Tot wijziging van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 #780
Gemerged Vlaamse Regering wijzigt geen gevolgde wet · 7 mei 2021 1 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
verzendcode: FIN
ingediend op 30 juni 2021 (2020-2021)
Amendementen
voorgesteld na indiening van het verslag
op het ontwerp van decreet
tot wijziging van het Bestuursdecreet
van 7 december 2018
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
– Nr. 2: Verslag
– Nr. 3: Amendementen
AMENDEMENT Nr. 3
voorgesteld door Wilfried Vandaele, Peter Van Rompuy,
Willem-Frederik Schiltz en Björn Rzoska
na indiening van het verslag
Artikel 8
Dit artikel schrappen.
VERANTWOORDING
Door het schrappen van het registreren van de aanvragen tot inzage in overheidsdocumenten, wordt het moeilijker om te controleren hoeveel aanvragen er zijn gedaan, wat ermee
gebeurd is en of de termijnen gerespecteerd werden. Het werk van kritische burgers of
verenigingen wordt daardoor bemoeilijkt.
Daarom wordt artikel 12 geschrapt en alle wijzigingsbepalingen die ermee samenhangen en
die tot doel hebben de datum van registratie als startmoment voor termijnen te vervangen
door de datum van ontvangst van de aanvraag.
■
AMENDEMENT Nr. 4
voorgesteld door Wilfried Vandaele, Peter Van Rompuy,
Willem-Frederik Schiltz en Björn Rzoska
na indiening van het verslag
Artikel 9
In de voorgestelde tekst het woord “mededelingen” vervangen door het
woord “communicatie”.
VERANTWOORDING
Met dit amendement kiezen we voor een duidelijkere uitzonderingsgrond dan die welke in
het ontwerp van decreet werd opgenomen.
Deze uitzonderingsgrond betreft ‘interne communicatie’, naar het voorbeeld van de uitzondering voor ‘interne mededelingen’ die in het Verdrag van Aarhus wordt gebruikt, maar met
een duidelijkere en meer hedendaagse omschrijving.
De term ‘interne communicatie’ wordt ook in de Oostenrijkse en Italiaanse milieu-openbaarheidswetgeving gebruikt. In de Waalse milieucodex spreekt men eveneens van uitzonderingen voor ‘interne communicatie’:
− België – Waals Gewest
Codex milieuwetgeving van 17 maart 2005 (artikel 18):
“Elke overheidsinstantie, of het nu een overheidsinstantie is in de zin van deze titel, of een
instelling die ressorteert onder een ander bevoegdheidsniveau dan het Waals Gewest, kan
een verzoek om milieu-informatie afwijzen in de volgende gevallen:
(…)
e. het verzoek betreft interne communicatie.”
− Oostenrijk
Paragraaf 6 van de Oostenrijkse wet inzake milieu-informatie regelt de informatiebeperkingen en de redenen voor het weigeren van informatie, volgens welke het toegestaan is om
milieu-informatie achter te houden, op voorwaarde dat:
“e) Het verzoek betreft interne communicatie, rekening houdend met het openbaar belang
bij het vrijgeven van deze informatie.”
− Italië
Toegang tot milieu-informatie wordt geweigerd in het geval dat:
“(...) e) het verzoek betreft interne communicatie, waarbij in ieder geval rekening wordt
gehouden met het algemeen belang dat wordt beschermd door het recht op toegang.”
Hieronder begrijpen we dat de interne en dagdagelijkse uitwisseling van berichten tussen
instanties van de Vlaamse overheid of tussen instanties van lokale overheden (bijvoorbeeld
tussen kabinetsmedewerkers onderling, kabinetsmedewerkers en de Vlaamse administratie,
en tussen de Vlaamse administratie onderling) van openbaarheid kan worden uitgezonderd.
Het betreft een relatieve uitzonderingsgrond.
De formele opdracht van een kabinet of een Vlaamse minister aan de administratie, alsook
(uitwisseling per mail van) formele adviezen van de administratie en externe consultants
aan een kabinet of de minister vallen wel degelijk onder openbaarheid en kunnen niet uitgezonderd worden. Adviezen van de administratie of van externe consultants aan de kabinetten vallen niet onder de uitzonderingsgrond van politieke besluitvorming, zoals verwoord
in de uitzondering in artikel II.35, 5°, en artikel II.36, §1, tweede lid, 9°, betreffende de
vertrouwelijkheid van het overheidshandelen in drie specifieke situaties, waaronder de politieke besluitvorming.
Aanpassing van de huidige toelichting in het ontwerp van decreet:
Net als de twee bestaande uitzonderingsgronden in artikel II.33, is de uitzonderingsgrond
zowel van toepassing op milieu-informatie als op alle andere bestuursdocumenten en kan
ze niet worden inroepen als het openbaar belang dat met de openbaarmaking is gediend,
zwaarder doorweegt. De uitzondering is facultatief in tegenstelling tot de uitzonderingen in
artikel II.34 tot en met II.36.
De uitzondering is een implementatie in intern recht van de volgende bepalingen:
− artikel 4.1, e), van de richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van
28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van richtlijn 90/313/EEG van de Raad:
“4.1. De lidstaten kunnen bepalen dat een verzoek om milieu-informatie kan worden
geweigerd, indien: (…)
e) het verzoek interne mededelingen betreft, rekening houdend met het openbaar belang dat met bekendmaking wordt gediend.”;
− artikel 4.3, c), van het Verdrag van Aarhus betreffende toegang tot informatie, inspraak
bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden:
“4.3. Een verzoek om milieu-informatie kan worden geweigerd indien: (…)
c) het verzoek nog onvoltooid materiaal of interne mededelingen van overheidsinstanties betreft, wanneer in een dergelijke uitzondering is voorzien in het nationale recht of
bestendig gebruik, met inachtneming van het openbare belang dat met bekendmaking
wordt gediend.”.
De doelstelling van deze uitzondering is om de overheidsinstanties het recht te bieden hun
interne raadplegingen en beraadslagingen te beschermen als dat noodzakelijk is om hun
taken uit te voeren, met andere woorden als de openbaarmaking van het document het
besluitvormingsproces ernstig zou ondermijnen, tenzij een hoger openbaar belang openbaarmaking gebiedt.
Deze uitzondering vult de uitzonderingsgronden in artikel II. 34, 3°, en II.36, §1, tweede
lid, 2°, (geheim van de beraadslagingen) en in artikel II. 35, 5°, en II.36, §1, tweede lid,
9°, (vertrouwelijkheid van overheidshandelen) aan:
− de uitzondering van artikel II.34, 3°, en …