Decreet tot wijziging van het decreet van 20 januari 2012 houdende regeling van de interlandelijke adoptie van kinderen, wat betreft de begeleiding bij interlandelijke adoptie en het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg en het decreet Binnenlandse Adoptie van 3 juli 2015, wat betreft de invoering van een gezamenlijk voortraject pleegzorg-adoptie
10 artikels gewijzigd
| 13 | 12° decreet van 20 januari 2012 : het decreet van 20 januari 2012 houdende regeling van de interlandelijke adoptie van kinderen; | 13 | 12° decreet van 20 januari 2012 : het decreet van 20 januari 2012 houdende regeling van de interlandelijke adoptie van kinderen; |
| 14 | 13° instroombeheer : het systeem waarbij kandidaat-adoptieouders worden toegelaten tot de voorbereiding afhankelijk van het aantal kinderen waarvoor, door de dienst voor binnenlandse adoptie, bemiddeld kan worden en afhankelijk van het aantal kandidaat-adoptieouders dat, binnen een redelijke termijn, een kind zal kunnen adopteren; | 14 | 13° instroombeheer : het systeem waarbij kandidaat-adoptieouders worden toegelaten tot de voorbereiding afhankelijk van het aantal kinderen waarvoor, door de dienst voor binnenlandse adoptie, bemiddeld kan worden en afhankelijk van het aantal kandidaat-adoptieouders dat, binnen een redelijke termijn, een kind zal kunnen adopteren; |
| 15 | 14° afstammingscentrum: het afstammingscentrum, vermeld in het decreet van 26 april 2019 houdende de oprichting van een afstammingscentrum en een DNA-databank. | 15 | 14° afstammingscentrum: het afstammingscentrum, vermeld in het decreet van 26 april 2019 houdende de oprichting van een afstammingscentrum en een DNA-databank; |
| 16 | 15° agentschap: het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, dat is opgericht bij artikel 3 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie. | ||
| 1 | § 1. Na aanmelding bij het Vlaams Centrum voor Adoptie, wordt de kandidaat-adoptant voor een adoptie van een ongekend kind uitgenodigd voor een informatiesessie. De informatiesessie wordt gegeven door het Steunpunt Adoptie. | ||
| 2 | De informatiesessie besteedt naast aandacht aan informatie over adoptie, ook aandacht aan de verschillende vormen van pleegzorg, die staan beschreven in het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg, en aan eventueel andere bestaande mogelijkheden waarbij de zorg voor een kind kan worden opgenomen. | ||
| 3 | § 2. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere inhoud en de werkwijze voor de informatiesessie alsook de bijdrage van de kandidaat-adoptant in de kostprijs van de informatiesessie. | ||
| 1 | §1. Kandidaten voor adoptie die gehouden zijn tot de voorbereiding, vermeld in artikel 346-2, eerste lid, en 361-1, tweede lid, van het oud Burgerlijk Wetboek, en kandidaten voor pleegzorg die een attest als vermeld in artikel 14, §1, van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg, willen krijgen, doorlopen een gezamenlijk voortraject. | ||
| 2 | Het programma van het voortraject, vermeld in het eerste lid, wordt opgebouwd rond de volgende doelstellingen: | ||
| 3 | 1° informeren; | ||
| 4 | 2° sensibiliseren; | ||
| 5 | 3° voorbereiden; | ||
| 6 | 4° doorverwijzen; | ||
| 7 | 5° adviseren. | ||
| 8 | Het programma, vermeld in het tweede lid, en de inhoud, minimumduur en werkwijze van het voortraject, vermeld in het eerste lid, worden verder uitgewerkt door de Vlaamse Regering. | ||
| 9 | §2. Nadat het voortraject, vermeld in paragraaf 1 is afgerond, ontvangt de kandidaat-adoptant het attest, vermeld in artikel 1231-1/2, tweede lid, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek. Het voormelde attest wordt samen met het verzoekschrift, vermeld in artikel 1231-1/2 van het Gerechtelijk Wetboek, binnen een jaar na uitreiking ervan neergelegd op de griffie van de familierechtbank op straffe van verval. |
| 1 | § 1. De voorbereiding, vermeld in artikel 346-2, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek, voor een adoptie van een ongekend kind wordt gegeven door het Steunpunt Adoptie. | ||
| 2 | § 2. De kandidaat-adoptant wordt, na het volgen van de informatiesessie en de schriftelijke bevestiging ervan bij het Vlaams Centrum voor Adoptie, rekening houdend met het instroombeheer, uitgenodigd voor de voorbereidingssessies. Bij het instroombeheer wordt rekening gehouden met verschillende criteria, waaronder de datum van aanmelding, het kindprofiel waarvoor kandidaat-adoptieouders openstaan, en hun eigen profiel. | ||
| 3 | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere werkwijze voor het instroombeheer. | ||
| 4 | § 3. Aan het einde van de voorbereiding geeft het Steunpunt Adoptie aan de kandidaat-adoptant een attest waaruit blijkt dat de kandidaat-adoptant de voorbereiding heeft gevolgd. De kandidaat-adoptant heeft dan één jaar de tijd om het verzoekschrift, vermeld in artikel 1231-27 van het Gerechtelijk Wetboek, ontvankelijk neer te leggen op de griffie van de familierechtbank, zo niet vervalt het attest. | ||
| 5 | § 4. De Vlaamse Regering bepaalt de inhoud, de werkwijze voor de voorbereidingssessies, de bijdrage van de kandidaat-adoptant in de kostprijs van de voorbereidingssessies. |
| 1 | Na aanmelding bij het Vlaams Centrum voor Adoptie, wordt de kandidaat-adoptant voor een adoptie van een gekend kind uitgenodigd voor de voorbereidingssessies. | 1 | Na aanmelding bij het Vlaams Centrum voor Adoptie, wordt de kandidaat-adoptant voor een adoptie van een gekend kind uitgenodigd voor het voortraject, vermeld in artikel 5, §1. |
| 1 | § 1. De voorbereiding, vermeld in artikel 346-2, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek, voor de adoptie van een gekend kind wordt gegeven door het Steunpunt Adoptie en bestaat uit voorbereidingssessies die afzonderlijk worden georganiseerd van de voorbereidingssessies voor de adoptie van ongekende kinderen, vermeld in artikel 6. | 1 | De kandidaat-adoptant die wil overgaan tot de adoptie van een gekend kind en de voorbereiding, vermeld in artikel 346-2, eerste lid, van het oud Burgerlijk Wetboek, moet volgen, wordt doorverwezen naar het voortraject, vermeld in artikel 5, §1, van dit decreet. |
| 2 | § 2. De Vlaamse Regering bepaalt de inhoud, de werkwijze voor de voorbereidingssessies, de bijdrage van de kandidaat-adoptant in de kostprijs van de voorbereidingssessies. | ||
| 3 | § 3. Aan het einde van de voorbereiding geeft het Steunpunt Adoptie aan de kandidaat-adoptant een attest waaruit blijkt dat de kandidaat-adoptant de voorbereiding heeft gevolgd. De kandidaat-adoptant heeft dan één jaar de tijd om het verzoekschrift, vermeld in artikel 1231-3 van het Gerechtelijk Wetboek, ontvankelijk neer te leggen op de griffie van de familierechtbank, zo niet vervalt het attest. | ||
| 2 | De kandidaat-adoptant ontvangt na de afronding van het voortraject, vermeld in artikel 5, §1, van dit decreet, het attest, vermeld in artikel 1231-1/2, tweede lid, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek. Het voormelde attest wordt samen met het verzoekschrift, vermeld in artikel 1231-3 van het Gerechtelijk Wetboek, binnen een jaar na uitreiking ervan neergelegd op de griffie van de familierechtbank op straffe van verval. |
| 1 | Het Vlaams Centrum voor Adoptie heeft de volgende opdrachten specifiek op het vlak van binnenlandse adoptie : | 1 | Het Vlaams Centrum voor Adoptie heeft de volgende opdrachten specifiek op het vlak van binnenlandse adoptie : |
| 2 | 1° de opdrachten, bepaald in dit decreet; | 2 | 1° de opdrachten, bepaald in dit decreet; |
| 3 | 2° de registratie van kandidaat-adoptanten die zich aanmelden voor adoptie, de doorverwijzing van kandidaat-adoptanten naar het Steunpunt Adoptie, de inning van de bijdragen van de kandidaat-adoptanten in de kosten van de voorbereiding en de doorverwijzing naar een dienst voor maatschappelijk onderzoek; | 3 | 2° de registratie van kandidaat-adoptanten die zich aanmelden voor adoptie, de doorverwijzing van kandidaat-adoptanten naar het het voortraject, vermeld in artikel 5, §1 en de doorverwijzing naar een dienst voor maatschappelijk onderzoek; |
| 4 | 3° de voortgangsrapportage van de adoptie organiseren en bewaken; | 4 | 3° de voortgangsrapportage van de adoptie organiseren en bewaken; |
| 5 | 4° het voeren van een gericht beleid voor de adoptie van kinderen met `special needs', waaronder kinderen die ouder zijn dan zes jaar, kinderen met een medische problematiek, kinderen met gedragsproblemen of een extra moeilijke achtergrond, kinderen die samen met een broer of zus geplaatst worden, of kinderen met ontwikkelingsstoornissen. | 5 | 4° het voeren van een gericht beleid voor de adoptie van kinderen met `special needs', waaronder kinderen die ouder zijn dan zes jaar, kinderen met een medische problematiek, kinderen met gedragsproblemen of een extra moeilijke achtergrond, kinderen die samen met een broer of zus geplaatst worden, of kinderen met ontwikkelingsstoornissen. |
| 1 | Het raadgevend comité bij het Vlaams Centrum voor Adoptie als vermeld in artikel 20, § 8, van het decreet van 20 januari 2012, verstrekt ook adviezen over binnenlandse adoptie, op eigen initiatief of op verzoek van het hoofd van het Vlaams Centrum voor Adoptie. |
| 1 | § 1. De Vlaamse adoptieambtenaar voert de taken, vermeld in artikel 21, § 2, van het decreet van 20 januari 2012, ook uit voor binnenlandse adoptie. | 1 | § 1. De Vlaamse adoptieambtenaar voert de taken, vermeld in artikel 21, tweede lid, 1° van het decreet van 20 januari 2012, ook uit voor binnenlandse adoptie. |
| 2 | § 2. De Vlaamse Regering bepaalt op basis van het decreet van 20 januari 2012 en dit decreet het takenpakket en het profiel, met mandaatfunctie, van de Vlaamse adoptieambtenaar. | ||
| 2 | § 2. ... |
| 1 | De Vlaamse Regering kan, na gemotiveerd advies van het Vlaams Centrum voor Adoptie, een vereniging met als leden adoptanten, geadopteerden of afstandsouders, of een combinatie van die personen, als trefgroep erkennen. Om als trefgroep erkend te worden en te blijven, moet een vereniging voldoen aan volgende voorwaarden : | ||
| 2 | 1° de vorm aannemen van een vereniging zonder winstoogmerk; | ||
| 3 | 2° in haar beheersorgaan adoptanten, geadopteerden of afstandsouders de meerderheid laten uitmaken; | ||
| 4 | 3° als doelstelling hebben adoptanten, geadopteerden of afstandsouders te ondersteunen en hun belangen te onderkennen of te behartigen. |
| 1 | § 1. De Vlaamse Regering stelt de procedure vast voor de aanvraag, de erkenning en de hernieuwing van de erkenning van de trefgroep. Tevens voorziet zij in een bezwaarprocedure. De Vlaamse Regering kan aanvullende erkenningsvoorwaarden opleggen. | ||
| 2 | § 2. De erkenning kan door de Vlaamse Regering worden opgeheven of geschorst voor de termijn die zij bepaalt indien de bepalingen van dit decreet niet worden nageleefd. Bij de stopzetting van de activiteiten wordt de erkenning ambtshalve geschrapt. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure inzake opheffing en schorsing van de erkenning. |