Tot wijziging van het Antidopingdecreet van 25 mei 2012, wat betreft de aanpassing aan de Code 2021 #800
De instructies van dit stuk toegepast op de wet zoals die gold op 17 jun 2021. De officiële tekst blijft het document van het Parlement.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (onduidelijk welk deel). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | In dit decreet wordt verstaan onder dopingpraktijk: de overtreding of de verschillende overtredingen van antidopingregels op een van de volgende wijzen : | 1 | §1. Er is sprake van een dopingpraktijk als de antidopingregels op een van de volgende wijzen worden overtreden: |
| 2 | 1° de aanwezigheid van een verboden stof of van een metaboliet of marker daarvan in een monster dat afkomstig is van het lichaam van de sporter; | 2 | 1° de aanwezigheid van een verboden stof of van een metaboliet of marker daarvan in een monster dat afkomstig is van het lichaam van de sporter; |
| 3 | 2° het gebruik of de poging tot gebruik door een sporter van een verboden stof of een verboden methode; | 3 | 2° het gebruik of de poging tot gebruik door een sporter van een verboden stof of een verboden methode; |
| 4 | 3° het ontwijken van een monsterneming, of het zonder geldige reden weigeren of zich niet aanbieden voor een monstername na de kennisgeving, vermeld in de toepasselijke antidopingregels; | 4 | 3° het ontwijken door een sporter van een monsterneming, of het weigeren van of zich niet aanbieden voor een monsterneming zonder geldige reden, na daartoe opgeroepen te zijn door een bevoegd persoon; |
| 5 | 4° elke combinatie van drie aangifteverzuimen of gemiste dopingtests binnen een periode van twaalf maanden ; | 5 | 4° elke combinatie van drie aangifteverzuimen of gemiste dopingtests binnen een periode van twaalf maanden door een sporter die is opgenomen in een geregistreerde doelgroep; |
| 6 | 5° het plegen van bedrog, of de poging daartoe , bij om het even welk onderdeel van de dopingcontrole, inclusief maar niet beperkt tot het intentioneel hinderen of de poging tot hinderen van een dopingcontroleur, bedrieglijke informatie verschaffen aan een ADO of het intimideren of de poging tot intimidatie van een potentiële getuige; | 6 | 5° het plegen van bedrog, of de poging daartoe door een sporter of andere persoon, bij om het even welk onderdeel van de dopingcontrole; |
| 7 | 6° het bezit van een verboden stof of een verboden methode : | 7 | 6° het bezit van een verboden stof of een verboden methode door een sporter of begeleider in de volgende gevallen: |
| 8 | a) door een sporter binnen wedstrijdverband of het bezit door een sporter buiten wedstrijdverband van een buiten wedstrijdverband verboden stof of verboden methode, tenzij de sporter aantoont dat het bezit strookt met een geldige TTN of een andere aanvaardbare rechtvaardiging; | 8 | a) het bezit door een sporter binnen wedstrijdverband van een verboden stof of een verboden methode, of het bezit door een sporter buiten wedstrijdverband van een buiten wedstrijdverband verboden stof of verboden methode, tenzij de sporter in kwestie aantoont dat het bezit strookt met een geldige TTN die verleend is conform artikel 4.4 van de Code of een andere aanvaardbare rechtvaardiging; |
| 9 | b) door een begeleider binnen wedstrijdverband of het bezit door een begeleider buiten wedstrijdverband van een buiten wedstrijdverband verboden stof of verboden methode in verband met een sporter, wedstrijd of training, tenzij de begeleider aantoont dat het bezit strookt met een aan de sporter toegekende geldige TTN of een andere aanvaardbare rechtvaardiging; | 9 | b) het bezit door een begeleider binnen wedstrijdverband van een verboden stof of verboden methode, of het bezit door een begeleider buiten wedstrijdverband van een buiten wedstrijdverband verboden stof of verboden methode in verband met een sporter, wedstrijd of training, tenzij de begeleider in kwestie aantoont dat het bezit strookt met een geldige TTN die verleend is conform artikel 4.4 van de Code die toegekend is aan de sporter in kwestie, of een andere aanvaardbare rechtvaardiging; |
| 10 | 7° de handel of de poging tot handel in een verboden stof of verboden methode ; | 10 | 7° de handel of de poging tot handel in een verboden stof of verboden methode door een sporter of andere persoon; |
| 11 | 8° de toediening of de poging tot toediening aan een sporter binnen wedstrijdverband van een verboden methode of verboden stof, of de toediening of de poging tot toediening aan een sporter buiten wedstrijdverband van een verboden methode of een verboden stof die verboden is buiten wedstrijdverband; | 11 | 8° de toediening of de poging tot toediening door een sporter of een andere persoon aan een sporter binnen wedstrijdverband van een verboden methode of verboden stof, of de toediening of de poging tot toediening aan een sporter buiten wedstrijdverband van een verboden stof of een verboden methode die verboden is buiten wedstrijdverband; |
| 12 | 9° het meewerken , aanmoedigen , helpen , aanzetten tot , samenzweren , verbergen of om het even welke andere vorm van opzettelijke medeplichtigheid in het kader van een dopingpraktijk of poging tot dopingpraktijk of de niet-naleving van een opgelegde uitsluiting of schorsing door een andere persoon dan de sporter ; | 12 | 9° medeplichtigheid of poging tot medeplichtigheid door een sporter of andere persoon aan een dopingpraktijk, op een van de volgende wijzen: meewerken aan een dopingpraktijk, aanmoedigen tot, helpen met, of aanzetten tot een dopingpraktijk, samenzweren met het oog op het plegen van dopingpraktijken, verbergen van dopingpraktijken of om het even welke andere vorm van opzettelijke medeplichtigheid of poging tot medeplichtigheid in het kader van een dopingpraktijk of poging tot dopingpraktijk of de niet-naleving van een opgelegde uitsluiting of schorsing door een andere persoon dan de sporter of andere persoon die zich in een voorlopige schorsing bevindt; |
| 13 | 10° verboden samenwerking . Onder verboden samenwerking wordt verstaan: de professionele of sportgerelateerde samenwerking van een sporter of begeleider met een begeleider die aan een van de volgende criteria voldoet. De begeleider: | 13 | 10° verboden samenwerking door een sporter of andere persoon. Er is een verboden samenwerking als er een professionele of sportgerelateerde samenwerking is van een sporter of andere persoon die binnen het toepassingsgebied van dit decreet of onder de bevoegdheid van een ADO valt, met een begeleider die voldoet aan één van de volgende criteria: |
| 14 | a) valt onder de bevoegdheid van een ADO en is uitgesloten van deelname aan sportactiviteiten; | 14 | a) hij valt onder de bevoegdheid van een ADO en bevindt zich in een periode van uitsluiting; |
| 15 | b) valt niet onder de bevoegdheid van een ADO en is niet uitgesloten van deelname aan sportactiviteiten conform de Code, maar hij is in een burgerlijke, strafrechtelijke of tuchtprocedure veroordeeld voor feiten die in een disciplinaire procedure conform de Code zouden worden beschouwd als een dopingpraktijk; | ||
| 15 | b) hij valt niet onder de bevoegdheid van een ADO, en een mogelijke uitsluiting is niet beoordeeld in een procedure van resultatenbeheer conform de Code, maar hij is veroordeeld in een burgerlijke, strafrechtelijke of tuchtrechtelijke procedure voor gedragingen die een dopingpraktijk zouden uitmaken als regels conform de Code zouden van toepassing zijn, of waarbij in die procedure is vastgesteld dat hij gedragingen heeft gesteld die een dopingpraktijk zouden uitmaken als regels conform de Code zouden van toepassing zijn. In dat geval is de samenwerking met de begeleider in kwestie verboden voor een periode van zes jaar vanaf de strafrechtelijke, burgerrechtelijke of tuchtrechtelijke uitspraak, of voor de periode van de opgelegde strafrechtelijke, burgerrechtelijke of tuchtrechtelijke sanctie, als die laatste langer is dan zes jaar; | ||
| 16 | c) treedt op als eerste aanspreekpunt of tussenpersoon voor een persoon als vermeld in punt a) of b). | 16 | c) hij treedt op als eerste aanspreekpunt of tussenpersoon voor een begeleider als vermeld in punt a) en b); |
| 17 | De samenwerking vermeld in het eerste lid, 10°, a), is verboden gedurende de periode van uitsluiting. | ||
| 18 | De samenwerking vermeld in het eerste lid, 10°, b), is verboden voor een periode van zes jaar vanaf de strafrechtelijke, burgerrechtelijke of tuchtrechtelijke uitspraak of voor de periode van de opgelegde strafrechtelijke, burgerrechtelijke of tuchtrechtelijke sanctie, als deze laatste langer is dan zes jaar. | ||
| 19 | De samenwerking vermeld in het eerste lid, 10°, c), is verboden gedurende de periode dat het de persoon waarvoor de tussenpersoon optreedt, verboden is samen te werken met de sporter. | ||
| 20 | Voor de toepassing van deze bepaling is het noodzakelijk dat de sporter of begeleider vooraf schriftelijk door een bevoegde ADO, of door het WADA, op de hoogte is gebracht van de diskwalificerende status van de begeleider en de mogelijke gevolgen van de verboden samenwerking, en dat de sporter of begeleider de samenwerking redelijkerwijze kan vermijden. De ADO zal ook redelijke inspanningen leveren om de begeleider die het voorwerp is van de kennisgeving, mee te delen dat hij vijftien dagen heeft om aan de ADO te bewijzen dat de criteria, vermeld in het eerste lid, 10°, a) of b), niet van toepassing zijn. | ||
| 21 | Het eerste lid, 10°, is ook van toepassing op de samenwerking met begeleiders die veroordeeld zijn voor feiten die voor 1 januari 2015 strafbaar waren, en nog niet verjaard zijn. | ||
| 17 | 11° het ontmoedigen of bedreigen van of nemen van represailles door een sporter of andere persoon, tegen een persoon die te goeder trouw een melding doet aan een bevoegde instantie, op een van de volgende wijzen, waarbij het gedrag gericht op het ontmoedigen, bedreigen of nemen van represailles te kwader trouw gesteld is of een disproportionele reactie is, en waarbij dat gedrag niet te kwalificeren is als een dopingpraktijk als vermeld in punt 5°: | ||
| 18 | a) elke daad van bedreiging of enige poging tot intimidatie van een andere persoon met het oogmerk die persoon te ontmoedigen te goeder trouw informatie te geven over een mogelijke dopingpraktijk of een mogelijke andere niet-naleving van de Code aan het WADA, een ADO, een politionele of gerechtelijke instantie, een regulerende instantie, een tuchtoverheid of een beroepsorganisatie, of een disciplinair orgaan of persoon die een onderzoek voert voor het WADA of een ADO; | ||
| 19 | b) het nemen van represailles tegen een persoon die te goeder trouw bewijzen heeft aangebracht of informatie heeft verschaft die verband houdt met een mogelijke dopingpraktijk of een mogelijke andere niet-naleving van de Code aan het WADA, een ADO, een politionele of gerechtelijke instantie, een regulerende instantie, een tuchtoverheid of een beroepsorganisatie, of een disciplinair orgaan of persoon die een onderzoek voert voor het WADA of een ADO. | ||
| 20 | §2. Om een dopingpraktijk als vermeld in paragraaf 1, 10°, vast te stellen, moet een ADO kunnen aantonen dat de sporter of andere persoon kennis had van de status van uitsluiting van de begeleider, vermeld in paragraaf 1, 10°. | ||
| 22 | Het is aan de sporter of begeleider om aan te tonen dat de samenwerking met de begeleider, vermeld in het eerste lid, 10°, a) of b), niet professioneel of sportgerelateerd is. | 21 | Het is aan de sporter of andere persoon om aan te tonen dat de samenwerking met de begeleider, vermeld in paragraaf 1, 10°, a) of b), niet professioneel of sportgerelateerd is, of dat die samenwerking redelijkerwijze niet vermeden kon worden. |
| 23 | ADO's die weet hebben van begeleiders die aan de criteria, vermeld in het eerste lid, 10°, voldoen, moeten die informatie doorgeven aan het WADA. | 22 | ADO’s die weet hebben van begeleiders die aan de criteria, vermeld in paragraaf 1, 10°, a), b) en c), voldoen, geven die informatie door aan het WADA. |
| 23 | §3. Een sporter is persoonlijk verantwoordelijk om ervoor te zorgen dat geen verboden stof in zijn lichaam komt, en dat geen verboden methode op zijn lichaam wordt toegepast. Hij is verantwoordelijk voor alle verboden stoffen, metabolieten of markers daarvan, die gevonden worden in een monster dat afkomstig is van zijn lichaam. Het is daarbij niet noodzakelijk dat aangetoond wordt dat er opzet, fout of nalatigheid of bewust gebruik van een verboden stof of methode door de sporter is, om vast te stellen dat een dopingpraktijk als vermeld in paragraaf 1, 1° of 2°, is begaan. Het is niet noodzakelijk dat het gebruik of de poging tot gebruik met succes is toegepast. Het volstaat dat gepoogd is de verboden stof te gebruiken of gepoogd is de verboden methode toe te passen om een dopingpraktijk als vermeld in paragraaf 1, 2°, te begaan. |
| 1 | De bepalingen van dit decreet zijn van toepassing op elke sporter, op elke begeleider, op elke sportvereniging en op elk controlelaboratorium. | ||
| 1 | §1. De bepalingen van dit decreet zijn van toepassing op elke sporter, op elke begeleider of op elke andere persoon in relatie tot een sporter of sportactiviteit, of op elke andere persoon die betrokken is bij enig aspect van een dopingcontrole, op antidopingorganisaties met inbegrip van NADO Vlaanderen, op sportverenigingen, op controlelaboratoria en op personeelsleden of personen die onder delegatie werken van die sportverenigingen, antidopingorganisaties en controlelaboratoria. | ||
| 2 | §2. Sporters en andere personen, met inbegrip van begeleiders, zijn onderworpen aan de disciplinaire maatregelen binnen de tuchtregeling die opgezet is conform dit decreet en de Code. NADO Vlaanderen treedt voor de toepassing van dit decreet en de tuchtregeling op als Nationale Antidopingorganisatie onder de Code, en voert daarbij de opdrachten uit die aan NADO Vlaanderen zijn verleend bij dit decreet en de Code. | ||
| 3 | Voor sporters en andere personen, met inbegrip van begeleiders, die onder de bevoegdheid van een aangesloten federatie vallen, zijn de aangesloten federaties verantwoordelijk voor de vervolging en disciplinaire bestraffing van de overtredingen inzake dopingpraktijken conform dit decreet en de Code. NADO Vlaanderen vervult daarbij de rol van Nationale Antidopingorganisatie onder de Code en kan daarbij gebruikmaken van alle bevoegdheden die bij dit decreet en de Code aan NADO Vlaanderen zijn verleend, en blijft verantwoordelijk om ervoor te zorgen dat elk aspect van dopingcontrole uitgevoerd wordt conform de Code. | ||
| 4 | Sporters, begeleiders en andere personen die niet onder de bevoegdheid van een aangesloten federatie vallen, worden voor de overtreding inzake dopingpraktijken, tuchtrechtelijk vervolgd en bestraft door NADO Vlaanderen voor de disciplinaire organen van de Vlaamse Gemeenschap. | ||
| 5 | §3. In afwijking van paragraaf 2 zijn breedtesporters die geen competitieve breedtesporters zijn of geen lid zijn van een aangesloten federatie en die niet deelnemen aan sportactiviteiten in georganiseerd verband die georganiseerd zijn door een aangesloten federatie, voor de vaststelling en disciplinaire vervolging van dopingpraktijken onderworpen aan de bepalingen van artikel 42/6 tot en met 42/11, en niet onderworpen aan de toepassing van de Code. | ||
| 6 | De breedtesporters, vermeld in het eerste lid, worden wel beschouwd als sporters voor de preventie van dopingpraktijken en de educatie, vermeld in artikel 5. |
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (het deel om aan te vullen niet gevonden). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | Alle sporters, begeleiders en sportverenigingen moeten zich op elk moment onthouden van dopingpraktijken. | 1 | Alle sporters, begeleiders of andere personen en sportverenigingen moeten zich op elk moment onthouden van dopingpraktijken. |
| 1 | De Vlaamse Gemeenschap erkent het WADA. De bepalingen van dit decreet zijn opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van de Code en de Internationale Standaarden , inclusief de commentaren bij de artikelen en moeten geïnterpreteerd worden in overeenstemming met de Code en de Internationale Standaarden. | 1 | De Vlaamse Gemeenschap erkent het WADA. De bepalingen van dit decreet zijn opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van de Code en de Internationale Standaarden en de Technische Documenten, inclusief de commentaren bij de artikelen en moeten geïnterpreteerd worden in overeenstemming met de Code en de Internationale Standaarden, met uitzondering van artikel 42/6 tot en met 42/11. |
| 2 | De maatregelen inzake de bestrijding van dopingpraktijken, die de regering neemt ter uitvoering van dit decreet, dienen in overeenstemming te zijn met de Code en de Internationale Standaarden. | 2 | De maatregelen inzake de bestrijding van dopingpraktijken, die de regering neemt ter uitvoering van dit decreet, met uitzondering van de bepalingen ter uitvoering van artikel 42/6 tot en met 42/11, dienen in overeenstemming te zijn met de Code en de Internationale Standaarden. |
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | §1. De aanwezigheid van een verboden stof of metabolieten of markers ervan, en het gebruik of de poging tot gebruik, bezit of toediening of de poging tot toediening van een verboden stof of methode is geen dopingpraktijk als voor het gebruik van die verboden stoffen of methoden, op grond van therapeutische noodzaak, een TTN gegeven is in overeenstemming met de Code . | 1 | §1. De aanwezigheid van een verboden stof of metabolieten of markers ervan, en het gebruik of de poging tot gebruik, bezit of toediening of de poging tot toediening van een verboden stof of methode is geen dopingpraktijk als dat overeenstemt met de modaliteiten van een TTN die is toegekend conform de Code en de Internationale Standaard voor Toestemmingen wegens Therapeutische Noodzaak. |
| 2 | Als een afwijkend analyseresultaat wordt vastgesteld kort nadat de TTN is vervallen of ingetrokken, gaat de ADO na of het analyseresultaat strookt met het gebruik van de verboden stof of methode voor het verstrijken of intrekken van de TTN. Als dat laatste het geval is, is het gebruik ervan door de sporter of de aanwezigheid van de verboden stof of methode in het monster van de sporter geen dopingpraktijk. | ||
| 3 | Als de sporter na de toekenning van de TTN een verschillende dosis, gebruiksfrequentie, gebruiksduur of toedieningswijze nodig heeft, neemt de sporter in kwestie contact op met de relevante ADO, die kan beslissen dat de sporter een nieuwe aanvraag moet indienen. Als het gebruik, het bezit of de aanwezigheid van de verboden stof of methode in het monster van de sporter niet strookt met de toekenningsvoorwaarden van de TTN, zal de toegekende TTN niet volstaan om een dopingpraktijk uit te sluiten. | ||
| 4 | Elke TTN heeft een specifieke geldigheidsduur die wordt vastgelegd door de TTN-commissie en op het einde van die termijn vervalt de TTN automatisch. Als de elitesporter de verboden stof of verboden methode ook na de vervaldag nog verder moet gebruiken, moet hij ruim voor de vervaldag een aanvraag voor een nieuwe TTN indienen, zodat er voldoende tijd is om een beslissing te nemen over de aanvraag. Een breedtesporter kan retroactief een nieuwe aanvraag indienen. | ||
