Artikel 6/3
§ 1. De lokale besturen kunnen, onder de verantwoordelijkheid van de entiteit die de Vlaamse Regering aanwijst, de volgende activiteiten verrichten:
- 1°acties ondernemen om de bronopsporing te versterken:
- a)verbanden leggen door analyse van de beschikbare gegevens, waardoor ogenschijnlijk willekeurige besmettingen tot een en dezelfde bron kunnen worden teruggebracht;
- b)detecteren van de hotspots via bronopsporing;
- c)allerhande initiatieven nemen om de hotspots, vermeld in punt b), te isoleren en uiteindelijk in te perken;
- 2°quarantainecoaching, namelijk:
- a)inwoners informeren als tijdelijke afzondering van toepassing is, over welke procedures gevolgd worden en welke activiteiten toegelaten of niet toegelaten zijn conform de richtlijnen die worden geformuleerd door de bevoegde overheden;
- b)medische en psychosociale ondersteuning organiseren voor de volgende personen:
de personen bij wie een COVID-19 test-heeft uitgewezen dat ze besmet zijn;
de personen van wie de arts een ernstig vermoeden heeft dat ze besmet zijn met COVID-19, maar bij wie geen COVID-19-test is uitgevoerd of voorgeschreven, of bij wie de COVID-19-test heeft uitgewezen dat ze niet besmet waren.
De Vlaamse Regering kan de activiteiten van de lokale besturen, vermeld in het eerste lid, nader preciseren.
De lokale besturen wijzen een medische expert aan, onder de verantwoordelijkheid van wie de opdrachten, vermeld in het eerste lid, worden uitgevoerd.
De personen binnen de lokale besturen die de opdrachten, vermeld in het eerste lid, uitvoeren, zijn overeenkomstig artikel 458 van het Strafwetboek gebonden door het beroepsgeheim.
De personen binnen de lokale besturen die de opdrachten, vermeld in het eerste lid, uitvoeren, staan mee onder toezicht van de ambtenaren-artsen en de ambtenaren, vermeld in artikel 44, § 3, 2° en 3°, van het decreet van 21 november 2003. In het kader van dat toezicht kunnen intervisiemomenten worden georganiseerd tussen de medische expert, vermeld in het derde lid, en de voormelde ambtenaren-artsen en ambtenaren. Als de lokale besturen niet voldoen aan de verplichtingen, vermeld in dit decreet, kunnen de voormelde ambtenaren-artsen en ambtenaren de lokale besturen aanmanen om alle verplichtingen aan de hand van een remediëringsplan na te komen binnen een termijn die de voormelde ambtenaren-artsen en ambtenaren bepalen.
De lokale besturen maken een inhoudelijk verslag op over de uitvoering van de opdrachten, vermeld in het eerste lid. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen over de inhoud van het inhoudelijke verslag.
§ 2. Voor het verrichten van de activiteiten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, verwerken de lokale besturen de volgende gegevens van de personen bij wie een COVID-19-test heeft uitgewezen dat ze besmet zijn met COVID-19 en van de personen van wie de arts een ernstig vermoeden heeft dat ze besmet zijn met COVID- 19, maar bij wie geen COVID-19-test is uitgevoerd of voorgeschreven, of bij wie de COVID-19-test heeft uitgewezen dat ze niet besmet waren:
- 1°de identificatiegegevens;
- 2°de contactgegevens;
- 3°het geslacht;
- 4°de leeftijd;
- 5°de datum waarop de COVID-19-test is afgenomen, het testresultaat en de beslissing tot overruling daarvan als geen besmetting kon worden vastgesteld op grond van het testresultaat;
- 6°de datum van de eerste ziektesymptomen;
- 7°de eventuele collectiviteiten waarmee de persoon in contact is geweest;
- 8°de personen met wie de persoon in contact is geweest gedurende een periode van veertien dagen voor en na de eerste tekenen van de besmetting met COVID-19, waarbij een bepaalde appreciatiemarge op grond van wetenschappelijke inzichten in rekening kan worden genomen;
- 9°de relevante criteria voor de inschatting van een hoog of laag besmettingsrisico en het geven van advies;
- 10°de gezondheidsgegevens die nodig zijn om de bronopsporing te versterken, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, en voor de quarantainecoaching, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2° ;
- 11°andere gegevens dan gezondheidsgegevens die nodig zijn om de bronopsporing te versterken, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, en voor de quarantainecoaching, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°.
Voor het verrichten van de activiteiten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, verwerken de lokale besturen de volgende persoonsgegevens van de personen met wie de personen, vermeld in het eerste lid, in contact zijn geweest:
- 1°de voor- en achternaam;
- 2°de postcode;
- 3°het telefoonnummer;
- 4°het antwoord op de vraag of die personen al dan niet symptomen van COVID- 19 hebben;
- 5°de taalvaardigheid;
- 6°het feit dat die personen al dan niet een gezondheidszorgberoep uitoefenen.
De Vlaamse Regering kan de persoonsgegevens, vermeld in het eerste en tweede lid, nader preciseren.
De persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 6°, en het tweede lid, 1° tot en met 4°, worden, als ze beschikbaar zijn, aan de lokale besturen bezorgd door een entiteit die de Vlaamse Regering aanwijst.
De persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 7° tot en met 11°, en het tweede lid, 5° en 6°, worden door het lokaal bestuur ingewonnen bij de betrokkene.
De lokale besturen hebben, in het kader van de uitvoering van de opdrachten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, alleen toegang tot de persoonsgegevens, vermeld in het eerste en tweede lid, van de personen van wie de hoofdverblijfplaats of de andere gepaste plaats waar de betrokkene in tijdelijke afzondering verblijft, op het grondgebied van dat lokale bestuur ligt.
De lokale besturen kunnen, na de toestemming van de betrokkene of zijn vertegenwoordiger, de gegevens, vermeld in het eerste lid, delen met zorgaanbieders als vermeld in artikel 2, 14°, van het decreet van 26 april 2019 betreffende de organisatie van de eerstelijnszorg, de regionale zorgplatformen en de ondersteuning van de eerstelijnszorgaanbieders om medische en psychosociale ondersteuning te kunnen organiseren.
De Vlaamse Regering wijst een entiteit aan die optreedt als verwerkingsverantwoordelijke voor de gegevens die de lokale besturen verwerken bij de uitvoering van de opdrachten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid. Die entiteit sluit een verwerkingsovereenkomst als vermeld in artikel 28, lid 3, van de algemene verordening gegevensbescherming, met het lokale bestuur voor de uitvoering van de opdrachten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid.
De persoonsgegevens, vermeld in het eerste en tweede lid, worden door het lokale bestuur bewaard gedurende een termijn van maximaal dertig dagen, met uitzondering van de persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, van personen als vermeld in het eerste lid, bij wie de medische en psychosociale ondersteuning, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°, b), langer dan dertig dagen duurt. In het laatste geval worden de persoonsgegevens bewaard tot maximaal drie dagen na het einde van die medische en psychosociale ondersteuning.
De Vlaamse Regering kan bepalen welke technische en organisatorische maatregelen de lokale besturen treffen ter bescherming van de verwerking van de persoonsgegevens in het kader van de opdrachten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid.