§ flandrepo

Decreet tot wijziging van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, wat de aanpassing van de verkoopprocedure voor inbeslaggenomen voertuigen en de stuiting van de verjaring betreft

N-VAcd&vOpen Vld N-VA, cd&v, Open Vld #2086 Staatsblad 24 mei 2024 NUMAC 2024004890
3 artikels gewijzigd
+10 −10 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.13.2.0.4
1−§1. Als de niet-betaling van de verkeersbelasting, de belasting op de inverkeerstelling, het eurovignet of de administratieve geldboetes die worden opgelegd ingevolge overtredingen van de regelgeving inzake de kilometerheffing, met inbegrip van de administratieve geldboetes inzake kilometerheffing die worden opgelegd voor overtredingen die eerder zijn begaan, maar die niet vroeger ter kennis konden worden gebracht aan de overtreder ingevolge de niet-naleving van zijn verplichtingen, wordt vastgesteld op de openbare weg, moet de bestuurder van het voertuig dat aan een van die belastingen onderhevig is, de niet-betaalde belastingen en toebehoren die voor het gecontroleerde voertuig verschuldigd zijn op het ogenblik van de vaststelling van de overtreding dadelijk betalen aan het bevoegde personeelslid, vermeld in artikel 3.13.2.0.3.
1+§1. Als de niet-betaling van de verkeersbelasting, de belasting op de inverkeerstelling, het eurovignet of de administratieve geldboetes die worden opgelegd ingevolge overtredingen van de regelgeving inzake de kilometerheffing, met inbegrip van de administratieve geldboetes inzake kilometerheffing die worden opgelegd voor overtredingen die eerder zijn begaan, maar die niet vroeger ter kennis konden worden gebracht aan de overtreder ingevolge de niet-naleving van zijn verplichtingen, wordt vastgesteld op de openbare weg, moet de bestuurder van het voertuig dat aan een van die belastingen onderhevig is, de niet-betaalde belastingen en toebehoren die voor het gecontroleerde voertuig verschuldigd zijn op het ogenblik van de vaststelling van de overtreding dadelijk betalen aan het bevoegde personeelslid, vermeld in artikel 3.13.2.0.3.
22Als het gecontroleerde voertuig of de gecontroleerde nummerplaat ingeschreven staat op naam van de bestuurder of op naam van zijn echtgenoot, wettelijk samenwonende partner, een van zijn ouders of kind, betaalt de bestuurder alle openstaande belastingen en toebehoren inzake de verkeersbelasting, de belasting op de inverkeerstelling, het eurovignet of de administratieve geldboetes kilometerheffing, die de houder van de nummerplaat verschuldigd is op het ogenblik dat de overtreding wordt vastgesteld, dadelijk aan het bevoegde personeelslid, vermeld in artikel 3.13.2.0.3.
3−§2. In geval van niet-betaling van de sommen, vermeld in paragraaf 1, op het ogenblik van de vaststelling van de overtreding, wordt het voertuig door het bevoegde personeelslid, vermeld in artikel 3.13.2.0.3, aangehaald tot de verschuldigde sommen betaald zijn.
3+§2. In geval van niet-betaling van de sommen, vermeld in paragraaf 1, op het ogenblik van de vaststelling van de overtreding, wordt het voertuig door het bevoegde personeelslid, vermeld in artikel 3.13.2.0.3, aangehaald tot de verschuldigde sommen betaald zijn.
44Het bevoegde personeelslid, vermeld in artikel 3.13.2.0.3, stelt in het geval, vermeld in het eerste lid, een verslag van vaststelling van aanhaling op.
55De aanhaling, vermeld in het eerste lid, kan onder meer bestaan uit het inhouden van de boorddocumenten, het inhouden van de vrachtbrief, het plaatsen van een wielklem, het wegtakelen van het voertuig, vermeld in paragraaf 1, naar een stallingplaats en het stallen van het voertuig.
66Het aangehaalde voertuig mag niet worden vervreemd noch worden verplaatst zonder toestemming van het bevoegde personeelslid.
7−§3. Als de sommen, vermeld in paragraaf 1, niet betaald zijn binnen een week na de dag van de vaststelling van de overtreding, vermeld in paragraaf 1, is er een vermoeden dat de rechten van het Vlaamse Gewest in gevaar zijn.
7+§3. Als de sommen, vermeld in paragraaf 1, niet betaald zijn binnen een week na de dag van de vaststelling van de overtreding, vermeld in paragraaf 1, kan de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie het aangehaalde voertuig in beslag nemen en tot de verkoop ervan laten overgaan, waarbij ze een bericht van inbeslagneming opstelt. Er verstrijken minstens dertig dagen tussen de ontvangst van het bericht van inbeslagneming, conform artikel 3.13.2.0.6, §2, eerste lid, door de belastingschuldige en de verkoop van het voertuig.
8−Als de belastingschuldige betwist dat de rechten van het Vlaamse Gewest in gevaar verkeren, wordt er over de betwisting uitspraak gedaan, zoals in kort geding door de beslagrechter van de plaats waar de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie die de belasting moet innen, is gevestigd.
8+Als de belastingschuldige het bericht van inbeslagneming betwist kan hij binnen een termijn van dertig dagen na ontvangst van het bericht van inbeslagneming, vermeld in artikel 3.13.2.0.6, §2, eerste lid, verzet aantekenen, houdende dagvaarding van het Vlaamse Gewest, bij de beslagrechter van de plaats waar de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie die de belasting moet innen, is gevestigd. Over deze betwisting wordt uitspraak gedaan zoals in kortgeding.
9−De bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie kan in het geval, vermeld in het eerste lid, een dwangschrift opstellen en laten overgaan tot betekening van een dwangbevel en eventueel tot uitvoerend roerend beslag op het voertuig.
9+Het inbeslaggenomen voertuig mag niet worden vervreemd en mag evenmin worden verplaatst zonder toestemming van de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie.
10−In het dwangschrift en het dwangbevel kunnen naast de sommen, vermeld in paragraaf 1, andere openstaande schulden worden opgenomen die betrekking hebben op de belastingen, opcentiemen, opdeciem, interesten en kosten die door de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie worden geïnd.
10+In het bericht van inbeslagneming kunnen naast de sommen, vermeld in paragraaf 1, andere openstaande schulden worden opgenomen die betrekking hebben op de belastingen, opcentiemen, opdeciem, interesten en kosten ten laste van de belastingschuldige die door de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie worden geïnd.
11−Als de belastingschuldige niet de eigenaar is van het voertuig dat het voorwerp uitmaakt van het uitvoerend roerend beslag, en over de eigendom een geschil ontstaat, kan er over de betwisting uitspraak gedaan worden, zoals in kortgeding door de beslagrechter van de plaats waar de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie die de belasting moet innen is gevestigd.
11+Als de belastingschuldige niet de eigenaar is van het voertuig dat het voorwerp uitmaakt van het beslag, en over de eigendom een geschil ontstaat, kan er over de betwisting uitspraak gedaan worden, zoals in kortgeding door de beslagrechter van de plaats waar de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie die de belasting moet innen is gevestigd.
12−§4. Het risico en de eventuele kosten die voortvloeien uit de aanhaling en het beslag, zijn ten laste van de belastingschuldige.
12+§4. Het risico en de eventuele kosten die voortvloeien uit de aanhaling en het beslag, zijn ten laste van de belastingschuldige.
13−Het beslag wordt na betaling van alle sommen en bijbehorende kosten die opgenomen zijn in het dwangbevel, opgeheven.
13+Het beslag wordt na betaling van alle sommen waarvoor beslag werd gelegd en de kosten van aanhaling, inbeslagneming en verkoop, opgeheven.
14−§5. Met behoud van de toepassing van artikel 1627 van het Gerechtelijk Wetboek wordt de opbrengst van de verkoop van het voertuig, vermeld in artikel 1.1.0.0.2, derde lid, 1° en 2°, en artikel 2.2.1.0.1, aangerekend volgens de regels, vermeld in artikel 3.4.7.0.1. Het eventuele overschot wordt aan de belastingschuldige terugbetaald.
14+§5. De opbrengst van de verkoop van het voertuig, vermeld in artikel 1.1.0.0.2, derde lid, 1° en 2°, en artikel 2.2.1.0.1 wordt aangerekend volgens de regels, vermeld in artikel 3.4.7.0.1. Het eventuele overschot wordt aan de belastingschuldige terugbetaald. De belastingschuldige wordt op de hoogte gebracht van de bestemming van de opbrengst van de verkoop van het voertuig en in voorkomend geval van het saldo dat hij nog verschuldigd is.
+8 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.13.2.0.6 nieuw
1+§1. Het bericht van inbeslagneming, opgemaakt ingevolge artikel 3.13.2.0.4, §3, eerste lid, bevat minstens:
2+1° een verwijzing naar het verslag van vaststelling van aanhaling, vermeld in artikel 3.13.2.0.4, §2, tweede lid;
3+2° de oorzaken van het bericht van inbeslagneming;
4+3° de elementen die toelaten om het voertuig te identificeren en de plaats waar
5+het wordt gestald te lokaliseren.
6+§2. Het bericht van inbeslagneming wordt verstuurd naar het adres van de belastingschuldige en wordt geacht door hem te zijn ontvangen op de derde werkdag na de verzending ervan.
7+De belastingschuldige bezorgt het bericht van inbeslagneming onmiddellijk aan de eigenaar van het voertuig.
8+§3. Het bericht van inbeslagneming, vermeld in paragraaf 1, dat is opgemaakt door de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie, verdient het volle geloof in rechten tot de valsheid ervan bewezen is.
+2 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.14.2.0.1
1−De termijn, vermeld in artikel 3.14.1.0.1, kan worden gestuit op de wijze, vermeld in artikel 2244 tot en met artikel 2250 van het Burgerlijk Wetboek, of door afstand te doen van de termijn die verlopen is op de verjaring. In geval van stuiting van de verjaring treedt een nieuwe verjaring in, die op dezelfde wijze kan worden gestuit na verloop van vijf jaar na de laatste akte of handeling waardoor de vorige verjaring is gestuit, als geen geding voor het gerecht aanhangig is.
1+De termijn, vermeld in artikel 3.14.1.0.1, kan worden gestuit op de wijze, vermeld in artikel 2244 tot en met artikel 2250 van het Burgerlijk Wetboek, door de verzending met een aangetekende brief van elke aanmaning tot betaling waarin de gegevens van de schuldvordering volledig en ondubbelzinnig zijn opgenomen, of door afstand te doen van de termijn die verlopen is op de verjaring. In geval van stuiting van de verjaring treedt een nieuwe verjaring in, die op dezelfde wijze kan worden gestuit na verloop van vijf jaar na de laatste akte of handeling waardoor de vorige verjaring is gestuit, als geen geding voor het gerecht aanhangig is.
2+Voor een aanmaning tot betaling die met een aangetekende brief wordt verzonden, geldt de datum van de poststempel op het verzendingsbewijs als indieningsdatum van die aanmaning. Als de schuldenaar of de medeschuldenaar geen bekende woonplaats in België of in het buitenland heeft, wordt de aanmaning tot betaling met een aangetekende brief aan de procureur des Konings van Brussel verzonden.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd