Tot wijziging van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteinsdienst #1029
Gemerged Vlaamse Regering voegde 31 artikels samen in decreet-1999-03-02decreet-2017-12-22-1029017 · 26 november 2021 Alle checks geslaagd
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
15 februari 2022 (2021-2022)
Verslag
namens de Commissie voor Mobiliteit en Openbare Werken
uitgebracht door Bert Maertens
over het ontwerp van decreet
tot wijziging
van het decreet van 2 maart 1999
houdende het beleid
en het beheer van de zeehavens,
het decreet van 22 december 2017
over het lokaal bestuur
en het decreet van 3 mei 2019
houdende de havenkapiteinsdienst
ingediend op
verzendcode: OPE
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
– Nr. 2 en 3: Amendementen
— 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be
Samenstelling van de Commissie voor Mobiliteit en Openbare Werken:
Voorzitter: Bart Claes.
Vaste leden:
Annick De Ridder, Maarten De Veuster, Bert Maertens, Marius Meremans, Rita Moors;
Bart Claes, Carmen Ryheul, Wim Verheyden;
Jo Brouns, Martine Fournier;
Marino Keulen, Mercedes Van Volcem;
Imade Annouri, Stijn Bex;
Els Robeyns.
Plaatsvervangers:
Arnout Coel, Koen Daniëls, Inez De Coninck, Axel Ronse, Paul Van Miert;
Roosmarijn Beckers, Johan Deckmyn, Leo Pieters;
Karin Brouwers, Joke Schauvliege;
Els Ampe, Stephanie D’Hose;
Björn Rzoska, Jeremie Vaneeckhout;
Annick Lambrecht.
Toegevoegde leden:
Jos D’Haese.
INHOUD
1. Toelichting door de minister ............................................................. 4
1.1. Situering ............................................................................... 4
1.2. Inhoudelijke krachtlijnen ......................................................... 4
1.3. EU-Havenverordening ............................................................. 5
1.4. Vereenvoudigen en actualiseren ............................................... 5
2. Bespreking .................................................................................... 6
2.1. Algemene bespreking .............................................................. 6
2.2. Artikelsgewijze bespreking – tegenstrijdigheid decreettekst
en memorie van toelichting ...................................................... 8
3. Stemmingen .................................................................................. 8
Tekst aangenomen door de commissie..................................................... 10
Bijlage: zie de dossierpagina van dit document op www.vlaamsparlement.be
De Commissie voor Mobiliteit en Openbare Werken besprak op 13 januari en 10
februari 2022 het ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 2 maart
1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens, het decreet van 22
december 2017 over het lokaal bestuur en het decreet van 3 mei 2019 houdende
de havenkapiteinsdienst (Parl.St. Vl.Parl. 2021-22, nr. 1029/1).
Lydia Peeters, Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken, maakte voor de
toelichting gebruik van een presentatie die terug te vinden is op de dossierpagina
van dit document op www.vlaamsparlement.be. De amendementen zijn terug te
vinden in Parl.St. Vl.Parl. 2021-22, nr. 1029/2 en 3.
(De vergaderingen werden als videoconferentie georganiseerd.)
1. Toelichting door de minister
1.1. Situering
Minister Lydia Peeters zegt dat in de vorige zittingsperiode 2014-2019 zich een
aantal belangrijke ontwikkelingen hebben voorgedaan die een impact hebben op
het Vlaamse beleid voor de zeehavens. Zo waren er ten eerste op Europees niveau
twee belangrijke evoluties: er is de toevoeging van een hoofdstuk aan de Algemene Groepsvrijstellingsverordening ((EU) 651/2014) dat specifiek betrekking
heeft op zeehavens en er is de goedkeuring van de Europese Havenverordening
((EU) 2017/352) die een kader biedt voor het verrichten van bepaalde havendiensten en regels voorziet voor financiële transparantie (EU-Havenverordening). Er
is nu dus ook op Europees niveau een kader voor havens gecreëerd. Ten tweede
heeft een screening van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het
beheer van de zeehavens (Havendecreet) aan het licht gebracht dat een aantal
bepalingen niet meer toepasbaar, verouderd of vatbaar voor vereenvoudiging zijn.
En ten slotte is er de vaststelling dat de Vlaamse zeehavens voor nieuwe, complexe
uitdagingen staan op het vlak van klimaat, energie, digitalisering enzovoort.
De voormelde nieuwe ontwikkelingen zijn opgepikt in het Vlaamse regeerakkoord
2019-2024 (zie slide 4 en 5 van de presentatie). Zo wordt er ingezet op een herziening en opfrissing van het bestaande decretale kader dat een stevige basis moet
blijven vormen voor het beheer van de havens en de uitvoering van de kerntaken
van de Vlaamse overheid. En verder wordt met de nieuwe Vlaamse havenstrategie en de bijbehorende overeenkomsten ingezet op een nieuwe aanpak om in
samenwerking met de havens de nieuwe uitdagingen aan te pakken. In 2021 is al
de nieuwe havenstrategie formeel goedgekeurd door de Vlaamse Regering. Het is
de bedoeling om deze strategie samen met de havens verder uit te rollen in 2022
en de daarop volgende jaren. En daarnaast is er het voorliggende ontwerp van
decreet (zie slide 6).
1.2. Inhoudelijke krachtlijnen
Vervolgens schetst de minister de inhoudelijke krachtlijnen van het voorliggende
ontwerp van decreet. Het voorliggende ontwerp van decreet beoogt de aanpassing
van het Havendecreet, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur
en het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteinsdienst als gevolg van
nieuwe ontwikkelingen in het havenbeleid.
In eerste instantie worden een aantal noodzakelijke wijzigingen doorgevoerd ter
uitvoering van de EU-Havenverordening ((EU) 2017/352) (zie hieronder 2.1).
Daarnaast worden ook nog andere bepalingen, die niet langer kunnen worden toegepast of niet meer stroken met de huidige context, gewijzigd of opgeheven (zie
hieronder 2.2).
1.3. EU-Havenverordening
De EU-Havenverordening is uit haar aard rechtstreeks toepasselijk. De toepassing
ervan vereist echter een aantal maatregelen van tenuitvoerlegging in het interne
recht. Bovendien moeten met de verordening strijdige bepalingen in het interne
recht worden aangepast, wat het voorliggende ontwerp van decreet beoogt. Zo
wordt ten eerste duidelijk gemaakt dat de …