Betreffende het realisatiegerichte instrumentarium #194
Gemerged Vlaamse Regering voegde 43 artikels samen in decreet-1996-04-16decreet-1997-10-21decreet-2003-07-18 · 24 januari 2020 33 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier:
van persoonsgegevens
– Nr. 7 t.e.m. 9: Amendementen
– Nr. 10: Verslag
– Nr. 11: Reflectienota
– Nr. 12 en 13: Amendementen
: Ontwerp van decreet
– Nr. 2: Verslag van de hoorzittingen
– Nr. 3 en 4: Amendementen
– Nr. 5: Advies van de Raad van State
– Nr. 6: Advies van de Vlaamse Toezichtcommissie voor de verwerking
– Nr. 14: Advies van de Raad van State over de amendementen
Amendementen
voorgesteld na indiening van het verslag
op het ontwerp van decreet
betreffende het realisatiegerichte instrumentarium
ingediend op 17 maart 2023 (2022-2023)
verzendcode: LEE
— 1011 B russel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be
AMENDEMENT Nr. 25
voorgesteld door Wilfried Vandaele, Tinne Rombouts,
Steven Coenegrachts, Inez De Coninck, Koen Van den Heuvel
en Andries Gryffroy
na indiening van het verslag
Artikel 7
Paragraaf 3 vervangen door wat volgt:
“§3. Voor de uitvoering van de taken van algemeen belang die de Vlaamse Codex
Ruimtelijke Ordening en het Instrumentendecreet van [...] en hun uitvoeringsbesluiten aan de landcommissies opdragen in het kader van de planbatenheffing,
vermeld in artikel 2.6.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, de compenserende vergoedingen, vermeld in artikel 6 van het Instrumentendecreet van
[…], en de billijke schadevergoedingen, vermeld in artikel 30 van het Instrumentendecreet van […], verwerken de landcommissies de informatie, met inbegrip
van de persoonsgegevens, die daartoe noodzakelijk is. Zij doen dit als verwerkingsverantwoordelijken in de zin van artikel 4, 7), van de algemene verordening
gegevensbescherming. Onder algemene verordening gegevensbescherming wordt
verstaan: de verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad
van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband
met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die
gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming). Dat houdt met name in dat de landcommissies zijn belast met:
1° het opmaken van een schaderamingsrapport als vermeld in artikel 7 van het
Instrumentendecreet van […];
2° het opmaken van een schaderapport als vermeld in artikel 7 van het
Instrumentendecreet van […];
3° in voorkomend geval, het nemen van beslissingen over de compenserende
vergoedingen;
4° de berekening van de eigenaarsvergoeding, vermeld in artikel 14 van het
Instrumentendecreet van […];
5° de berekening van de gebruikersvergoeding, vermeld in artikel 17 van het
Instrumentendecreet van […];
6° het opmaken van een meerwaarderapport als vermeld in artikel 2.6.10, §2,
van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening;
7° het opmaken van een meerwaarderamingsrapport als vermeld in artikel 2.6.10,
§2/1, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
De te verwerken informatie omvat met name de volgende categorieën van
persoonsgegevens:
1° identificatiegegevens van de aanvragers of begunstigden of van de
heffingsplichtige, vermeld in artikel 2.6.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke
Ordening, waaronder het Rijksregisternummer en, in voorkomend geval, het
BIS-nummer;
2° gegevens van aanvragers of begunstigden in verband met de unieke wijze van
identificatie als landbouwer in het GBCS, als vermeld in artikel 4, §1, van het
decreet van 22 december 2016 houdende inrichting van een gemeenschappelijke
identificatie van landbouwers, exploitaties en landbouwgrond in het kader van
het meststoffenbeleid en van het landbouwbeleid;
3° vergelijkingspunten met betrekking tot verkoopprijzen van gelijkaardige
onroerende goederen;
4° gegevens in verband met de onroerende goederen en de percelen in verband
waarmee een vergoeding wordt gevraagd, waaronder kadastrale gegevens,
gegevens over erfdienstbaarheden en de verwervingswaarde;
5° gegevens in verband met persoonlijke en zakelijke rechten;
6° gegevens in verband met vergunningen en stedenbouwkundige inlichtingen;
7° gegevens die een invloed kunnen hebben op de waarde van onroerende
goederen zoals de aanwezigheid van verontreiniging;
8° gegevens die een invloed kunnen hebben op het inkomen of het potentieel
inkomen van een perceel, zoals de aanwezige teelt en dieren, het
bemestingsregime, de bodemgeschiktheid en de landbouwstreek.
De landcommissies voeren de taken, vermeld in het eerste lid, uit op basis van
de inlichtingen die de aanvrager, de heffingsplichtige bij planbaten, de initiatiefnemer of de overheid verstrekt en op basis van de inlichtingen die ze rechtstreeks
inzamelen bij de instantie of persoon die erover beschikt.
De inlichtingen die rechtstreeks bij de aanvrager worden verzameld, zijn de
gegevens die bij de aanvraag moeten worden gevoegd of die de aanvrager of de
heffingsplichtige bij planbaten verstrekt op vraag van een landcommissie.
Daarnaast kan de landcommissie voor de uitoefening van haar taken, vermeld
in het eerste lid, voor zover dat noodzakelijk is, informatie, waaronder persoonsgegevens, opvragen bij andere overheden of instanties die daarover beschikken,
mits naleving van de regelgeving inzake de bescherming van natuurlijke personen
bij de verwerking van persoonsgegevens die van toepassing is bij de mededeling
van persoonsgegevens, zoals ze in voorkomend geval op federaal of Vlaams niveau
verder is of wordt gespecificeerd. De persoonsgegevens die op die manier worden
verkregen, alsook de instanties of overheden die de persoonsgegevens verstrekken, worden nader bepaald door de Vlaamse Regering, na advies van de bevoegde
toezichthoudende autoriteit voor de verwerking van persoonsgegevens.
In toepassing van het vorige lid kunnen de landcommissies de Notariële Aktebank raadplegen met het oog op:
1° het bepalen van de eigenaarswaarde, vermeld in artikel 14, en de billijke
schadevergoeding, vermeld in artikel 30, waarbij de landcommissie het
volgende nagaat:
a) een analyse van de relevante vergelijkingspunten om na te gaan waaruit
de prijs van een onroerend goed is opgebouwd;
b) de persoonlijke en zakelijke rechten die gelden voor het onroerend …