| 1 | Voor elk duaal structuuronderdeel van opleidingsvorm 3 wordt één standaardtraject ontwikkeld dat gebaseerd is op een of meerdere beroepskwalificaties, onder coördinatie van de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap en in overleg met de betrokken sector, het Gemeenschapsonderwijs, de representatieve verenigingen van schoolbesturen van het gesubsidieerde onderwijs, een afvaardiging van de centra voor de vorming van zelfstandigen en kleine en middelgrote ondernemingen, het Departement Werk, Economie, Wetenschap, Innovatie en Sociale Economie en de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding. Standaardtrajecten worden op voordracht van de Vlaamse minister van Onderwijs en de Vlaamse minister van Werk ter goedkeuring voorgelegd aan de Vlaamse Regering. |
| 2 | Een standaardtraject vermeldt in elk geval: |
| 3 | 1° de reguliere opleidingsduur uitgedrukt in jaren of semesters; |
| 4 | 2° de specifieke toelatingsvoorwaarden; |
| 5 | 3° ...; |
| 6 | 4° de fase waartoe het structuuronderdeel behoort; |
| 7 | 5° een clustering van beroepsgerichte competenties, die gebaseerd zijn op een of meer beroepskwalificaties; |
| 8 | 6° de toepasbare ontwikkelingsdoelen voor het overeenstemmend niet-duaal leren voor opleidingsvorm 3, of op de toepasbare eindtermen voor het overeenstemmende niet-duaal leren, als in opleidingsvorm 3 voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in artikel 262, §4; |
| 9 | 7° de omvang van de werkplekcomponent; |
| 10 | 8° welke cluster van competenties of welke combinatie van clusters van competenties die een leerling met vrucht beëindigt, recht geeft op een studiebekrachtiging; |
| 11 | 9° ... |
| 12 | Een duaal structuuronderdeel kan modulair worden georganiseerd. |