| 2 | §2. Een TTN-aanvraag kan door een sporter maar bij één instantie worden ingediend. | 5 | §2. Een TTN-aanvraag kan door een sporter maar bij één instantie worden ingediend. |
| 3 | §3. De breedtesporter en de elitesporter die geen internationale elitesporter is, dient een TTN-aanvraag in bij zijn NADO. Als er discussie is over welke NADO bevoegd is voor een bepaalde TTN-aanvraag, oordeelt het WADA. | 6 | §3. De breedtesporter en de elitesporter die geen internationale elitesporter is, dient een TTN-aanvraag in bij zijn NADO. Als er discussie is over welke NADO bevoegd is voor een bepaalde TTN-aanvraag, oordeelt het WADA. |
| 7 | Breedtesporters die voor therapeutische redenen een verboden stof of verboden methode gebruiken, kunnen een TTN aanvragen en toegekend krijgen met terugwerkende kracht, die in voorkomend geval terugwerkt tot op de datum van de monsterneming. | ||
| 8 | Een TTN die door een NADO is verleend, is globaal geldig op nationaal niveau zonder dat het noodzakelijk is dat die formeel en uitdrukkelijk erkend wordt door een andere NADO. | ||
| 4 | §4. De internationale elitesporter die een TTN wil, moet die aanvragen bij zijn internationale federatie. | 9 | §4. De internationale elitesporter die een TTN wil, moet die aanvragen bij zijn internationale federatie. |
| 5 | Een TTN die een sporter van een NADO heeft verkregen, is niet geldig als de sporter een internationale elitesporter wordt of aan een internationaal evenement deelneemt, tenzij en tot de desbetreffende internationale federatie die TTN erkent. | 10 | Als een sporter beschikt over een TTN van een NADO, is die TTN alleen geldig op nationaal niveau en is die niet geldig als de sporter een internationale elitesporter wordt of aan een internationaal evenement deelneemt, tenzij en tot de desbetreffende internationale federatie die TTN erkent. |
| 6 | Als een door een NADO toegekende TTN als vermeld in het vorige lid, niet wordt erkend door de internationale sportfederatie, hebben de sporter en de NADO het recht om binnen 21 dagen na de kennisgeving bij het WADA een heroverweging aan te vragen. Tot het WADA een beslissing heeft genomen, blijft de TTN geldig voor nationale wedstrijden en dopingtests buiten wedstrijdverband, maar niet voor internationale wedstrijden. Als er geen heroverweging wordt aangevraagd bij het WADA, vervalt de door de NADO toegekende TTN 21 dagen na de kennisgeving. | 11 | Als de internationale federatie weigert de TTN te erkennen die door een NADO is verleend, hebben de sporter en de NADO in kwestie het recht om binnen 21 dagen na de kennisgeving bij het WADA een heroverweging aan te vragen. Tot het WADA een beslissing heeft genomen, blijft de TTN geldig voor nationale wedstrijden en dopingtests buiten wedstrijdverband, maar niet voor internationale wedstrijden. Als er geen heroverweging wordt aangevraagd bij het WADA, beslist de NADO die de TTN heeft verleend of die TTN geldig blijft voor wedstrijden op nationaal niveau en voor dopingtests buiten wedstrijdverband, op voorwaarde dat de sporter geen internationale elitesporter meer is en de sporter niet deelneemt aan wedstrijden van internationaal niveau, zoals bepaald door de internationale federatie. Tot de NADO een beslissing heeft genomen over de geldigheid, blijft de TTN geldig voor wedstrijden op nationaal niveau en voor dopingtests buiten wedstrijdverband, maar niet voor wedstrijden van internationaal niveau als bepaald door de internationale federatie. |
| 7 | Als de NADO van de sporter hem nog geen TTN heeft verleend voor de stof of methode in kwestie, vraagt de sporter direct bij zijn internationale federatie een TTN aan. Tegen een door een internationale sportfederatie toegekende TTN kan door NADO Vlaanderen bij het WADA een heroverweging worden aangevraagd binnen 21 dagen na de kennisgeving als NADO Vlaanderen van mening is dat de TTN niet in overeenstemming met de Code is toegekend. Tot het WADA een beslissing heeft genomen, blijft de internationale TTN geldig voor internationale wedstrijden en dopingtests buiten wedstrijdverband, maar niet voor nationale wedstrijden. Als er geen heroverweging wordt aangevraagd bij het WADA, wordt de TTN 21 dagen na de kennisgeving geldig voor nationale wedstrijden. | 12 | Als de NADO van de sporter hem nog geen TTN heeft verleend voor de stof of methode in kwestie, vraagt de sporter die door de internationale federatie als internationale elitesporter wordt beschouwd, direct bij zijn internationale federatie een TTN aan. Tegen een door een internationale federatie toegekende TTN kan door NADO Vlaanderen bij het WADA een heroverweging worden aangevraagd binnen 21 dagen na de kennisgeving als NADO Vlaanderen van mening is dat de TTN niet in overeenstemming met de Internationale Standaard voor Therapeutische Toestemmingen is toegekend. Tot het WADA een beslissing heeft genomen, blijft de internationale TTN geldig voor internationale wedstrijden en dopingtests buiten wedstrijdverband, maar niet voor nationale wedstrijden. Als er geen heroverweging wordt aangevraagd bij het WADA, wordt de TTN 21 dagen na de kennisgeving door de internationale federatie geldig voor nationale wedstrijden. |
| 8 | Als de internationale federatie een door een NADO toegekende TTN niet erkent omdat er testen of andere informatie ontbreken om na te gaan of de TTN is toegekend in overeenstemming met de Code, moet het dossier vervolledigd worden en kan overeenkomstig 4.3.3 van de Code geen beroep worden ingesteld bij het WADA. | 13 | Als de internationale federatie een door een NADO toegekende TTN weigert te erkennen omdat testen of andere informatie ontbreken om na te gaan of de TTN is toegekend in overeenstemming met de Code, moet het dossier vervolledigd worden en kan geen herziening worden gevraagd aan het WADA. |
| 9 | Als een internationale federatie een sporter controleert die geen internationale elitesporter is, moet ze de TTN erkennen die door de NADO is toegekend. | 14 | Als een internationale federatie een sporter controleert die geen internationale elitesporter is, moet ze de TTN erkennen die door de NADO is toegekend, tenzij de sporter door de regels van de internationale federatie uitdrukkelijk verplicht was om erkenning aan te vragen. |
| 10 | Tegen elke TTN-beslissing door het WADA of door een internationale federatie kan door de sporter of de NADO in beroep worden gegaan bij het TAS. | ||
| 11 | § 5. Een TTN die een sporter van een internationale federatie heeft verkregen, is niet geldig als de sporter deelneemt aan een internationaal evenement dat wordt georganiseerd door een organisator van een groot evenement, tenzij en tot de desbetreffende organisator die TTN erkent. | ||
| 15 | §5. Een organisator van een groot evenement kan een door hem uitgereikte TTN vereisen voor het gebruik van verboden stoffen of verboden methoden in het kader van zijn evenement. | ||
| 16 | Als een sporter al beschikt over een TTN die is toegekend door de NADO of internationale federatie van de sporter in kwestie, is de organisator van een groot evenement gehouden de TTN te erkennen als die TTN voldoet aan de criteria van de Internationale Standaard voor Toestemmingen wegens Therapeutische Noodzaak. Als de organisator van een groot evenement beslist dat de TTN niet voldoet aan die criteria en weigert de TTN te erkennen, brengt ze de sporter onverwijld op de hoogte van de met redenen omklede beslissing. | ||
| 12 | Een organisator van een groot evenement kan een door hem uitgereikte TTN vereisen voor het gebruik van verboden stoffen en methoden in het kader van zijn evenement. Als die organisator een door een NADO of de internationale sportfederatie toegekende TTN niet erkent, of weigert een bij hem aangevraagde TTN toe te kennen, kan tegen die beslissing alleen in beroep worden gegaan bij een door die organisator opgericht of aangesteld onafhankelijk orgaan. Als geen beroep wordt ingesteld of als het beroep niet succesvol is, kan de sporter de verboden stof of methode niet gebruiken in het kader van het evenement, maar door de NADO of de internationale federatie toegekende TTN's blijven wel geldig buiten het evenement. | 17 | Als die organisator een door een NADO of de internationale sportfederatie toegekende TTN niet erkent, of weigert een bij hem aangevraagde TTN toe te kennen, kan tegen die beslissing alleen in beroep worden gegaan bij een door die organisator opgericht of aangesteld onafhankelijk orgaan. Als geen beroep wordt ingesteld of als het beroep niet succesvol is, kan de sporter de verboden stof of methode niet gebruiken in het kader van het evenement, maar door de NADO of de internationale federatie toegekende TTN’s blijven wel geldig buiten het evenement. |
| 13 | §6. De regering bepaalt de procedure en de voorwaarden die gelden voor het verlenen van een TTN aan sporters die onder de bevoegdheid van NADO Vlaanderen vallen en voor de erkenning van die toestemming die verleend wordt aan sporters die niet onder de bevoegdheid van NADO Vlaanderen vallen, in overeenstemming met de Internationale Standaard voor Toestemmingen wegens Therapeutische Noodzaak. Breedtesporters kunnen retroactief een TTN aanvragen en verkrijgen. | 18 | §6. De regering bepaalt de procedure en de voorwaarden die gelden voor het verlenen van een TTN aan sporters die onder de bevoegdheid van NADO Vlaanderen vallen in overeenstemming met de Internationale Standaard voor Toestemmingen wegens Therapeutische Noodzaak. |
| 14 | De regering richt voor de toekenning van een TTN of erkenning van een door een andere ADO toegekende TTN een commissie van artsen op, TTN-commissie genaamd, en bepaalt de opdracht en de samenstelling ervanen de vergoedingen die de leden van de TTN-commissie ontvangen. | 19 | De regering richt voor de toekenning van een TTN een commissie van artsen op, TTN-commissie genaamd, en bepaalt de opdracht en de samenstelling ervan, en de vergoedingen die de leden van de TTN-commissie ontvangen. |
| 15 | De formulieren voor de aanvraag van en de beslissing tot het verlenen van de TTN, worden in het Nederlands opgesteld en er wordt een Franse en Engelse vertaling bij gevoegd. | 20 | De formulieren voor de aanvraag van en de beslissing tot het verlenen van de TTN, worden in het Nederlands opgesteld en er wordt een Franse en Engelse vertaling bijgevoegd. |
| 16 | Elke beslissing tot toekenning, weigering, erkenning of niet-erkenning van een TTN wordt door NADO Vlaanderen ingegeven in ADAMS. Bij toegekende TTN's bevat die mededeling de volgende informatie: | 21 | NADO Vlaanderen registreert uiterlijk 21 dagen na de dag waarop ze de beslissing heeft ontvangen van de TTN-commissie elke beslissing tot toekenning, weigering, erkenning of niet-erkenning van een TTN in ADAMS. Bij geweigerde TTN’s bevat de registratie de redenen van de weigering. Bij toegekende TTN’s bevat die registratie de volgende informatie, conform de Internationale Standaard voor Toestemmingen wegens Therapeutische Noodzaak: |
| 17 | 1° de toegelaten stof of methodeen de duur, dosis, gebruiksfrequentie en toedieningswijze ervanen andere toelatingsvoorwaarden ; | 22 | 1° de toegelaten stof of methode, en de duur, dosis, gebruiksfrequentie en toedieningswijze ervan. Als de geldigheidsduur van de TTN afwijkt van de duur van de behandeling, worden ook de duurtijd van die behandeling en de andere toelatingsvoorwaarden vermeld; |
| 18 | 2° de TTN-aanvraag en de relevante medische informatie die aantoont dat de toekenningsvoorwaarden zijn nageleefd. | 23 | 2° de TTN-aanvraag en de relevante medische informatie die aantoont dat de toekenningsvoorwaarden zijn nageleefd; |
| 19 | Elke TTN heeft een specifieke geldigheidsduur die wordt vastgelegd door de TTN-commissie en op het einde van die termijn vervalt de TTN automatisch. Als de elitesporter de verboden stof of verboden methode ook na de vervaldag nog verder moet gebruiken, moet hij ruim voor de vervaldag een aanvraag voor een nieuwe TTN indienen, zodat er voldoende tijd is om een beslissing te nemen over de aanvraag. De breedtesporter kan retroactief een nieuwe aanvraag indienen. | ||
| 24 | 3° in voorkomend geval de redenen waarom de sporter in kwestie een retroactieve TTN heeft mogen aanvragen. | ||
| 20 | Tegen de beslissing tot weigering of tegen het gebrek aan een beslissing van de TTN-commissie binnen de door de regering vastgestelde termijn kan door de sporter een verzoek tot heroverweging ingediend worden bij de TTN-commissie in een andere samenstelling, volgens een door de regering uitgewerkte procedure. | 25 | Tegen de beslissing tot weigering of tegen het gebrek aan een beslissing van de TTN-commissie binnen de door de regering vastgestelde termijn kan door de sporter een verzoek tot heroverweging ingediend worden bij de TTN-commissie in een andere samenstelling, volgens een door de regering uitgewerkte procedure. |
| 21 | Het WADA kan, op eigen initiatief, op elk moment de toekenning van een TTN aan een elitesporter herzien. Het WADA kan ook een TTN-beslissing herzien op verzoek van een elitesporter aan wie een TTN, of de erkenning van een TTN geweigerd werd of die binnen een redelijke termijn geen beslissing heeft ontvangen over een ontvankelijke TTN-aanvraag. | ||
| 26 | §7. Tegen een beslissing na heroverweging van de TTN-commissie van NADO Vlaanderen kan beroep ingesteld worden op de volgende wijze: | ||
| 27 | 1° een elitesporter kan beroep instellen tegen de beslissing van de TTN-commissie bij de institutioneel onafhankelijke beroepsinstantie, vermeld in artikel 24/1, §1; | ||
| 28 | 2° een breedtesporter als vermeld in artikel 24, §1, kan beroep instellen tegen de beslissing van de TTN-commissie bij de institutioneel onafhankelijke beroepsinstantie, vermeld in artikel 24/1, §1; | ||
| 29 | 3° een breedtesporter als vermeld in artikel 27, kan beroep instellen tegen de beslissing van de TTN-commissie bij de disciplinaire raad, vermeld in artikel 29. | ||
| 30 | §8. Het WADA is gehouden te beslissen over de heroverweging van een beslissing van een internationale federatie om een TTN die verleend is door een NADO niet te erkennen, op vraag van de sporter of NADO, conform paragraaf 4, derde lid, en over de heroverweging van een TTN die toegekend is door een internationale federatie, conform paragraaf 4, vierde lid. | ||
| 31 | Het WADA kan, op eigen initiatief of op vraag van een betrokken partij, op elk moment de toekenning van een TTN in heroverweging nemen. | ||
| 32 | Als het WADA oordeelt dat de TTN-beslissing die in heroverweging is genomen voldoet aan de criteria van de Internationale Standaard voor Toestemmingen wegens Therapeutische Noodzaak, zal het WADA de beslissing niet hervormen. Als de TTN-beslissing niet voldoet aan die criteria, zal het WADA de beslissing hervormen. | ||
| 33 | §9. Tegen elke TTN-beslissing van een internationale federatie die niet door het WADA is hervormd na heroverweging, conform paragraaf 8, of waarvoor geen heroverweging is aangevraagd bij het WADA of die niet op eigen initiatief van het WADA in heroverweging is genomen, kan door de sporter of de NADO enkel beroep worden ingesteld bij het TAS. | ||
| 22 | De beslissingen van het WADA over de toekenning of weigering van een TTN kunnen overeenkomstig artikel 4.4.7 van de Code alleen bij het TAS aangevochten worden door de elitesporter of door NADO Vlaanderen waarvan de beslissing herzien werd. | 34 | Een beslissing van het WADA inzake de hervorming van een TTN-beslissing na heroverweging, op vraag van een NADO of een sporter of op eigen initiatief van het WADA, kan overeenkomstig artikel 4.4.8 van de Code alleen bij het TAS aangevochten worden door de sporter in kwestie, door NADO Vlaanderen of de bevoegde internationale federatie. |
| 23 | Als een afwijkend analyseresultaat wordt vastgesteld kort nadat de TTN is vervallen of ingetrokken, gaat NADO Vlaanderen na of het resultaat strookt met het gebruik van de verboden stof of methode voor het verstrijken of intrekken van de TTN. Als dat laatste het geval is, is het gebruik ervan door de sporter of de aanwezigheid van de verboden stof of methode in het monster van de sporter geen dopingpraktijk. | ||
| 24 | Als de sporter na de toekenning van de TTN een verschillende dosis, gebruiksfrequentie, gebruiksduur of toedieningswijze nodig heeft, moet hij een nieuwe aanvraag indienen. Als het gebruik, het bezit of de aanwezigheid van de verboden stof of methode in het monster van de sporter niet strookt met de toekenningsvoorwaarden van de TTN, zal de toegekende TTN niet volstaan om een dopingpraktijk uit te sluiten. | ||
| 35 | §10. Als geen beslissing wordt genomen binnen een redelijke termijn over een ingediende aanvraag voor een TTN of voor de erkenning van een TTN of de heroverweging van een TTN-beslissing, staat dat gelijk aan een weigering van de aanvraag, waarbij het recht ontstaat om heroverweging of beroep in te stellen, conform paragraaf 7 tot en met 9. |
| 1 | Elke federatie en haar lidorganisaties neemt met toepassing van artikel 5 maatregelen voor de preventie van doping door haar leden en hun begeleiders, en neemt de disciplinaire maatregelen, vermeld in artikel 23/2, 24 en 25. | 1 | Elke federatie en haar lidorganisaties nemen met toepassing van artikel 5 maatregelen voor de preventie van doping voor haar leden, hun begeleiders en elke andere persoon die een band heeft met die sporters, begeleiders, of met de federatie of haar lidorganisaties. Elke aangesloten federatie neemt de disciplinaire maatregelen, vermeld in artikel 24 en 24/1. |
| 2 | Elke federatie zal elke vorm van informatie over een mogelijke dopingpraktijk rapporteren aan NADO Vlaanderen en haar internationale federatie, en alle medewerking verlenen aan een onderzoek naar dopingpraktijken door de bevoegde instantie. | 2 | Elke federatie zal elke vorm van informatie over een mogelijke dopingpraktijk rapporteren aan NADO Vlaanderen en haar internationale federatie, en alle medewerking verlenen aan een onderzoek naar dopingpraktijken door de bevoegde instantie. |
| 3 | Elke federatie vaardigt een tuchtreglement uit dat begeleiders die zonder geldige reden verboden stoffen of methoden gebruiken, verbiedt sporters te ondersteunen die onder de bevoegdheid van de federatie vallen. | 3 | Elke federatie vaardigt een tuchtreglement uit dat begeleiders die zonder geldige reden verboden stoffen of methoden gebruiken, verbiedt sporters te ondersteunen die onder de bevoegdheid van de federatie vallen. |
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (wijziging niet herkend). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden in het genoemde deel). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | Elke andere persoon dan een sporter als vermeld in artikel 14/1 of een begeleider als vermeld in artikel 14/2, is verplicht: | ||
| 2 | 1° op de hoogte te zijn van de antidopingregels en ze na te leven; | ||
| 3 | 2° NADO Vlaanderen en haar federatie en internationale federatie op de hoogte te brengen van elke veroordeling wegens dopingpraktijken in de laatste tien jaar; | ||
| 4 | 3° mee te werken aan elk onderzoek van een ADO naar dopingpraktijken. |