Decreet houdende diverse bepalingen inzake omgeving, leefmilieu en natuur, ruimtelijke ordening en landbouw 2026005973 6 weken geleden 2 versies
| 1 | § 1. Een provinciaal ruimtelijk structuurplan blijft van kracht tot het wordt vervangen door een eerste provinciaal beleidsplan ruimte voor de provincie in kwestie. |
| 2 | Artikel 2.1.2, § 2, § 3, § 6 en § 7, en artikel 2.2.12, § 1, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening zoals ze golden tot voor de datum van inwerkingtreding van artikel 23 van dit decreet, blijven van toepassing zolang het provinciaal ruimtelijk structuurplan van kracht is. De bepalingen in kwestie van voormelde codex gelden echter niet ten aanzien van de vaststelling van gemeentelijke ruimtelijke beleidsplannen, noch ten aanzien van gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen die vastgesteld worden nadat een eerste gemeentelijk beleidsplan ruimte is vastgesteld. |
| 3 | Artikel 2.2.16, § 3, 1°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals het gold tot voor de datum van inwerkingtreding van artikel 36 van dit decreet, aangevuld met de door dit decreet ingevoegde mogelijkheid om de definitieve vaststelling van het betrokken provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan te vernietigen, is van toepassing zolang het provinciaal ruimtelijk structuurplan van kracht is. |
| 4 | Artikel 2.2.23, § 2, 1°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals het gold tot voor de datum van inwerkingtreding van artikel 42 van dit decreet, aangevuld met de door dit decreet ingevoegde mogelijkheid om de definitieve vaststelling van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan in kwestie te vernietigen, is van toepassing zolang het provinciaal ruimtelijk structuurplan van kracht is. De bepaling in kwestie van voormelde codex geldt echter niet ten aanzien van gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen die vastgesteld worden nadat een eerste gemeentelijk beleidsplan ruimte is vastgesteld. |
| 5 | § 2. Bij de definitieve vaststelling van beleidskaders van het provinciaal beleidsplan ruimte kan de provincieraad onderdelen van gemeentelijke ruimtelijke structuurplannen omschrijven of aanduiden die niet meer geldig zijn. De provincieraad wint hiervoor het advies in van de betrokken gemeenteraad. |
| 6 | De deputatie kan, met toepassing van de modaliteiten van artikel 2.2.23 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, een gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan schorsen dat uitvoering geeft aan een onderdeel van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan dat niet meer geldig is door toepassing van het eerste lid. |
| 7 | § 3. Provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen die voorlopig zijn vastgesteld op het ogenblik van de inwerkingtreding van het provinciaal beleidsplan ruimte, kunnen definitief worden vastgesteld ter uitvoering van het provinciaal ruimtelijk structuurplan zoals het gold tot aan de inwerkingtreding van het provinciaal beleidsplan ruimte, mits daarbij artikel 2.1.2, § 2, § 3 en § 6, en artikel 2.2.12, § 1, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals ze golden tot voor de datum van inwerkingtreding van artikel 23 van dit decreet of krachtens paragraaf 1, worden nageleefd. |
| 8 | De Vlaamse Regering kan, met toepassing van artikel 2.2.16 van de voormelde codex, een provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan schorsen of vernietigen dat vastgesteld wordt in strijd met de voorwaarden, vermeld in het eerste lid. |