikel 17, tweede lid, 6°, van dit decreet; | |
| 4 | 4 | 3° minstens maandelijks een lijst ter beschikking te stellen van het EVA waarin de volgende categorieën van personen zijn opgenomen : | |
| 5 | 5 | a) de inburgeraars die de afgelopen periode voor het eerst tot die categorie behoren; | |
| 7 | 7 | c) de anderstalige kleuters die de afgelopen periode voor het eerst tot die categorie behoren; | |
| 8 | 8 | 4° eenmalig een lijst ter beschikking te stellen van het EVA van de inburgeraars die gedurende meer dan twaalf maanden in het Rijksregister zijn ingeschreven; | |
| 9 | − | 5° de gegevensuitwisseling in het kader van de inburgeringstrajecten, taalkennis Nederlands en Nederlands als tweede taal-trajecten tussen het EVA, de centra, vermeld in artikel 2, 4°, de Vlaamse onderwijsadministratie, de VDAB, Actiris en het OCMW elektronisch te laten verlopen; | |
| 9 | + | 5° de gegevensuitwisseling in het kader van de inburgeringstrajecten, taalkennis Nederlands en Nederlands als tweede taal-trajecten tussen het EVA, de centra, vermeld in artikel 2, 4°, van dit decreet de Vlaamse onderwijsadministratie, de VDAB, Actiris en het lokaal bestuur elektronisch te laten verlopen; | |
| 10 | − | 6° het EVA, het departement van het beleidsdomein of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, aangewezen door de Vlaamse Regering, toelaten om de inburgering, vermeld in afdeling 3 , het aanbod Nederlands als tweede taal verstrekt door de centra, vermeld in artikel 2, 4°, en de dienstverlening ten aanzien van anderstaligen, vermeld in afdeling 9 , op te volgen; | |
| 10 | + | 6° het EVA, het departement van het beleidsdomein of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, aangewezen door de Vlaamse Regering, toelaten om de inburgering, vermeld in afdeling 3 van dit decreet, het aanbod Nederlands als tweede taal verstrekt door de centra, vermeld in artikel 2, 4°, van dit decreet en de dienstverlening ten aanzien van anderstaligen, vermeld in afdeling 9 van dit decreet, op te volgen; | |
| 11 | − | 7° het EVA toelaten om persoonsgegevens van inburgeraars opgenomen in het cliëntvolgsysteem, elektronisch mee te delen aan de gemeenten, met het oog op de inschakeling in het lokaal inclusief integratiebeleid, vermeld in artikel 4, § 4, 2°. | |
| 11 | + | 7° het EVA toelaten om persoonsgegevens van inburgeraars opgenomen in het cliëntvolgsysteem, elektronisch mee te delen aan de gemeenten, met het oog op de inschakeling in het lokaal inclusief integratiebeleid, vermeld in artikel 4, § 4, 2° van dit decreet; | |
| 12 | + | 8° het EVA toelaten om persoonsgegevens van inburgeraars, die vallen onder de toepassing van artikel 1/2 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, die opgenomen zijn in het cliëntvolgsysteem, elektronisch mee te delen aan de Dienst Vreemdelingenzaken, met het oog op informatiedeling en ter uitvoering van de kerntaak van het EVA, vermeld in artikel 17, tweede lid, 4°, van dit decreet. | |
| 12 | 13 | De elektronische mededeling van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 7°, is beperkt tot: | |
| 13 | 14 | 1° de naam, de voornaam en het rijksregisternummer van de inburgeraars die zijn ingeschreven in het Rijksregister in de gemeente aan wie de gegevens worden meegedeeld; | |
| 15 | 16 | 3° de vermelding of deze inburgeraars een attest van inburgering hebben behaald. | |
| 16 | 17 | Persoonsgegevens die overeenkomstig het eerste lid, 7°, door het EVA elektronisch zijn meegedeeld aan een gemeente, mogen door de gemeente niet langer dan vijf jaar bewaard worden in een vorm die het mogelijk maakt om de betrokkenen te identificeren. | |
| 18 | + | De elektronische mededeling van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 8°, is beperkt tot: | |
| 19 | + | 1° de naam, de voornaam en het rijksregisternummer van de inburgeraars, vermeld in het eerste lid, 8° ; | |
| 20 | + | 2° de vermelding of deze inburgeraars een inburgeringscontract hebben ondertekend; | |
| 21 | + | 3° de vermelding of deze inburgeraars een attest van inburgering hebben behaald. | |
| 17 | − | Het EVA is de verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 7° . | |
| 22 | + | Het EVA is de verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 7° en 8°. | |
| 18 | 23 | De Vlaamse Regering kan de nadere voorwaarden voor het ter beschikking stellen, het aanpassen en het gebruiken van het computergestuurd cliëntvolgsysteem en de elektronische gegevensuitwisseling bepalen. | |
| 19 | − | § 2. De Vlaamse Regering stelt een uniform registratiesysteem ter beschikking van het EVA voor de dienstverlening sociaal tolken en sociaal vertalen , vermeld in artikel 17, tweede lid, 2°, a). | |
| 24 | + | § 2. De Vlaamse Regering stelt een uniform registratiesysteem ter beschikking van het EVA voor de dienstverlening sociaal tolken en sociaal vertalen dat behoort tot het taalbeleid, vermeld in artikel 17, tweede lid, 2°, b), van dit decreet. | |
| 20 | 25 | De Vlaamse Regering kan de nadere voorwaarden voor het ter beschikking stellen, het aanpassen en het gebruiken van registratiesysteem bepalen. | |
| 1 | − | Voor de inspectie op de kerntaken, vermeld in artikel 17, tweede lid, kan het EVA beroep doen op de inspectie als vermeld in deel II, titel IV, van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen. | |
| 1 | + | Voor de inspectie op de kerntaken, vermeld in artikel 17, tweede lid, kan het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, vermeld in artikel 16, § 4, beroep doen op de inspectie als vermeld in deel II, titel IV, van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen. |
| 1 | 1 | § 1. De Vlaamse Regering stelt bij het EVA een regeringscommissaris aan. | |
| 2 | 2 | De regeringscommissaris houdt toezicht op de overeenstemming van de verrichtingen en de werking van het EVA met het recht, de statuten en de samenwerkingsovereenkomst. | |
| 3 | − | Tegen elke beslissing van de raad van bestuur die hij strijdig acht met het decreet, de statuten en de samenwerkingsovereenkomst, dient de regeringscommissaris van de Vlaamse Regering beroep in bij de bevoegde minister. Dit beroep wordt met redenen omkleed. Het wordt uitgeoefend binnen de vijf vrije dagen die volgen op de ontvangst door de regeringscommissaris van het afschrift van de beslissing. | |
| 3 | + | Tegen elke beslissing van het bestuursorgaan die hij strijdig acht met het decreet, de statuten en de samenwerkingsovereenkomst, dient de regeringscommissaris van de Vlaamse Regering beroep in bij de bevoegde minister. Dit beroep wordt met redenen omkleed. Het wordt uitgeoefend binnen de vijf vrije dagen die volgen op de ontvangst door de regeringscommissaris van het afschrift van de beslissing. | |
| 4 | − | Van dit beroep wordt binnen dezelfde termijn kennis gegeven aan de raad van bestuur. De uitvoering van de beslissing wordt door het beroep geschorst. | |
| 4 | + | Van dit beroep wordt binnen dezelfde termijn kennis gegeven aan het bestuursorgaan. De uitvoering van de beslissing wordt door het beroep geschorst. | |
| 5 | − | § 2. De regeringscommissaris heeft met raadgevende stem zitting in de raad van bestuur van het EVA. | |
| 5 | + | § 2. De regeringscommissaris heeft met raadgevende stem zitting in het bestuursorgaan van het EVA. | |
| 6 | − | Ten minste vijf werkdagen vóór de datum van de vergaderingen ontvangt de regeringscommissaris de volledige agenda van de vergaderingen van de raad van bestuur van het EVA, alsook alle documenten ter zake. In gemotiveerde gevallen van hoogdringendheid kan van deze bepaling worden afgeweken. | |
| 6 | + | Ten minste vijf werkdagen vóór de datum van de vergaderingen ontvangt de regeringscommissaris de volledige agenda van de vergaderingen van het bestuursorgaan van het EVA, alsook alle documenten ter zake. In gemotiveerde gevallen van hoogdringendheid kan van deze bepaling worden afgeweken. | |
| 7 | 7 | De regeringscommissaris kan te allen tijde ter plaatse alle documenten en geschriften van het EVA inzien. | |
| 8 | 8 | De regeringscommissaris kan van de bestuurders alle inlichtingen en ophelderingen vorderen, en alle verificaties verrichten die hij nodig acht voor uitvoering van zijn mandaat. | |
| 1 | + | § 1. In afwijking van artikel 16, § 3, kan bij besluit van de Vlaamse Regering, voor welbepaalde gebieden, de uitvoering van een of meer taken of kerntaken als vermeld in artikel 17, toegekend worden aan : | |
| 2 | + | 1° een lokaal bestuur; | |
| 3 | + | 2° de Vlaamse Gemeenschapscommissie; | |
| 4 | + | 3° een vereniging zonder winstoogmerk. | |
| 5 | + | Desgevallend wordt voor de uitvoering van de taken of kerntaken elke verwijzing naar het EVA gelezen als een verwijzing naar het betrokken lokaal bestuur, de Vlaamse Gemeenschapscommissie of een vereniging zonder winstoogmerk. | |
| 6 | + | De Vlaamse Regering zal de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de voormelde taken en kerntaken worden toegekend, nader bepalen. | |
| 7 | + | § 2. De Vlaamse Regering zal in voorkomend geval binnen de beschikbare begrotingskredieten, een algemene werkings- en investeringssubsidie toekennen aan de instanties waaraan met toepassing van paragraaf 1 een of meer taken of kerntaken werden toegekend. Subsidies toegekend aan een lokaal bestuur vallen onder de principes, vermeld in het decreet van 15 juli 2011 houdende vaststelling van de algemene regels waaronder in de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest periodieke plan- en rapporteringsverplichtingen aan lokale besturen kunnen worden opgelegd. | |
| 8 | + | De Vlaamse Regering kan de nadere regels en modaliteiten bepalen betreffende de toekenning, de terugvordering en de verantwoording van die subsidies, de indiening van aanvragen en verantwoordingsstukken, de eenmalige gegevensopvraging en voor de onverenigbaarheden en de procedure voor de controle op de aanwending van die subsidies. | |
| 9 | + | § 3. De instanties waaraan met toepassing van paragraaf 1 een of meer taken of kerntaken werden toegekend, voorzien in de nodige afstemming met het EVA in functie van de coördinatie van de in dit decreet bedoelde taken en kerntaken die door alle betrokkenen worden uitgevoerd. | |
| 10 | + | Het EVA coördineert de afstemming met de instanties, vermeld in het eerste lid, om de taken en de kerntaken, vermeld in artikel 17, uit te voeren. |
| 1 | 1 | § 1. Tot de doelgroep van inburgering behoren de volgende categorieën van personen : | |
| 2 | − | 1° iedere vreemdeling met wettig verblijf, voor zover volle achttien jaar oud, die ingeschreven is in het Rijksregister in een gemeente van het Nederlandse taalgebied of in een gemeente van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, met uitzondering van de vreemdeling met wettig verblijf die hier voor een tijdelijk doel verblijft en van de asielzoeker gedurende een termijn van vier maanden na indiening van zijn asielaanvraag; | |
| 2 | + | 1° iedere vreemdeling met wettig verblijf, voor zover volle achttien jaar oud, die ingeschreven is in het Rijksregister in een gemeente van het Nederlandse taalgebied of in een gemeente van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, met uitzondering van de vreemdeling met wettig verblijf die hier voor een tijdelijk doel verblijft en van de verzoeker om internationale bescherming die niet in een andere hoedanigheid in het Rijksregister is ingeschreven; | |
| 3 | 3 | 2° iedere meerderjarige Belg, geboren buiten België, van wie minstens één ouder geboren is buiten België en die in het Rijksregister ingeschreven is in een gemeente van het Nederlandse taalgebied of in een gemeente van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad; | |
| 4 | − | 3° iedere minderjarige vreemdeling met wettig verblijf die ingeschreven is in het Rijksregister in een gemeente van het Nederlandse taalgebied of in een gemeente van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstaddie voldaan heeft aan de deeltijdse leerplicht of die, voor zover niet de volle achttien jaar oud, aanvullend bij de leerplicht baat heeft bij het volgen een inburgeringstraject. | |
| 4 | + | 3° iedere minderjarige vreemdeling met wettig verblijf die ingeschreven is in het Rijksregister in een gemeente van het Nederlandse taalgebied of in een gemeente van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, met uitzondering van de begeleide minderjarige verzoeker om internationale bescher- ming die niet in een andere hoedanigheid in het Rijksregister is ingeschreven, die voldaan heeft aan de deeltijdse leerplicht of die, voor zover niet de volle achttien jaar oud, aanvullend bij de leerplicht baat heeft bij het volgen een inburgeringstraject. | |
| 5 | 5 | De Vlaamse Regering bepaalt de categorieën van vreemdelingen die met een tijdelijk doel verblijven als vermeld in het eerste lid, 1°. | |
| 6 | − | Met asielzoeker in de zin van het eerste lid, 1° , wordt hier de vreemdeling bedoeld die een asielaanvraag heeft ingediend, hetzij tot erkenning van de vluchtelingenstatus, hetzij tot toekenning van de subsidiaire beschermingsstatus, vermeld in artikel 49/3 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. | |
| 6 | + | Met verzoeker om internationale bescherming in de zin van het eerste lid, 1° en 3°, wordt hier de vreemdeling bedoeld die een verzoek om internationale bescherming heeft ingediend, hetzij tot erkenning van de vluchtelingenstatus, hetzij tot toekenning van de subsidiaire beschermingsstatus, vermeld in artikel 49/3 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. | |
| 7 | 7 | § 2. Elke inburgeraar heeft recht op een inburgeringstraject. Evenwel zal bij de uitoefening van dit recht voorrang verleend worden aan de inburgeraars, vermeld in paragraaf 3. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere modaliteiten. | |
| 8 | 8 | § 3. Met behoud van de toepassing van het tweede lid is de Vlaamse Regering gemachtigd om een lijst op te stellen van de prioritaire categorieën van inburgeraars die bij voorrang recht hebben op het volgen van een inburgeringstraject of welbepaalde onderdelen ervan. | |
| 27 | 27 | § 3. De verplichte inburgeraar is verplicht : | |
| 28 | 28 | 1° zich bij het EVA aan te melden binnen een termijn van maximaal drie maanden nadat de inburgeringsplicht voor hem is ontstaan overeenkomstig paragraaf 1; | |
| 29 | − | 2° om het vormingsprogramma te volgen en per onderdeel hetzij regelmatig deel te nemen hetzij de doelstellingen van het onderdeel te behalen. | |
| 29 | + | 2° om de doelstellingen van de onderdelen van het inburgeringstraject te behalen. | |
| 30 | 30 | De Vlaamse Regering kan de termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, inkorten. | |
| 31 | + | In afwijking van het eerste lid, 2°, hoeft de verplichte inburgeraar de doelstellingen van de vormingspakketten niet te behalen als het voor hem door beperkte leercapaciteiten onmogelijk is om die doelstellingen te behalen. De Vlaamse Regering regelt de nadere uitvoering. | |
| 32 | + | Voor de volgende specifieke categorieën kan de Vlaamse Regering voorzien in een uitstel van de termijn waarin de inburgeraar zich moet aanmelden: | |
| 33 | + | 1° voor de inburgeraars, vermeld in artikel 26, § 1, die werken of studeren en kunnen bewijzen dat zij niet in staat zijn om dat werk of de opleiding te combineren met het volgen van een inburgeringstraject; | |
| 34 | + | 2° voor de inburgeraars die om medische of persoonlijke redenen in de onmogelijkheid verkeren om te voldoen aan de plicht tot tijdige aanmelding, vermeld in het eerste lid, 1°. | |
| 35 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder medische of persoonlijke redenen als vermeld in het vierde lid, 2°. | |
| 36 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder het begrip werken en onder het begrip studeren, vermeld in het vierde lid, 1°. | |
| 31 | 37 | § 4. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere uitvoering en voorwaarden van de vrijstellingen, vermeld in paragraaf 2, eerste tot en met derde lid. | |
| 32 | − | Met behoud van de toepassing van artikel 31, § 3, eerste lid, bepaalt de Vlaamse Regering de nadere uitvoering en voorwaarden van de verplichtingen, vermeld in paragraaf 3. | |
| 38 | + | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere uitvoering en voorwaarden van de verplichtingen, vermeld in paragraaf 3. | |
| 33 | − | § 5. De inburgeraar die voldoet aan de voorwaarden uit het tweede lid is enkel verplicht tot het volgen van de opleiding Nederlands als tweede taal, bepaald in artikel 29, § 1, derde lid, en daarbij de verplichtingen, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 1° en 2°, na te komen. Indien nodig moet de betrokkene zelf zijn status aantonen. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels hiervan. | |
| 39 | + | § 5. De inburgeraar die voldoet aan de voorwaarden uit het tweede lid is enkel verplicht tot het volgen van de opleiding Nederlands als tweede taal, bepaald in artikel 31, § 1, en daarbij de verplichtingen, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 1° en 2°, na te komen. Indien nodig moet de betrokkene zelf zijn status aantonen. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels hiervan. | |
| 34 | 40 | De in het eerste lid bedoelde voorwaarden zijn : | |
| 35 | 41 | 1° onderdaan zijn van een land dat geen lid is van de EU+; | |
| 37 | 43 | 3° het bewijs leveren ingevolge de wetgeving van een lidstaat van de EU langdurig ingezetene te zijn van die lidstaat; | |
| 38 | 44 | 4° het bewijs leveren te hebben voldaan aan integratievoorwaarden, overeenkomstig artikel 5, tweede lid, van Richtlijn 2003/109/EG van 25 november 2003 betreffende de status van langdurig ingezeten onderdanen van derde landen, om de status van langdurig ingezetene in de zin van die richtlijn te verkrijgen. | |
| 45 | + | § 5/1. De Vlaamse Regering kan andere categorieën bepalen die vrijgesteld worden van een of meer onderdelen van het inburgeringstraject, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid. | |
| 39 | 46 | § 6. De minderjarige nieuwkomer, vermeld in artikel 26, § 4, tweede lid, die ingeschreven is in het Rijksregister in een gemeente van het Nederlandse taalgebied en die achttien jaar wordt op het ogenblik dat hij nog geen twaalf opeenvolgende maanden voor het eerst met een verblijfstitel van meer dan drie maanden is ingeschreven in het Rijksregister in een Belgische gemeente en die als inburgeraar niet vrijgesteld is van de inburgeringsplicht overeenkomstig paragraaf 2, is, overeenkomstig paragraaf 3, eerste lid, 1°, verplicht om zich binnen de termijn van maximaal drie maanden nadat hij achttien jaar is geworden, aan te melden bij het EVA. | |
| 40 | 47 | Als hij bij zijn aanmelding niet kan aantonen dat hij ingeschreven is in het onthaalonderwijs of voor een opleiding die leidt tot een diploma, getuigschrift, certificaat of ander document in een onderwijsinstelling als vermeld in paragraaf 2, derde lid, wordt de inburgeringsplicht, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 2°, van overeenkomstige toepassing. Als hij bij zijn aanmelding kan aantonen dat hij ingeschreven is in het onthaalonderwijs of voor een opleiding die leidt tot een diploma, getuigschrift, certificaat of ander document in een onderwijsinstelling als vermeld in paragraaf 2, derde lid, wordt de inburgeringsplicht opgeschort tot 31 augustus van het schooljaar in kwestie. Als hij uiterlijk op 31 augustus van hetzelfde jaar kan aantonen dat hij opnieuw ingeschreven is voor een opleiding die leidt tot een diploma, getuigschrift, certificaat of ander document in een onderwijsinstelling als vermeld in paragraaf 2, derde lid, of als hij een attest van regelmatige lesbijwoning als vermeld in paragraaf 2, eerste lid, 6°, kan voorleggen, wordt hij vrijgesteld van de inburgeringsplicht en reikt het EVA een attest van vrijstelling uit. Als hij uiterlijk op 31 augustus van hetzelfde jaar niet kan aantonen dat hij opnieuw ingeschreven is voor een opleiding die leidt tot een diploma, getuigschrift, certificaat of ander document in een onderwijsinstelling als vermeld in paragraaf 2, derde lid, wordt de inburgeringsplicht, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 2°, van overeenkomstige toepassing. | |
| 1 | − | Het inburgeringstraject laat de inburgeraars toe te komen tot grotere zelfredzaamheid. | |
| 2 | − | Het inburgeringstraject is een vormingsprogramma, ondersteund door trajectbegeleiding, voor de inburgeraars, dat door het EVA op maat wordt aangeboden en dat hen moet toeleiden naar de reguliere voorzieningen in functie van participatie op professioneel, educatief en sociaal vlak. | |
| 3 | − | Het EVA organiseert het vormingspakket maatschappelijke oriëntatie, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, voor de inburgeraars en verzorgt de trajectbegeleiding van de inburgeraars binnen het inburgeringstraject. Tevens behoudt het EVA het overzicht over het inburgeringstraject en rapporteert hierover aan de Vlaamse Regering en de betrokken gemeenten van het Nederlandse taalgebied. | |
| 4 | − | Onder voorbehoud van de toepassing van de bepalingen van deze onderafdeling bepaalt de Vlaamse Regering de organisatie van het inburgeringstraject, alsook de inhoud, voorwaarden en kwaliteitscriteria van het vormingsprogramma. | |
| 1 | + | § 1. De gemeente waar de inburgeraar voor het eerst met een verblijfstitel van meer dan drie maanden in het Rijksregister ingeschreven wordt, informeert die persoon over het inburgeringsbeleid en verwijst hem door naar het EVA. | |
| 2 | + | De gemeente wijst de verplichte inburgeraars, vermeld in artikel 27, § 1, 1° en 3°, § 5 en § 6, op de verplichtingen, vermeld in artikel 27, § 3, die in voorkomend geval op hen van toepassing zijn, en wijst hen ook op de sancties, vermeld in artikel 40. | |
| 3 | + | § 2. Het EVA brengt de verplichte inburgeraar, vermeld in artikel 27, § 1, 1° en 3°, § 5 en § 6, op de hoogte van zijn inburgeringsplicht. | |
| 4 | + | Met behoud van de toepassing van paragraaf 1, informeert het EVA de inburgeraar, vermeld in artikel 20, § 1, eerste lid, 3°, a), over het inburgeringsbeleid. | |
| 5 | + | § 3. Het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid dat de Vlaamse Regering aanwijst, informeert de verplichte inburgeraar, vermeld in artikel 27, § 1, 2°, over het inburgeringsbeleid en de inburgeringsplicht, en verwijst hem door naar het EVA. | |
| 6 | + | § 4. De Vlaamse Regering regelt de nadere uitvoering van paragraaf 1 tot en met 3. |
| 1 | − | § 1. Het vormingsprogramma binnen het inburgeringstraject bestaat uit de vormingspakketten maatschappelijke oriëntatie en opleiding Nederlands als tweede taal. | |
| 2 | − | Maatschappelijke oriëntatie heeft tot doel in een zo kort mogelijke tijd het zelfstandiger functioneren te verhogen, enerzijds door de kennis van de rechten en de plichten en de kennis van en het inzicht in onze samenleving en haar basiswaarden aan te reiken en anderzijds door een aanzet te geven tot het ontwikkelen van enkele competenties die noodzakelijk zijn voor de zelfredzaamheid van de inburgeraars. | |
| 3 | − | Opleiding Nederlands als tweede taal heeft tot doel in een zo kort mogelijke tijd een basistaalvaardigheid van het Nederlands als opstap naar een vervolgcursus aan te reiken aan de inburgeraars. Onder basistaalvaardigheid wordt verstaan : het taalniveau van de opleiding Nederlands als tweede taal dat de opleiding NT2 Breakthrough/Waystage R1 omvat, vermeld in bijlage 1 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2005 betreffende de modulaire structuur van het secundair onderwijs voor sociale promotie voor het studiegebied Nederlands tweede taal. Voor inburgeraars die een opleiding van het leergebied alfabetisering Nederlands tweede taal, vermeld in artikel 6, 1°, van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs, volgen, zal de Vlaamse Regering afwijken van de bepalingen vermeld in het derde lid. | |
| 4 | − | De opleiding Nederlands als tweede taal, aangeboden binnen de centra, valt onder de op deze centra toepasselijke bepalingen inzake kwaliteitscontrole. | |
| 5 | − | § 2. Het EVA bepaalt het inburgeringstraject in overleg met de inburgeraar. | |
| 6 | − | Bij het bepalen van het vormingsprogramma binnen het inburgeringstraject houdt het EVA rekening met reeds verworven kennis of vaardigheden en met de kennis of vaardigheden die betrokkene aantoonbaar zal verwerven bij reguliere voorzieningen. Het EVA kan betrokkene geheel of gedeeltelijk vrijstelling verlenen. | |
| 7 | − | Inburgeraars die over voldoende vaardigheden beschikken, hebben de mogelijkheid om meteen in het vervolgaanbod te stappen. Die rechtstreekse instap gebeurt in onderling overleg tussen het EVA, de inburgeraar en de reguliere voorziening(en) verantwoordelijk voor het vervolgaanbod. | |
| 8 | − | Het vormingsprogramma, vermeld in het eerste lid, wordt opgenomen in een inburgeringscontract. | |
| 9 | − | § 3. In afwijking van paragraaf 2, eerste lid, biedt het EVA aan een inburgeraar die verplicht ingeschreven werkzoekende is en niet behoort tot de prioritaire categorieën, vermeld in artikel 26, § 3, die naar het EVA is doorverwezen door de VDAB, een vormingsprogramma aan zoals de VDAB heeft aangeduid bij de doorverwijzing. | |
| 10 | − | In afwijking van paragraaf 2, eerste lid, biedt het EVA aan een inburgeraar die inkomsten verwerft via maatschappelijke dienstverlening of een leefloon, voor zover hij niet behoort tot de prioritaire categorieën, vermeld in artikel 26, § 3, die naar het EVA werd doorverwezen door een OCMW, een vormingsprogramma aan zoals door het OCMW aangeduid bij de doorverwijzing. | |
| 1 | + | § 1. Het inburgeringstraject laat de inburgeraars toe te komen tot grotere zelfredzaamheid. | |
| 2 | + | Het inburgeringstraject bestaat uit de volgende onderdelen: | |
| 3 | + | 1° een vormingspakket maatschappelijke oriëntatie als vermeld in artikel 30; | |
| 4 | + | 2° een vormingspakket opleiding Nederlands als tweede taal als vermeld in artikel 31; | |
| 5 | + | 3° een inschrijving bij de VDAB of bij Actiris als vermeld in artikel 32; | |
| 6 | + | 4° een participatieen netwerktraject als vermeld in artikel 33. | |
| 7 | + | De inschrijving bij de VDAB of bij Actiris, vermeld in het tweede lid, 3°, behoort alleen tot het inburgeringstraject van inburgeraars op beroepsactieve leeftijd die wettelijk toegang hebben tot de arbeidsmarkt. | |
| 8 | + | Het participatie- en netwerktraject, vermeld in het tweede lid, 4°, kan worden opgenomen in het inburgeringscontract door een inburgeraar die niet verplicht is het inburgeringstraject te volgen. | |
| 9 | + | Onder voorbehoud van de bepalingen van deze onderafdeling bepaalt de Vlaamse Regering: | |
| 10 | + | 1° de organisatie van het inburgeringstraject; | |
| 11 | + | 2° de inhoud, voorwaarden en kwaliteitscriteria van de vormingspakketten en het participatie- en netwerktraject voor de inburgeraars. | |
| 12 | + | § 2. Het EVA behoudt het overzicht over het inburgeringstraject, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, en rapporteert daarover aan de Vlaamse Regering en de gemeenten in kwestie van het Nederlandse taalgebied. | |
| 13 | + | § 3. Het inburgeringstraject, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, duurt vanaf de aanmelding bij het EVA tot op het ogenblik dat de doelstellingen van de onderdelen van het inburgeringstraject zijn behaald en de inburgeraar is toegeleid naar de reguliere voorzieningen. |
| 1 | − | Trajectbegeleiding is een methodiek om de inburgeraars individueel en op maat te begeleiden tijdens het inburgeringstraject. De trajectbegeleiding staat garant voor de integrale benadering van het inburgeringstraject dat in samenspraak met de betrokken inburgeraar wordt uitgevoerd. | |
| 2 | − | De trajectbegeleiding omvat de loopbaanoriëntatie die tot doel heeft een individueel proces te ondersteunen en te begeleiden, waarbij de inburgeraar de eigen levensloopbaan uittekent en daarbij onder meer inzicht verwerft in de arbeidsmarkt en het onderwijssysteem, waarbij de al aanwezige competenties vertaald worden naar onze samenleving. | |
| 3 | − | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden en regels inzake de trajectbegeleiding. | |
| 1 | + | § 1. Het EVA organiseert het vormingspakket maatschappelijke oriëntatie, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, 1°, voor de inburgeraars. | |
| 2 | + | § 2. Het vormingspakket maatschappelijke oriëntatie, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, 1°, heeft als doelstelling in een zo kort mogelijke tijd het zelfstandiger functioneren te verhogen, enerzijds door de kennis van de rechten en de plichten en de kennis van en het inzicht in onze samenleving en haar basiswaarden aan te reiken en anderzijds door een aanzet te geven tot het ontwikkelen van enkele competenties die noodzakelijk zijn voor de zelfredzaamheid van de inburgeraars. | |
| 3 | + | De inburgeraar toont aan dat hij de doelstelling van het vormingspakket maatschappelijke oriëntatie heeft behaald door te slagen voor een test die het EVA organiseert. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden en regels voor die test. | |
| 4 | + | § 3. Deelname aan het vormingspakket maatschappelijke oriëntatie, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, 1°, is afhankelijk van de eenmalige betaling van een retributie. De Vlaamse Regering stelt het bedrag van de retributie vast en bepaalt de nadere modaliteiten van die retributie. | |
| 5 | + | Deelname aan de test, vermeld in paragraaf 2, tweede lid, is afhankelijk van de betaling van een retributie. De Vlaamse Regering stelt het bedrag van de retributie vast en bepaalt de nadere modaliteiten van die retributie. | |
| 6 | + | In afwijking van het eerste en tweede lid, kan de Vlaamse Regering een vrijstelling verlenen voor een inburgeraar die ingeschreven is in het Rijksregister in een gemeente van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad voor de retributie, vermeld in het eerste en tweede lid. |
| 1 | − | § 1. Het inburgeringstraject duurt vanaf de aanmelding bij het EVA tot het ogenblik dat de inburgeraar volledig is overgedragen aan het OCMW of aan de reguliere voorzieningen die belast zijn met het vervolgaanbod. | |
| 2 | − | Het vormingsprogramma wordt opgestart maximaal drie maanden na de aanmelding bij het EVA. Voor de volgende specifieke categorieën kan de Vlaamse Regering afwijken van deze termijn : | |
| 3 | − | 1° voor de inburgeraars, vermeld in paragraaf 3; | |
| 4 | − | 2° voor de inburgeraars die omwille van medische of persoonlijke redenen deze termijn niet kunnen respecteren. | |
| 5 | − | Het inburgeringstraject wordt hoogstens één jaar na het opstarten van het vormingsprogramma afgerond. Voor de volgende specifieke categorieën kan de Vlaamse Regering afwijken van deze termijn : | |
| 6 | − | 1° voor de inburgeraars, vermeld in paragraaf 3; | |
| 7 | − | 2° voor de inburgeraars die omwille van medische of persoonlijke redenen deze termijn niet kunnen respecteren; | |
| 1 | + | § 1. Het vormingspakket Nederlands als tweede taal, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, 2°, dat de centra, vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°, a) tot en met e), aanbieden, heeft als doelstelling om in een zo kort mogelijke tijd het Nederlands te beheersen op het taalvaardigheidsniveau A2, zoals omschreven in het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Moderne Vreemde Talen, als opstap naar een vervolgcursus. | |
| 2 | + | Als de inburgeraar een vormingspakket Nederlands als tweede taal volgt bij de centra, vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°, a) en b), van dit decreet, biedt dat vormingspakket het taalniveau van de opleiding Nederlands als tweede taal dat de opleiding NT2 Breakthrough/Waystage R1 omvat. | |
| 8 | − | 3° voor inburgeraars die een opleiding van het leergebied alfabetisering Nederlands tweede taal, vermeld in artikel 6, 1°, van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs, volgen. | |
| 3 | + | Voor inburgeraars die een opleiding in het leergebied alfabetisering Nederlands tweede taal, vermeld in artikel 6, 1°, van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs, volgen, zal de Vlaamse Regering afwijken van de bepalingen, vermeld in het eerste lid. | |
| 9 | − | De Vlaamse Regering kan nader bepalen wat verstaan wordt onder medische en persoonlijke redenen, vermeld in het tweede lid, 2°, en derde lid, 2°. | |
| 10 | − | § 2. Met behoud van de toepassing van paragraaf 1 bieden de centra aan de inburgeraars binnen drie maanden nadat ze zich bij het EVA hebben aangemeld, een cursus Nederlands als tweede taal op maat aan. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels daarvan. | |
| 11 | − | § 3. Als en zolang een inburgeraar als vermeld in artikel 26, § 1, werkt, en kan bewijzen dat hij niet in staat is om dat werk te combineren met het volgen van een inburgeringstraject, heeft hij recht op een flexibel inburgeringstraject dat hem toelaat zowel te werken als zijn inburgeringstraject te volgen. Daarbij kan afgeweken worden van de bepalingen, vermeld in paragraaf 1, en van de bepaling, vermeld in artikel 27, § 3, eerste lid, 1°. | |
| 12 | − | Als en zolang een inburgeraar als vermeld in artikel 26, § 1, een van de volgende opleidingen volgt en kan bewijzen dat hij niet in staat is om die opleidingen te combineren met het volgen van een inburgeringstraject, heeft hij recht op een flexibel inburgeringstraject dat hem toelaat zowel de opleiding als zijn inburgeringstraject te volgen. Daarbij kan afgeweken worden van de bepalingen, vermeld in paragraaf 1, en van de bepaling, vermeld in artikel 27, § 3, eerste lid, 1° : | |
| 13 | − | 1° een voltijds studietraject als vermeld in artikel 5, 42°, van het decreet van 8 juni 2007 betreffende de studiefinanciering van de Vlaamse Gemeenschap; | |
| 14 | − | 2° een diplomagerichte opleiding in het volwassenenonderwijs als vermeld in bijlage IX van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 betreffende de studiebekrachtiging in het volwassenenonderwijs; | |
| 15 | − | 3° een hogere beroepsopleiding als vermeld in artikel 4 van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs; | |
| 16 | − | 4° een voltijdse dagopleiding, georganiseerd door een Syntra vzw. | |
| 17 | − | De Vlaamse Regering regelt de nadere uitvoering van het eerste en tweede lid en kan de lijst met opleidingen, vermeld in het tweede lid, aanvullen. | |
| 18 | − | § 4. Aan de kandidaat-inwijkeling kan in het land van herkomst een starterspakket met het oog op inburgering worden aangeboden dat hem in staat stelt zich beter voorbereid te vestigen in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. | |
| 19 | − | De overige bepalingen van dit decreet zijn niet van toepassing op de kandidaat-inwijkeling, vermeld in het eerste lid. | |
| 20 | − | In het eerste lid wordt verstaan onder starterspakket met het oog op inburgering : een kosteloos informatiepakket dat ter beschikking wordt gesteld van de kandidaat-inwijkeling zodat hij zich in het land van herkomst kan voorbereiden op zijn vestiging in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. | |
| 4 | + | § 2. De Vlaamse Regering bepaalt de wijze waarop het taalvaardigheidsniveau, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, wordt vastgesteld. | |
| 5 | + | § 3. Het vormingspakket Nederlands als tweede taal dat binnen de centra wordt aangeboden, vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°, a) tot en met d), valt onder de bepalingen over de kwaliteitscontrole die op die centra van toepassing zijn. |
| 1 | − | § 1. De gemeente waar de inburgeraar voor het eerst met een verblijfstitel van meer dan drie maanden ingeschreven wordt in het Rijksregister, informeert die persoon over het inburgeringsbeleid en verwijst hem door naar het EVA. De gemeente wijst de verplichte inburgeraars, vermeld in artikel 27, § 1, 1° en 3°, § 5 en § 6, op de verplichtingen, vermeld in artikel 27, § 3, die in voorkomend geval op hen van toepassing zijn, alsook op de sancties, vermeld in artikel 40. | |
| 2 | − | § 2. Het EVA brengt de verplichte inburgeraar, vermeld in artikel 27, § 1, 1° en 3°, § 5 en § 6, op de hoogte van zijn inburgeringsplicht. | |
| 3 | − | Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen, vermeld in paragraaf 1, moet het EVA de inburgeraar, vermeld in artikel 20, § 1, eerste lid, 3°, a), informeren over het inburgeringsbeleid. | |
| 4 | − | § 3. Het departement of intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, aangewezen door de Vlaamse Regering, informeert de verplichte inburgeraar, vermeld in artikel 27, § 1, 2°, over het inburgeringsbeleid en de inburgeringsplicht, en verwijst hem door naar het EVA. | |
| 5 | − | § 4. De Vlaamse Regering regelt de nadere uitvoering van paragraaf 1 tot en met 3. | |
| 1 | + | § 1. De inschrijving bij de VDAB of Actiris, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, 3°, heeft als doelstelling de economische zelfredzaamheid van de inburgeraar te versterken. | |
| 2 | + | § 2. De inburgeraars die ingeschreven zijn in het Rijksregister in een gemeente van het Nederlandse taalgebied zijn verplicht zich in te schrijven bij de VDAB. De inburgeraars die ingeschreven zijn in het Rijksregister in een gemeente van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad voldoen aan de voorwaarde van artikel 29, § 1, tweede lid, 3°, door zich in te schrijven bij Actiris. | |
| 3 | + | § 3. De inburgeraar toont op een van de volgende wijzen aan dat hij de doelstelling van de inschrijving bij de VDAB of bij Actiris heeft behaald: | |
| 4 | + | 1° door zich in te schrijven bij de VDAB of bij Actiris binnen maximaal zestig dagen na de ondertekening van het inburgeringscontract; | |
| 5 | + | 2° door aan te tonen dat hij werkt op het ogenblik van de ondertekening van het inburgeringscontract; | |
| 6 | + | 3° door aan te tonen dat hij werkt voor de termijn van maximaal zestig dagen verstreken is na de ondertekening van het inburgeringscontract. | |
| 7 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder het begrip werken, vermeld in het eerste lid. |
| 1 | − | Als de inburgeraar minstens de doelstellingen voor het vormingsprogramma, vermeld in artikel 29, heeft bereikt, reikt het EVA aan die persoon een attest van inburgering uit. Als het om een inburgeraar gaat als vermeld in artikel 29, § 3, brengt het EVA de VDAB of het OCMW, naargelang van het geval, daarvan op de hoogte. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor het attest van inburgering. | |
