Artikel 3.56
§ 1. Voor de toepassing van de bepalingen van dit boek worden persoonsgegevens verwerkt om de minimale woningkwaliteit, vermeld in deel 1, na te streven.
In afwijking van het eerste lid worden persoonsgegevens verwerkt om de voorwaarden en vereisten, vermeld in artikel 3.58 tot en met 3.60, toe te passen.
§ 2. De verantwoordelijken voor de verwerking van persoonsgegevens met toepassing van de bepalingen in deel 2 tot en met 7 van dit boek zijn:
- 1°de steden en gemeenten, met inbegrip van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden, voor wat betreft de verwerkingen die zij voor hun rekening nemen;
- 2°het agentschap dat door de Vlaamse Regering belast wordt met de uitvoering van het woonbeleid, voor wat betreft de verwerkingen die het voor zijn rekening neemt;
- 3°de Vlaamse Belastingdienst, voor wat betreft het raadplegen van persoonsgegevens met het oog op de uitvoering van diens opdrachten.
De verantwoordelijken voor de verwerking van persoonsgegevens met toepassing van deel 8 van dit boek zijn, ieder voor wat betreft de verwerkingen die zij voor hun rekening nemen:
- 1°de steden en gemeenten;
- 2°de OCMW's;
- 3°de sociale woonorganisaties.
De verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens met toepassing van de bepalingen van deel 9 van dit boek is het agentschap dat door de Vlaamse Regering belast wordt met de uitvoering van het woonbeleid.
De verwerkingsverantwoordelijke in het kader van de toepassing van artikel 3.58 en 3.59 zijn, ieder wat betreft de verwerkingen die zij voor hun rekening nemen:
- 1°de steden of gemeenten;
- 2°de dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid.
De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, is de verwerkingsverantwoordelijke in het kader van de toepassing van artikel 3.60.
De verwerkingsverantwoordelijken, vermeld in deze paragraaf, verduidelijken in hun respectieve privacyverklaringen welke verwerkingen zij voor hun rekening nemen. Zij nemen met het oog op transparantie en de garantie van de rechten van betrokkenen in hun communicatie met deze betrokkenen een verwijzing op naar de vindplaats van hun respectieve privacyverklaringen.
§ 3. De categorieën van persoonsgegevens die kunnen worden verwerkt met toepassing van paragraaf 1 zijn:
- 1°persoonlijke identificatiegegevens, waaronder contactgegevens;
- 2°rijksregisternummer;
- 3°woningkenmerken;
- 4°strafrechtelijke gegevens;
- 5°gegevens inzake bestuurlijke vervolging, sanctionering, herstel en beveiliging;
- 6°gegevens die noodzakelijk zijn om na te gaan of de bepalingen die de Vlaamse Regering met toepassing van artikel 3.5 oplegt, worden nageleefd.
De Vlaamse Regering kan de categorieën van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, nader omschrijven.
§ 4. Voor de verwerking van persoonsgegevens met toepassing van paragraaf 1 geldt een bewaartermijn:
- 1°van 10 jaar na het afsluiten van een administratief dossier als vermeld in deel 2 tot en met 8 van dit boek;
- 2°...;
- 3°...;
- 4°van tien jaar nadat het kotlabel, vermeld in artikel 3.59, §2, van deze codex, is vervallen of tien jaar na de beslissing om geen kotlabel toe te kennen;
- 5°van een jaar nadat een melding als vermeld in artikel 3.60 van deze codex is geschrapt.
Binnen een jaar na het verstrijken van de termijn, vermeld in het eerste en derde lid, worden persoonsgegevens in digitale vorm definitief gewist en papieren documenten die persoonsgegevens bevatten vernietigd.
De persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 3, eerste lid, 6°, kunnen bewaard worden tot tien jaar na de stopzetting van de erkenning van een woningcontroleur. De Vlaamse Regering kan voor specifieke persoonsgegevens een kortere bewaartermijn bepalen.
§ 5. De betrokkenen bij de verwerking van persoonsgegevens met toepassing van paragraaf 1 zijn:
- 1°de houder van het zakelijk recht op de woning;
- 2°de huurder;
- 3°de verhuurder;
- 4°de bewoner;
- 5°de personen die betrokken zijn bij het misdrijf, vermeld in boek 3, deel 9, titel 1;
- 6°de contactpersonen die zichzelf als dusdanig kenbaar gemaakt hebben;
- 7°de controleurs, vermeld in artikel 3.5.