Bij de begroting 2026 #544
Gemerged Vlaamse Regering voegde 56 artikels samen in decreet-2023-06-30decreet-2011-07-15-1020509vlaamse-codex-fiscaliteit-van-13-december-2013 · 24 oktober 2025 23 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
Zie de documentenfiche op vlaamsparlement.be
ingediend op 2 december 2025 (2025-2026)
Verslag
namens de Commissie voor Leefmilieu,
Natuur en Ruimtelijke Ordening
uitgebracht door Mieke Schauvliege en Dries Devillé
over het ontwerp van programmadecreet
bij de begroting 2026
Hoofdstuk 6. Omgeving
Hoofdstuk 10. Inwerkingtreding
Samenstelling van de Commissie voor Leefmilieu, Natuur en Ruimtelijke Ordening:
Voorzitter: Lydia Peeters.
Vaste leden:
Jurgen Callaerts, Andy Pieters, Hans Vanhoof, Sanne Van Looy;
Bart Claes, Dries Devillé, Leo Pieters, Carmen Ryheul;
Simon Bekaert, Bieke Verlinden;
Bart Dochy, Mien Van Olmen;
Debby Burssens;
Mieke Schauvliege;
Lydia Peeters.
Plaatsvervangers:
Arnout Coel, Freya Perdaens, Tomas Roggeman, Eva Ryde;
Yves Buysse, Frédéric Erens, Stefaan Sintobin, Wim Verheyden;
Hannes Anaf, Kris Verduyckt;
Stijn De Roo, Kris Poelaert;
Amina Vandenheuvel;
Eva Platteau;
Marianne Verhaert.
De Commissie voor Leefmilieu, Natuur en Ruimtelijke Ordening besprak op 18 en
25 november 2025 het ontwerp van programmadecreet bij de begroting 2026
(Parl.St. Vl.Parl. 2025-26, nr. 544/1). Op 18 november 2025 vond de toelichting
plaats door minister Jo Brouns. Op 25 november 2025 vond de bespreking plaats
en werd over het ontwerp van programmadecreet gestemd.
Dit werd in samenhang besproken met het ontwerp van decreet houdende de uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2026
(Parl.St. Vl.Parl. 2025-26, nr. 15/1), voor de bevoegdheid Omgeving van Jo
Brouns, Vlaams minister van Omgeving en Landbouw waarover een afzonderlijk
verslag wordt uitgebracht (Parl.St. Vl.Parl. 2025-26, nr. 15/7-G).
1. Toelichting
Minister Jo Brouns overloopt de afdelingen van Hoofdstuk 6 Omgeving van het
ontwerp van programmadecreet die relevant zijn voor de commissie Leefmilieu.
Het gaat om:
− Afdeling 2. Wijziging van het decreet van 6 juli 2001 houdende bepalingen tot
begeleiding van de aanpassing van de begroting 2001;
− Afdeling 3. Decreet Integraal Waterbeleid (decreet van 18 juli 2003 betreffende
het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018) voor wat betreft de
aanpassing vrijstelling heffingen voor bronbemalingen;
− Afdeling 4. Decreet Integraal Waterbeleid (decreet van 18 juli 2003 betreffende
het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018) voor wat betreft de
aanpassing aan nieuwe HCOV-codering (Hydrogeologische Codering van de Ondergrond van Vlaanderen);
− Afdeling 5. Wijziging van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening – stopzetting
subsidie voor de actualisatie van de inventaris van de onbebouwde percelen;
− Afdeling 6. Retributie shredderbedrijven (de Vlaamse Milieumaatschappij);
− Afdeling 8. Decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer
van materialenkringlopen en afvalstoffen – OVAM-heffingen (Openbare
Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij);
− Afdeling 9. Wijziging van de Vlaamse Codex Fiscaliteit – wijziging tarief leegstandsheffing bedrijfsruimten.
Verder kan worden verwezen naar de toelichting in het ontwerp van programmadecreet zelf.
2. Bespreking
Voor de algemene bespreking kan worden verwezen naar het verslag van de bespreking van ontwerp van decreet houdende de uitgavenbegroting van de Vlaamse
Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2026, wat betreft de bevoegdheid Omgeving, van Jo Brouns, Vlaams minister van Omgeving en Landbouw (Parl.St. Vl.Parl.
2025-26, nr. 15/7-G).
2.1. Tussenkomst van Mieke Schauvliege
Mieke Schauvliege geeft aan dat er een eengemaakt tarief komt voor afvalverbranding van 32 euro per ton, goed voor 12 miljoen euro extra inkomsten. Dat is het
gevolg van een verhoogd tarief voor huishoudelijke afvalverbranding. Ze vreest
dat dit neerkomt op een bijkomende financiële last voor lokale besturen, tenzij de
maatregel wordt opgenomen in de VLAREMA-lijst (Vlaams reglement betreffende
het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen). Zal de minister
daarvoor zorgen?
2.2. Tussenkomst van Lydia Peeters
In artikel 82 van het ontwerp van programmadecreet leest Lydia Peeters dat de
subsidiemogelijkheid voor lokale besturen om hun eigen register onbebouwde percelen te actualiseren, in december 2025 onmiddellijk wordt stopgezet. Het Rekenhof maakte hierbij de opmerking dat een overheid die onmiddellijk een subsidie
stopzet, weinig betrouwbaar is. Vlaanderen zal een Vlaanderenbreed register ontwikkelen, hoewel de minister zelf vaak wijst op het belang van de lokale autonomie.
Dat komt bij Lydia Peeters betuttelend over.
In artikel 88 van het ontwerp van programmadecreet staat dat de leegstandsheffing voor bedrijfsruimten in 2026 met 12 procent wordt verhoogd, als een van de
maatregelen om de ruimtelijke transformatie van de bouwshift te realiseren, zoals
beschreven in de conceptnota. Lydia Peeters vindt dat een beetje vreemd, want
het is een concrete actie in navolging van de conceptnota, wat nog geen Beleidsplan Ruimte Vlaanderen is.
Verder leest Lydia Peeters dat een hoger heffingsbedrag de vernieuwing en de
herbestemming van leegstaande bedrijfsruimten zal versnellen en zo het ruimtebeslag zal beperken. De Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) wijst
er echter op dat een impactanalyse van deze maatregel ontbreekt en vraagt om
de eventuele extra inkomsten te gebruiken voor de ontwikkeling van de
brownfields, de circulaire bedrijventerreinen en de lokale reconversieprojecten.
Wat is de reactie van de minister op het standpunt van de SERV? Hoe zal hij ervoor
zorgen dat deze maatregel wordt afgestemd met andere maatregelen en instrumenten die bij de verdere operationalisering van het gewenste ruimtelijk beleid
moeten worden genomen?
De leegstandsheffing, net zoals het register van de onbebouwde percelen, raakt
het grond- en pandenbeleid. Komt daar ook een wijziging?
2.3. Antwoorden door minister Jo Brouns
Het is minister Jo Brouns niet duidelijk wat Mieke Schauvliege bedoelde met de
‘VLAREMA-lijst’. De heffingen op huishoudelijk en bedrijfsafval worden gelijkgetrokken en opgetrokken naar 32 euro per ton. De …