Tot wijziging van het decreet van 26 april 2019 houdende de justitiehuizen en de juridische eerstelijnsbijstand, wat betreft de indicatiestelling en de interne informatiedeling #1547
Gemerged Vlaamse Regering voegde 3 artikels samen in decreet-2019-04-26-1031790 · 16 januari 2023 Alle checks geslaagd
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
verzendcode: FIN
ingediend op 6 maart 2023 (2022-2023)
Verslag
namens de Commissie voor Algemeen Beleid,
Financiën, Begroting en Justitie
uitgebracht door Maaike De Vreese
over het ontwerp van decreet
tot wijziging
van het decreet van 26 april 2019
houdende de justitiehuizen
en de juridische eerstelijnsbijstand,
wat betreft de indicatiestelling
en de interne informatiedeling
Samenstelling van de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën, Begroting en Justitie:
Voorzitter: Steven Vandeput.
Vaste leden:
Arnout Coel, Maaike De Vreese, Andries Gryffroy, Philippe Muyters, Steven Vandeput;
Adeline Blancquaert, Anke Van dermeersch, Wim Verheyden;
Koen Van den Heuvel, Peter Van Rompuy;
Willem-Frederik Schiltz, Maurits Vande Reyde;
Celia Groothedde, Björn Rzoska;
Ludwig Vandenhove.
Plaatsvervangers:
Veerle Geerinckx, Sarah Smeyers, Jeroen Tiebout, Wilfried Vandaele, Paul Van Miert;
Filip Brusselmans, Yves Buysse, Johan Deckmyn;
Stijn De Roo, Sofie Mertens;
Marino Keulen, Gwendolyn Rutten;
Mieke Schauvliege, Jeremie Vaneeckhout;
Thijs Verbeurgt.
Toegevoegde leden:
Jos D'Haese.
Op 28 februari 2023 besprak de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën,
Begroting en Justitie het ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 26
april 2019 houdende de justitiehuizen en de juridische eerstelijnsbijstand, wat betreft de indicatiestelling en de interne informatiedeling (Parl.St. Vl.Parl. 2022-23,
nr. 1547/1) in aanwezigheid van minister Zuhal Demir, Vlaams minister van Justitie
en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme.
I. Toelichting door minister Zuhal Demir
1. Technische correctie
Minister Zuhal Demir begint met een kleine technische correctie: in artikel 4 van
het voorliggende ontwerp van decreet wordt in het bestaande decreet aan artikel
11 een paragraaf 3 toegevoegd. In die paragraaf 3 moet de verwijzing naar artikel
2, 9°, d), aangepast worden naar artikel 2, 9°, a).
Het gaat om een puur technische correctie, wat duidelijk blijkt uit het advies van
de Raad van State en uit de memorie van toelichting. Met die verwijzing worden
justitiabelen bedoeld waarvoor de justitiehuizen een adviseringsopdracht of een
begeleidingsopdracht hebben.
2. Waarover gaat dit ontwerp van decreet?
In 2022 werden binnen de justitiehuizen tien psychologen aangeworven. Zij doen
binnen de opdrachten van de justitiehuizen aan risicotaxatie en psychodiagnostiek.
Risicotaxatie dient om het begeleidingstraject beter in te schatten: hoe lang en
intensief moet iemand begeleid worden. Psychodiagnostiek is erop gericht om iemand naar de juiste hulpverlening toe te leiden. Hiermee wil men zorgen voor het
verminderen van het recidiverisico en wordt er ingezet op een betere re-integratie
in de maatschappij.
Natuurlijk moeten de psychologen en justitieassistenten dan wel informatie kunnen
uitwisselen. Daar wringt het schoentje. De psychologen hebben van nature een
beroepsgeheim, terwijl justitieassistenten enkel een discretieplicht (het ambtsgeheim) hebben. Als de psychologen informatie zouden delen met de justitieassistenten, zouden zij strafbaar gesteld kunnen worden wegens schending van hun
beroepsgeheim (op basis van artikel 458 van het Strafwetboek). Opdat die informatiedeling wel mogelijk is, zonder dat de psychologen strafbaar gedrag zouden stellen,
wordt het decreet Justitiehuizen van 2019 gewijzigd met dit ontwerp van decreet.
Daarnaast wordt ook de definitie van indicatiestelling aangepast. Met die definitie
wordt meer de link gelegd met het werk van de psychologen. Er wordt in de definitie
nu ook uitdrukkelijk verwezen naar risicotaxatie en psychodiagnostisch onderzoek.
Tot slot wordt op advies van de VTC (Vlaamse Toezichtcommissie voor de verwerking van persoonsgegevens) nog de rechtmatigheidsgrond voor de verwerking van
persoonsgegevens door de justitiehuizen aangevuld omdat dit nog als een lacune
werd beschouwd.
II. Bespreking
Er worden geen tussenkomsten gehouden bij dit ontwerp van decreet.
III. Stemming
Het ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 26 april 2019 houdende
de justitiehuizen en de juridische eerstelijnsbijstand, wat betreft de indicatiestelling
en de interne informatiedeling (Parl.St. Vl.Parl. 2022-23, nr. 1547/1) wordt – met
inbegrip van de door de minister voorgestelde technische correctie – eenparig aangenomen met 10 stemmen.
Steven VANDEPUT,
voorzitter
Maaike DE VREESE,
verslaggever
TEKST AANGENOMEN DOOR DE COMMISSIE
Artikel 1. Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.
Art. 2. In artikel 2 van het decreet van 26 april 2019 houdende de justitiehuizen
en de juridische eerstelijnsbijstand, gewijzigd bij het decreet van 11 maart 2022,
wordt punt 7° vervangen door wat volgt:
“7° indicatiestelling: de inschatting van de risico’s, behoeften en sterktes van een
justitiabele, aan de hand van onder meer risicotaxatie of een psychodiagnostisch onderzoek;”.
Art. 3. In artikel 8, eerste lid, van hetzelfde decreet wordt de zinsnede “artikel 6,
eerste lid, e),” vervangen door de zinsnede “artikel 6, eerste lid, c) en e),”.
Art. 4. Aan artikel 11 van hetzelfde decreet wordt een paragraaf 3 toegevoegd, die
luidt als volgt:
“§3. Psychologen die werkzaam zijn binnen de justitiehuizen kunnen, met het oog
op het uitvoeren van een opdracht die tot doel heeft een opdrachtgever te informeren over een passende straf, maatregel, uitvoeringsmodaliteit of voorwaarde die
aan een justitiabele kan worden opgelegd, of over de opvolging van een dergelijke
straf, maatregel, uitvoeringsmodaliteit of voorwaarde, de noodzakelijke informatie
omtrent een indicatiestelling van een justitiabele als vermeld in artikel 2, 9°, a),
delen met het personeelslid van het justitiehuis dat instaat voor de uitvoering van
de opdracht, zonder dat de psychologen wegens eventuele miskenning van het
beroepsgeheim strafbaar kunnen worden gesteld op basis van artikel 458 van het
Strafwetboek.
In deze paragraaf wordt verstaan onder psycholoog: elke persoon die de titel
van …