| 2 | − | Als de inburgeraar voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 29, § 2, derde lid, reikt het EVA aan die persoon onmiddellijk een attest van inburgering uit. Als het een inburgeraar betreft als vermeld in artikel 29, § 3, brengt het EVA de VDAB of OCMW, naargelang van het geval, daarvan op de hoogte. | |
| 3 | − | Als het EVA vaststelt dat een inburgeraar van de inburgeringsplicht vrijgesteld is met toepassing van artikel 27, § 2, reikt het EVA aan die persoon een attest van vrijstelling uit. | |
| 4 | − | De attesten, vermeld in het eerste en derde lid, worden opgemaakt door het EVA. | |
| 1 | + | § 1. Het participatie- en netwerktraject, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, 4°, heeft als doelstelling een betere participatie en integratie te bewerkstelligen door een netwerk te creëren. | |
| 2 | + | § 2. De inburgeraar toont op een van de volgende wijzen aan dat hij de doelstelling van het participatie- en netwerktraject heeft behaald: | |
| 3 | + | 1° door aan te tonen dat hij gedurende minimaal veertig uur heeft deelgenomen aan het participatie- en netwerktraject gedurende de termijn van het inburgeringscontract, vermeld in artikel 34/2, § 1, 4° ; | |
| 4 | + | 2° door aan te tonen dat hij werkt of studeert op het ogenblik van de ondertekening van het inburgeringscontract; | |
| 5 | + | 3° door aan te tonen dat hij werkt of studeert na de ondertekening van het inburgeringscontract en voordat het inburgeringstraject afloopt. | |
| 6 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat wordt verstaan onder het begrip werken en het begrip studeren, vermeld in het eerste lid. | |
| 7 | + | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden en regels over het participatie- en netwerktraject. |
| 1 | − | Het inburgeringstraject wordt afgesloten bij de volledige overdracht van de betrokken inburgeraar van het EVA aan de reguliere voorzieningen of het OCMW. De overdracht verloopt volgens een samenwerkingsovereenkomst, gesloten met de reguliere voorzieningen of het OCMW. De samenwerkingsovereenkomst bevat minstens een regeling over het terugkoppelen van de resultaten van die persoon naar het EVA. De overdracht kan gefaseerd verlopen. De overdracht is volledig voltooid uiterlijk één jaar na de start van het vormingsprogramma, met behoud van de toepassing van artikel 31, § 1, vierde lid. De Vlaamse Regering kan de nadere voorwaarden bepalen. | |
| 2 | − | Na voltooiing van zijn inburgeringstraject heeft de inburgeraar recht op deelname aan een vervolgaanbod dat aansluit op zijn inburgeringstraject en op zijn levensloopbaan. Het vervolgaanbod beoogt een volwaardige participatie van de inburgeraar in de samenleving. | |
| 3 | − | De reguliere voorzieningen of het OCMW waaraan de inburgeraars op het einde van het inburgeringstraject worden overgedragen, bouwen een behoeftedekkend vervolgaanbod uit. Aan de inburgeraar wordt binnen een redelijke termijn na de overdracht een vervolgaanbod aangeboden. | |
| 4 | − | De reguliere voorzieningen in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad kunnen meewerken aan de uitvoering van het Vlaamse inburgeringsbeleid in samenwerking met de Vlaamse Gemeenschapscommissie en het EVA. | |
| 1 | + | Het inburgeringstraject wordt ondersteund door trajectbegeleiding die het EVA op maat aanbiedt en die de inburgeraars, met toepassing van artikel 34/4, zo snel mogelijk toeleidt naar de reguliere voorzieningen met het oog op participatie op zowel professioneel, educatief en sociaal vlak. | |
| 2 | + | Trajectbegeleiding is een methodiek om de inburgeraars individueel en op maat te begeleiden tijdens het inburgeringstraject. De trajectbegeleiding staat garant voor de integrale benadering van het inburgeringstraject dat in samenspraak met de betrokken inburgeraar wordt uitgevoerd. | |
| 3 | + | De trajectbegeleiding omvat de loopbaanoriëntatie die tot doel heeft een individueel proces te ondersteunen en te begeleiden, waarbij de inburgeraar de eigen levensloopbaan uittekent en daarbij onder meer inzicht verwerft in de arbeidsmarkt en het onderwijssysteem. De competenties die al aanwezig zijn, worden daarbij vertaald naar onze samenleving. | |
| 4 | + | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden en regels voor de trajectbegeleiding. |
| 1 | + | § 1. Voor het inburgeringstraject kan worden aangevat, gaat het EVA in overleg met de inburgeraar na welke onderdelen tot het inburgeringstraject van de inburgeraar behoren en of de doelstellingen van de onderdelen, vermeld in artikel 29, § 1, tweede lid, al zijn behaald. Als de doelstellingen al zijn behaald, verleent het EVA de betrokkene een vrijstelling voor de onderdelen waarvan de doelstellingen zijn behaald. | |
| 2 | + | Inburgeraars die al de doelstellingen van alle onderdelen van het inburgeringstraject die op hen van toepassing zijn, hebben behaald, tekenen geen inburgeringscontract en krijgen onmiddellijk een inburgeringsattest als vermeld in artikel 34/3, eerste lid. Als het om een inburgeraar als vermeld in paragraaf 2 gaat, brengt het EVA de VDAB of het OCMW, naargelang van het geval, daarvan op de hoogte. | |
| 3 | + | § 2. In afwijking van paragraaf 1 biedt het EVA aan een inburgeraar die verplicht ingeschreven werkzoekende is en niet behoort tot de prioritaire categorieën, vermeld in artikel 26, § 3, en die naar het EVA is doorverwezen door de VDAB, de onderdelen van het inburgeringstraject aan die de VDAB bij de doorverwijzing heeft aangewezen. De Vlaamse Regering kan nader bepalen wat verstaan wordt onder doorverwijzing. | |
| 4 | + | In afwijking van paragraaf 1 biedt het EVA aan een inburgeraar die inkomsten verwerft via maatschappelijke dienstverlening of een leefloon, op voorwaarde dat hij niet behoort tot de prioritaire categorieën, vermeld in artikel 26, § 3, en die naar het EVA is doorverwezen door een OCMW, de onderdelen van het inburgeringstraject aan die het OCMW bij de doorverwijzing heeft aangewezen. | |
| 5 | + | § 3. Uiterlijk dertig dagen na de aanmelding is duidelijk voor welke onderdelen het EVA de inburgeraar vrijstelt. | |
| 6 | + | Uiterlijk negentig dagen na de aanmelding, ondertekent de inburgeraar het inburgeringscontract, vermeld in artikel 34/2. | |
| 7 | + | Voor de volgende specifieke categorieën kan de Vlaamse Regering voorzien in een uitstel van de termijn, vermeld in het tweede lid: | |
| 8 | + | 1° voor de inburgeraars, vermeld in artikel 26, § 1, die werken of studeren en kunnen bewijzen dat zij niet in staat zijn om dat werk of de opleiding te combineren met het volgen van een inburgeringstraject; | |
| 9 | + | 2° voor de inburgeraars die om medische of persoonlijke redenen tijdelijk in de onmogelijkheid verkeren om het inburgeringcontract te ondertekenen. | |
| 10 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder medische en persoonlijke redenen als vermeld in het derde lid, 2°. | |
| 11 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder werken en studeren als vermeld in het derde lid, 1°. | |
| 12 | + | § 4. Het EVA bepaalt de vormingspakketten en het participatie- en netwerktraject in overleg met de inburgeraar en houdt rekening met de volgende aspecten: | |
| 13 | + | 1° de kennis, de vaardigheden en de competenties die de inburgeraar al heeft verworven; | |
| 14 | + | 2° de persoonlijke situatie van de inburgeraar. | |
| 15 | + | Minimaal een van de twee vormingspakketten wordt opgestart binnen negentig dagen na de ondertekening van het inburgeringscontract door de inburgeraar. Voor de volgende specifieke categorieën kan de Vlaamse Regering afwijken van de voormelde termijn: | |
| 16 | + | 1° voor de inburgeraars, vermeld in artikel 26, § 1, die werken of studeren en kunnen bewijzen dat zij niet in staat zijn om dat werk of de opleiding te combineren met het volgen van een inburgeringstraject; | |
| 17 | + | 2° voor de inburgeraars die om medische of persoonlijke redenen die termijn niet kunnen respecteren. | |
| 18 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder medische en persoonlijke redenen als vermeld in het tweede lid, 2°. | |
| 19 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder werken en studeren als vermeld in het tweede lid, 1°. |
| 1 | + | § 1. Om het inburgeringstraject te kunnen aanvatten, ondertekent de inburgeraar een inburgeringscontract dat minstens de volgende elementen bevat: 1° een bepaling over de essentiële rechten en plichten die in onze samenleving moeten worden gerespecteerd; | |
| 2 | + | 2° de onderdelen die behoren tot het inburgeringstraject van de inburgeraar, waarbij wordt aangegeven voor welke onderdelen de inburgeraar is vrijgesteld en voor welke niet; | |
| 3 | + | 3° de vermelding in welke specifieke cursus de inburgeraar wordt ingeschreven, voor minimaal één vormingspakket; | |
| 4 | + | 4° de termijn waarin het inburgeringstraject wordt afgerond, waarbij de duur van het vormingspakket Nederlands als tweede taal als termijn voor het volledige inburgeringstraject wordt gehanteerd. | |
| 5 | + | § 2. De Vlaamse Regering legt de inhoud vast van de bepaling over de essentiële rechten en plichten, vermeld in paragraaf 1, 1°. | |
| 6 | + | § 3. Voor de volgende specifieke categorieën kan de Vlaamse Regering voorzien in een opschorting van het inburgeringstraject voor de inburgeraars: | |
| 7 | + | 1° de inburgeraars, vermeld in artikel 26, § 1, die werken of studeren en kunnen bewijzen dat zij niet in staat zijn om dat werk of de opleiding te combineren met het volgen van een inburgeringstraject; | |
| 8 | + | 2° de inburgeraars die om medische of persoonlijke redenen hun inburgeringstraject moeten onderbreken. | |
| 9 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder medische of persoonlijke redenen als vermeld in het eerste lid, 2°. | |
| 10 | + | De Vlaamse Regering bepaalt nader wat verstaan wordt onder werken en studeren als vermeld in het eerste lid, 1°. | |
| 11 | + | § 4. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen van het inburgeringscontract en kan de elementen van het inburgeringscontract, vermeld in paragraaf 1, verder aanvullen. |
| 1 | + | Als de inburgeraar minstens de doelstellingen voor elk onderdeel van het inburgeringstraject, zoals opgenomen in het inburgeringscontract, vermeld in artikel 34/2, § 1, heeft bereikt, reikt het EVA aan die persoon een attest van inburgering uit. Als het om een inburgeraar als vermeld in artikel 34/1, § 2, gaat, brengt het EVA de VDAB of het OCMW, naargelang van het geval, daarvan op de hoogte. | |
| 2 | + | Als het EVA vaststelt dat een inburgeraar van de inburgeringsplicht vrijgesteld is met toepassing van artikel 27, § 2, reikt het EVA aan die persoon een attest van vrijstelling uit. | |
| 3 | + | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor het attest van inburgering, vermeld in het eerste lid, en het attest van vrijstelling, vermeld in het tweede lid. |
| 1 | + | Conform artikel 34 wordt de inburgeraar zo snel mogelijk toegeleid naar de reguliere voorzieningen. | |
| 2 | + | De toeleiding, vermeld in het eerste lid, verloopt volgens een samenwerkingsovereenkomst die met de reguliere voorzieningen gesloten wordt. De samenwerkingsovereenkomst bevat minstens een regeling om de resultaten van die persoon terug te koppelen naar het EVA. | |
| 3 | + | De Vlaamse Regering kan de nadere voorwaarden bepalen voor de toeleiding. | |
| 4 | + | De inburgeraar heeft recht op deelname aan een aanbod dat aansluit bij zijn inburgeringstraject en bij zijn levensloopbaan. Het aanbod beoogt een volwaardige participatie van de inburgeraar in de samenleving. | |
| 5 | + | De reguliere voorzieningen waarnaar de inburgeraars worden toegeleid, bouwen een behoeftedekkend aanbod uit. | |
| 6 | + | De reguliere voorzieningen in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad kunnen meewerken aan de uitvoering van het Vlaamse inburgeringsbeleid in samenwerking met de Vlaamse Gemeenschapscommissie en het EVA. |
| 1 | + | § 1. De verplichte inburgeraar aan wie een inburgeringsattest is uitgereikt, zoals vermeld in artikel 34/3, eerste lid, is verplicht om binnen de 24 maanden na het uitreiken van het inburgeringsattest, over een taalvaardigheid van het Nederlands te beschikken die overeenstemt met niveau B1 mondeling van het Europees Referentiekader voor Moderne Vreemde Talen. | |
| 2 | + | De Vlaamse Regering bepaalt de wijze waarop de taalvaardigheid wordt vastgesteld. | |
| 3 | + | § 2. In afwijking van paragraaf 1 wordt de inburgeraar vrijgesteld van de verplichting, vermeld in paragraaf 1, in volgende gevallen: | |
| 4 | + | 1° de inburgeraar behoort niet langer tot de beroepsactieve leeftijd; | |
| 5 | + | 2° de inburgeraar kan aantonen dat hij 6 maanden onafgebroken heeft gewerkt of gestudeerd gedurende de periode van 24 maanden na het uitreiken van het inburgeringsattest. De Vlaamse Regering bepaalt wat verstaan wordt onder 6 maanden onafgebroken werken en studeren en bepaalt de wijze waarop dit kan worden aangetoond; | |
| 6 | + | 3° de inburgeraar kan aantonen dat hij blijvend niet kan voldoen aan de verplichting, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, omdat hij ernstig ziek is of een mentale of fysieke handicap heeft of over beperkte leercapaciteiten beschikt. De Vlaamse Regering bepaalt de wijze waarop de inburgeraar dat kan aantonen. | |
| 7 | + | De Vlaamse Regering bepaalt een uitstelregeling voor de inburgeraar die om medische of persoonlijke redenen tijdelijk niet kan voldoen aan de verplichting. |
| 1 | + | Aan de kandidaatnwijkeling kan in het land van herkomst een starterspakket met het oog op inburgering worden aangeboden dat hem in staat stelt zich beter voorbereid te vestigen in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. | |
| 2 | + | In het eerste lid wordt verstaan onder starterspakket met het oog op inburgering: een kosteloos informatiepakket dat ter beschikking wordt gesteld van de kandidaatnwijkeling zodat hij zich in het land van herkomst kan voorbereiden op zijn vestiging in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. | |
| 3 | + | De overige bepalingen van dit decreet zijn niet van toepassing op de kandidaatinwijkeling, vermeld in het eerste lid. |
| 1 | − | § 1. Het EVA controleert of : | |
| 1 | + | § 1. Het EVA controleert of de verplichte inburgeraar: | |
| 2 | − | 1° de verplichte inburgeraar zich heeft aangemeld bij het EVA; | |
| 2 | + | 1° zich heeft aangemeld bij het EVA; | |
| 3 | − | 2° de inburgeraar voor elk onderdeel van zijn vormingsprogramma hetzij regelmatig heeft deelgenomen, hetzij de doelstellingen ervan heeft bereikt. | |
| 3 | + | 2° van elk onderdeel van zijn inburgeringstraject de doelstellingen heeft bereikt; | |
| 4 | + | 3° regelmatig heeft deelgenomen aan de vormingspakketten; | |
| 5 | + | 4° zijn verplichting is nagekomen, vermeld in artikel 34/5. | |
| 4 | 6 | De Vlaamse Regering regelt de controle, vermeld in het eerste lid. | |
| 5 | − | Als een verplichte inburgeraar zich niet heeft aangemeld bij het EVA binnen de termijn van maximaal drie maanden nadat voor hem de plicht tot inburgering is ontstaan, of als hij een onderdeel van het vormingsprogramma onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd of niet regelmatig heeft gevolgd en daarbij de doelstellingen van het onderdeel niet heeft bereikt, meldt het EVA dat aan het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, aangewezen door de Vlaamse Regering met het oog op een toepassing van de sanctie, vermeld in artikel 40. | |
| 6 | − | Als een inburgeraar een onderdeel van het vormingsprogramma onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd en daarbij de doelstellingen van het onderdeel niet heeft bereikt, meldt het EVA dat aan het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, aangewezen door de Vlaamse Regering , met het oog op een toepassing van de sanctie, vermeld in artikel 40. | |
| 7 | + | Het EVA meldt aan het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid dat de Vlaamse Regering aanwijst, met het oog op een toepassing van de sanctie, vermeld in artikel 40, als een verplichte inburgeraar: | |
| 8 | + | 1° zich niet heeft aangemeld bij het EVA binnen negentig dagen nadat voor hem de plicht tot inburgering is ontstaan; | |
| 9 | + | 2° het inburgeringstraject onrechtmatig vroegtijdig beëindigt; | |
| 10 | + | 3° de doelstellingen van de onderdelen van het inburgeringstraject niet heeft behaald en niet regelmatig heeft deelgenomen aan de vormingspakketten; | |
| 11 | + | 4° zijn verplichting, vermeld in artikel 34/5, niet is nagekomen. | |
| 7 | 12 | § 2. Centra die de opleiding Nederlands als tweede taal aanbieden, zijn verplicht medewerking te verlenen aan de controle op de regelmatige deelname aan de opleiding Nederlands als tweede taal door inburgeraars. Het niet naleven van de verplichtingen kan aanleiding geven tot sancties. De sancties vallen onder de bepalingen die op die centra toepasselijk zijn, vermeld in artikel 118 en 119 van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs. | |
| 8 | − | § 3. In afwijking van paragraaf 1 wordt een inburgeraar die door VDAB is doorverwezen naar het EVA, en die verplicht ingeschreven werkzoekende is in de onderstaande gevallen door het EVA aan de VDAB gemeld, met het oog op een toepassing van de sanctiesvermeld in de ter zake relevante regelgeving : | |
| 13 | + | § 3. In afwijking van paragraaf 1 meldt het EVA in de gevallen, vermeld in paragraaf 1, derde lid, een inburgeraar die de VDAB heeft doorverwezen naar het EVA, en die verplicht ingeschreven werkzoekende is, aan de VDAB met het oog op een toepassing van de sancties, vermeld in de ter zake relevante regelgeving. De Vlaamse Regering kan nader bepalen wat verstaan wordt onder doorverwijzing. | |
| 9 | − | 1° de verplichte inburgeraar, als hij zich niet heeft aangemeld bij het EVA binnen de termijn van maximaal drie maanden nadat voor hem de plicht tot inburgering is ontstaan of als hij een onderdeel van het vormingsprogramma onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd of niet regelmatig heeft gevolgd en daarbij de doelstellingen van dat onder- deel niet heeft gehaald; | |
| 10 | − | 2° de inburgeraar, als hij een onderdeel van het vormingsprogramma onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd en daarbij de doelstellingen van dat onderdeel niet heeft gehaald. | |
| 11 | − | In afwijking van paragraaf 1 wordt een inburgeraar bij wie het volgen van een inburgeringscursus is opgenomen als voorwaarde voor de toekenning of het behoud van inkomsten uit maatschappelijke dienstverlening of een leefloon in de onderstaande gevallen door het EVA aan het betrokken OCMW gemeld, met het oog op een toepassing van de sanctiesvermeld in de ter zake relevante regelgeving : | |
| 14 | + | In afwijking van paragraaf 1 meldt het EVA in de gevallen, vermeld in paragraaf 1, derde lid, een inburgeraar voor wie het volgen van een inburgeringscursus is opgenomen als voorwaarde voor de toekenning of het behoud van inkomsten uit maatschappelijke dienstverlening of een leefloon, aan het OCMW in kwestie, met het oog op een toepassing van de sancties, vermeld in de ter zake relevante regelgeving. | |
| 12 | − | 1° de verplichte inburgeraar, als hij zich niet heeft aangemeld bij het EVA binnen de termijn van maximaal drie maanden nadat voor hem de plicht tot inburgering is ontstaan of als hij een onderdeel van het vormingsprogramma onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd of niet regelmatig heeft gevolgd en daarbij de doelstellingen van dat onder- deel niet heeft gehaald; | |
| 13 | − | 2° de inburgeraar, als hij een onderdeel van het vormingsprogramma onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd en daarbij de doelstellingen van dat onderdeel niet heeft gehaald. | |
| 14 | − | § 4. Met behoud van de toepassing van artikel 31, § 3, bepaalt de Vlaamse Regering de criteria aan de hand waarvan het EVA kan bepalen of iemand al dan niet het onderdeel van het vormingsprogramma onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd. | |
| 15 | + | § 4. Met behoud van de toepassing van 27, § 3, vierde lid, 1°, artikel 34/1, § 3, derde lid, 1°, en § 4, tweede lid, 1°, en artikel 34/2, § 3, eerste lid, 1°, bepaalt de Vlaamse Regering de criteria aan de hand waarvan het EVA kan bepalen of iemand al dan niet het inburgeringstraject onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd. | |
| 15 | − | Met behoud van de toepassing van artikel 31, § 3, bepaalt de Vlaamse Regering de criteria aan de hand waarvan het EVA kan bepalen of iemand al dan niet regelmatig heeft deelgenomen aan het onderdeel van het vormingsprogramma. | |
| 16 | + | Met behoud van de toepassing van artikel 27, § 3, vierde lid, 1°, artikel 34/1, § 3, derde lid, 1°, en § 4, tweede lid, 1°, en artikel 34/2, § 3, eerste lid, 1°, bepaalt de Vlaamse Regering de criteria aan de hand waarvan het EVA kan bepalen of iemand al dan niet regelmatig heeft deelgenomen aan het vormingspakket. | |
| 16 | − | Voor de inburgeraars vermeld in artikel 31, § 3, eerste en tweede lid, kan de Vlaamse Regering afwijken van de bepalingen vermeld in het eerste en tweede lid. | |
| 17 | + | Voor de inburgeraars vermeld in 27, § 3, vierde lid, 1°, artikel 34/1, § 3, derde lid, 1°, en § 4, tweede lid, 1°, en artikel 34/2, § 3, eerste lid, 1°, kan de Vlaamse Regering afwijken van de bepalingen vermeld in het eerste en tweede lid. | |
| 17 | − | § 5. In afwijking van artikel 39, § 1, derde en vierde lid, en artikel 39, § 3, moet het EVA niet melden aan het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, vermeld in artikel 39, § 1, derde en vierde lid, de VDAB of OCMW, dat een inburgeraar de opleiding Nederlands als tweede taal, vermeld in artikel 29, § 1, derde lid, onrechtmatig vroegtijdig heeft beëindigd of niet regelmatig heeft gevolgd, voor zover het een inburgeraar betreft voor wie het omwille van beperkte leercapaciteiten onmogelijk is om het taalniveau van de opleiding NT2, vermeld in artikel 29, § 1, derde lid, te behalen. | |
| 18 | + | § 5. In afwijking van paragraaf 1, derde lid, en paragraaf 3, moet het EVA niet melden aan het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, vermeld in paragraaf 1, derde lid, de VDAB of OCMW, dat een inburgeraar een vormingspakket niet regelmatig heeft gevolgd, voor zover het een inburgeraar betreft voor wie het omwille van beperkte leercapaciteiten onmogelijk is om de doelstellingen, vermeld in artikel 30, § 2, eerste lid, en in artikel 31, § 1, te behalen. | |
| 18 | 19 | De Vlaamse Regering regelt de nadere uitvoering van het eerste lid. |
| 1 | − | § 1. Een administratieve geldboete van 50 tot 5.000 euro kan worden opgelegd aan de inburgeraars en verplichte inburgeraars die, met toepassing van artikel 39, § 1, derde en vierde lid, gemeld werden aan het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, aangewezen door de Vlaamse Regering. | |
| 1 | + | § 1. Een administratieve geldboete van 50 tot 5.000 euro kan worden opgelegd aan verplichte inburgeraars die, met toepassing van artikel 39, § 1, derde lid, gemeld werden aan het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, aangewezen door de Vlaamse Regering. | |
| 2 | 2 | De Vlaamse Regering bepaalt het bedrag van de opgelegde administratieve geldboete en de mogelijk te hanteren marges. Daarbij wordt rekening gehouden met de ernst van de inbreuk en, in voorkomend geval, met verzachtende omstandigheden. | |
| 3 | 3 | § 2. Het EVA stelt een inbreuk vast. De vaststellingen gelden tot bewijs van het tegendeel. | |
| 1 | − | § 1. De dienstverlening sociaal tolken en sociaal vertalen, vermeld in artikel 17, tweede lid, 2°, a), omvat het sociaal tolken en het sociaal vertalen. | |
| 2 | − | § 2. Sociaal tolken is een instrument dat de mondelinge communicatie ondersteunt van de gebruikers met anderstalige cliënten door de mondelinge boodschap volledig en getrouw om te zetten uit een brontaal naar een doeltaal. De volgende vormen van sociaal tolken worden onderscheiden : | |
| 3 | − | 1° sociaal tolken op afstand, waarbij de sociaal tolk het gesprek tussen de gebruiker en de anderstalige cliënt of cliënten op afstand tolkt; | |
| 4 | − | 2° sociaal tolken ter plaatse, waarbij de sociaal tolk fysiek aanwezig is bij het gesprek tussen de gebruiker en de anderstalige cliënt of cliënten. | |
| 5 | − | Sociaal vertalen is een instrument dat de schriftelijke communicatie ondersteunt van de gebruikers met anderstalige cliënten, door de geschreven boodschap volledig en getrouw om te zetten uit een brontaal naar een doeltaal. | |
| 6 | − | § 3. Het sociaal tolken en het sociaal vertalen worden gedaan door tolken en vertalers die opgenomen zijn in het Vlaams register voor sociaal tolken en sociaal vertalers. Onder Vlaams register voor sociaal tolken en sociaal vertalen wordt verstaan : het centraal gegevensbestand van gecertificeerde sociaal tolken en sociaal vertalers, beheerd door het EVA. Het inzetten van andere tolken en vertalers is alleen toegestaan als voor de tolk- of vertaalvraag geen tolk of vertaler beschikbaar is in het Vlaams register voor sociaal tolken en sociaal vertalers. |
| 1 | − | § 1. Gebruikers die een beroep kunnen doen op het sociaal tolken en het sociaal vertalen, zijn de voorzieningen, organisaties en openbare besturen die actief zijn in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. | |
| 2 | − | § 2. Het EVA biedt zowel het sociaal tolken als het sociaal vertalen aan. Via het ontwikkelen, toepassen en bijsturen van kwaliteitsinstrumenten zorgt het EVA ook voor het continue proces van kwaliteitsverbetering en kwaliteitsborging van zowel het sociaal tolken als het sociaal vertalen. | |
| 3 | − | § 3. De dienstverlening sociaal tolken en de dienstverlening sociaal vertalen van het EVA aan de gebruikers worden nader geregeld in samenwerkingsovereenkomsten met de gebruikers. | |
| 4 | − | Alleen gebruikers die een samenwerkingsovereenkomst ondertekend hebben, kunnen een beroep doen op de dienstverlening van het sociaal tolken en het sociaal vertalen. | |
| 5 | − | De samenwerkingsovereenkomst, vermeld in het eerste lid, bepaalt of de gebruiker dan wel de gebruikersoverheid, naargelang van het geval, de te presteren tolk- en vertaalprestaties zal betalen. De gebruikersoverheid moet partij zijn bij de samenwerkingsovereenkomst voor ze gehouden kan zijn tot het betalen van de tolk- en vertaalprestaties. | |
| 6 | − | Onder gebruikersoverheid wordt verstaan : de overheid die de maatschappelijke voorzieningen subsidieert die een beroep doen op een sociaal tolk of een sociaal vertaler. De gebruikersoverheid kan daarnaast ook zelf gebruiker zijn. |
| 1 | + | § 1. De dienstverlening sociaal tolken en sociaal vertalen behoort tot het taalbeleid, vermeld in artikel 17, tweede lid, 2°, b). | |
| 2 | + | § 2. Sociaal tolken is een instrument dat de mondelinge communicatie ondersteunt van de gebruikers, vermeld in artikel 43/2, § 1, met anderstalige cliënten door de mondelinge boodschap volledig en getrouw om te zetten uit een brontaal in een doeltaal. De volgende vormen van sociaal tolken worden onderscheiden: | |
| 3 | + | 1° sociaal tolken op afstand, waarbij de sociaal tolk het gesprek tussen de gebruiker en de anderstalige cliënt of cliënten op afstand tolkt; | |
| 4 | + | 2° sociaal tolken ter plaatse, waarbij de sociaal tolk fysiek aanwezig is bij het gesprek tussen de gebruiker en de anderstalige cliënt of cliënten. | |
| 5 | + | Sociaal vertalen is een instrument dat de schriftelijke communicatie ondersteunt van de gebruikers met anderstalige cliënten, door de geschreven boodschap volledig en getrouw om te zetten uit een brontaal in een doeltaal. | |
| 6 | + | § 3. In deze paragraaf wordt verstaan onder Vlaams register voor sociaal tolken en sociaal vertalen: het centraal gegevensbestand van gecertificeerde sociaal tolken en sociaal vertalers dat het EVA beheert. | |
| 7 | + | Het sociaal tolken en het sociaal vertalen worden gedaan door tolken en vertalers die opgenomen zijn in het Vlaams register voor sociaal tolken en sociaal vertalen. | |
| 8 | + | Andere tolken en vertalers inzetten dan tolken en vertalers die opgenomen zijn in het Vlaams register voor sociaal tolken en sociaal vertalen is alleen toegestaan als voor de tolk- of vertaalvraag geen tolk of vertaler beschikbaar is in het voormelde register. |
| 1 | + | § 1. Gebruikers die een beroep kunnen doen op het sociaal tolken en het sociaal vertalen, zijn de voorzieningen, organisaties en openbare besturen die actief zijn in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. | |
| 2 | + | § 2. Het EVA biedt het sociaal tolken en het sociaal vertalen aan. Door kwaliteitsinstrumenten te ontwikkelen, toe te passen en bij te sturen zorgt het EVA voor het continue proces van kwaliteitsverbetering en kwaliteitsborging van het sociaal tolken en het sociaal vertalen. | |
| 3 | + | § 3. De dienstverlening sociaal tolken en de dienstverlening sociaal vertalen van het EVA aan de gebruikers worden nader geregeld in samenwerkingsovereenkomsten met de gebruikers, vermeld in paragraaf 1. | |
| 4 | + | Alleen gebruikers als vermeld in paragraaf 1, die een samenwerkingsovereenkomst ondertekend hebben, kunnen een beroep doen op de dienstverlening van het sociaal tolken en het sociaal vertalen. In de samenwerkingsovereenkomst worden de modaliteiten en de tarifering van de tolk- en vertaalprestaties bepaald. | |
| 5 | + | De samenwerkingsovereenkomst, vermeld in het eerste lid, bepaalt of de gebruiker, vermeld in paragraaf 1, dan wel de gebruikersoverheid, naargelang van het geval, de te presteren tolk- en vertaalprestaties betaalt. De gebruikersoverheid moet partij zijn bij de samenwerkingsovereenkomst voor ze verplicht kan worden om de tolk- en vertaalprestaties te betalen. | |
| 6 | + | In het derde lid wordt verstaan onder gebruikersoverheid: de overheid die de maatschappelijke voorzieningen subsidieert die een beroep doen op een sociaal tolk of een sociaal vertaler. De gebruikersoverheid kan ook zelf gebruiker zijn. | |
| 7 | + | De Vlaamse Regering kan de nadere modaliteiten bepalen van de dienstverlening sociaal tolken en de dienstverlening sociaal vertalen. |
| 1 | 1 | De juridische dienstverlening, vermeld in artikel 17, tweede lid, 2°, e), omvat de volgende taken met betrekking tot het vreemdelingenrecht en het internationaal privaatrecht : | |
| 2 | 2 | 1° de ontwikkelingen op andere beleidsniveaus volgen en expertise opbouwen als die een vertaling vereisen naar het Vlaamse beleid; | |
| 3 | − | 2° ondersteuning bieden aan voorzieningen, organisaties en openbare besturen . | |
| 3 | + | 2° ondersteuning bieden aan voorzieningen, organisaties en openbare besturen die actief zijn in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. | |
| 4 | + | De Vlaamse Regering bepaalt wat verstaan moet worden onder voorzieningen, organisaties en openbare besturen die actief zijn in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, vermeld in het eerste lid, 2°. |
| 1 | 1 | De adviesverstrekking en begeleiding op maat in functie van een optimale dienstverlening met betrekking tot Nederlands voor anderstaligen, vermeld in artikel 17, tweede lid, 5°, omvat de volgende taken: | |
| 2 | − | 1° een gecoördineerde en geobjectiveerde intake, eventueel testing en doorverwijzing van de anderstalige naar het meest gepaste aanbod Nederlands als tweede taal, hetzij bij een centrum als vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°, hetzij bij een andere aanbieder van Nederlands als tweede taal. Die oriëntering gebeurt op een deskundige en neutrale wijze. Voor die oriëntering gelden de volgende regels: | |
| 2 | + | 1° een gecoördineerde en geobjectiveerde intake, eventueel testing en doorverwijzing van de anderstalige naar het meest gepaste aanbod Nederlands als tweede taal bij een centrum als vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°. Die oriëntering gebeurt op een deskundige en neutrale wijze. Voor die oriëntering gelden de volgende regels: | |
| 3 | 3 | a) de oriëntering naar een centrum als vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°, a), van anderstaligen die niet beschikken over een studiebewijs Nederlands tweede taal is, minstens op het vlak van niveaubepaling en de snelheid van leren, bindend voor het centrum. Van het bindend karakter kan afgeweken worden in de gevallen bepaald door de Vlaamse Regering. De oriëntering kan de rechtstreekse inschrijving in de meest gepaste module inhouden. Het regionaal overleg, vermeld in artikel 46/3, eerste lid, 4°, a), kan aanvullende afspraken maken; | |
| 4 | 4 | b) de oriëntering naar een centrum als vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°, b), c) en d), gebeurt overeenkomstig de regels vastgesteld door de Vlaamse Regering; | |
| 5 | 5 | c) de oriëntering naar een aanbieder Nederlands als tweede taal kan alleen als het aanbod Nederlands als tweede taal georganiseerd is overeenkomstig de niveaus van taalkennis die vastgelegd zijn in het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Talen; | |
| 6 | − | d) elk centrum, vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°, en elke andere aanbieder Nederlands als tweede taal is ervoor verantwoordelijk om binnen het referentiekader voor onderwijskwaliteit Nederlands als tweede taal te voorzien in een kwaliteitsvol aanbod Nederlands als tweede taal; | |
| 6 | + | d) elk centrum, vermeld in artikel 2, eerste lid, 4°, is ervoor verantwoordelijk om binnen het referentiekader voor onderwijskwaliteit Nederlands als tweede taal te voorzien in een kwaliteitsvol aanbod Nederlands als tweede taal; | |
| 7 | − | 2° informatie verzamelen en verstrekken over het aanbod Nederlands als tweede taal van de centra, vermeld in artikel 2, 4°, en van eventuele andere aanbieders Nederlands als tweede taal. | |
| 7 | + | 2° informatie verzamelen en verstrekken over het aanbod Nederlands als tweede taal van de centra, vermeld in artikel 2, 4°. |
| 1 | 1 | Het integratiebeleid op het niveau van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad wordt gevoerd in overleg met de Vlaamse Gemeenschapscommissie. | |
| 2 | − | De Vlaamse Gemeenschapscommissie heeft de regierol over het integratiebeleid in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. Dat betekent dat de Vlaamse Gemeenschapscommissie voor de uitwerking, sturing, afstemming en uitvoering van het inclusieve integratiebeleid zorgt, daarvoor de relevante actoren coördineert en de personen, vermeld in artikel 3, eerste lid, 1° en 2°, en hun organisaties bij dat beleid betrekt. | |
| 2 | + | De Vlaamse Gemeenschapscommissie heeft de regierol over het integratiebeleid in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. Dat betekent dat de Vlaamse Gemeenschapscommissie voor de uitwerking, sturing, afstemming en uitvoering van het inclusieve integratiebeleid zorgt, daarvoor de relevante actoren coördineert en de personen, vermeld in artikel 3, 1°, en hun organisaties bij dat beleid betrekt. |
| 5 | 5 | 4° artikel 25, § 1, eerste lid, 1°; | |
| 6 | 6 | 5° artikel 27; | |
| 7 | − | 6° artikel 32, § 1; | |
| 7 | + | 6° artikel 28, § 1; | |
| 8 | − | 7° artikel 32, § 2, eerste lid; | |
| 8 | + | 7° artikel 28, § 2, eerste lid; | |
| 9 | − | 8° artikel 32, § 3; | |
| 9 | + | 8° artikel 28, § 3; | |
| 10 | − | 9° artikel 33, § 1, derde lid; | |
| 10 | + | 9° artikel 34/3, tweede lid; | |
| 11 | − | 10° artikel 34, derde lid; | |
| 11 | + | 10° artikel 34/4, vijfde lid; | |
| 12 | + | 10°/1 artikel 34/5; | |
| 12 | 13 | 11° artikel 35; | |
| 13 | − | 12° artikel 39, § 1, eerste lid, 1°, derde en vierde lid, en § 3; | |
| 14 | + | 12° artikel 39, § 1, eerste lid, 1°, derde lid, en § 3; | |
| 14 | 15 | 13° artikel 40. | |
| 1 | − | Uiterlijk drie jaar na de inwerkingtreding van dit decreet, en vervolgens om de drie jaar, evalueert de Vlaamse Regering de uitvoering van het Vlaamse integratiebeleid en legt ze de evaluatie voor aan het Vlaams Parlement. | |
| 1 | + | Uiterlijk drie jaar na de inwerkingtreding van dit decreet, en vervolgens om de drie jaar, evalueert de Vlaamse Regering de uitvoering van onderdelen van het Vlaamse integratiebeleid en legt ze de evaluatie voor aan het Vlaams Parlement. | |
| 2 | + | Het Vlaamse integratiebeleid wordt wetenschappelijk onderbouwd via monitoring, beleidsverkennend en beleidsevaluatief onderzoek en statistische studies. Hiervoor worden analyses uitgevoerd op basis van administratieve data en kunnen bevragingen bij personen van Belgische en buitenlandse herkomst uitgevoerd worden. | |
| 3 | + | Om de doelstelling, vermeld in het tweede lid, te bereiken kunnen onderzoeksinstellingen of het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, vermeld in artikel 16, § 4, van dit decreet, per- soonsgegevens van personen van Belgische en buitenlandse herkomst verwerken in overeenstemming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming en met titel 4 van de wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens. | |
| 4 | + | Met het oog op het realiseren van de doelstelling, vermeld in het tweede lid, zal het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, vermeld in artikel 16, § 4, van dit decreet, periodiek bevragingen uitvoeren bij personen van Belgische en buitenlandse herkomst. Voor het uitvoeren van deze bevragingen zal het departement of het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid, vermeld in artikel 16, § 4, van dit decreet, optreden als verwerkingsverantwoordelijke voor volgende persoonsgegevens: | |
| 5 | + | 1° persoonlijke kenmerken en identificatiegegevens afkomstig van het Rijksregister op basis van de steekproeftrekking; | |
| 6 | + | 2° de op basis van toestemming gevraagde persoonsgegevens. | |
| 7 | + | De gegevens, vermeld in het vierde lid, 1°, worden vernietigd wanneer het veldwerk is gefinaliseerd en de kwaliteit van de steekproef en de bevraagde gegevens is gecontroleerd. | |
| 8 | + | De gegevens, vermeld in het vierde lid, 2°, worden voor langere termijn bijgehouden voor verder wetenschappelijk en historisch onderzoek en voor statistische doeleinden. | |
| 9 | + | De gegevens, vermeld in het vierde lid, 2°, kunnen met het oog op verder wetenschappelijk en statistisch onderzoek doorgegeven worden aan onderzoeksinstellingen. |