| 1 | § 1. Een schoolbestuur bepaalt voorafgaand aan een inschrijvingsperiode als vermeld in artikel 37bis, § 3, voor al zijn scholen de capaciteit. Dit is het totaal aantal leerlingen dat het schoolbestuur per niveau, zoals bedoeld in het tweede, derde en vierde lid, als een maximaal aantal leerlingen ziet. |
| 2 | In het gewoon basisonderwijs bepaalt het schoolbestuur de capaciteit op het niveau van de school, van de vestigingsplaats, het niveau kleuteronderwijs en het niveau lager onderwijs. Het schoolbestuur kan de capaciteit voor het kleuteronderwijs ook op niveau van het geboortejaar en voor het lager onderwijs ook op niveau van het leerjaar bepalen. |
| 3 | Een schoolbestuur kan voor anderstalige nieuwkomers, als bedoeld in artikel 3, 4°quater, een capaciteit bepalen, enkel indien aldus geweigerde leerlingen een plaats gegarandeerd wordt binnen een school, gelegen op een redelijke afstand en rekening houdend met de vrije keuze van de ouders. Schoolbesturen met scholen gelegen in het werkingsgebied van een LOP maken daartoe binnen het LOP afspraken. Een schoolbestuur met scholen gelegen buiten het werkingsgebied van een LOP maakt daartoe afspraken met de schoolbesturen van scholen gelegen in dezelfde gemeente. De capaciteit voor anderstalige nieuwkomers kan nooit minder zijn dan acht leerlingen voor scholen of vestigingsplaatsen met een capaciteit van meer dan honderd leerlingen, en vier leerlingen voor scholen of vestigingsplaatsen met een capaciteit van maximaal honderd leerlingen. |
| 4 | In het buitengewoon basisonderwijs bepaalt het schoolbestuur de capaciteit op het niveau van de school, van de vestigingsplaats, het niveau kleuteronderwijs, het niveau lager onderwijs en voor elk type afzonderlijk. Het schoolbestuur kan de capaciteit voor het kleuteronderwijs bepalen op het niveau van het geboortejaar en voor het lager onderwijs ook op niveau van het leerjaar, voor een school voor buitengewoon basisonderwijs die samenwerkt met een school voor gewoon onderwijs in een project dat bijdraagt aan de transitie naar inclusief onderwijs als vermeld in artikel IV.55/1 van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016. Bij het bepalen van de capaciteit kan een schoolbestuur ervoor kiezen om de capaciteit van kleuters die conform artikel 12/1 nog een schooljaar tot het kleuteronderwijs toegelaten worden, samen te voegen met de capaciteit van het laatste geboortejaar van het kleuteronderwijs waarvoor een kind toegelaten kan worden tot het kleuteronderwijs, zonder een beroep te doen op artikel 12/1. |
| 5 | In afwijking van het vierde lid is een schoolbestuur niet verplicht om voor zijn scholen voor type 5 de capaciteit te bepalen. |
| 6 | § 2. Met toepassing van paragraaf 1 maakt een schoolbestuur, voor al zijn scholen, de capaciteiten die hij bepaald heeft, bekend aan alle belanghebbenden. Een schoolbestuur deelt voor al zijn scholen gelegen in het werkingsgebied van een LOP de capaciteiten die hij bepaald heeft, mee aan dat LOP. |
| 7 | Daarnaast bepaalt en communiceert een schoolbestuur minstens op volgende momenten het aantal plaatsen waarin een inschrijving gerealiseerd kan worden, desgevallend per contingent: |
| 8 | a) voor de start van de voorrangsperiode, vermeld in artikel 37quater; |
| 9 | b) in voorkomend geval voor de start van de voorrangsperiode, vermeld in artikel 37sexies; |
| 10 | c) voor de start van de voorrangsperiode, vermeld in artikel 37septies; |
| 11 | d) na de voorrangsperiode, vermeld in artikel 37septies. |
| 12 | § 3. In afwijking van paragraaf 1 kan een schoolbestuur, met toepassing van artikel 37duodecies, § 2, en met toepassing van de overeenkomstig artikel 37septies te bepalen contingenten, de capaciteit, vermeld in paragraaf 1, verhogen na de start van de inschrijvingen. |
| 13 | In gemeenten gelegen in een werkingsgebied van een LOP, moet de verhoging door het LOP zijn goedgekeurd. In gemeenten gelegen buiten het werkingsgebied van een LOP deelt het schoolbestuur de verhoging ter kennisgeving mee aan de schoolbesturen van de andere scholen gelegen in die gemeente. |
| 14 | Het schoolbestuur kan ervoor kiezen om de capaciteit te verhogen in een school voor buitengewoon basisonderwijs die samenwerkt met een school voor gewoon onderwijs in een project dat bijdraagt aan de transitie naar inclusief onderwijs als vermeld in artikel IV.55/1 van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016. In dat geval kan de school ervoor opteren om de capaciteit voor een ander type, geboortejaar of leerjaar met evenveel plaatsen te verminderen. Die keuze is alleen mogelijk als er na de inschrijvingen, of in voorkomend geval na het aflopen van de inschrijvingen van de aangemelde leerlingen voor het desbetreffende capaciteitsniveau, geen niet-gerealiseerde inschrijvingen zijn waarvan de volgorde conform artikel 37duodecies gerespecteerd wordt. |
| 15 | § 4. Een schoolbestuur weigert elke bijkomende inschrijving wanneer de capaciteit, als vermeld in paragraaf 1 en 3, overschreden wordt en als een bijkomende inschrijving na de start van de inschrijvingen voor volgend schooljaar er toe zou leiden dat de capaciteit, als vermeld in paragraaf 1 en 3, voor dat volgend schooljaar overschreden zou worden. |
| 16 | § 5. In afwijking van paragraaf 4 kan een schoolbestuur in volgende situaties toch overgaan tot een inschrijving : |
| 17 | 1° voor de toelating van een anderstalige nieuwkomer in het gewoon onderwijs; |
| 18 | 2° voor de toelating van leerlingen die : |
| 19 | a) hetzij geplaatst zijn door de jeugdrechter of door de comités voor bijzondere jeugdzorg; |
| 20 | b) hetzij als semi-internen verblijven in een semi-internaat dat verbonden is aan een school, of als internen verblijven in een onderwijsinternaat; |
| 21 | c) hetzij opgenomen zijn in een voorziening van residentiële opvang; |
| 22 | 3° ...; |
| 23 | 4° ...; |
| 24 | 5° voor de toelating van leerlingen die verblijven in een centrum voor kinderzorg en gezinsondersteuning; |
| 25 | 6° voor de toelating van leerlingen die behoren tot dezelfde leefentiteit, indien de ouders deze leerlingen wensen in te schrijven in hetzelfde niveau, vermeld in paragraaf 1, en slechts één van de leerlingen ingeschreven kan worden omwille van de capaciteit, vermeld in paragraaf 1. |
| 26 | 7° voor leerlingen van scholen, gelegen in een gemeente waar alle scholen de inschrijvingen laten voorafgaan door een aanmeldingsprocedure, wiens continuïteit van de schoolloopbaan niet gegarandeerd kan worden omwille van het feit dat de enige school van een schoolbestuur ophoudt te bestaan, waarbij dit niet kadert in een herstructurering, op voorwaarde dat alle leerlingen van de betrokken school een plaats in andere scholen aangeboden wordt. |
| 27 | 8° voor de toelating van leerlingen in het gewoon basisonderwijs, die beschikken over een verslag als bedoeld in artikel 15 van dit decreet. |
| 28 | § 5bis. In afwijking van paragraaf 4 moet een schoolbestuur in volgende situaties toch overgaan tot een inschrijving : |
| 29 | 1° voor de terugkeer van leerlingen in het buitengewoon onderwijs die in het lopende of de twee voorafgaande schooljaren in de school ingeschreven waren en die met toepassing van artikel 15 of 16, in een school voor gewoon onderwijs ingeschreven waren; |
| 30 | 2° voor de terugkeer van leerlingen in het gewoon onderwijs die in het lopende of de twee voorafgaande schooljaren in de school ingeschreven waren en die in een school voor buitengewoon onderwijs ingeschreven waren; |
| 31 | 3° voor de terugkeer van leerlingen in het kleuteronderwijs die in het voorafgaande school jaar ingeschreven waren in de school voor het kleuteronderwijs en die terugkeren uit een school voor het lager onderwijs omdat ze niet voldoen aan de toelatingsvoorwaarden voor het lager onderwijs met toepassing van artikel 13/1, § 3. |