§ 1. Voor het schooljaar X/X+1 heeft een academie recht op lestijden die berekend worden volgens de formule :
2
leerlingen x OC x S,
3
waarbij :
4
1° leerlingen : het aantal leerlingen per traject in een structuuronderdeel op 1 februari van het voorafgaande schooljaar in de academie;
5
2° OC : de omkaderingscoëfficiënt per traject van het structuuronderdeel, vermeld in artikel 70;
6
3° S : de solidariteitsfactor, berekend conform artikel 71.
7
Het aantal lestijden dat een academie voor een bepaalde graad verwerft, is de som van de lestijden van alle trajecten van alle structuuronderdelen in elke graad, over het geheel van de vestigingsplaatsen van die academie.
8
Per traject in een structuuronderdeel worden de leerlingen altijd afzonderlijk geteld. Daarbij worden in een academie met verschillende vestigingsplaatsen de leerlingen van alle vestigingsplaatsen samengeteld.
9
§ 2. In afwijking van paragraaf 1 worden de lestijden voor de kortlopende studierichtingen specialisatie als volgt berekend :
10
1° als in een domein in een academie het aantal leerlingen dat de specialisatie volgt op 1 februari van het voorafgaande schooljaar kleiner dan of gelijk is aan 25% van het aantal leerlingen dat de vierde graad volgt op 1 februari van het voorafgaande schooljaar, wordt het aantal leerlingen van de specialisatie op 1 februari van het voorafgaande schooljaar vermenigvuldigd met de omkaderingscoëfficiënt en de solidariteitsfactor, berekend conform artikel 71.
2° als in een domein in een academie het aantal leerlingen dat de specialisatie volgt op 1 februari van het voorafgaande schooljaar groter is dan 25% van het aantal leerlingen in de vierde graad op 1 februari van het voorafgaande schooljaar, wordt 25% van het aantal leerlingen van de vierde graad op 1 februari van het voorafgaande schooljaar in dat domein vermenigvuldigd met de omkaderingscoëfficiënt en de solidariteitsfactor, berekend conform artikel 71.
12
§ 3. De resultaten van de berekeningen, vermeld in paragraaf 1 en 2, worden afgerond naar het hogere geheel getal als het eerste cijfer na de komma groter is dan vier en naar het lagere geheel getal als het eerste cijfer na de komma kleiner is dan of gelijk is aan vier.
13
§ 4. In afwijking van paragraaf 1 en 2 is de teldag voor de berekening van de lestijden voor de structuuronderdelen van academies in oprichting en van domeinen waarvan de oprichting gestart is vóór 31 augustus 2018 1 oktober van het lopende schooljaar.
14
In het geval van de oprichting van een academie geldt die teldag voor de hele academie vanaf het schooljaar van oprichting tot en met de elf daaropvolgende schooljaren.
15
In het geval van de oprichting van een domein waarvan de oprichting gestart is vóór 31 augustus 2018 geldt die teldag enkel voor het domein in kwestie tot en met het schooljaar waarin alle leerjaren van de verschillende graden van het domein zijn uitgebouwd conform artikel 157.
§4/1. In afwijking van paragraaf 1, 2, 3 en 4 ontvangt de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen op basis van het aantal financierbare leerlingen jaarlijks een pakket lestijden, dat per ingeschreven leerling twee lestijden b-draagt. De Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen kan dat urenpakket vrij aanwenden.
17
§ 5. De Vlaamse Regering bepaalt de ambten en de salarisschalen waarin een academie met de lestijden, vermeld in paragraaf 1, 2, 4 en 4/1, betrekkingen kan organiseren en de wijze waarop de omrekening gebeurt van de lestijden, vermeld in paragraaf 1, 2, 4 en 4/1, naar die betrekkingen worden omgerekend.