Tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft netbeheer, energie-efficiëntie en milieuvriendelijke energieproductie #1788
Gemerged Vlaamse Regering voegde 41 artikels samen in energiedecreet · 12 juli 2023 7 checks vragen aandacht
41 artikels gewijzigd
De instructies van dit stuk toegepast op de wet zoals die gold op 9 nov 2023. De officiële tekst blijft het document van het Parlement.
Art. 3. In artikel 1.1.3 van het Energiedecreet van 8 mei 2009, het laatst gewijzigd bij het decreet van 14 juli 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in punt 50° worden de woorden “beheerder van het transmissienet” vervangen door het woord “transmissienetbeheerder”;
2° in punt 81° worden de woorden “beheerder van het transmissienet” vervangen door het woord “transmissienetbeheerder”;
3° in punt 92°/1/0/1 wordt punt f) opgeheven;
4° er wordt een punt 92°/3/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
“92°/3/1 noodkoopwoning: een woning die uitsluitend door één of meer noodkopers en hun inwonende gezinsleden, die met de noodkopers een gemeenschappelijke huishouding voeren, als hoofdverblijfplaats gebruikt wordt zoals blijkt uit de inschrijvingen in het bevolkingsregister en die gekenmerkt wordt door structurele problemen op het vlak van veiligheid, gezondheid en/of kwaliteit en waaraan belangrijke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd:
a) die gericht zijn op een verbetering van de energieprestaties, gecombineerd met structurele en bouwfysische ingrepen en die tot doel hebben om het goed te laten beantwoorden aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, vastgesteld met toepassing van artikel 3.1 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021; en
b) waarvan de financiering middels een marktconforme lening aanleiding zou geven tot afbetalingsproblemen voor de eigenaar(s)-bewoner(s), zoals blijkt uit een solvabiliteitsonderzoek door het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn;”;
5° er wordt een punt 92°/3/2 ingevoegd, dat luidt als volgt:
“92°/3/2 noodkoper: de natuurlijke persoon die aan de volgende twee voorwaarden voldoet:
a) de noodkoper is:
1) hetzij alleen of samen met andere noodkopers voor de geheelheid volle eigenaar van een noodkoopwoning;
2) hetzij voor 100 procent de vruchtgebruiker van de noodkoopwoning en minstens ook gedeeltelijk de naakte eigenaar van die noodkoopwoning;
b) de noodkoper gebruikt de noodkoopwoning als hoofdverblijfplaats zoals blijkt uit de inschrijvingen in het bevolkingsregister;”;
6° in punt 93° worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden “koopman is of” worden opgeheven;
2° de woorden “die de rechtsvorm van een handelsvennootschap hebben aangenomen” worden vervangen door de woorden “met rechtspersoonlijkheid”;
7° punt 104°/1 wordt vervangen door wat volgt:
“104°/1 publieke organisatie:
a) de federale overheid, inclusief de parastatalen;
b) de Vlaamse overheid, inclusief de intern en extern verzelfstandigde agentschappen;
c) de provinciale overheden, inclusief de autonome provinciebedrijven en de extern verzelfstandigde agentschappen;
d) de gemeentelijke overheden, inclusief de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, de autonome gemeentebedrijven, de extern verzelfstandigde agentschappen, en verenigingen en vennootschappen voor maatschappelijk welzijn;
e) de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden;
f) de politiezones;
g) de hulpverleningszones;
h) de overheidsbedrijven;
i) de onderwijsinstellingen;
j) de welzijnsvoorzieningen;
k) de gezondheidsvoorzieningen;”;
8° in punt 121° worden de woorden “beheerder van het transmissienet” vervangen door het woord “transmissienetbeheerder”;
9° in punt 123° worden de woorden “beheerder van het transmissienet” vervangen door het woord “transmissienetbeheerder”;
10° in punt 137/1° wordt de zinsnede “voor wat de toepassing van de titels X en XI betreft” vervangen door de zinsnede “voor wat de toepassing van titel VII, hoofdstuk VII, en titel X en XI betreft”.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (geen huidige tekst). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | § 1. Het mandaat van bestuurder van de VREG is onverenigbaar met : | 1 | § 1. Het mandaat van bestuurder van de VREG is onverenigbaar met : |
| 2 | 1° iedere functie of activiteit, al dan niet bezoldigd, ten dienste van een neteigenaar, een netbeheerder, een producent die geen zelfopwekker is, een aardgasinvoerder, de beheerder van het transmissienet, de beheerder van het vervoersnet, een werkmaatschappij, een leverancier, een bevrachter of een evenwichtsverantwoordelijke of van een warmte- of koudeneteigenaar, een warmte- of koudenetbeheerder, een warmteproducent die geen zelfopwekker is of een warmte- of koudeleverancier, of een intermediair bij de aankoop van energie; | 2 | 1° iedere functie of activiteit, al dan niet bezoldigd, ten dienste van een neteigenaar, een netbeheerder, een producent die geen zelfopwekker is, een aardgasinvoerder, de transmissienetbeheerder, de beheerder van het vervoersnet, een werkmaatschappij, een leverancier, een bevrachter of een evenwichtsverantwoordelijke of van een warmte- of koudeneteigenaar, een warmte- of koudenetbeheerder, een warmteproducent die geen zelfopwekker is of een warmte- of koudeleverancier, of een intermediair bij de aankoop van energie; |
| 3 | 2° het bezit van aandelen, of andere met aandelen gelijk te stellen waardepapieren, uitgegeven door een neteigenaar of marktpartij, vermeld in punt 1°, of het bezit van financiële instrumenten die het mogelijk maken om dergelijke aandelen of waardepapieren te verwerven of over te dragen, of die aanleiding geven tot een betaling in contanten die hoofdzakelijk afhankelijk is van de evolutie van de waarde van dergelijke aandelen of waardepapieren; | 3 | 2° het bezit van aandelen, of andere met aandelen gelijk te stellen waardepapieren, uitgegeven door een neteigenaar of marktpartij, vermeld in punt 1°, of het bezit van financiële instrumenten die het mogelijk maken om dergelijke aandelen of waardepapieren te verwerven of over te dragen, of die aanleiding geven tot een betaling in contanten die hoofdzakelijk afhankelijk is van de evolutie van de waarde van dergelijke aandelen of waardepapieren; |
| 4 | 3° het lidmaatschap van de wetgevende kamers, het Europees Parlement en de gemeenschaps- en gewestraden; | 4 | 3° het lidmaatschap van de wetgevende kamers, het Europees Parlement en de gemeenschaps- en gewestraden; |
| 1 | Het uitoefenen van een Functie als algemeen directeur of personeelslid van de VREG is onverenigbaar met : | 1 | Het uitoefenen van een Functie als algemeen directeur of personeelslid van de VREG is onverenigbaar met : |
| 2 | 1° iedere functie of activiteit, al dan niet bezoldigd, ten dienste van een neteigenaar, een netbeheerder, een producent die geen zelfopwekker is, een aardgasinvoerder, de beheerder van het transmissienet, de beheerder van het vervoersnet, een werkmaatschappij, een leverancier, een bevrachter of een evenwichtsverantwoordelijke of van een warmte- of koudeneteigenaar, een warmte- of koudenetbeheerder, een warmteproducent die geen zelfopwekker is of een warmte- of koudeleverancier, of een intermediair bij de aankoop van energie; | 2 | 1° iedere functie of activiteit, al dan niet bezoldigd, ten dienste van een neteigenaar, een netbeheerder, een producent die geen zelfopwekker is, een aardgasinvoerder, de transmissienetbeheerder, de beheerder van het vervoersnet, een werkmaatschappij, een leverancier, een bevrachter of een evenwichtsverantwoordelijke of van een warmte- of koudeneteigenaar, een warmte- of koudenetbeheerder, een warmteproducent die geen zelfopwekker is of een warmte- of koudeleverancier, of een intermediair bij de aankoop van energie; |
| 3 | 2° het bezit van aandelen, of andere met aandelen gelijk te stellen waardepapieren, uitgegeven door een neteigenaar of marktpartij, vermeld in punt 1°, of het bezit van financiële instrumenten die het mogelijk maken om dergelijke aandelen of waardepapieren te verwerven of over te dragen, of die aanleiding geven tot een betaling in contanten die hoofdzakelijk afhankelijk is van de evolutie van de waarde van dergelijke aandelen of waardepapieren; | 3 | 2° het bezit van aandelen, of andere met aandelen gelijk te stellen waardepapieren, uitgegeven door een neteigenaar of marktpartij, vermeld in punt 1°, of het bezit van financiële instrumenten die het mogelijk maken om dergelijke aandelen of waardepapieren te verwerven of over te dragen, of die aanleiding geven tot een betaling in contanten die hoofdzakelijk afhankelijk is van de evolutie van de waarde van dergelijke aandelen of waardepapieren; |
| 4 | 3° het lid zijn van de wetgevende kamers, het Europees Parlement en de gemeenschaps- en gewestraden; | 4 | 3° het lid zijn van de wetgevende kamers, het Europees Parlement en de gemeenschaps- en gewestraden; |
| 20 | 2° het ter beschikking stellen, de plaatsing, de activering, de desactivering, het onderhoud en het herstellen van meters en tellers op de toegangspunten op zijn net; | 20 | 2° het ter beschikking stellen, de plaatsing, de activering, de desactivering, het onderhoud en het herstellen van meters en tellers op de toegangspunten op zijn net; |
| 21 | 3° het aflezen van de meters en tellers op de toegangspunten op zijn net, de bepaling van de injectie en de afname van de producenten en afnemers die aangesloten zijn op zijn net en de verwerking en de bewaring van die gegevens; | 21 | 3° het aflezen van de meters en tellers op de toegangspunten op zijn net, de bepaling van de injectie en de afname van de producenten en afnemers die aangesloten zijn op zijn net en de verwerking en de bewaring van die gegevens; |
| 22 | 4° het verstrekken van de nodige meetgegevens en andere gegevens aan de distributienetbeheerder, de beheerder van het transmissienet, de vervoeronderneming, de producenten, de evenwichtsverantwoordelijken, de deelnemers aan flexibiliteit, de dienstverleners van flexibiliteit, de aanvragers van flexibiliteit, de aggregatoren, de bevrachters, de tussenpersonen, de leveranciers, de afnemers en de VREG; | 22 | 4° het verstrekken van de nodige meetgegevens en andere gegevens aan de distributienetbeheerder, de transmissienetbeheerder, de vervoeronderneming, de producenten, de evenwichtsverantwoordelijken, de deelnemers aan flexibiliteit, de dienstverleners van flexibiliteit, de aanvragers van flexibiliteit, de aggregatoren, de bevrachters, de tussenpersonen, de leveranciers, de afnemers en de VREG; |
| 23 | 5° het verzamelen, berekenen en verwerken van de gegevens in het kader van de flexibiliteitsdiensten of ondersteunende diensten die hij verleent; | 23 | 5° het verzamelen, berekenen en verwerken van de gegevens in het kader van de flexibiliteitsdiensten of ondersteunende diensten die hij verleent; |
| 24 | 6° het beheer van het flexibiliteitstoegangsregister en het flexibiliteitsactivatieregister voor zijn net. | 24 | 6° het beheer van het flexibiliteitstoegangsregister en het flexibiliteitsactivatieregister voor zijn net. |
| 9 | 3° het beheren, verwerken, beveiligen en bewaren van de technische, relationele en meetgegevens met betrekking tot de toegangspunten van het distributienet, en het instaan voor de waarachtigheid en nauwkeurigheid ervan; | 9 | 3° het beheren, verwerken, beveiligen en bewaren van de technische, relationele en meetgegevens met betrekking tot de toegangspunten van het distributienet, en het instaan voor de waarachtigheid en nauwkeurigheid ervan; |
| 10 | 4° de bepaling en de validatie van de injectie en de afname van de producenten en afnemers die aangesloten zijn op het distributienet; | 10 | 4° de bepaling en de validatie van de injectie en de afname van de producenten en afnemers die aangesloten zijn op het distributienet; |
| 11 | 5° het verstrekken van de nodige gegevens aan andere netbeheerders, de beheerder van het transmissienet, de vervoeronderneming en de beheerder van het plaatselijk vervoernet in het kader van netbeheer en operationele veiligheid; | 11 | 5° het verstrekken van de nodige gegevens aan andere netbeheerders, de transmissienetbeheerder, de vervoeronderneming en de beheerder van het plaatselijk vervoernet in het kader van netbeheer en operationele veiligheid; |
| 12 | 6° het faciliteren van de ontwikkeling van innovatieve diensten en producten als dat conform de regelgeving met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens is; | 12 | 6° het faciliteren van de ontwikkeling van innovatieve diensten en producten als dat conform de regelgeving met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens is; |
| 13 | 7° het verstrekken van de nodige gegevens aan de producenten, de evenwichtsverantwoordelijken, de bevrachters, de tussenpersonen, de leveranciers, de beheerder van het plaatselijk vervoernet, de transmissienetbeheerder, de aanbieders van energiediensten, de ESCO's, de aggregatoren, de deelnemers aan flexibiliteit, de dienstverleners van flexibiliteit, de aanvragers van flexibiliteit, energiegemeenschappen van burgers of hernieuwbare-energiegemeenschappen, de afnemers en de VREG, voor het vervullen van hun taken of om de energiemarkt te faciliteren en dit op een evenwaardige manier; | 13 | 7° het verstrekken van de nodige gegevens aan de producenten, de evenwichtsverantwoordelijken, de bevrachters, de tussenpersonen, de leveranciers, de beheerder van het plaatselijk vervoernet, de transmissienetbeheerder, de aanbieders van energiediensten, de ESCO's, de aggregatoren, de deelnemers aan flexibiliteit, de dienstverleners van flexibiliteit, de aanvragers van flexibiliteit, energiegemeenschappen van burgers of hernieuwbare-energiegemeenschappen, de afnemers en de VREG, voor het vervullen van hun taken of om de energiemarkt te faciliteren en dit op een evenwaardige manier; |
| 1 | De distributienetbeheerder is aan de netgebruiker die, conform artikel 4.1.22/2, eerste lid, 7°, om de plaatsing van een digitale meter heeft verzocht, een vergoeding verschuldigd van 100 euro bij overschrijding van de termijn, vastgesteld door de Vlaamse Regering, conform artikel 4.1.22/2, vierde lid, voor het aanleveren van de offerte of het plaatsen van de digitale meter. | 1 | De distributienetbeheerder is aan de netgebruiker die, conform artikel 4.1.22/2, eerste lid, 7°, om de plaatsing van een digitale meter heeft verzocht, een vergoeding verschuldigd van 100 euro bij overschrijding van de termijn, vastgesteld door de Vlaamse Regering, conform artikel 4.1.22/2, vierde lid, voor het plaatsen van de digitale meter. |
| 1 | § 1. De aardgasdistributienetbeheerder mag voor de aansluiting van een aansluitbare wooneenheid of gebouw op het aardgasdistributienet in de gebieden in het geografische gebied waarvoor hij werd aangewezen, een maximale prijs aanrekenen van 250 euro als cumulatief aan de volgende voorwaarden wordt voldaan : | ||
| 2 | 1° de aardgasleiding langs de openbare weg waar de aansluitbare wooneenheid of het aansluitbare gebouw gelegen is, heeft voldoende capaciteit; | ||
| 3 | 2° er is maximaal 20 meter afstand tussen de aardgasleiding en het toekomstige afnamepunt; | ||
| 4 | 3° de gevraagde capaciteit van de aansluiting is lager dan of gelijk aan 10 m3(n) per uur; | ||
| 5 | 4° de gevraagde leveringsdruk is gelijk aan 21 of 25 mbar; | ||
| 6 | 5° de wooneenheid of het gebouw betreft geen nieuwbouw. | ||
| 7 | § 2. Als de aardgasdistributienetbeheerder om technische of economische redenen toch beslist om een niet-aansluitbare wooneenheid of gebouw gelegen in een gebied bestemd voor bewoning via een onderboring aan te sluiten op een aardgasleiding aan de overkant van de straat, mag hij in het geografische gebied waarvoor hij werd aangewezen, voor de aansluiting een maximale prijs aanrekenen van 250 euro als cumulatief aan de volgende voorwaarden wordt voldaan : | ||
| 8 | 1° de aardgasleiding langs de openbare weg waar het niet-aansluitbare wooneenheid of het niet-aansluitbare gebouw gelegen is, heeft voldoende capaciteit; | ||
| 9 | 2° er is maximaal 20 meter afstand tussen de aardgasleiding en het toekomstige afnamepunt; | ||
| 10 | 3° de gevraagde capaciteit van de aansluiting is lager dan of gelijk aan 10 m3(n) per uur; | ||
| 11 | 4° de gevraagde leveringsdruk is gelijk aan 21 of 25 mbar; | ||
| 12 | 5° de wooneenheid of het gebouw betreft geen nieuwbouw. |
| 1 | Onverminderd artikel 4.1.13 is voor de netuitbreiding of netversterking met het oog op de aansluiting van een wooneenheid of gebouw het rendabele deel van de kosten voor de aanleg op het openbaar domein en de gemeentewegen van de verbinding tussen de lagedrukleiding of de residentiële middendrukleiding, vermeld in artikel 1.1.3, 3°, c), enerzijds, en de wooneenheid of het gebouw, anderzijds, ten laste van de aardgasdistributienetbeheerder, behalve in de gevallen die door de Vlaamse Regering worden bepaald. | 1 | Voor de netuitbreiding of netversterking met het oog op de aansluiting van een wooneenheid of gebouw is het rendabele deel van de kosten voor de aanleg op het openbaar domein en de gemeentewegen van de verbinding tussen de lagedrukleiding of de residentiële middendrukleiding, vermeld in artikel 1.1.3, 3°, c), enerzijds, en de wooneenheid of het gebouw, anderzijds, ten laste van de aardgasdistributienetbeheerder, behalve in de gevallen die door de Vlaamse Regering worden bepaald. |
| 2 | Voor de netuitbreiding of netversterking met het oog op de ontsluiting van een verkaveling is het rendabele deel van de kosten voor de aanleg op het openbaar domein en de gemeentewegen van de verbinding tussen de lagedrukleiding of de residentiële middendrukleiding, vermeld in artikel 1.1.3, 3°, c), enerzijds, en de verkaveling, anderzijds, ten laste van de aardgasdistributienetbeheerder, behalve in de gevallen die door de Vlaamse Regering worden bepaald. | 2 | Voor de netuitbreiding of netversterking met het oog op de ontsluiting van een verkaveling is het rendabele deel van de kosten voor de aanleg op het openbaar domein en de gemeentewegen van de verbinding tussen de lagedrukleiding of de residentiële middendrukleiding, vermeld in artikel 1.1.3, 3°, c), enerzijds, en de verkaveling, anderzijds, ten laste van de aardgasdistributienetbeheerder, behalve in de gevallen die door de Vlaamse Regering worden bepaald. |
| 3 | De Vlaamse Regering houdt voor het vaststellen van de uitzonderingen, vermeld in het eerste en tweede lid, minstens rekening met de aanwezigheid van andere netten en de energieprestaties van de aan te sluiten gebouwen. | 3 | De Vlaamse Regering houdt voor het vaststellen van de uitzonderingen, vermeld in het eerste en tweede lid, minstens rekening met de aanwezigheid van andere netten en de energieprestaties van de aan te sluiten gebouwen. |
| 1 | In afwijking van artikel 4.1.13, artikel 4.1.15 en artikel 4.1.16, kan elke aardgasdistributienetbeheerder bij nieuwe grote verkavelingen, grote groepswoningbouwprojecten of grote appartementsgebouwen, waarvan de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden of voor stedenbouwkundige handelingen vanaf 1 januari 2021 is aangevraagd, alleen nog voorzien in een aansluiting op het aardgasdistributienet in geval van collectieve verwarming via warmte-krachtkoppeling of in combinatie met een hernieuwbare-energiesysteem als hoofdverwarming. | 1 | In afwijking van artikel 4.1.15 en artikel 4.1.16, kan elke aardgasdistributienetbeheerder bij nieuwe grote verkavelingen, grote groepswoningbouwprojecten of grote appartementsgebouwen, waarvan de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden of voor stedenbouwkundige handelingen vanaf 1 januari 2021 is aangevraagd, alleen nog voorzien in een aansluiting op het aardgasdistributienet in geval van collectieve verwarming via warmte-krachtkoppeling of in combinatie met een hernieuwbare-energiesysteem als hoofdverwarming. |
| 2 | Het eerste lid is eveneens van toepassing op grote verkavelingen, grote groepswoningbouwprojecten of grote appartementsgebouwen, waarbij het definitief vastgestelde projectbesluit overeenkomstig artikel 39 van het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten geldt als omgevingsvergunning. | 2 | Het eerste lid is eveneens van toepassing op grote verkavelingen, grote groepswoningbouwprojecten of grote appartementsgebouwen, waarbij het definitief vastgestelde projectbesluit overeenkomstig artikel 39 van het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten geldt als omgevingsvergunning. |
| 3 | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels over de grootte van de verkavelingen, de groepswoningbouwprojecten en de appartementsgebouwen die onder de verplichting, vermeld in het eerste en tweede lid, vallen, en over de hernieuwbare-energiesystemen die hiervoor in aanmerking komen. | 3 | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels over de grootte van de verkavelingen, de groepswoningbouwprojecten en de appartementsgebouwen die onder de verplichting, vermeld in het eerste en tweede lid, vallen, en over de hernieuwbare-energiesystemen die hiervoor in aanmerking komen. |
| 1 | In afwijking van artikel 4.1.13, 4.1.15, 4.1.16 en 4.1.16/1 voorzien aardgasdistributienetbeheerders voor residentiële gebouwen en niet-residentiële gebouwen waarvoor vanaf 1 januari 2025 een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen aangaande nieuwbouw worden aangevraagd niet meer in een aansluiting op het aardgasdistributienet. | 1 | In afwijking van artikel 4.1.15, 4.1.16 en 4.1.16/1 voorzien aardgasdistributienetbeheerders voor residentiële gebouwen en niet-residentiële gebouwen waarvoor vanaf 1 januari 2025 een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen aangaande nieuwbouw worden aangevraagd niet meer in een aansluiting op het aardgasdistributienet. |
| 1 | Teneinde de veilige en betrouwbare werking van het net te garanderen, dienen installateurs van hernieuwbare energiesystemen maandelijks aan elke netbeheerder in wiens gebied ze gedurende de voorgaande maand werken hebben uitgevoerd een lijst met hernieuwbare energie-installaties voor elektriciteitsproductie die door hen werden geïnstalleerd over te maken. De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de vorm en de inhoud van deze meldingen. | 1 | Teneinde de veilige en betrouwbare werking van het net te garanderen, dienen installateurs van hernieuwbare energiesystemen en installateurs van elektriciteitsopslagfaciliteiten maandelijks aan elke netbeheerder in wiens gebied ze gedurende de voorgaande maand werken hebben uitgevoerd een lijst met hernieuwbare energie-installaties voor elektriciteitsproductie en elektriciteitsopslagfaciliteiten die door hen werden geïnstalleerd over te maken. De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de vorm en de inhoud van deze meldingen. |
| 2 | 1° de overheden voor de gegevens die ze gemachtigd zijn te kennen uit hoofde van een wet, een decreet of een ordonnantie; | 2 | 1° de overheden voor de gegevens die ze gemachtigd zijn te kennen uit hoofde van een wet, een decreet of een ordonnantie; |
| 3 | 2° de instellingen en de natuurlijke personen of rechtspersonen voor de informatie die ze nodig hebben om de opdrachten van algemeen belang te vervullen die hun zijn toevertrouwd door of krachtens een wet, een decreet of een ordonnantie; | 3 | 2° de instellingen en de natuurlijke personen of rechtspersonen voor de informatie die ze nodig hebben om de opdrachten van algemeen belang te vervullen die hun zijn toevertrouwd door of krachtens een wet, een decreet of een ordonnantie; |
| 4 | 3° distributienetbeheerders en hun werkmaatschappij, beheerders van een gesloten distributienet, de beheerder van het transmissienet, de vervoeronderneming, de beheerder van het plaatselijk vervoernet, producenten, leveranciers, tussenpersonen, bevrachters, dienstverleners van flexibiliteit, aggregatoren, evenwichtsverantwoordelijken en de VREG; | 4 | 3° distributienetbeheerders en hun werkmaatschappij, beheerders van een gesloten distributienet, de transmissienetbeheerder, de vervoeronderneming, de beheerder van het plaatselijk vervoernet, producenten, leveranciers, tussenpersonen, bevrachters, dienstverleners van flexibiliteit, aggregatoren, evenwichtsverantwoordelijken en de VREG; |
| 5 | 4° de netgebruiker en in voorkomend geval de natuurlijke persoon van wie de persoonsgegevens worden verwerkt; | 5 | 4° de netgebruiker en in voorkomend geval de natuurlijke persoon van wie de persoonsgegevens worden verwerkt; |
| 6 | 5° een andere partij, op voorwaarde dat de netgebruiker en in voorkomend geval de natuurlijke persoon van wie de persoonsgegevens worden verwerkt, toestemming heeft gegeven aan die partij; | 6 | 5° een andere partij, op voorwaarde dat de netgebruiker en in voorkomend geval de natuurlijke persoon van wie de persoonsgegevens worden verwerkt, toestemming heeft gegeven aan die partij; |