Tot wijziging van het decreet van 26 april 2019 houdende de justitiehuizen en de juridische eerstelijnsbijstand, wat betreft de optimalisering van de werkprocessen van het Vlaams Centrum Elektronisch Toezicht en de justitiehuizen #155
Gemerged Vlaamse Regering voegde 8 artikels samen in decreet-2019-04-26-1031790 · 26 november 2024 Alle checks geslaagd
Amendementen
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
Zie de documentenfiche op vlaamsparlement.be
ingediend op 18 juni 2025 (2024-2025)
Amendement
voorgesteld na indiening van het verslag
op het ontwerp van decreet
tot wijziging van het decreet van 26 april 2019
houdende de justitiehuizen
en de juridische eerstelijnsbijstand,
wat betreft de optimalisering van de werkprocessen
van het Vlaams Centrum Elektronisch Toezicht
en de justitiehuizen
AMENDEMENT NR. 13
voorgesteld door Adeline Blancquaert, Bart Van Opstal, Tom Lamont,
Anke Van dermeersch en Chris Janssens
na indiening van het verslag
Artikel 10
In de voorgestelde tekst tussen het eerste en het tweede lid een nieuw lid
invoegen, dat luidt als volgt:
“De persoon die elektronisch toezichtsmateriaal onopzettelijk beschadigt of verduistert, begaat een misdrijf dat wordt bestraft met een geldboete van 100 euro
tot 2000 euro. Er is sprake van onopzettelijke beschadiging of verduistering indien
de justitiabele onder elektronisch toezicht bewust en uit vrije wil een ernstig gebrek
aan voorzorg en voorzichtigheid aan de dag legt, waardoor het elektronisch toezichtsmateriaal beschadigd of zoek raakt.”.
VERANTWOORDING
Over dit ontwerp van decreet werd in de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën, Begroting, Justitie
en Onroerend Erfgoed op 4 februari 2025 een hoorzitting georganiseerd.
Tijdens die hoorzitting stelde de administrateur-generaal van het Agentschap Justitie en Handhaving
expliciet dat het voor de medewerkers van het Vlaams Centrum Elektronisch Toezicht (VCET) niet altijd
eenvoudig is om aan te tonen of elektronisch toezichtsmateriaal al dan niet opzettelijk werd beschadigd
of verduisterd door de justitiabele onder elektronisch toezicht.
Van een justitiabele onder elektronisch toezicht moet echter altijd verwacht worden dat die persoon het
door het VCET ter beschikking gestelde elektronisch toezichtsmateriaal als een voorzichtig en redelijk
persoon behandelt, en ook dat die persoon voor dat materiaal de uiterste zorg aan de dag zal leggen
om te vermijden dat het beschadigd raakt of plotseling spoorloos verdwijnt.
Het lijkt dan ook gepast om ook onopzettelijke beschadiging of verduistering van elektronisch toezichtsmateriaal strafbaar te stellen, met dien verstande dat daarbij een lichtere strafmaat wordt gehanteerd
in vergelijking met opzettelijke beschadiging of verduistering van dergelijk materiaal, alsook dat normale gebruiksschade te wijten aan ouderdom en slijtage niet onder het toepassingsgebied van die
strafbaarstelling valt.
◼