§ flandrepo

Tot wijziging van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, het decreet van 12 juli 2013 houdende toekenning van subsidies voor gebouwen van de eredienst, gebouwen voor de openbare uitoefening van de niet-confessionele morele dienstverlening en crematoria en het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur #1839

Gemerged Vlaamse Regering voegde 12 artikels samen in decreet-2004-01-16decreet-2013-07-12-1023177decreet-2017-12-22-1029017 · 9 oktober 2023 Alle checks geslaagd
Amendementen
15 januari 2024 · 6 blz.
1839/2 Officiële PDF
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier: : Ontwerp van decreet 9 januari 2024 (2023-2024) Amendementen op het ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, het decreet van 12 juli 2013 houdende toekenning van subsidies voor gebouwen van de eredienst, gebouwen voor de openbare uitoefening van de niet-confessionele morele dienstverlening en crematoria en het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur ingediend op verzendcode: BIN — 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be AMENDEMENT Nr. 1 voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Katrien Schryvers, Kris Van Dijck, Brecht Warnez en Nadia Sminate Artikel 2 Punt 3° vervangen door wat volgt: “3° het derde lid wordt vervangen door wat volgt: “Met behoud van het eerste lid, kan: 1° het gemeentelijk of intergemeentelijk crematorium over een urnenveld, een strooiweide en een columbarium beschikken; 2° het intergemeentelijk samenwerkingsverband dat een intergemeentelijk crematorium beheert met de gemeente die een begraafplaats beheert een overeenkomst sluiten over het ter beschikking stellen van het urnenveld, de strooiweide of het columbarium van die begraafplaats aan een aangrenzend intergemeentelijk samenwerkingsverband.”;”. VERANTWOORDING Dit amendement is een legistieke verbetering omdat het in het nieuwe derde lid van artikel 2 van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging de link met het eerste lid expliciteert.  AMENDEMENT Nr. 2 voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Katrien Schryvers, Kris Van Dijck, Brecht Warnez en Nadia Sminate Artikel 4 Punt 1° vervangen door wat volgt: “1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt: “In concessie gegeven graven, in concessie gegeven urnenvelden en in concessie gegeven columbaria worden onderhouden door de concessionaris.”;”. VERANTWOORDING Dit amendement stemt de decretale bepaling en de toelichting beter op elkaar af en is bijgevolg een legistieke verbetering.  AMENDEMENT Nr. 3 voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Katrien Schryvers, Kris Van Dijck, Brecht Warnez en Nadia Sminate Artikel 4 Punt 3° vervangen door wat volgt: “3° in het derde lid wordt de zin “Die akte wordt een jaar lang bij het graf en aan de ingang van de begraafplaats uitgehangen.” vervangen door de zin “De voormelde akte wordt een jaar lang opgehangen, zowel bij het graf, de urnenkelder op het urnenveld of de nis van het columbarium, als aan de ingang van de begraafplaats.”;”. VERANTWOORDING Zie de verantwoording bij amendement nr. 2.  AMENDEMENT Nr. 4 voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Katrien Schryvers, Kris Van Dijck, Brecht Warnez en Nadia Sminate Artikel 4 Een punt 3°/1 invoegen, dat luidt als volgt: “3°/1 aan het derde lid wordt de zin “Bij vaststelling van herstel door de burgemeester of zijn gemachtigde wordt de uitgehangen akte verwijderd.” toegevoegd;”. VERANTWOORDING Zie de verantwoording bij amendement nr. 2.  AMENDEMENT Nr. 5 voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Katrien Schryvers, Kris Van Dijck, Brecht Warnez en Nadia Sminate Artikel 5 In de voorgestelde tekst van punt 2°, tussen het woord “overledene” en het woord “is” de woorden “of overledenen” invoegen. VERANTWOORDING Aangezien de wijzigingsbepaling het mogelijk moet maken om meerdere overledenen te vervoeren, moet dat zijn op een wijze die “veilig, hygiënisch en respectvol voor de overledene of overledenen is”.  AMENDEMENT Nr. 6 voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Katrien Schryvers, Kris Van Dijck, Brecht Warnez en Nadia Sminate Artikel 5/1 (nieuw) Een artikel 5/1 invoegen, dat luidt als volgt: “Art. 5/1. In artikel 14 van hetzelfde decreet wordt na de woorden “zijn ingeschreven” de zinsnede “of bij ontstentenis van inschrijving in een register, ten laste van de gemeente waar het overlijden plaatsvond” ingevoegd.”. VERANTWOORDING Volgens artikel 14 van het decreet van 16 januari 2004 zijn alle kosten die voortvloeien uit het in een behoorlijke wijze voorzien in de lijkbezorging van behoeftigen, ten laste van de gemeente van het Vlaamse Gewest waar zij in de bevolkingsregisters, het vreemdelingen- of wachtregister zijn ingeschreven. Het komt in de praktijk voor dat de overleden behoeftige persoon niet was ingeschreven in een bevolkingsregister, het vreemdelingen- of wachtregister. Het decreet bepaalt niet welke gemeente in dat geval instaat voor de uitvaartkosten. In een dergelijke situatie is het logisch dat de gemeente waar het overlijden plaatsvond, de kosten van de lijkbezorging ten laste neemt. Om het hiaat te vullen, is het aangewezen om dat uitdrukkelijk op te nemen in artikel 14 van het decreet van 16 januari 2004.  AMENDEMENT Nr. 7 voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Katrien Schryvers, Kris Van Dijck, Brecht Warnez en Nadia Sminate Artikel 9 In de voorgestelde tekst van paragraaf 2, in het eerste en tweede lid, de woorden “aan de gemeentelijke bevolkingsdienst” telkens vervangen door de woorden “aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar het overlijden is vastgesteld op basis van een overlijdensattest of aan zijn gemachtigde beambte”. VERANTWOORDING In artikel 24, §4, eerste en tweede lid, van het decreet van 16 januari 2004 wordt bepaald dat een verzoek gericht moet zijn aan de “gemeentelijke bevolkingsdienst”. Deze verduidelijking kwam er naar aanleiding van een opmerking van de Raad van State (advies 73.793/3 van de Raad van State van 20 juli 2023, 2.3). De “gemeentelijke bevolkingsdienst” is echter geen vaststaand juridisch gegeven. Het is aangewezen om de “ambtenaar van de burgerlijke stand” aan te houden, zoals ook het geval is in artikel 15, 15bis en 19 van het decreet van 16 januari 2004. Dat wordt verder aangevuld met een precisering van de beoogde gemeente. Het verzoek moet gericht worden aan de gemeentelijke overheid die de toestemming tot crematie verleent. Dat is de gemeente waar het overlijden is vastgesteld op basis van een …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd