§ flandrepo
11 regels · van kracht sinds 1 sep 2023

Artikel 44/2

§1. De behandeling van het verzoekschrift door het Vlaamse bestuursrechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, d), leidt tot:

  1. 1°de gemotiveerde afwijzing van het beroep op grond van de onontvankelijkheid of de ongegrondheid ervan; of
  2. 2°de gemotiveerde vernietiging van de onrechtmatig genomen studievoortgangsbeslissing, in welk geval het Vlaamse bestuursrechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, d), het bestuur kan bevelen een nieuwe beslissing te nemen, onder de door het Vlaamse bestuursrechtscollege te stellen voorwaarden. Deze voorwaarden kunnen inhouden dat:
  3. a)een nieuwe examen(tucht)beslissing afhankelijk wordt gemaakt van de organisatie van een nieuw examen of een onderdeel daarvan. Het Vlaamse bestuursrechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, d), kan de termijn en de materiële voorwaarden bepalen waaronder deze organisatie moet gebeuren;
  4. b)een nieuwe beslissing houdende toekenning van een bewijs van bekwaamheid in voorkomend geval afhankelijk wordt gemaakt van de organisatie van een nieuw bekwaamheidsonderzoek of een onderdeel daarvan. Het Vlaamse bestuursrechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, d), kan de termijn en de materiële voorwaarden bepalen waaronder deze organisatie moet gebeuren;
  5. c)welbepaalde onregelmatige of onredelijke motieven bij de totstandkoming van de nieuwe beslissing niet worden betrokken;
  6. d)welbepaalde regelmatige en redelijke motieven bij de totstandkoming van de nieuwe beslissing kennelijk in ogenschouw moeten worden genomen.

De termijn voor het nemen van een nieuwe beslissing overeenkomstig het eerste lid, 2°, bedraagt ten minste zeven kalenderdagen.

In het geval bedoeld onder het eerste lid, 2°, kan het Vlaamse bestuurs- rechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, d), zo het dit op grond van de aangedragen feiten kennelijk noodzakelijk acht, bevelen dat de verzoeker in afwachting van een nieuwe beslissing voorlopig ingeschreven wordt, alsof geen nadelige studievoortgangsbeslissing was genomen.

§2. Bij de behandeling van een verzoekschrift dat als voorwerp een studievoortgangsbeslissing heeft zoals bepaald in artikel I.3, 69°, i), van de Codex Hoger Onderwijs van 11 oktober 2013, oordeelt het Vlaamse bestuursrechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, d), van dit decreet, of er in voorkomend geval al dan niet sprake is van een niet-remedieerbare overmacht en de onmogelijkheid om voor de betrokken student om organisatorische redenen een aangepaste examenregeling uit te werken.

§3. Het Vlaamse bestuursrechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, d), antwoordt in de uitspraken op alle opmerkingen van de partijen die de aan het geschil te geven oplossing kunnen beïnvloeden.

Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd