§ flandrepo

Tot wijziging van het decreet van 7 juni 2013 betreffende het Vlaamse integratie- en inburgeringsbeleid #818

Gemerged Vlaamse Regering voegde 43 artikels samen in decreet-2013-06-07 · 25 mei 2021 Alle checks geslaagd
Amendementen
16 juni 2021 · 12 blz.
818/2 Officiële PDF
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
verzendcode: BIN ingediend op 15 juni 2021 (2020-2021) Amendementen op het ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 7 juni 2013 betreffende het Vlaamse integratie- en inburgeringsbeleid Documenten in het dossier: : Ontwerp van decreet AMENDEMENT Nr. 1 voorgesteld door An Moerenhout en Jeremie Vaneeckhout Artikel 3 Dit artikel schrappen. VERANTWOORDING Het voorgestelde nieuwe artikel 3 haalt zowel woonwagenbewoners als mensen zonder wettig verblijf uit de doelgroepen van het integratiebeleid. Dat is nefast om verschillende redenen: − Wat de schrapping van woonwagenbewoners als doelgroep van het integratiebeleid betreft: Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens stelde in 2012 dat de kwetsbare situatie van woonwagenbewoners bijzondere aandacht vereist van de overheid voor hun noden en levenswijze. Woonwagenbewoners vergen een doelgroepgericht beleid, een doorgedreven integraal beleid met een sterke coördinatie tussen de beleidsdomeinen. De schrapping van de doelgroep gaat in tegen het Geactualiseerd Horizontaal Integratiebeleidsplan Vlaanderen 2018-2019, nochtans door dezelfde partijen opgesteld. In het plan werd expliciet gesteld dat het beleid ten aanzien van woonwagenbewoners een inclusieve en horizontale aanpak vergt en dat daarom beslist werd om het beleid met betrekking tot woonwagenbewoners op te nemen in het Horizontaal Integratiebeleidsplan. Maar nu, door de schrapping van de doelgroep, valt die ook uit de boot in het Horizontaal Integratiebeleidsplan. − Wat de schrapping van verzoekers van internationale bescherming als doelgroep van het integratiebeleid betreft: Vreemdelingen zonder wettig verblijf worden volledig geschrapt als doelgroep binnen het integratiebeleid. Enkel wie in het vreemdelingenregister staat zou tot de doelgroep behoren. Het ontwerp van decreet wil geen inburgeringstrajecten meer aanbieden aan verzoekers om internationale bescherming van wie het verzoek nog in behandeling is. Nochtans kunnen asielzoekers niet gelijkgesteld worden aan vreemdelingen zonder wettig verblijf in België. Zij verblijven tijdens de verwerking van hun aanvraag om internationale bescherming immers wel degelijk op wettige wijze op ons grondgebied. Het gelijkheidsbeginsel wordt geschonden wanneer asielzoekers op dezelfde manier behandeld worden als andere groepen vreemdelingen zonder wettig verblijf, aangezien zij wel wettelijk op het grondgebied verblijven. Deze decreetwijziging zou bovendien betekenen dat nieuwkomers in het eerste jaar dat ze in Vlaanderen zijn geen Nederlandse les meer kunnen nemen. Het is nochtans waardevol om mensen zo snel mogelijk te integreren (de erkenningsgraad van asielzoekers lag in 2019 – na het buiten beschouwing laten van onontvankelijke dossiers die met voorkeur behandeld worden –immers op 50,5 procent). Met deze maatregel zal er waardevolle tijd verloren gaan om nieuwkomers te laten integreren, zeker gelet op het feit dat verzoekers tot internationale bescherming gemiddeld langer dan één jaar wachten op een beslissing in hun dossier. Door hen uit te sluiten van hun recht op inburgering, worden ze veel langer in ‘quarantaine’ gehouden, met nefaste gevolgen en tijdverlies tot gevolg. Inburgeringstrajecten moeten de snelle integratie van nieuwkomers in de samenleving, het onderwijs en de arbeidsmarkt stimuleren. Deze wijziging staat daaraan in de weg. De uitsluiting van asielzoekers vormt bovendien ook een aanzienlijke vermindering van de bescherming van het recht op culturele en maatschappelijke ontplooiing zoals gewaarborgd bij artikel 23 van de Grondwet. Deze aanzienlijke vermindering van bescherming wordt niet verantwoord door een reden van algemeen belang en schendt bijgevolg het grondwettelijke standstillbeginsel. ■ AMENDEMENT Nr. 2 voorgesteld door An Moerenhout en Jeremie Vaneeckhout Artikel 4 Punt 1°, 2° en 3° schrappen. VERANTWOORDING Vreemdelingen zonder wettig verblijf worden volledig geschrapt als doelgroep binnen het integratiebeleid. De opdracht tot de menswaardige begeleiding en oriëntatie van personen zonder wettig verblijf, prioritair met betrekking tot de gezondheidszorg, wordt dus afgeschaft. Enkel de toeleiding tot het leerplichtonderwijs van minderjarigen wordt nog behouden. Het gaat hier echter bij uitstek om een bijzonder kwetsbare groep. Ondanks hun recht op medische hulp blijkt dat dit in de praktijk vaak moeilijk afdwingbaar is en er grote toepassingsverschillen bestaan tussen OCMW’s en zorgverstrekkers. Uitstel van medische zorg leidt tot veel ernstigere pathologieën met alle gevolgen voor de persoon in kwestie, voor de hogere kostprijs van behandelingen en voor de samenleving qua verdere besmettingen. Er zijn overigens duidelijke uitspraken van het Europees Comité voor Sociale Rechten dat toeziet op de correcte implementatie van het Europees Sociaal Handvest, dat ongedocumenteerde migranten niet mogen uitgesloten worden van basic subsistence rights, namelijk sociale en medische bijstand, onderdak enzovoort. De aanvankelijke rechtspraak met betrekking tot minderjarigen in een zaak tegen Nederland is ondertussen verbreed naar volwassenen. Vandaar is het sterk aangewezen deze doelgroepen niet te schrappen. De praktijk wijst uit dat een actieve toeleiding nodig is opdat deze doelgroep zijn weg vindt naar de instanties die hun grondrechten garanderen. Zonder toegang tot menswaardige begeleiding en oriëntatie, prioritair met betrekking tot gezondheidszorg, worden de grondrechten van deze doelgroep onvoldoende gevrijwaard. Het is ten slotte ook problematisch dat de decreetgever niet in een bijkomende uitzondering voorziet voor erkende staatlozen die deze hoedanigheid hebben verkregen omdat zij buiten hun wil om hun nationaliteit hebben verloren en aantonen geen wettige en duurzame verblijfstitel te kunnen krijgen in een andere staat waarmee zij banden zouden hebben. ■ AMENDEMENT Nr. 3 voorgesteld door An Moerenhout en Jeremie Vaneeckhout Artikel 14 Punt 5° en 6° schrappen. VERANTWOORDING Door gegevens uit te wisselen …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd