§ flandrepo

Tot wijziging van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, wat de woonreservegebieden betreft #577

Gemerged Wilfried VandaeleKoen Van den HeuvelSteven CoenegrachtsInez De ConinckTinne RomboutsAndries Gryffroy N-VA, cd&v, Open Vld voegde 11 artikels samen in vlaamse-codex-ruimtelijke-ordening · 9 december 2020 Alle checks geslaagd
Amendementen
N-VAcd&vOpen Vld Wilfried Vandaele, Koen Van den Heuvel, Steven Coenegrachts, Inez De Coninck, Tinne Rombouts, Andries Gryffroy 1 juli 2022 · 22 blz.
577/4 Officiële PDF
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier: : Voorstel van decreet – Nr. 2: Advies van de Raad van State – Nr. 3: Amendementen 30 mei 2022 (2021-2022) Amendement op het voorstel van decreet van Wilfried Vandaele, Koen Van den Heuvel, Steven Coenegrachts, Inez De Coninck, Tinne Rombouts en Andries Gryffroy tot wijziging van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, wat de woonreservegebieden betreft ingediend op verzendcode: LEE — 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be AMENDEMENT Nr. 13 voorgesteld door Wilfried Vandaele, Koen Van den Heuvel, Steven Coenegrachts, Inez De Coninck, Tinne Rombouts en Andries Gryffroy De tekst van het voorstel van decreet vervangen door wat volgt: “Hoofdstuk 1. Algemene bepaling Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid. Hoofdstuk 2. Wijziging van de regeling met betrekking tot woonreservegebieden in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 Art. 2. Aan artikel 1.1.2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, het laatst gewijzigd bij het decreet van 3 mei 2019, wordt een punt 19° toegevoegd, dat luidt als volgt: “19° woonreservegebied: een gebied dat ressorteert onder: a) de gebiedsbestemming woonuitbreidingsgebied, vermeld in artikel 5.1.1 van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen; b) het bijzonder bestemmingsvoorschrift reservegebied voor woonwijken van een gewestplan; c) het bijzonder bestemmingsvoorschrift woonreservegebied van een gewestplan; d) het bijzonder bestemmingsvoorschrift woonaansnijdingsgebied van een gewestplan.”. Art. 3. Aan artikel 2.6.1, §2, van dezelfde codex wordt de zinsnede “, of voor een gemeenteraadsbesluit tot gehele of gedeeltelijke vrijgave van een woonreservegebied als vermeld in artikel 5.6.11” toegevoegd. Art. 4. Aan artikel 5.1.1, §1, eerste lid, van dezelfde codex, gewijzigd bij de decreten van 25 april 2014, 8 december 2017 en 26 april 2019, wordt een punt 9° toegevoegd, dat luidt als volgt: “9° de aanduiding van de gronden in woonreservegebied die overeenkomstig artikel 5.6.11 en 5.6.12 bij gemeenteraadsbesluit zijn vrijgegeven, en de voorwaarden en eventuele lasten van het vrijgavebesluit.”. Art. 5. In titel V, hoofdstuk VI, afdeling 1, van dezelfde codex, gewijzigd bij de decreten van 16 juli 2010, 23 december 2011, 25 april 2014 en 18 december 2015, wordt onderafdeling 4, die bestaat uit artikel 5.6.4 tot en met 5.6.6, opgeheven. Art. 6. Aan titel V, hoofdstuk VI, van dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 26 april 2019, wordt een afdeling 4 toegevoegd, die luidt als volgt: “Afdeling 4. Woonreservegebieden”. Art. 7. In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 11 februari 2022, wordt aan afdeling 4, toegevoegd bij artikel 6, een onderafdeling 1 toegevoegd, die luidt als volgt: “Onderafdeling 1. Algemene bepaling”. Art. 8. In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 11 februari 2022, wordt aan onderafdeling 1, toegevoegd bij artikel 7, een artikel 5.6.10 toegevoegd, dat luidt als volgt: “Art. 5.6.10. §1. In woonreservegebieden kunnen stedenbouwkundige handelingen als vermeld in artikel 4.2.1 of het verkavelen van gronden, vermeld in artikel 4.2.15, alleen worden toegestaan in de volgende gevallen: 1° op grond van een voorafgaand gemeenteraadsbesluit als vermeld in onderafdeling 2, met toepassing van de voorwaarden en eventuele lasten van dat vrijgavebesluit; 2° op grond van de bepalingen, vermeld in artikel 5.6.14; 3° voor zover ze in overeenstemming zijn met de voorschriften van een algemeen plan van aanleg of een bijzonder plan van aanleg, met behoud van de toepassing van de bepalingen van hoofdstuk IV van titel IV. In afwijking van het eerste lid kunnen in woonreservegebieden omgevingsvergunningen afgegeven worden voor aanvragen die zijn gesteund op afwijkingsmogelijkheden als vermeld in titel IV, hoofdstuk IV. §2. De mogelijkheden, vermeld in paragraaf 1, gelden niet in gebieden die zijn aangeduid als watergevoelige openruimtegebieden als vermeld in artikel 5.6.8, §3.”. Art. 9. In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 11 februari 2022, wordt aan dezelfde afdeling 4 een onderafdeling 2 toegevoegd, die luidt als volgt: “Onderafdeling 2. Gemeentelijke besluitvorming”. Art. 10. In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 11 februari 2022, wordt aan onderafdeling 2, toegevoegd bij artikel 9, een artikel 5.6.11 toegevoegd, dat luidt als volgt: “Art. 5.6.11. §1. De gemeenteraad kan op initiatief van het college van burgemeester en schepenen beslissen dat een woonreservegebied volledig of gedeeltelijk vrijgegeven wordt voor wonen, en voor activiteiten en voorzieningen die aan het wonen verwant en ermee verweefbaar zijn, op maat van en inpasbaar in het woonreservegebied en de omgeving. Een gedeeltelijke vrijgave heeft betrekking op een samenhangend en ruimtelijk afzonderbaar onderdeel van het woonreservegebied. §2. Het al dan niet vrijgeven van een woonreservegebied of een deel ervan wordt beoordeeld aan de hand van: 1° de bepalingen van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan of het gemeentelijk of intergemeentelijk beleidsplan ruimte, of een ontwerp daarvan; 2° de bepalingen van het provinciaal beleidsplan ruimte en het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen, of een ontwerp daarvan; 3° de principes en doelstellingen vermeld in artikel 1.1.4; 4° de waterhuishouding, in het bijzonder de vrijwaring van het waterbergend vermogen waar dit relevant is; 5° het bindend sociaal objectief van de gemeente zoals bepaald overeenkomstig hoofdstuk 2 van titel 3 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, en de voortgang van de realisatie ervan. Wordt de vrijgave van een deel van een woonreservegebied overwogen, dan wordt bovendien nagegaan of die vrijgave geen hypotheek legt op de latere invulling of herbestemming van de overige delen van het woonreservegebied. De gemeenteraad kan een woonreservegebied slechts volledig of …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd