Over de ondersteuning van de amateurkunsten #1889
Gemerged Vlaamse Regering wijzigt geen gevolgde wet · 20 november 2023 1 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
– Nr. 2 t.e.m.4: Amendementen
– Nr. 5: Verslag
verzendcode: CUL
ingediend op 29 februari 2024 (2023-2024)
Verslag
namens de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media
uitgebracht door Orry Van de Wauwer en Filip Brusselmans
over het ontwerp van decreet
over de ondersteuning van de amateurkunsten
Samenstelling van de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media:
Voorzitter: Meyrem Almaci.
Vaste leden:
Cathy Coudyser, Marius Meremans, Freya Perdaens, Wilfried Vandaele, Manuela Van Werde;
Filip Brusselmans, Johan Deckmyn, Klaas Slootmans;
Karin Brouwers, Orry Van de Wauwer;
Steven Coenegrachts, Stephanie D'Hose;
Meyrem Almaci, Jeremie Vaneeckhout;
Hannes Anaf.
Plaatsvervangers:
Andries Gryffroy, Kathleen Krekels, Philippe Muyters, Kris Van Dijck, Karl Vanlouwe;
Immanuel De Reuse, Jan Laeremans, Ilse Malfroot;
Maaike De Rudder, Tinne Rombouts;
Bob Savenberg, Bart Tommelein;
Björn Rzoska, Tine Van den Brande;
Katia Segers.
Toegevoegde leden:
Onno Vandewalle.
INHOUD
I. Toelichting .......................................................................................... 4
1. SARC .......................................................................................... 4
2. De Federatie ................................................................................ 5
2.1. De Federatie ........................................................................ 5
2.2. Kunstwerkt .......................................................................... 6
2.3. Vlamo.................................................................................. 7
II. Bespreking .......................................................................................... 8
1. Vragen en opmerkingen uit de commissie ........................................ 8
1.1. Katia Segers ......................................................................... 8
1.2. Meyrem Almaci ..................................................................... 8
1.3. Stephanie D’Hose.................................................................. 8
2. Antwoordenronde ......................................................................... 9
2.1. SARC ................................................................................... 9
2.2. De Federatie ........................................................................ 9
2.3. Aanvullende vragenronde ..................................................... 11
Gebruikte afkortingen ................................................................................ 12
Bijlagen: zie de dossierpagina op www.vlaamsparlement.be
Op donderdag 18 januari 2024 hield de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en
Media een hoorzitting over het ontwerp van decreet over de ondersteuning van de
amateurkunsten.
De presentaties bij de toelichting zijn terug te vinden op de dossierpagina van dit
commissieverslag op www.vlaamsparlement.be.
I. Toelichting
1. SARC
Bart Dierick, algemeen secretaris van de SARC, licht het SARC-advies toe, een
gezamenlijk werkstuk van de sectorraden voor Kunsten en Erfgoed en voor Sociaal-Cultureel Werk.
De SARC is zeer tevreden met de extra impulsen die het erg ambitieuze ontwerp
van decreet veil heeft voor het dynamische veld van amateurkunstbeoefenaars, en
waardeert de opvallende rol die het de amateurkunstenkoepels toekent in de realisatie van zijn doelstellingen. De strategische adviesraad beschouwt daarbij wel
de toekenning van de nodige financiering en de correcte prognoses als cruciale
elementen. Daarnaast moet de overheid ook een minimale rechtszekerheid garanderen.
Een bijkomend aandachtspunt is de capaciteit van het departement. Een aantal
taken en verantwoordelijkheden worden toevertrouwd aan het veld, zoals koepelorganisaties die de verantwoordelijkheid krijgen om de impulslijnen uit te werken
en daarvoor een formulier ter beschikking te stellen. Die algemene tendens van de
Vlaamse overheid heeft de SARC ook al in andere adviezen aangekaart. Hij waarschuwt voor eventuele problemen op systeemniveau in de verdere ontwikkeling
van het cultuurbeleid.
Na de algemene opmerkingen zoomt Bart Dierick in op de specifieke aandachtspunten. Zo vindt de SARC de definities in het ontwerp van decreet nogal ruim en
vaag. Dat hoeft geen slechte zaak te zijn en verdient zeker enig begrip, aangezien
amateurkunstenaars gespreid zijn op een continuüm van liefhebber tot semiprofessioneel, met bovendien grote verschillen tussen de disciplines. De brede invulling van talentontwikkeling is alleszins essentieel. Het ontwerp van decreet legt wel
erg sterk de nadruk op excellerende amateurkunstenaars. In dat kader vraagt de
SARC de nodige aandacht voor de brede basis. 44 procent van de Vlamingen beoefent amateurkunsten, met slechts een klein aandeel daarvan dat excellentie nastreeft. Bart Dierick vraagt om die nuance niet uit het oog te verliezen.
Heel wat amateurkunstenorganisaties zijn feitelijke verenigingen. Het ontwerp van
decreet sluit feitelijke verenigingen uit van subsidiëring, met uitzondering van de
tussenkomsten voor deelname aan buitenlandse initiatieven. De SARC vraagt om
ook verenigingen met dat statuut zo maximaal mogelijk te erkennen en toegang
tot de subsidielijnen te verschaffen.
Een volgend aandachtspunt is de samenwerking met het deeltijds kunstonderwijs
en professionele kunsten. Een dergelijke samenwerking sluit zeker aan bij ambities
in het veld, maar het ontwerp van decreet gaat er volgens de SARC te vrijblijvend
mee om. De strategische adviesraad ervaart een nood aan structurele afspraken
op politiek en administratief niveau. Dat pleidooi bestaat al lang en komt ook in
andere sectoren en decreten aan bod.
In zijn memorandum, dat de SARC op 25 januari 2024 zal presenteren, vormt een
doorgedreven samenwerking tussen Onderwijs en Cultuur een rode draad. Die
samenwerking blijft vaak te veel in intenties hangen, met te weinig concrete afspraken. Het initiatief moet te vaak van de sectoren zelf komen. De SARC pleit dus
voor …