§ flandrepo

Decreet Scheepvaartdecreet

Vlaamse Regering #1007 Staatsblad 6 mei 2022 NUMAC 2022031332
8 artikels gewijzigd
+0 −0 decreet-1990-12-21/art. 80 opgeheven
+0 −0 decreet-1990-12-21/art. 81 opgeheven
+0 −0 decreet-1990-12-21/art. 82 opgeheven
+0 −20 decreet-1990-12-21/art. 83 opgeheven
1§ 1. Het bedrag verschuldigd voor het bekomen van een vergunning van een watervang, wordt bepaald door het totale volume water dat door middel van pompen, hevels of andere goedgekeurde installaties uit de waterweg gecapteerd wordt. De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels.
2§ 2. Het bedrag verschuldigd voor het capteren van water wordt vastgesteld als volgt :
3water afname in m3/jaar : EUR/m3
41. voor de schijf van minder dan 1.000.000 m3 :
50,043381
62. voor de schijf van 1.000.000 tot 9.999.999 m3 :
70,025161
83. voor de schijf van 10.000.000 tot 99.999.999 m3 :
90,013283
104. voor de schijf boven 99.999.999 m3 : 0,002624
11De captatie van minder dan 500 m3 per jaar is gratis.
12§ 3. ...
13§ 4. Aan de vergunninghouders die het gecapteerde water na gebruik terugstorten in de waterweg waar het gecapteerd werd kan een vermindering van het verschuldigde bedrag worden toegekend in functie van het volume dat effectief teruggestort wordt.
14Het verschuldigde bedrag is in dit geval gelijk aan het bedrag conform § 2, vermenigvuldigd met een correctiefactor gelijk aan:
151 - T/2,
16waarin T= de verhouding tussen het volume teruggestort water en het totaal volume gecapteerd water.
17Het bewijs van de hoeveelheid teruggestort gecapteerd water dient geleverd te worden door de vergunninghouder conform artikel 85, § 2.
18De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels.
19§ 5. Onverminderd de bepalingen van § 2 en 4 wordt het minimum verschuldigd bedrag vastgesteld op 125 EUR per jaar.
20§ 6. Voor het aftappen van water door de vergunninghouders die onder de toepassing van de wet van 20 juni 1855 inzake de irrigaties in de Kempen vallen, wordt het verschuldigde bedrag vastgesteld op 5000 frank per jaar.
+0 −4 decreet-1990-12-21/art. 84 opgeheven
1De in artikel 83, § 2, vermelde bedragen zijn gekoppeld aan de schommelingen van het indexcijfer van consumptieprijzen en worden berekend aan de hand van de volgende formule :
2verschuldigd bedrag x nieuw indexcijfer/basisindexcijfer
3Het nieuwe indexcijfer is het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand december van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarop de heffing slaat.
4Het basisindexcijfer is het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand december 1990.
+0 −0 decreet-1990-12-21/art. 85 opgeheven
+0 −10 decreet-1990-12-21/art. 86 opgeheven
1§ 1. De beheerder van de waterweg is belast met de inning en de invordering van de verschuldigde bedragen en met de controle op de naleving van de verplichtingen inzake de watervang.
2§ 2. De vergunninghouder is verplicht aan de ambtenaren belast met de controle op de naleving van de verplichtingen inzake de watervang, alsmede aan de in artikel 87 bedoelde ambtenaren en deskundigen, toegang te verschaffen tot de debietmetingssystemen bedoeld in artikel 85.
3§ 3. De vergunninghouder moet jaarlijks en binnen de dertig dagen na ontvangst van de rekening het te betalen bedrag storten op het rekeningnummer van de beheerder van de waterweg.
4§ 4. De wettelijke verwijlintrest is van rechtswege verschuldigd wanneer het verschuldigde bedrag niet werd betaald binnen de termijn van twee maanden na de verzending van de rekening.
5§ 5. Voor iedere overtreding van de verplichtingen van de vergunninghouder wordt een administratieve geldboete opgelegd gelijk aan het dubbel van de ontdoken of niet betaalde bedragen. De vordering tot voldoening van de verschuldigde bedragen, van de intresten en van de administratieve geldboete verjaart door verloop van vijf jaar, te rekenen van de dag waarop zij is ontstaan.
6§ 6. Bij niet betaling van het verschuldigd bedrag vermeerderd met de opgelegde geldboete wordt de vergunning voor een watervang binnen de twee maanden na ingebrekestelling bij ter post aangetekende brief ingetrokken. De indiening van een beroep overeenkomstig § 7 schorst evenwel de uitvoering hiervan.
7§ 7. Binnen een termijn van dertig dagen na de datum van de verzending van de rekening, kan de vergunninghouder per aangetekend schrijven beroep doen instellen bij de door de Vlaamse regering aangewezen Vlaamse minister die uitspraak doet binnen drie maanden vanaf de datum van verzending van dit beroepschrift. Bij met redenen omkleed aangetekend schrijven, gericht aan de vergunninghouder, kan de door de Vlaamse regering aangewezen Vlaamse minister deze termijn eenmalig verlengen met een periode van drie maanden.
8Bij gebrek aan een uitspraak van de door de Vlaamse regering aangewezen Vlaamse minister binnen de in het eerste lid gestelde termijn, wordt het beroep van de vergunningsplichtige als ingewilligd beschouwd.
9De door de Vlaamse regering aangewezen Vlaamse minister beslist over de gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de administratieve geldboete.
10§ 8. De Vlaamse regering regelt de uitvoering van dit artikel. Zij bepaalt de vergoeding die aan de in § 1 van dit artikel genoemde beheerders toekomt, onverminderd de bevoegdheid terzake van het Agentschap De Scheepvaart en het Agentschap Waterwegen en Zeekanaal om die inningen en vorderingen in de door hen beheerde kanalen en waterwegen voor eigen rekening uit te voeren.
+0 −0 decreet-1990-12-21/art. 87 opgeheven
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd