§ flandrepo

Decreet tot wijziging van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, wat betreft de indeling in categorieën van automatische ontspanningstoestellen

Vlaamse Regering #1416 Staatsblad 1 december 2022 NUMAC 2022042904
6 artikels gewijzigd
+6 −22 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.13.3.0.1
1−§ 1. De automatische ontspanningstoestellen zijn volgens hun type ingedeeld in vijf categorieën, respectievelijk aangeduid door de letters A, B, C, D en E.
1+§ 1. De automatische ontspanningstoestellen zijn volgens hun type ingedeeld in vier categorieën, respectievelijk aangeduid door de cijfers 1, 2, 3 en 4.
2−§ 2. De volgende automatische ontspanningstoestellen worden respectievelijk gerangschikt in de volgende categorieën:
2+§ 2. De volgende automatische ontspanningstoestellen behoren respectievelijk tot de volgende categorieën:
3−1° de categorie A:
4−a) de elektrische biljarten met veranderlijke inzet, gewoonlijk "Bingo" genaamd, waarvan het spel erin bestaat verscheidene ballen of kogels in de op het horizontale vlak van het toestel gemaakte gaten te plaatsen met het doel, naargelang van het type van toestel, op het paneel van het verticale vlak verschillende cijfers of tekens op een horizontale, verticale of diagonale lijn of in een bepaalde zone te belichten;
5−b) de elektrische biljarten met veranderlijke inzet, gewoonlijk "One-ball" genaamd, waarvan het spel erin bestaat op het horizontale vlak van het toestel een bal of kogel te plaatsen in een van de gaten die hetzelfde cijfer draagt als het cijfer dat op het paneel van het verticale vlak verlicht is;
3+1° categorie 1: de automatische ontspanningstoestellen die kansspelen zijn als vermeld in artikel 2, eerste lid, 1°, van de Kansspelwet van 7 mei 1999, met uitzondering van de toestellen die behoren tot de categorie 2, vermeld in punt 2°;
4+2° categorie 2: de automatische kansspelen met verminderde inzet, vermeld in artikel 2, eerste lid, 11°, van de Kansspelwet van 7 mei 1999;
6−c) de automatische ontspanningstoestellen, inclusief de toestellen , vermeld in punt 3° tot en met 5°, die aan de speler of gebruiker toelaten, zelfs toevallig, tenminste het bedrag van de gedane inzet in geld of in de vorm van penningen terug te winnen of prijzen te winnen, in natura of in de vorm van premiebons, met een handelswaarde van ten minste 6,20 euro;
5+3° categorie 3: de automatische ontspanningstoestellen, met uitzondering van de toestellen die behoren tot de categorie 1 of 2, vermeld in punt 1° en 2°, die het toelaten, zelfs toevallig of bijkomstig, een prijs te winnen in geld, in natura, in de vorm van penningen of premiebons;
7−d) de kansspelen op virtuele weddenschappen;
8−2° de categorie B: de automatische ontspanningstoestellen, vermeld in punt 1°, c), die eigendom zijn van foorreizigers en in het Vlaamse Gewest maximaal tien weken aaneensluitend op eenzelfde plaats zijn opgesteld in mobiele installaties op foren, jaarmarkten, handelsforen, wijkkermissen en feestelijkheden;
9−3° de categorie C:
10−a) de automatische kranen met grijp- of duwarm;
11−b) de elektrische biljarten met vaste inzet, gewoonlijk "Pin-Ball", "Flipper" of "Flip-Tronic" genaamd, waarvan het spel erin bestaat ballen of kogels te lanceren die, door hun aanraking met sommige hinderpalen, die zich op het horizontale vlak van het toestel bevinden, op het paneel van het verticale vlak het resultaat van het spel zichtbaar maken in de vorm van punten, tekens of afbeeldingen;
12−c) de automatische kegelspelen, die normaal verplaatsbaar zijn en gewoonlijk het gebruik van ballen of kogels vereisen;
13−d) de automatische ontspanningstoestellen die simultaan films of beelden projecteren en klank verspreiden;
14−4° de categorie D:
15−a) de automatische platenspelers, gewoonlijk "Juke-Box" genaamd, die uitsluitend muziek verspreiden, zelfs als ze op afstand in werking worden gesteld;
16−b) de automatische kegelspelen, die normaal verplaatsbaar zijn en gewoonlijk het gebruik van schijven vereisen;
17−c) de automatische schietapparaten;
18−d) de elektrische golf-, hockey-, tennis- en voetbalspelen, het elektrisch balspel van het model "Spinner" en de elektrische toestellen van het model "Base-ball", "Basket-ball", "Drop-ball", "Skee-ball", "Skee-fun", "All-Star Bowler" en "Ten Strike";
19−e) iedere elektrische biljart die deel uitmaakt van het competitiespel dat normaal op foren en kermissen wordt georganiseerd en gewoonlijk "Bumper" wordt genoemd;
20−5° de categorie E:
21−a) alle automatische ontspanningstoestellen die bij de bevoegde overheid zijn aangegeven ter uitvoering van artikel 3.12.4.0.1 en die niet in een van de categorieën A tot en met D zijn gerangschikt;
6+4° categorie 4: de automatische ontspanningstoestellen die niet behoren tot de categorieën 1 tot en met 3, vermeld in punt 1° tot en met 3°.
