§ flandrepo
27 regels · van kracht sinds 1 sep 2025

Artikel 168/4

§1. De opleiding Basisverpleegkunde van het hoger beroepsonderwijs heeft een studieomvang van 180 studiepunten, waarbij een studiepunt een binnen de Vlaamse Gemeenschap aanvaarde internationale eenheid is die overeenstemt met ten minste 25 en ten hoogste 30 uren voorgeschreven onderwijs-, leer- en evaluatieactiviteiten. Die studiepunten drukken de studiebelasting voor de cursist uit, zowel binnen en buiten de school, als binnen en buiten de lesuren.

De opleiding Basisverpleegkunde leidt tot de titel van basisverpleegkundi-ge, vermeld in de wet betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, gecoördineerd op 10 mei 2015. De opleiding start op de eerste lesdag van september of op de eerste lesdag van februari. De klassenraad beslist over de toelating van een cursist na de startdatum.

Het bestuur van de hogeschool en het bestuur van de secundaire school in kwestie van het samenwerkingsverband bepalen voor de opleiding Basisver-pleegkunde gezamenlijk het opleidingsprogramma, dat bestaat uit een samenhangend geheel van opleidingsonderdelen, rekening houdend met de volgende voorwaarden:

  1. 1°de standaard duurtijd van de opleiding is drie jaar, verdeeld over zes semesters;
  2. 2°de opleiding omvat ten minste 3800 uren theoretisch en klinisch onderwijs, die als volgt worden verdeeld:
  3. a)minimaal 1900 uur klinisch onderwijs. Daarvan kan maximaal 20 procent uit simulatieonderwijs bestaan, meer bepaald onderwijs in basisverpleegkundige handelingen in niet-levensechte situaties;
  4. b)minimaal 1900 uur theoretisch onderwijs. Daarvan kan maximaal 60 procent worden georganiseerd als interactief afstandsonderwijs en met inachtneming van de bepalingen van deel III, titel 2, hoofdstuk 4/1, artikel 122/2, derde lid, 122/3, 122/4 en 122/5;
  5. 3°de studieomvang van elk opleidingsonderdeel wordt uitgedrukt in gehele studiepunten, met een minimum van 3 studiepunten;
  6. 4°de opleiding omvat stages in ten minste:
  7. c)de volgende domeinen:
  8. 1)heelkunde;
  9. 2)geneeskunde;
  10. 3)ouderenzorg;
  11. 4)geestelijke gezondheidszorg;
  12. 5)eerstelijnszorg;
  13. d)de volgende settings:
  14. 1)een ziekenhuis;
  15. 2)een andere al dan niet residentiële setting;
  16. 5°het opleidingsprogramma is gebaseerd op de gevalideerde domeinspecifieke leerresultaten van het graduaat in de basisverpleegkunde, omschreven in en ontwikkeld volgens de procedure, vermeld in artikel 15/2 van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, en in voorkomend geval de schooleigen opleidingsspecifieke leerresultaten;
  17. 6°de opleiding voldoet aan:
  18. a)de bepalingen die de toegang reguleren tot de titel van basisverpleegkundige, vermeld in de wet betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, gecoördineerd op 10 mei 2015;
  19. b)het koninklijk besluit van 20 september 2023 bepalende de lijst van de verpleegkundige technische verstrekkingen betreffende de basisverpleegkundige, alsmede hun uitoefeningsvoorwaarden;
  20. c)wat de eerste 60 studiepunten betreft, het koninklijk besluit van 12 januari 2006 tot vaststelling van de verpleegkundige activiteiten die de zorgkundigen mogen uitvoeren en de voorwaarden waaronder de zorg-kundigen deze handelingen mogen stellen.

In afwijking van het derde lid, 1° tot en met 5°, bestaat bij wijze van uitdoofscenario voor de cursisten die de opleiding zijn gestart tijdens de schooljaren 2023-2024 of 2024-2025, tijdens de schooljaren 2023-2024 tot en met 2026-2027 het opleidingsprogramma van de opleiding Basisverpleegkunde van het hoger beroepsonderwijs uit het modulaire opleidingsprogramma van de opleiding Verpleegkunde van het hoger beroepsonderwijs, vastgelegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 18 juli 2008 houdende organisatie van het experimenteel voltijds gewoon secundair onderwijs volgens een modulair stelsel. Het schoolbestuur oriënteert zich evenwel maximaal naar de bepalingen van het derde lid, en is daartoe gemachtigd om voor de opleiding Basisverpleegkunde af te wijken van de leerinhouden van het voormelde besluit. Voor de cursisten in dat uitdoofscenario is artikel 253/62, §2, van toepassing.

§2. De opleiding Verpleegkunde van het hoger beroepsonderwijs heeft een duurtijd van drie jaar, verdeeld over zes semesters, en kan starten op 1 september of op 1 februari.

De opleiding Verpleegkunde van het hoger beroepsonderwijs wordt experimenteel georganiseerd op basis van een modulaire structuur, een duurtijd en volgorde van modules, en competenties die de Vlaamse Regering bepaalt.

Met inachtneming van de voorwaarde voor de studieomvang, vermeld in richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties, legt de school, buiten de wekelijkse lessentabel, aan de cursisten Verpleegkunde gedurende de volledige duur van de opleiding en naar rata van ten minste vier wekelijkse lestijden, opleidingsgebonden persoonlijke activiteiten op. De klassenraad beslist autonoom over de vorm en de inhoud van die activiteiten. De resultaten van de door de cursist uitgevoerde activiteiten worden in aanmerking genomen bij evaluatie door de klassenraad.

Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd