Artikel 294
§1. Voor de toelating van een leerling tot een door de Vlaamse Gemeenschap gefinancierde of gesubsidieerde school voor buitengewoon onderwijs van opleidingsvorm 4, type 5, is een attest vereist, dat uitgereikt is ofwel door de behandelende arts van de medische of psychiatrische voorziening ofwel door de directeur van de residentiële setting. De Vlaamse Regering bepaalt wat het attest moet inhouden.
§2. Voor de toelating van een leerling tot een door de Vlaamse Gemeenschap gefinancierde of gesubsidieerde school voor buitengewoon secundair onderwijs, of voor een individueel aangepast curriculum of een gemeenschappelijk curriculum met intensieve ondersteuning in het gewoon onderwijs, is het doorlopen van een handelingsgericht diagnostisch traject met de opmaak van een IAC-verslag of OV4-verslag door een centrum voor leerlingenbegeleiding vereist, opgesteld met inachtname van artikel 7 van het decreet van 27 april 2018 over de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding, waaruit blijkt:
- 1°voor een IAC-verslag voor opleidingsvorm 1, 2 of 3:
- a)dat de fasen van het zorgcontinuüm voor de betreffende leerling zijn doorlopen, tenzij de school in uitzonderlijke omstandigheden kan motiveren dat het doorlopen van een bepaalde fase niet relevant is;
- b)dat met toepassing van de principes van artikel 136/2 de aanpassingen, waaronder remediërende, differentiërende, compenserende en dispenserende maatregelen die nodig zijn om de leerling binnen een gemeenschappelijk curriculum te blijven meenemen, ofwel disproportioneel, ofwel onvoldoende zijn;
- c)dat de onderwijsbehoeften van de leerling zijn omschreven met toepassing van een classificatiesysteem dat wetenschappelijk onderbouwd is en gebaseerd is op een interactionele visie en een sociaal model van handicap;
- d)dat de onderwijsbehoeften van de leerling niet louter toe te schrijven zijn aan een gelijkekansenindicator van de leerling als bepaald in artikel 225, §1, 1°, 4° en 5°;
- e)welk type en welke opleidingsvorm voor de leerling van toepassing zijn als bepaald in artikel 259, §1, 1° tot en met 8°, en §2, 1° tot en met 3°;
- 2°voor een OV4-verslag voor opleidingsvorm 4, met uitzondering van type 5:
- a)dat de fasen van het zorgcontinuüm voor de betreffende leerling zijn doorlopen, tenzij de school in uitzonderlijke omstandigheden kan motiveren dat het doorlopen van een bepaalde fase niet relevant is;
- b)dat met toepassing van de principes van artikel 136/2 de aanpassingen, waaronder remediërende, differentiërende, compenserende en dispenserende maatregelen, alsook intensieve onderwijskundige en orthopedagogische of orthodidactische ondersteuning, en de inzet van paramedisch, sociaal, medisch, psychologisch of orthopedagogisch personeel noodzakelijk zijn om de leerling binnen het gemeenschappelijk curriculum te blijven meenemen en de doelen van het gemeenschappelijk curriculum en de bijkomende doelen te bereiken en de reguliere studiebekrachtiging te behalen;
- c)welke aanpassingen, met toepassing van handelingsplanmatig werken en op basis van de onderwijsbehoeften en ondersteuningsbehoeften van de leerling, er voor welke onderdelen van het gemeenschappelijk curriculum nodig zijn, alsook op welke manier de intensieve onderwijskundige, orthopedagogische en orthodidactische ondersteuning en de inzet van paramedisch, sociaal, medisch, psychologisch of orthopedagogisch personeel zal worden ingezet bij de realisatie van het gemeenschappelijk curriculum;
- d)dat de onderwijsbehoeften van de leerling zijn omschreven met toepassing van een classificatiesysteem dat wetenschappelijk onderbouwd is en gebaseerd is op een interactionele visie en een sociaal model van handicap;
- e)dat de onderwijsbehoeften van de leerling niet louter toe te schrijven zijn aan een gelijkekansenindicator van de leerling als bepaald in artikel 225, §1, 1°, 4° en 5°;
- f)welk type voor de leerling van toepassing is als bepaald in artikel 259, §1, 3° tot en met 8°, met uitzondering van 5°.
§3. Voor een leerling die overgaat van het buitengewoon basisonderwijs naar het buitengewoon secundair onderwijs of die voor het eerst naar school gaat en wil starten in opleidingsvorm 1, 2 of 3 van het buitengewoon secundair onderwijs wordt, in afwijking van paragraaf 2, 1°, a) en b), aangetoond dat de aanpassingen, waaronder remediërende, differentiërende, compenserende en dispenserende maatregelen, disproportioneel of onvoldoende zullen zijn om de leerling mee te nemen in een gemeenschappelijk curriculum in een school voor gewoon onderwijs.
Voor een leerling die overgaat van het buitengewoon basisonderwijs naar het buitengewoon secundair onderwijs of die voor het eerst naar school gaat en wil starten in opleidingsvorm 4 van het buitengewoon secundair onderwijs, wordt, in afwijking van paragraaf 2°, a) en b), aangetoond dat aanpassingen, waaronder remediërende, differentiërende, compenserende en dispenserende maatregelen, nodig zijn en intensieve onderwijskundige, orthopedagogische en orthodidactische ondersteuning en de inzet van paramedisch, sociaal, medisch, psychologisch of orthopedagogisch personeel noodzakelijk zijn om de leerling binnen het gemeenschappelijk curriculum te blijven meenemen en de doelen van het gemeenschappelijk curriculum te bereiken en de reguliere studiebekrachtiging te behalen.
Voor een leerling die voor het eerst naar school gaat en met een individueel aangepast curriculum wil starten in het gewoon onderwijs, wordt, in afwijking van paragraaf 2, 1°, a) en b), aangetoond dat de aanpassingen, waaronder remediërende, differentiërende, compenserende en dispenserende maatregelen, disproportioneel of onvoldoende zullen zijn om de leerling in het gemeenschappelijk curriculum mee te nemen en wordt, in afwijking van paragraaf 2, 1°, e), bepaald welk type voor de leerling van toepassing is als bepaald in artikel 259, §1, 2°, 4°, 6° of 7°.
Voor een leerling die voor het eerst naar school gaat en met een OV4-verslag het gemeenschappelijk curriculum wil volgen in het gewoon secundair onderwijs, wordt, in afwijking van paragraaf 2, 2°, a) en b), aangetoond dat aanpassingen, waaronder remediërende, differentiërende, compenserende en dispenserende maatregelen, nodig zijn en intensieve onderwijskundige, orthopedagogische en orthodidactische ondersteuning en de inzet van paramedisch, sociaal, medisch, psychologisch of orthopedagogisch personeel noodzakelijk zijn om de leerling binnen het gemeenschappelijk curriculum te blijven meenemen en de doelen van het gemeenschappelijk curriculum te bereiken en de reguliere studiebekrachtiging te behalen, en wordt, in afwijking van paragraaf 2, 2°, f), bepaald welk type voor de leerling van toepassing is als bepaald in artikel 259, §1, 4°, 6° of 7°.
§4. Het IAC-verslag en het OV4-verslag bestaan telkens uit een attest en een protocol ter verantwoording. De Vlaamse Regering bepaalt wat het IAC-verslag en het OV4-verslag moeten inhouden. Het protocol ter verantwoording bevat de verantwoording van de elementen, vermeld in paragraaf 2 en, in voorkomend geval, in paragraaf 3.
Bij de opmaak van een IAC-verslag of OV4-verslag informeert het CLB de ouders en de leerling actief over het inschrijvingsrecht voor leerlingen met een IAC-verslag of OV4-verslag.
§5. Leerlingen kunnen alleen het buitengewoon onderwijs volgen van de opleidingsvorm en het type waarnaar ze in het IAC-verslag of het OV4-verslag georiënteerd worden, met uitzondering van de leerlingen van opleidingsvorm 4, type 5.
§6. Voor leerlingen die tijdens het schooljaar 2014-2015 met een inschrijvingsverslag ingeschreven waren in een school voor buitengewoon onderwijs, geldt paragraaf 2 alleen bij wijziging van onderwijsniveau, van type of bij de overgang van buitengewoon onderwijs naar gewoon onderwijs.
§7. Als niet meer voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in paragraaf 2, 1°, b), of 2°, b) en c), heft het centrum voor leerlingenbegeleiding het IAC-verslag of OV4-verslag op.
Als een GC-verslag, IAC-verslag of OV4-verslag wordt opgemaakt voor een leerling die al beschikt over een IAC-verslag of OV4-verslag, vervalt dat IAC-verslag of OV4-verslag.
Als een centrum voor leerlingenbegeleiding voor een leerling met een IAC-verslag in het basisonderwijs, een GC-verslag, IAC-verslag of OV4-verslag opmaakt met het oog op een overgang van het basisonderwijs naar het secundair onderwijs, vervalt het IAC-verslag dat de leerling had in het basisonderwijs.
§8. Bij onenigheid tussen ouders, school en centrum voor leerlingenbegeleiding over het afleveren van het IAC-verslag of OV4-verslag kan, op initiatief van een van de betrokken partijen, een beroep gedaan worden op een Vlaamse Bemiddelingscommissie.
De Vlaamse Regering bepaalt de samenstelling, de bevoegdheden en de werkingsprincipes van die commissie.
§9. Als een leerling, die met toepassing van paragraaf 6 nog beschikt over een inschrijvingsverslag, overgaat van het buitengewoon secundair onderwijs naar het gewoon secundair onderwijs, heft het centrum voor leerlingenbegeleiding het inschrijvingsverslag op of maakt het, naargelang de situatie van de leerling, een GC-verslag, een IAC-verslag of een OV4-verslag op.
Als een leerling met een IAC-verslag of OV4-verslag overgaat van het buitengewoon secundair onderwijs naar het gewoon secundair onderwijs, heft het CLB, naargelang de situatie, het IAC-verslag of OV4-verslag op, maakt het een GC-ver- slag op of past het bestaande IAC-verslag of OV4-verslag aan. Aanpassingen aan IAC-verslagen en OV4-verslagen kunnen gebeuren met een addendum, voor- zien van de datum van opmaak.
§10. Leerlingen met een IAC-verslag of OV4-verslag in het gewoon secundair onderwijs, komen in aanmerking voor leersteun vanuit het leersteunmodel.
§11. In afwijking van paragraaf 2, 1°, e), en 2°, f), kan voor leerlingen in het gewoon onderwijs voor wie een handelingsgericht diagnostisch traject is afgerond met een vermoeden van een emotionele of gedragsstoornis waarvoor een aanbod in type 3 nodig is, eenmalig een voorlopig IAC-verslag type 3 of voorlopig OV4-verslag type 3 opgemaakt worden door het centrum voor leerlingenbegeleiding, ook al is niet voldaan aan de voorwaarden betreffende diagnostiek, vermeld in artikel 259, §1, 3°. Een voorlopig IAC-verslag voldoet aan alle vereisten, vermeld in para- graaf 2, 1°, a) tot en met d). Een voorlopig OV4-verslag voldoet aan alle vereisten, vermeld in paragraaf 2, 2°, a) tot en met e).
De opmaak van een voorlopig IAC-verslag of voorlopig OV4-verslag leidt tot de inschrijving van de leerling in een school voor buitengewoon onderwijs type 3. In geval van onenigheid kunnen ouders een beroep doen op de Vlaamse Bemiddelingscommissie, vermeld in paragraaf 8.
Een voorlopig IAC-verslag of voorlopig OV4-verslag is geldig gedurende het lopende schooljaar. Als de diagnose, vermeld in artikel 259, §1, 3°, nog niet beschikbaar is bij de start van het daaropvolgende schooljaar, kan het CLB het voorlopig IAC-verslag of voorlopig OV4-verslag uitzonderlijk met maximaal een schooljaar verlengen.
Als het handelingsgericht diagnostisch traject leidt tot een diagnose als vermeld in artikel 259, §1, 3°, wordt het voorlopig IAC-verslag of voorlopig OV4-verslag opgeheven en wordt er een IAC-verslag opgesteld dat voldoet aan alle voorwaarden, vermeld in paragraaf 2, 1°, a) tot en met e), of een OV4-verslag dat voldoet aan alle voorwaarden, vermeld in paragraaf 2, 2°, a) tot en met f).
Als het handelingsgericht diagnostisch traject niet leidt tot een diagnose als vermeld in artikel 259, §1, 3°, wordt het voorlopig IAC-verslag of voorlopig OV4-verslag opgeheven door het betrokken centrum voor leerlingenbegeleiding. Tenzij de ouders beslissen tot een inschrijving in een school voor gewoon onderwijs, behoudt de leerling het recht om in de school type 3 ingeschreven te blijven tot het einde van het lopende schooljaar.
§12. Verslagen voor toegang tot een individueel aangepast curriculum in het gewoon onderwijs of tot het buitengewoon onderwijs die zijn opgemaakt voor 1 september 2023, worden gelijkgesteld aan IAC-verslagen of OV4-verslagen, naargelang de opleidingsvorm. Leerlingen die nog beschikken over een verslag van voor 1 september 2023, voldoen aan dezelfde voorwaarden en hebben dezelfde rechten als leerlingen met een IAC-verslag of OV4-verslag.