Decreet tot opheffing van de Vlaamse Woonraad om een proactief stakeholdersplatform te kunnen oprichten en tot wijziging van diverse decreten met betrekking tot wonen
1 artikel gewijzigd
| 2 | 2 | § 2. De vaststelling van het Grond- en pandenbeleidsplan Vlaanderen gebeurt na advies van : | |
| 3 | 3 | 1° de strategische adviesraad Ruimtelijke Ordening - Onroerend Erfgoed; | |
| 4 | − | 2° de Vlaamse Woonraad; | |
| 4 | + | 2° ...; | |
| 5 | 5 | 3° de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen; | |
| 6 | 6 | 4° de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen. | |
| 7 | 7 | Voorafgaand aan het uitbrengen van een advies worden de ontwerpteksten van het Grond- en pandenbeleidsplan Vlaanderen ten minste besproken in de schoot van : | |
| 8 | − | 1° een gemeenschappelijke vergadering van de strategische adviesraad Ruimtelijke Ordening - Onroerend Erfgoed en de Vlaamse Woonraad; | |
| 8 | + | 1° een gemeenschappelijke vergadering van de strategische adviesraad Ruimtelijke Ordening - Onroerend Erfgoed; | |
| 9 | 9 | 2° een gemeenschappelijke vergadering van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen en de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen. | |
| 10 | 10 | § 3. Het actieprogramma van het Grond- en pandenbeleidsplan Vlaanderen wordt geïntegreerd in het bindend en het richtinggevend gedeelte van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, uiterlijk op het ogenblik van de voorlopige vaststelling van dat structuurplan. | |