Artikel 21
§1. Het Fonds voor interbestuurlijke digitalisering lokale overheden wordt opgericht als een begrotingsfonds als vermeld in artikel 15, §2, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.
§2. Het Fonds voor interbestuurlijke digitalisering lokale overheden wordt gespijsd door:
- 1°betalingen door lokale overheden voor geleverde diensten in het kader van digitaliseringsprojecten waarbij zij betrokken zijn;
- 2°betalingen door entiteiten, externe overheden en derden voor geleverde diensten door het Agentschap Binnenlands Bestuur in het kader van digitalisering van dienstverlening aan lokale overheden of dienstverlening waarbij lokale overheden betrokken zijn;
- 3°eventuele inschrijvingsgelden voor opleidingen die het Agentschap Binnenlands Bestuur organiseert;
- 4°subsidies van externe overheden;
- 5°de eventuele inbreng van derden als sponsoring voor de realisatie van digitaliseringstrajecten waarbij lokale overheden betrokken zijn;
- 6°schenkingen en legaten;
- 7°de terugvorderingen van de ten onrechte gedane betalingen door het Fonds;
- 8°schadevergoedingen en betalingen afkomstig uit dadingen voortvloeiend uit contracten aangegaan door het Agentschap Binnenlands Bestuur voor het leveren van diensten in het kader van punt 1° tot en met 3°;
- 9°de terugvorderingen van subsidies in het kader van interbestuurlijke digitalisering voor lokale overheden waarbij werkzaamheden ter ondersteuning en uitvoering van een project door de administratie worden uitgevoerd
§3. De middelen van het Fonds voor interbestuurlijke digitalisering lokale overheden kunnen worden aangewend voor:
- 1°het aankopen van diensten die nodig zijn om te voldoen aan vragen tot ondersteuning vanuit:
- a)lokale overheden in het kader van digitaliseringsprojecten waarbij zij betrokken zijn;
- b)entiteiten, externe overheden en derden in het kader van digitalisering van dienstverlening aan lokale overheden of dienstverlening waarbij lokale overheden betrokken zijn;
- 2°kosten voor het organiseren van opleidingen door het Agentschap Binnenlands Bestuur;
- 3°de uitgaven voor het vergoeden van schade met betrekking tot punt 1° en 2°;
- 4°specifieke werkingskosten voor de realisatie van de doelstellingen opgenomen in punt 1° en 2°.
§4. In dit artikel wordt verstaan onder:
- 1°lokale overheden: de overheden, vermeld onder artikel I.3, 5°, van het Bestuursdecreet van 7 december 2018;
- 2°entiteiten: de entiteiten, vermeld onder artikel I.3, 1° tot en met 4°, 6°, 7° en 9°, van het Bestuursdecreet van 7 december 2018;
- 3°externe overheden: de overheden, vermeld onder artikel I.3, 8°, van het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
§5. De diensten, vermeld in paragraaf 2, 1° en 2°, en paragraaf 3, 1°, en opleidingen als vermeld in paragraaf 2, 3°, en paragraaf 3, 2°, kaderen binnen de taakstelling van het Agentschap Binnenlands Bestuur om te komen tot een samenhangend beleid inzake de lokale en de provinciale besturen en het stedenbeleid, vermeld in artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 oktober 2005 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap Agentschap Binnenlands Bestuur, waaronder efficiënte intra- en interbestuurlijke processen en interacties met inbegrip van standaardisatie en gegevensuitwisseling die daarvoor nodig is.