Artikel V.64
Een universiteit die academische hogeschoolopleidingen integreert, neemt met ingang van 1 oktober 2013 de personeelsleden in het integratiekader over van die hogeschool of hogescholen die academische opleidingen overdragen aan de desbetreffende universiteit, en dit voor de omvang van de opdracht, zoals opgenomen in de lijst vermeld in artikel V.209, §7, 7°.
De personeelsleden in het integratiekader worden vanaf 1 oktober 2013 personeelsleden van de desbetreffende universiteit, en dit voor de omvang van de opdracht, zoals opgenomen in de lijst vermeld in artikel V.209, §7, 7°.
Een universiteit kan vanaf 1 oktober 2019 de personeelsleden die opgenomen zijn op de lijst, vermeld in artikel 103ter decies, § 1, eerste lid, 2°, van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991, of artikel 84vicies ter, § 1, eerste lid, 2°, van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991, opnemen in het integratiekader als een hogeschool die personeelsleden op grond van artikel V.206/1, eerste lid, van deze codex overgenomen heeft en de personeelsleden op grond van de overeenkomst, vermeld in artikel V.79/2, § 2, van deze codex aan de universiteit zijn toegewezen.
De universiteit treedt ten opzichte van de personeelsleden in het integratiekader vanaf hun opname in het integratiekader in de rechten en verplichtingen van de hogeschool die voor de integratie de betrokken personeelsleden tewerkstelde. In deze overdracht zijn alle rechten en verplichtingen verbonden aan hangende en toekomstige procedures inbegrepen.