Tot wijziging van het decreet van 21 juni 2013 betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van belastingen, wat betreft de omzetting van richtlijn (EU) 2021/514 van de Raad van 22 maart 2021 tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van belastingen #1529
De instructies van dit stuk toegepast op de wet zoals die gold op 9 feb 2023. De officiële tekst blijft het document van het Parlement.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 37 | 18° meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie: iedere grensoverschrijdende constructie die ten minste één van de wezenskenmerken, vermeld in artikel 5/1, bezit; | 37 | 18° meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie: iedere grensoverschrijdende constructie die ten minste één van de wezenskenmerken, vermeld in artikel 5/1, bezit; |
| 38 | 19° wezenskenmerk: een eigenschap of kenmerk van een grensoverschrijdende constructie die geldt als een indicatie van een mogelijk risico op belastingontwijking zoals omschreven in artikel 5/1; | 38 | 19° wezenskenmerk: een eigenschap of kenmerk van een grensoverschrijdende constructie die geldt als een indicatie van een mogelijk risico op belastingontwijking zoals omschreven in artikel 5/1; |
| 39 | 20° intermediair: een persoon die een meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie bedenkt, aanbiedt, opzet, beschikbaar maakt voor implementatie of de implementatie ervan beheert. | 39 | 20° intermediair: een persoon die een meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie bedenkt, aanbiedt, opzet, beschikbaar maakt voor implementatie of de implementatie ervan beheert; |
| 40 | 26° gezamenlijke audit: een administratief onderzoek dat gezamenlijk door de bevoegde autoriteiten van twee of meer lidstaten wordt uitgevoerd, en verband houdt met een of meer personen van gezamenlijk of complementair belang voor de bevoegde autoriteiten van die lidstaten; | ||
| 41 | 27° gegevensinbreuk: een inbreuk op de beveiliging die leidt tot vernietiging, verlies, wijziging of elk voorval van ongepaste of ongeoorloofde inzage, openbaarmaking of gebruik van inlichtingen, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, persoons gegevens die worden doorgegeven, opgeslagen of anderszins verwerkt, als gevolg van opzettelijke onwettige handelingen, nalatigheid of ongevallen. Een gegevens inbreuk kan betrekking hebben op de vertrouwelijkheid, de beschikbaarheid en de integriteit van gegevens; | ||
| 42 | 28° CCNnetwerk: het op het gemeenschappelijke communicatienetwerk gebaseerde gemeenschappelijke platform dat de Unie heeft ontwikkeld voor het elektronische berichtenverkeer tussen autoriteiten die bevoegd zijn op het gebied van douane en belastingen. | ||
| 40 | Een intermediair is ook een persoon die, gelet op de betrokken feiten en omstandigheden en op basis van de beschikbare informatie en de deskundigheid die en het begrip dat nodig is om die diensten te verstrekken, weet of redelijkerwijs kon weten dat hij heeft toegezegd om rechtstreeks of via andere personen hulp, bijstand of advies te verstrekken met betrekking tot het bedenken, aanbieden, opzetten, beschikbaar maken voor implementatie of beheren van de implementatie van een meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie. Elke persoon heeft het recht bewijs te leveren van het feit dat een dergelijke persoon niet wist en redelijkerwijs niet kon weten dat die persoon bij een meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie betrokken was. Daartoe kan die persoon alle relevante feiten en omstandigheden, beschikbare informatie en zijn relevante deskundigheid en begrip ervan vermelden. | 43 | Een intermediair is ook een persoon die, gelet op de betrokken feiten en omstandigheden en op basis van de beschikbare informatie en de deskundigheid die en het begrip dat nodig is om die diensten te verstrekken, weet of redelijkerwijs kon weten dat hij heeft toegezegd om rechtstreeks of via andere personen hulp, bijstand of advies te verstrekken met betrekking tot het bedenken, aanbieden, opzetten, beschikbaar maken voor implementatie of beheren van de implementatie van een meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie. Elke persoon heeft het recht bewijs te leveren van het feit dat een dergelijke persoon niet wist en redelijkerwijs niet kon weten dat die persoon bij een meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie betrokken was. Daartoe kan die persoon alle relevante feiten en omstandigheden, beschikbare informatie en zijn relevante deskundigheid en begrip ervan vermelden. |
| 41 | Om een intermediair te zijn, dient een persoon ten minste één van de volgende aanvullende voorwaarden te vervullen: | 44 | Om een intermediair te zijn, dient een persoon ten minste één van de volgende aanvullende voorwaarden te vervullen: |
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden in het genoemde deel). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 7 | 2° een toelichting bij de toepasselijke wetgeving en bij de feiten op basis waarvan redelijkerwijze vermoed kan worden dat de belastingplichtigen in de groep de toepasselijke wetgeving niet hebben nageleefd; | 7 | 2° een toelichting bij de toepasselijke wetgeving en bij de feiten op basis waarvan redelijkerwijze vermoed kan worden dat de belastingplichtigen in de groep de toepasselijke wetgeving niet hebben nageleefd; |
| 8 | 3° een toelichting bij de manier waarop de gevraagde inlichtingen zouden bijdragen tot het bepalen van de mate waarin de belastingplichtigen in de groep aan de toepasselijke wetgeving voldoen; | 8 | 3° een toelichting bij de manier waarop de gevraagde inlichtingen zouden bijdragen tot het bepalen van de mate waarin de belastingplichtigen in de groep aan de toepasselijke wetgeving voldoen; |
| 9 | 4° in voorkomend geval, feiten en omstandigheden die verband houden met de betrokkenheid van een derde die actief heeft bijgedragen tot de mogelijke niet-naleving van de toepasselijke wetgeving door de belastingplichtigen in de groep. | 9 | 4° in voorkomend geval, feiten en omstandigheden die verband houden met de betrokkenheid van een derde die actief heeft bijgedragen tot de mogelijke nietnaleving van de toepasselijke wetgeving door de belastingplichtigen in de groep. |
| 1 | De bevoegde autoriteit verstrekt alle buitenlandse autoriteiten automatisch alle inlichtingen waarover ze ten aanzien van de ingezetenen van die andere lidstaat beschikt inzake de volgende specifieke inkomsten- en vermogenscategorieën, op te vatten in de zin van de Belgische wetgeving: | 1 | De bevoegde autoriteit verstrekt alle buitenlandse autoriteiten automatisch alle inlichtingen waarover ze ten aanzien van de ingezetenen van die andere lidstaat beschikt inzake de volgende specifieke inkomsten en vermogensca - tegorieën, op te vatten in de zin van de Belgische wetgeving: |
| 2 | 1° inkomen uit een dienstbetrekking; | 2 | 1° inkomen uit een dienstbetrekking; |
| 3 | 2° tantièmes en presentiegelden; | 3 | 2° tantièmes en presentiegelden; |
| 7 | 6° royalty’s. | 7 | 6° royalty’s. |
| 8 | Voor belastingtijdvakken die ingaan op of na 1 januari 2024, streeft de bevoegde autoriteit ernaar het door de lidstaat van verblijf afgegeven fiscaal identificatienummer van ingezetenen op te nemen in de verstrekking van de inlichtingen, vermeld in het eerste lid. | 8 | Voor belastingtijdvakken die ingaan op of na 1 januari 2024, streeft de bevoegde autoriteit ernaar het door de lidstaat van verblijf afgegeven fiscaal identificatienummer van ingezetenen op te nemen in de verstrekking van de inlichtingen, vermeld in het eerste lid. |
| 9 | Voor belastingtijdvakken die ingaan op of na 1 januari 2024, streeft de bevoegde autoriteit ernaar het door de lidstaat van verblijf afgegeven fiscaal identificatienummer van ingezetenen op te nemen in de verstrekking van de inlichtingen, vermeld in het eerste lid. | ||
| 9 | De inlichtingen worden ten minste eenmaal per jaar verstrekt, binnen zes maanden na het verstrijken van het kalenderjaar in de loop waarvan de inlichtingen beschikbaar zijn geworden. | 10 | De inlichtingen worden ten minste eenmaal per jaar verstrekt, binnen zes maanden na het verstrijken van het kalenderjaar in de loop waarvan de inlichtingen beschikbaar zijn geworden. |
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden in het genoemde deel). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 2 | 1° aanwezig zijn in de kantoren waar de administratieve autoriteiten van de aangezochte lidstaat hun taken vervullen; | 2 | 1° aanwezig zijn in de kantoren waar de administratieve autoriteiten van de aangezochte lidstaat hun taken vervullen; |
| 3 | 2° aanwezig zijn bij administratieve onderzoeken op het grondgebied van de aangezochte lidstaat; | 3 | 2° aanwezig zijn bij administratieve onderzoeken op het grondgebied van de aangezochte lidstaat; |
| 4 | 3° deelnemen aan de administratieve onderzoeken die worden uitgevoerd door de aangezochte lidstaat, waar passend met gebruikmaking van elektronische communicatiemiddelen | 4 | 3° deelnemen aan de administratieve onderzoeken die worden uitgevoerd door de aangezochte lidstaat, waar passend met gebruikmaking van elektronische communicatiemiddelen. |
| 4 | 3° deelnemen aan de administratieve onderzoeken die worden uitgevoerd door de Vlaamse overheid, waar passend met gebruikmaking van elektronische communicatiemiddelen. | 4 | 3° deelnemen aan de administratieve onderzoeken die worden uitgevoerd door de Vlaamse overheid, waar passend met gebruikmaking van elektronische communicatiemiddelen. |
| 5 | De bevoegde autoriteit reageert op een verzoek als vermeld in het eerste lid, binnen een termijn van zestig dagen nadat ze dat verzoek heeft ontvangen, waarbij ze aan de buitenlandse autoriteit de inwilliging van het verzoek of de gemotiveerde weigering ervan meedeelt. | 5 | De bevoegde autoriteit reageert op een verzoek als vermeld in het eerste lid, binnen een termijn van zestig dagen nadat ze dat verzoek heeft ontvangen, waarbij ze aan de buitenlandse autoriteit de inwilliging van het verzoek of de gemotiveerde weigering ervan meedeelt. |
| 6 | Als de gevraagde inlichtingen vermeld staan in bescheiden waartoe de personeelsleden van de bevoegde autoriteit toegang hebben, ontvangen de personeelsleden van de buitenlandse autoriteit een afschrift daarvan | 6 | Als de gevraagde inlichtingen vermeld staan in bescheiden waartoe de personeelsleden van de bevoegde autoriteit toegang hebben, ontvangen de personeelsleden van de buitenlandse autoriteit een afschrift daarvan. |
| 7 | §2. Als personeelsleden van de buitenlandse autoriteit aanwezig zijn tijdens een administratief onderzoek of daaraan met gebruikmaking van elektronische communicatiemiddelen deelnemen, mogen ze personen ondervragen en bescheiden onderzoeken, met inachtneming van de door de bevoegde autoriteit vastgestelde procedurele regelingen. | 7 | §2. Als personeelsleden van de buitenlandse autoriteit aanwezig zijn tijdens een administratief onderzoek of daaraan met gebruikmaking van elektronische communicatiemiddelen deelnemen, mogen ze personen ondervragen en bescheiden onderzoeken, met inachtneming van de door de bevoegde autoriteit vastgestelde procedurele regelingen. |
| 8 | Als de te controleren persoon weigert om zich aan de controlemaatregelen van de personeelsleden van de buitenlandse autoriteit te onderwerpen, wordt dat door de bevoegde autoriteit als een weigering tegenover haar eigen personeelsleden aangemerkt. | 8 | Als de te controleren persoon weigert om zich aan de controlemaatregelen van de personeelsleden van de buitenlandse autoriteit te onderwerpen, wordt dat door de bevoegde autoriteit als een weigering tegenover haar eigen personeelsleden aangemerkt. |
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden in het genoemde deel). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | §1. De buitenlandse autoriteit van een of meer lidstaten kan de bevoegde autoriteit verzoeken een gezamenlijke audit uit te voeren. | ||
| 2 | De bevoegde autoriteit reageert op het verzoek om een gezamenlijke audit, vermeld in het eerste lid, binnen een termijn van zestig dagen nadat ze het verzoek heeft ontvangen. De bevoegde autoriteit kan dat verzoek van de buitenlandse autoriteit om gemotiveerde redenen verwerpen. | ||
| 3 | §2. Gezamenlijke audits met de Vlaamse overheid worden op vooraf overeengekomen en gecoördineerde wijze, met inbegrip van taalregelingen, uitgevoerd door de bevoegde autoriteit en de buitenlandse autoriteit van een of meer verzoekende lidstaten, en in overeenstemming met de wetgeving en de procedurele voorschriften van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest. | ||
| 4 | De bevoegde autoriteit wijst een vertegenwoordiger aan die verantwoordelijk is voor het toezicht op en de coördinatie van de gezamenlijke audit in de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest. | ||
| 5 | De rechten en plichten van de personeelsleden van lidstaten die deelnemen aan de gezamenlijke audit, worden in geval van hun aanwezigheid bij activiteiten die in de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest worden verricht, vastgesteld overeenkomstig de wetgeving van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest. | ||
| 6 | §3. Met behoud van de toepassing van paragraaf 2: | ||
| 7 | 1° kunnen de personeelsleden van andere lidstaten die deelnemen aan de activiteiten van de gezamenlijke audit, personen ondervragen en bescheiden onderzoeken in samenspraak met de personeelsleden van de Vlaamse overheid, met inachtneming van de procedurele regelingen die zijn vastgesteld door de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest; | ||
| 8 | 2° zorgt de Vlaamse overheid ervoor dat bewijsmateriaal dat tijdens de activiteiten van de gezamenlijke audit is verzameld, kan worden beoordeeld, ook op de toelaatbaarheid ervan, onder dezelfde juridische voorwaarden als in het geval van een in het Vlaamse Gewest of Vlaamse Gemeenschap uitgevoerde audit waaraan alleen de personeelsleden van de Vlaamse overheid deelnemen, onder meer in de loop van eventuele klachten, herzienings of beroepsproce - dures; | ||
| 9 | 3° zorgt de Vlaamse overheid ervoor dat alle personen die aan een gezamenlijke audit worden onderworpen of erdoor worden geraakt, dezelfde rechten en plichten hebben als in het geval van een audit waaraan alleen de personeelsleden van de Vlaamse overheid deelnemen, onder meer in de loop van eventuele klachten, herzienings of beroepsprocedures. | ||
| 10 | §4. Als wordt overgegaan tot het verrichten van een gezamenlijke audit als vermeld in paragraaf 1, trachten de bevoegde autoriteit en de buitenlandse autoriteit van een of meer lidstaten het eens te worden over de feiten en omstandigheden die relevant zijn voor de gezamenlijke audit, en streven ze naar overeenstemming over de fiscale positie van de geaudite persoon of personen op basis van de resultaten van de gezamenlijke audit. | ||
| 11 | De bevindingen van de gezamenlijke audit worden neergelegd in een eindverslag. Punten waarover de bevoegde autoriteit en elk van de betrokken buitenlandse autoriteiten het eens zijn, worden in het eindverslag opgenomen en worden in aanmerking genomen in de relevante instrumenten die de bevoegde autoriteit en de buitenlandse autoriteit van een of meer deelnemende lidstaten naar aanleiding van die gezamenlijke audit uitvaardigen. | ||
| 12 | Met inachtneming van het eerste en het tweede lid vinden de handelingen die de bevoegde autoriteit of de personeelsleden van de Vlaamse overheid verrichten naar aanleiding van een gezamenlijke audit, alsmede eventuele verdere procedures in de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest, zoals een besluit van de belastingautoriteiten, een beroepsprocedure of een daarmee verband houdende schikking, plaats overeenkomstig de wetgeving van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest. | ||
| 13 | §5. Alle geaudite personen worden binnen zestig dagen na het uitbrengen van het eindverslag in kennis gesteld van het resultaat van de gezamenlijke audit en krijgen een kopie van dat eindverslag. | ||
| 14 | §6. De bevoegde autoriteit kan de buitenlandse autoriteit van een of meer lidstaten verzoeken een gezamenlijke audit uit te voeren. | ||
| 15 | De bevoegde autoriteit en de personeelsleden van de Vlaamse overheid voegen zich naar de wetgeving en de procedurele voorschriften van de lidstaat waar de activiteiten van een gezamenlijke audit plaatsvinden. De Vlaamse personeelsleden oefenen geen bevoegdheden uit die verder gaan dan de bevoegdheden die hun krachtens de wetgeving van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest zijn verleend. |