22−b) de automatische ontspanningstoestellen met een verminderde inzet.
237Wanneer technische, economische of sociale omstandigheden het vereisen, kan de categorie waarin een type toestel moet worden gerangschikt, vastgesteld of gewijzigd worden door de Vlaamse Regering, na raadpleging van de betrokken beroepsverenigingen. Voor de rangschikking van een toestel wordt rekening gehouden met zijn rendabiliteit, de aard van het aangeboden spel en de menigvuldigheid van de inzet.
+7 −9 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.13.4.0.1
22categorie van het toestel
33tarief in euro
4−A
5−4.000
6−B
7−1.290
4+1
8−C
5+4000
6+2
7+500
8+3
9+55
10+4
9110
10−D
11−0
12−E
13−150
1412Een vierde van de belasting, vermeld in het eerste lid, is verschuldigd voor elk kwartaal waarin een automatisch ontspanningstoestel is opgesteld.
1513De tarieven, vermeld in het eerste lid, worden met ingang van 1 januari 2020 jaarlijks geïndexeerd met behulp van de coëfficiënt die wordt verkregen door het algemene indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk, voor de maand oktober van het vorige jaar te delen door het algemene indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk voor de maand oktober van het jaar 2018. Daarbij worden de volgende afrondingen toegepast:
+0 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 2.13.5.0.2 opgeheven
1−De belasting op de automatische ontspanningstoestellen, vermeld in artikel 2.13.3.0.1, § 2, die eigendom zijn van foorreizigers, wordt verminderd tot 10% als ze in het Vlaamse Gewest maximaal tien weken aaneensluitend op eenzelfde plaats zijn opgesteld in mobiele installaties op foren, jaarmarkten, handelsforen, wijkkermissen en feestelijkheden.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.3.1.0.16
1010De belastingplichtige geeft elke wijziging van de elementen van de aangifte, vermeld in het tweede lid, 2°, aan uiterlijk de voorlaatste werkdag voor hij de wijzigingen in de opstelling doorvoert. In afwijking daarvan wordt een wijziging van punt 2°, d) en e), alleen doorgegeven als daardoor het bedrag van de belasting, vermeld in artikel 2.13.4.0.1, eerste en tweede lid, toeneemt.
1111Bij gebrek aan andersluidende kennisgeving is de aangifte die ingediend is voor een kwartaal, geldig voor de volgende kwartalen.
12−De aangifteplicht die is bepaald in dit artikel geldt niet voor de opstelling van automatische ontspanningstoestellen, vermeld in artikel 2.13.3.0.1, §2, eerste lid, 3° en 4°.
12+De aangifteplicht die is bepaald in dit artikel geldt niet voor de opstelling van automatische ontspanningstoestellen, vermeld in artikel 2.13.3.0.1, §2, eerste lid, 4°.
+1 −1 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 3.12.4.0.1
1−De invoerder, de fabrikant of al wie rechtstreeks of onrechtstreeks als dusdanig optreedt, geeft voor de rangschikking, vermeld in artikel 2.13.3.0.1, § 2, elk model van automatisch ontspanningstoestel aan bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie voor hij in het Vlaamse Gewest opstelt, verkoopt of verhuurt. Als een toestel niet wordt aangegeven, wordt het toestel ambtshalve gerangschikt in categorie A, vermeld in artikel 2.13.3.0.1, § 2, eerste lid, 1°
1+Een automatisch ontspanningstoestel dat een kansspel is als vermeld in artikel 2, eerste lid, 1°, van de Kansspelwet van 7 mei 1999, en niet beschikt over het goedkeuringsattest, vermeld in artikel 52 van voormelde wet, wordt ambtshalve beschouwd als een toestel van de categorie 1, vermeld in artikel 2.13.3.0.1, §2, eerste lid, 1°.
+2 −0 vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013/art. 5.0.0.0.16 nieuw
1+In afwijking van artikel 3.3.1.0.16, eerste lid, kan de belastingplichtige voor een automatisch ontspanningstoestel dat in de eerste helft van januari 2023 wordt opgesteld, een aangifte indienen bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie uiterlijk op 15 januari 2023.
2+In afwijking van artikel 3.3.1.0.16, vierde lid, wordt een aangifte die is inge-diend, of automatisch verlengd, voor de opstelling van automatische ontspannings-toestellen in het vierde kwartaal van 2022 niet automatisch verlengd.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd