§ flandrepo

Decreet tot wijziging van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid en het decreet van 29 mei 2020 tot organisatie van het centrale contactonderzoek door een samenwerkingsverband van externe partners, het lokale contactonderzoek door lokale besturen of zorgraden en tot organisatie van de COVID-19-teams in het kader van COVID-19

Vlaamse Regering #901 Staatsblad 27 juli 2021 NUMAC 2021042669
3 artikels gewijzigd
+2 −2 decreet-2020-05-29-1033074/art. 2
21° algemene verordening gegevensbescherming: verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming);21° algemene verordening gegevensbescherming: verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming);
32° decreet van 21 november 2003: het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid;32° decreet van 21 november 2003: het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid;
42°/1 lokaal bestuur: iedere gemeente in het Vlaamse Gewest;
52°/2 medische en psychosociale ondersteuning organiseren: informeren over, doorverwijzen naar en samen met de betrokken persoon contact opnemen om die medische en psychosociale ondersteuning mogelijk te maken;
43° koninklijk besluit nr. 18 van 4 mei 2020: het koninklijk besluit nr. 18 van 4 mei 2020 tot oprichting van een databank bij Sciensano in het kader van de strijd tegen de verspreiding van COVID-19.63° koninklijk besluit nr. 18 van 4 mei 2020: het koninklijk besluit nr. 18 van 4 mei 2020 tot oprichting van een databank bij Sciensano in het kader van de strijd tegen de verspreiding van COVID-19.
53° [... (vernietigd bij arrest Grondwettelijk Hof 2023/026 van 16 februari 2023 ];
64° [... (vernietigd bij arrest Grondwettelijk Hof 2023/026 van 16 februari 2023 ].
+42 −0 decreet-2020-05-29-1033074/art. 6/3 nieuw
1§ 1. De lokale besturen kunnen, onder de verantwoordelijkheid van de entiteit die de Vlaamse Regering aanwijst, de volgende activiteiten verrichten:
21° acties ondernemen om de bronopsporing te versterken:
3a) verbanden leggen door analyse van de beschikbare gegevens, waardoor ogenschijnlijk willekeurige besmettingen tot een en dezelfde bron kunnen worden teruggebracht;
4b) detecteren van de hotspots via bronopsporing;
5c) allerhande initiatieven nemen om de hotspots, vermeld in punt b), te isoleren en uiteindelijk in te perken;
62° quarantainecoaching, namelijk:
7a) inwoners informeren als tijdelijke afzondering van toepassing is, over welke procedures gevolgd worden en welke activiteiten toegelaten of niet toegelaten zijn conform de richtlijnen die worden geformuleerd door de bevoegde overheden;
8b) medische en psychosociale ondersteuning organiseren voor de volgende personen:
9de personen bij wie een COVID-19 test-heeft uitgewezen dat ze besmet zijn;
10de personen van wie de arts een ernstig vermoeden heeft dat ze besmet zijn met COVID-19, maar bij wie geen COVID-19-test is uitgevoerd of voorgeschreven, of bij wie de COVID-19-test heeft uitgewezen dat ze niet besmet waren.
11De Vlaamse Regering kan de activiteiten van de lokale besturen, vermeld in het eerste lid, nader preciseren.
12De lokale besturen wijzen een medische expert aan, onder de verantwoordelijkheid van wie de opdrachten, vermeld in het eerste lid, worden uitgevoerd.
13De personen binnen de lokale besturen die de opdrachten, vermeld in het eerste lid, uitvoeren, zijn overeenkomstig artikel 458 van het Strafwetboek gebonden door het beroepsgeheim.
14De personen binnen de lokale besturen die de opdrachten, vermeld in het eerste lid, uitvoeren, staan mee onder toezicht van de ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, § 3, 2° en 3°, van het decreet van 21 november 2003. In het kader van dat toezicht kunnen intervisiemomenten worden georganiseerd tussen de medische expert, vermeld in het derde lid, en de voormelde ambtenaren-artsen en ambtenaren. Als de lokale besturen niet voldoen aan de verplichtingen, vermeld in dit decreet, kunnen de voormelde ambtenaren-artsen en ambtenaren de lokale besturen aanmanen om alle verplichtingen aan de hand van een remediëringsplan na te komen binnen een termijn die de voormelde ambtenaren-artsen en ambtenaren bepalen.
15De lokale besturen maken een inhoudelijk verslag op over de uitvoering van de opdrachten, vermeld in het eerste lid. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen over de inhoud van het inhoudelijke verslag.
16§ 2. Voor het verrichten van de activiteiten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, verwerken de lokale besturen de volgende gegevens van de personen bij wie een COVID-19-test heeft uitgewezen dat ze besmet zijn met COVID-19 en van de personen van wie de arts een ernstig vermoeden heeft dat ze besmet zijn met COVID- 19, maar bij wie geen COVID-19-test is uitgevoerd of voorgeschreven, of bij wie de COVID-19-test heeft uitgewezen dat ze niet besmet waren:
171° de identificatiegegevens;
182° de contactgegevens;
193° het geslacht;
204° de leeftijd;
215° de datum waarop de COVID-19-test is afgenomen, het testresultaat en de beslissing tot overruling daarvan als geen besmetting kon worden vastgesteld op grond van het testresultaat;
226° de datum van de eerste ziektesymptomen;
237° de eventuele collectiviteiten waarmee de persoon in contact is geweest;
248° de personen met wie de persoon in contact is geweest gedurende een periode van veertien dagen voor en na de eerste tekenen van de besmetting met COVID-19, waarbij een bepaalde appreciatiemarge op grond van wetenschappelijke inzichten in rekening kan worden genomen;
259° de relevante criteria voor de inschatting van een hoog of laag besmettingsrisico en het geven van advies;
2610° de gezondheidsgegevens die nodig zijn om de bronopsporing te versterken, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, en voor de quarantainecoaching, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2° ;
2711° andere gegevens dan gezondheidsgegevens die nodig zijn om de bronopsporing te versterken, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, en voor de quarantainecoaching, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°.
28Voor het verrichten van de activiteiten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, verwerken de lokale besturen de volgende persoonsgegevens van de personen met wie de personen, vermeld in het eerste lid, in contact zijn geweest:
291° de voor- en achternaam;
302° de postcode;
313° het telefoonnummer;
324° het antwoord op de vraag of die personen al dan niet symptomen van COVID- 19 hebben;
335° de taalvaardigheid;
346° het feit dat die personen al dan niet een gezondheidszorgberoep uitoefenen.
35De Vlaamse Regering kan de persoonsgegevens, vermeld in het eerste en tweede lid, nader preciseren.
36De persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 6°, en het tweede lid, 1° tot en met 4°, worden, als ze beschikbaar zijn, aan de lokale besturen bezorgd door een entiteit die de Vlaamse Regering aanwijst.
37De persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 7° tot en met 11°, en het tweede lid, 5° en 6°, worden door het lokaal bestuur ingewonnen bij de betrokkene.
38De lokale besturen hebben, in het kader van de uitvoering van de opdrachten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, alleen toegang tot de persoonsgegevens, vermeld in het eerste en tweede lid, van de personen van wie de hoofdverblijfplaats of de andere gepaste plaats waar de betrokkene in tijdelijke afzondering verblijft, op het grondgebied van dat lokale bestuur ligt.
39De lokale besturen kunnen, na de toestemming van de betrokkene of zijn vertegenwoordiger, de gegevens, vermeld in het eerste lid, delen met zorgaanbieders als vermeld in artikel 2, 14°, van het decreet van 26 april 2019 betreffende de organisatie van de eerstelijnszorg, de regionale zorgplatformen en de ondersteuning van de eerstelijnszorgaanbieders om medische en psychosociale ondersteuning te kunnen organiseren.
40De Vlaamse Regering wijst een entiteit aan die optreedt als verwerkingsverantwoordelijke voor de gegevens die de lokale besturen verwerken bij de uitvoering van de opdrachten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid. Die entiteit sluit een verwerkingsovereenkomst als vermeld in artikel 28, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming, met het lokale bestuur voor de uitvoering van de opdrachten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid.
41De persoonsgegevens, vermeld in het eerste en tweede lid, worden door het lokale bestuur bewaard gedurende een termijn van maximaal dertig dagen, met uitzondering van de persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, van personen als vermeld in het eerste lid, bij wie de medische en psychosociale ondersteuning, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°, b), langer dan dertig dagen duurt. In het laatste geval worden de persoonsgegevens bewaard tot maximaal drie dagen na het einde van die medische en psychosociale ondersteuning.
42De Vlaamse Regering kan bepalen welke technische en organisatorische maatregelen de lokale besturen treffen ter bescherming van de verwerking van de persoonsgegevens in het kader van de opdrachten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid.
+34 −0 decreet-2020-05-29-1033074/art. 6/4 nieuw
1In het kader van COVID-19 kunnen met het oog op andere quarantainecoaching dan die vermeld in artikel 6/3, § 1, eerste lid, 2°, van dit decreet, de persoonsgegevens, vermeld in het derde en vierde lid, van de volgende personen gedeeld worden met het lokale bestuur en het bestuur van het openbaar centrum voor maatschappelijke welzijn van de gemeente waarin de hoofdverblijfplaats of een andere gepaste plaats waar de betrokkene in tijdelijke afzondering verblijft, ligt, binnen respectievelijk de bevoegdheden van het lokale bestuur, vermeld in artikel 2 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, en de bevoegdheden van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, vermeld in artikel 57, § 1, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn:
21° de persoon bij wie een COVID-19-test heeft uitgewezen dat hij besmet is met COVID-19;
32° de persoon van wie de arts een ernstig vermoeden heeft dat hij besmet is met COVID-19, maar bij wie geen COVID-19-test is uitgevoerd of is voorgeschreven, of bij wie een COVID-19-test heeft uitgewezen dat hij niet besmet was;
43° de persoon met wie de persoon, vermeld in punt 1° en 2°, in contact is geweest.
5De quarantainecoaching, vermeld in het eerste lid, waarvoor de persoonsgegevens van personen als vermeld in het eerste lid, doorgegeven kunnen worden, heeft betrekking op de volgende activiteiten:
61° zorgen voor opvang van hun kinderen;
72° hun boodschappen doen;
83° verstrekken van informatie aan hen;
94° maatregelen nemen om vereenzaming of vervreemding van hen tegen te gaan;
105° verlenen van psychologische bijstand aan hen; 6° regelen van hun administratie;
117° verstrekken van bijkomende financiële tegemoetkoming aan hen;
128° opsporen van kwetsbare personen door de persoonsgegevens te koppelen aan eigen databanken om in de ondersteuning, vermeld in punt 1° tot en met 7°, te voorzien.
13De volgende persoonsgegevens van de persoon, vermeld in het eerste lid, 1° en 2°, kunnen conform dit artikel worden doorgegeven:
141° de identificatiegegevens;
152° de contactgegevens;
163° het geslacht;
174° de leeftijd;
185° de datum waarop de COVID-19-test is afgenomen, het testresultaat en de beslissing tot overruling daarvan als geen besmetting kon worden vastgesteld op grond van het testresultaat;
196° de datum van de eerste ziektesymptomen;
207° de eventuele collectiviteiten waarmee de persoon in contact is geweest;
218° de personen met wie de persoon in contact is geweest gedurende een periode van veertien dagen voor en na de eerste tekenen van de besmetting met COVID-19, waarbij een bepaalde appreciatiemarge op grond van wetenschappelijke inzichten in rekening kan worden genomen;
229° de relevante criteria voor de inschatting van een hoog of laag besmettingsrisico en het geven van advies;
2310° de gezondheidsgegevens die nodig zijn om de activiteiten, vermeld in het tweede lid, 1° tot en met 7°, te verrichten;
2411° andere gegevens dan gezondheidsgegevens die nodig zijn om de activiteiten, vermeld in het tweede lid, 1° tot en met 7°, te verrichten.
25De volgende persoonsgegevens van de persoon, vermeld in het eerste lid, 3°, kunnen conform dit artikel worden doorgegeven:
261° de voor- en achternaam;
272° de postcode;
283° het telefoonnummer;
294° het antwoord op de vraag of die persoon al dan niet symptomen van COVID- 19 heeft;
305° de taalvaardigheid;
316° het feit dat die persoon al dan niet een gezondheidszorgberoep uitoefent.
32De Vlaamse Regering kan de persoonsgegevens, vermeld in het derde en vierde lid, nader preciseren.
33De Vlaamse Regering wijst een entiteit aan die optreedt als verwerkingsverantwoordelijke voor de doorgifte van de persoonsgegevens, vermeld in het derde en vierde lid. Het lokale bestuur of het bestuur van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, vermeld in het eerste lid, is de verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van de persoonsgegevens die conform dit artikel werden gedeeld.
34De persoonsgegevens, vermeld in het derde en vierde lid, worden door het lokale bestuur of het bestuur van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn bewaard gedurende een termijn van maximaal dertig dagen, met uitzondering van persoonsgegevens van personen als vermeld in het eerste lid, bij wie de quarantainecoaching, vermeld in het tweede lid, 1° tot en met 7°, langer dan dertig dagen duurt. In het laatste geval worden de persoonsgegevens bewaard tot maximaal drie dagen na het einde van die ondersteuning.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd