Tot instelling van een kotlabel en tot wijziging van de regelgeving over de geconventioneerde verhuur #1981
Gemerged Vlaamse Regering voegde 19 artikels samen in energiedecreetcodex-wonen · 29 januari 2024 Alle checks geslaagd
15 artikels gewijzigd
De instructies van dit stuk toegepast op de wet zoals die gold op 29 jan 2024. De officiële tekst blijft het document van het Parlement.
Art. 2. In artikel 1.1.3, 138°/0, van het Energiedecreet van 8 mei 2009, ingevoegd bij het decreet van 9 juli 2021, wordt het woord “Wonen-Vlaanderen” telkens vervangen door de woorden “Wonen in Vlaanderen”.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (geen huidige tekst). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
Art. 3. In artikel 9.1.4, §3, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 23 december 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid worden de woorden “kunnen de energiehuizen de volgende categorieën van persoonsgegevens aan Wonen-Vlaanderen bezorgen” vervangen door de zinsnede “of om Wonen in Vlaanderen de mogelijkheid te bieden na te gaan of een aanvrager of begunstigde van de subsidies, vermeld in artikel 5.52/1 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, voldoet aan de voorwaarden die de Vlaamse Regering vaststelt ter uitvoering van artikel 5.52/1, derde lid, van de voormelde codex, kunnen de energiehuizen de volgende categorieën van persoonsgegevens aan Wonen in Vlaanderen bezorgen”;
2° in het tweede, derde en vierde lid wordt het woord “Wonen-Vlaanderen” vervangen door de woorden “Wonen in Vlaanderen”.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden in het genoemde deel). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 10 | 8° informatie ter beschikking stellen om natuurlijke personen en rechtspersonen actief te kunnen informeren over premies en subsidies; | 10 | 8° informatie ter beschikking stellen om natuurlijke personen en rechtspersonen actief te kunnen informeren over premies en subsidies; |
| 11 | 9° energiefraude opsporen en detecteren. | 11 | 9° energiefraude opsporen en detecteren. |
| 12 | § 2. De gegevens in de databank voor premies en subsidies zijn alleen toegankelijk voor het VEKA, het Departement Financiën en Begroting, Wonen-Vlaanderen, de netbeheerders of hun werkmaatschappij en de transmissienetbeheerder. De Vlaamse Regering kan nadere voorwaarden bepalen waaronder de gegevens aan die instanties kunnen worden vrijgegeven, en kan de voorwaarden voor de toegang, de verkrijging en het gebruik van de verwerkte gegevens vastleggen. Ze bepaalt ook de algemene organisatorische en technische maatregelen die geno- men moeten worden om de kwaliteit, de vertrouwelijkheid en de veiligheid van de gegevens te garanderen. | 12 | § 2. De gegevens in de databank voor premies en subsidies zijn alleen toegankelijk voor het VEKA, het Departement Financiën en Begroting, Wonen in Vlaanderen, de netbeheerders of hun werkmaatschappij en de transmissienetbeheerder. De Vlaamse Regering kan nadere voorwaarden bepalen waaronder de gegevens aan die instanties kunnen worden vrijgegeven, en kan de voorwaarden voor de toegang, de verkrijging en het gebruik van de verwerkte gegevens vastleggen. Ze bepaalt ook de algemene organisatorische en technische maatregelen die geno- men moeten worden om de kwaliteit, de vertrouwelijkheid en de veiligheid van de gegevens te garanderen. |
| 13 | Het VEKA is de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming. | 13 | Het VEKA is de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming. |
| 14 | § 3. Het VEKA kan voor statistische en wetenschappelijke doeleinden geanonimiseerde gegevens uit de databank voor premies en subsidies ter beschikking stellen van belanghebbende instanties. Het VEKA bepaalt onder welke voorwaarden die gegevens mogen worden gebruikt. | 14 | § 3. Het VEKA kan voor statistische en wetenschappelijke doeleinden geanonimiseerde gegevens uit de databank voor premies en subsidies ter beschikking stellen van belanghebbende instanties. Het VEKA bepaalt onder welke voorwaarden die gegevens mogen worden gebruikt. |
| 4 | Een gemeente kan bij verordening een kortere termijn als vermeld in het eerste lid bepalen voor gebouwen die in hoofdzaak gediend hebben voor een economische activiteit als vermeld in artikel 2, 2°, van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten. Die kortere termijn kan, op voorwaarde van een zorgvuldige motivering, gelden voor het volledige grondgebied van de gemeente of voor afgebakende zones waarin de gemeente economische bedrijvigheid wil stimuleren. | 4 | Een gemeente kan bij verordening een kortere termijn als vermeld in het eerste lid bepalen voor gebouwen die in hoofdzaak gediend hebben voor een economische activiteit als vermeld in artikel 2, 2°, van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten. Die kortere termijn kan, op voorwaarde van een zorgvuldige motivering, gelden voor het volledige grondgebied van de gemeente of voor afgebakende zones waarin de gemeente economische bedrijvigheid wil stimuleren. |
| 5 | §2. Een woning wordt als leegstaand beschouwd wanneer zij gedurende een termijn van ten minste twaalf opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met: | 5 | §2. Een woning wordt als leegstaand beschouwd wanneer zij gedurende een termijn van ten minste twaalf opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met: |
| 6 | 1° hetzij de woonfunctie; | ||
| 6 | 1° hetzij de woonfunctie die blijkt uit een omgevingsvergunning of meldingsakte als vermeld in artikel 6 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning die voor die woning is uitgereikt. Bij een woning waarvoor er geen vergunning of melding is, of waarvan de functie niet duidelijk blijkt uit een vergunning of melding, wordt de functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van de woning dat voorafging aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden; | ||
| 7 | 2° hetzij elke andere bij gemeentelijke verordening omschreven functie die een effectief en niet-occasioneel gebruik van de woning met zich mee brengt. | 7 | 2° hetzij elke andere bij gemeentelijke verordening omschreven functie die een effectief en niet-occasioneel gebruik van de woning met zich mee brengt. |
| 8 | §3. In afwijking van paragraaf 1 en 2, wordt een nieuw gebouw of een nieuwe woning als leegstaand beschouwd indien dat gebouw of die woning binnen zeven jaar na de afgifte van een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig paragraaf 1, eerste en tweede lid, respectievelijk paragraaf 2. | 8 | §3. In afwijking van paragraaf 1 en 2, wordt een nieuw gebouw of een nieuwe woning als leegstaand beschouwd indien dat gebouw of die woning binnen zeven jaar na de afgifte van een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig paragraaf 1, eerste en tweede lid, respectievelijk paragraaf 2. |
| 5 | De Vlaamse Regering kan: | 5 | De Vlaamse Regering kan: |
| 6 | 1° categorieën van controleurs bepalen; | 6 | 1° categorieën van controleurs bepalen; |
| 7 | 2° de procedure voor de erkenning van de controleurs bepalen; | 7 | 2° de procedure en de voorwaarden voor de erkenning van de controleurs bepalen; |
| 8 | 3° de procedure en voorwaarden voor de schorsing en intrekking van die erkenning vaststellen; | 8 | 3° de procedure en voorwaarden voor de schorsing en intrekking van die erkenning vaststellen; |
| 9 | 4° voorwaarden koppelen aan de opheffing van een schorsing; | 9 | 4° voorwaarden koppelen aan de opheffing van een schorsing; |
Art. 7. In artikel 3.56 van dezelfde codex, ingevoegd bij het decreet van 9 juli 2021 en gewijzigd bij het decreet van 21 april 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° aan paragraaf 1 wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
“In afwijking van het eerste lid worden persoonsgegevens verwerkt om de voorwaarden en vereisten, vermeld in artikel 3.58 tot en met 3.60, toe te passen.”;
2° in paragraaf 2 worden tussen het derde en het vierde lid twee leden ingevoegd, die luiden als volgt:
“De verwerkingsverantwoordelijke in het kader van de toepassing van artikel 3.58 tot en met 3.59 zijn, ieder voor wat betreft de verwerkingen die zij voor hun rekening nemen:
1° de steden of gemeenten;
2° de dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid.
De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, is de verwerkingsverantwoordelijke in het kader van de toepassing van artikel 3.60.”;
3° aan paragraaf 4, eerste lid, worden een punt 4° en een punt 5° toegevoegd, die luiden als volgt:
“4° van tien jaar nadat het kotlabel als vermeld in artikel 3.59, §2, van deze codex, is vervallen of tien jaar na de beslissing om geen kotlabel toe te kennen;
5° van een jaar nadat een melding als vermeld in artikel 3.60 van deze codex, is geschrapt.”.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (wijziging niet herkend). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 4 | 3° voor woningen waarvoor een procedure tot ongeschikt- en onbewoonbaarverklaring als vermeld in artikel 3.12 loopt, met inbegrip van een beroepsprocedure als vermeld in artikel 3.14 en 3.15; | 4 | 3° voor woningen waarvoor een procedure tot ongeschikt- en onbewoonbaarverklaring als vermeld in artikel 3.12 loopt, met inbegrip van een beroepsprocedure als vermeld in artikel 3.14 en 3.15; |
| 5 | 4° voor woningen die in de inventaris zijn opgenomen; | 5 | 4° voor woningen die in de inventaris zijn opgenomen; |
| 6 | 5° voor woningen waarvoor de opname in de inventaris geschorst is conform artikel 3.21, §3. | 6 | 5° voor woningen waarvoor de opname in de inventaris geschorst is conform artikel 3.21, §3; |
| 7 | 4° voor woningen die gemeld zijn als studentenhuisvesting conform artikel 3.60. | ||
| 7 | De gegevens, vermeld in het eerste lid, kunnen digitaal of op een ande-re wijze aan het publiek ter beschikking worden gesteld. De voormelde terbeschikkingstelling kan de volgende informatie bevatten: | 8 | De gegevens, vermeld in het eerste lid, kunnen digitaal of op een ande-re wijze aan het publiek ter beschikking worden gesteld. De voormelde terbeschikkingstelling kan de volgende informatie bevatten: |
| 8 | 1° de identificatiegegevens van die woningen, met uitsluiting van identiteitsgegevens van personen; | 9 | 1° de identificatiegegevens van die woningen, met uitsluiting van identiteitsgegevens van personen; |
| 10 | 3° informatie over het bestaan van een waarschuwing als vermeld in artikel 3.10; | 11 | 3° informatie over het bestaan van een waarschuwing als vermeld in artikel 3.10; |
| 11 | 4° informatie over het bestaan van een actueel besluit om een woning ongeschikt of onbewoonbaar te verklaren of over het bestaan van een procedure tot ongeschikt- en onbewoonbaarverklaring, met inbegrip van een beroepsprocedure als vermeld in artikel 3.14 en artikel 3.15; | 12 | 4° informatie over het bestaan van een actueel besluit om een woning ongeschikt of onbewoonbaar te verklaren of over het bestaan van een procedure tot ongeschikt- en onbewoonbaarverklaring, met inbegrip van een beroepsprocedure als vermeld in artikel 3.14 en artikel 3.15; |
| 12 | 5° informatie over het bestaan van een schorsing van een opname in de inventaris als vermeld in artikel 3.21, §3. | 13 | 5° informatie over het bestaan van een schorsing van een opname in de inventaris als vermeld in artikel 3.21, §3; |
| 14 | 6° informatie over de aanduiding als studentenhuisvesting; | ||
| 15 | 7° informatie over het bestaan van het Vlaamse kotlabel met vermelding van de voorwaarden die zijn vervuld; | ||
| 16 | 8° informatie over de weigering om een Vlaams kotlabel toe te kennen met vermelding van de voorwaarden die wel of niet zijn vervuld; | ||
| 17 | 9° informatie dat de procedure voor de toekenning van een Vlaams kotlabel lopende is. | ||
| 13 | De terbeschikkingstelling, vermeld in het eerste en tweede lid, is mogelijk voor alle geïnteresseerde of belanghebbende natuurlijke personen, rechtspersonen, organisaties, overheidsinstanties, diensten of andere organen, voor commercieel en niet-commercieel gebruik. Het agentschap, vermeld in het eerste lid, kan voor de terbeschikkingstelling, vermeld in het eerste en tweede lid, een beroep doen op een publieke of private dienstverlener. In dat geval is het voormelde agentschap de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor de overdracht van de gegevens en is de dienstverlener de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor het bijhouden en ter beschikking stellen ervan. | 18 | De terbeschikkingstelling, vermeld in het eerste en tweede lid, is mogelijk voor alle geïnteresseerde of belanghebbende natuurlijke personen, rechtspersonen, organisaties, overheidsinstanties, diensten of andere organen, voor commercieel en niet-commercieel gebruik. Het agentschap, vermeld in het eerste lid, kan voor de terbeschikkingstelling, vermeld in het eerste en tweede lid, een beroep doen op een publieke of private dienstverlener. In dat geval is het voormelde agentschap de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor de overdracht van de gegevens en is de dienstverlener de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming, voor het bijhouden en ter beschikking stellen ervan. |
| 14 | §2. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, of een gemeente kan voor de woningen, vermeld in paragraaf 1, ook de volgende documenten ter beschikking stellen van de VMSW en van notarissen, vastgoedmakelaars, gemeenten, OCMW’s en de Vlaamse Belastingdienst die betrokken zijn bij de verkoop of de verhuur van een woning: | 19 | §2. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, of een gemeente kan voor de woningen, vermeld in paragraaf 1, ook de volgende documenten ter beschikking stellen van de VMSW en van notarissen, vastgoedmakelaars, gemeenten, OCMW’s en de Vlaamse Belastingdienst die betrokken zijn bij de verkoop of de verhuur van een woning: |
| 19 | De dienst, vermeld in het eerste lid, is verwerkingsverantwoordelijke voor de overdracht van de gegevens. De VMSW, de representatieve beroepsorganisaties, vermeld in het tweede lid, en de ontvangende notarissen en vastgoedmakelaars, zijn verwerkingsverantwoordelijke voor de verdere verwerking ervan. Notarissen en vastgoedmakelaars kunnen de documenten die conform het eerste of tweede lid ter beschikking worden gesteld, op hun beurt ter beschikking stellen van de betrokkenen bij het dossier waarvoor deze notarissen of vastgoedmakelaars de voormelde gegevens opvragen. | 24 | De dienst, vermeld in het eerste lid, is verwerkingsverantwoordelijke voor de overdracht van de gegevens. De VMSW, de representatieve beroepsorganisaties, vermeld in het tweede lid, en de ontvangende notarissen en vastgoedmakelaars, zijn verwerkingsverantwoordelijke voor de verdere verwerking ervan. Notarissen en vastgoedmakelaars kunnen de documenten die conform het eerste of tweede lid ter beschikking worden gesteld, op hun beurt ter beschikking stellen van de betrokkenen bij het dossier waarvoor deze notarissen of vastgoedmakelaars de voormelde gegevens opvragen. |
| 20 | § 3. Voor de woningen, vermeld in paragraaf 1, kunnen de resultaten van de recentste technische vaststellingen, vermeld in artikel 3.3, door steden en gemeenten of door het agentschap dat door de Vlaamse Regering belast wordt met de uitvoering van het woonbeleid, die als verwerkingsverantwoordelijke optreden, ter beschikking gesteld worden van de houder van het zakelijk recht die niet betrokken was bij de procedure die tot de inventarisatie of tot afgifte van een conformiteitsattest heeft geleid en van iedere persoon die aantoont dat de technische toestand van de woning hem rechtstreeks en persoonlijk in zijn rechtssituatie kan raken. | 25 | § 3. Voor de woningen, vermeld in paragraaf 1, kunnen de resultaten van de recentste technische vaststellingen, vermeld in artikel 3.3, door steden en gemeenten of door het agentschap dat door de Vlaamse Regering belast wordt met de uitvoering van het woonbeleid, die als verwerkingsverantwoordelijke optreden, ter beschikking gesteld worden van de houder van het zakelijk recht die niet betrokken was bij de procedure die tot de inventarisatie of tot afgifte van een conformiteitsattest heeft geleid en van iedere persoon die aantoont dat de technische toestand van de woning hem rechtstreeks en persoonlijk in zijn rechtssituatie kan raken. |
| 26 | §4. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, kan persoonsgegevens die noodzakelijk zijn voor de goede organisatie en opvolging van conformiteitsonderzoeken die verlopen volgens de procedure, vermeld in artikel 3.3, en die worden uitgevoerd door controleurs die erkend zijn conform de bepalingen die de Vlaamse Regering krachtens artikel 3.5, tweede lid, vaststelt, ter beschikking stellen aan private rechtspersonen die de diensten van die controleurs aanbieden. De voormelde private rechtspersonen zijn de verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van de persoonsgegevens die ze ontvangen. | ||
| 27 | §5. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, kan de persoonsgegevens die ze verwerkt in het kader van de toepassing van artikel 3.60, doorgeven aan de steden en gemeenten voor het opvolgen van het aanbod van studentenhuisvesting. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, kan die persoonsgegevens gebruiken voor statistische verwerking en kan ze ter beschikking stellen van andere entiteiten van het beleidsdomein Omgeving voor statistische verwerking. De dienst die door de Vlaamse Regering belast is met het woonbeleid, kan die persoonsgegevens verder verwerken voor doeleinden als vermeld in artikel 1.5 die verenigbaar zijn met de oorspronkelijke doeleinden. | ||
| 1 | In dit deel wordt verstaan onder: | ||
| 2 | 1° student: iedere persoon die ingeschreven is bij een instelling die voltijds onderwijs aanbiedt; | ||
| 3 | 2° studentenhuisvesting: elke woning die verhuurd wordt of te huur of ter beschikking gesteld wordt met het oog op de huisvesting van een of meer studenten. |
| 1 | §1. De gemeenteraad kan bij verordening: | ||
| 2 | 1° bepalen dat een studentenhuisvesting het kotlabel, vermeld in paragraaf 2, kan krijgen; | ||
| 3 | 2° het kotlabel, vermeld in paragraaf 2, verplichten om een studentenhuisvesting te verhuren of ter beschikking te stellen . | ||
| 4 | De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de gemeentelijke verordeningen, vermeld in het eerste lid. | ||
| 5 | §2. Een kotlabel toont aan dat een studentenhuisvesting aan al de volgende voorwaarden voldoet: | ||
| 6 | 1° de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, vermeld in artikel 3.1 van deze codex, en, in voorkomend geval, de strengere veiligheids- en kwaliteitsnormen die de gemeenteraad kan opleggen conform artikel 3.2, eerste lid, 2°, van deze codex; | ||
| 7 | 2° de vereisten van brandveiligheid van woningen; | ||
| 8 | 3° het aantal woongelegenheden is vergund of hoofdzakelijk vergund conform de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009. | ||
| 9 | De Vlaamse Regering bepaalt de procedure om een kotlabel als vermeld in het eerste lid, aan te vragen, te behandelen en toe te kennen. De Vlaamse Regering bepaalt de geldigheidsduur van het kotlabel, vermeld in het eerste lid, het uitzicht ervan, en op welke wijze het wordt bekendgemaakt. De gemeente kan nadere regels bepalen. | ||
| 10 | §3. Als de gemeenteraad een verordening als vermeld in paragraaf 1, eerste lid, heeft, kan ze bijkomende voorwaarden opleggen, die geen afbreuk doen aan het kotlabel, vermeld in paragraaf 2, eerste lid. |
| 1 | Elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die een studentenhuisvesting verhuurt of te huur of ter beschikking stelt, meldt dat. De voormelde persoon kan melden dat de studentenhuisvesting niet langer wordt verhuurd of ter beschikking wordt gesteld. De Vlaamse Regering werkt de voormelde meldingsplicht verder uit. | 1 | Elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die een studentenhuisvesting verhuurt of te huur of ter beschikking stelt, meldt dat. De Vlaamse Regering werkt de voormelde meldingsplicht verder uit. |
| 1 | §1. De woonmaatschappij kan een aanbod van geconventioneerde huurwoningen inhuren en verwerven van private initiatiefnemers als vermeld in artikel 5.52/1. | 1 | §1. De woonmaatschappij kan een aanbod van geconventioneerde huurwoningen inhuren en verwerven van private initiatiefnemers als vermeld in artikel 5.52/1. |
| 2 | De woonmaatschappij kan ook zelf ten belope van ten hoogste 20 procent van haar jaarlijkse investeringsvolume een aanbod van geconventioneerde huurwoningen realiseren. De Vlaamse Regering bepaalt de berekeningswijze. De woonmaatschappij hanteert gescheiden boekhoudingen voor haar taken met betrekking tot het aanbod van geconventioneerde huurwoningen, het aanbod van betaalbare studentenkamers en haar taken met betrekking tot het sociaal woonaanbod. | 2 | De woonmaatschappij kan ook zelf ten belope van ten hoogste 20 procent van haar jaarlijkse investeringsvolume een aanbod van geconventioneerde huurwoningen realiseren. De Vlaamse Regering bepaalt de berekeningswijze. De woonmaatschappij hanteert gescheiden boekhoudingen voor haar taken met betrekking tot het aanbod van geconventioneerde huurwoningen, het aanbod van betaalbare studentenkamers en haar taken met betrekking tot het sociaal woonaanbod. |
| 3 | §2. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden over de maximale huurprijs, de korting op de huurprijs, de inkomens- en eigendomsvoorwaarde waaraan de huurder voldoet, de wijze waarop gecontroleerd wordt of een huurder in aanmerking komt voor een geconventioneerde huurwoning en de voorwaarden waaronder een geconventioneerde huurwoning wordt verhuurd. | 3 | §2. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden over de maximale huurprijs, de korting op de huurprijs, de inkomens- en eigendomsvoorwaarde waaraan de huurder voldoet, de wijze waarop gecontroleerd wordt of een huurder in aanmerking komt voor een geconventioneerde huurwoning en de voorwaarden waaronder een geconventioneerde huurwoning wordt verhuurd. De Vlaamse Regering kan binnen de afgebakende doelgroep van woonbehoeftige gezinnen en alleenstaanden, vermeld in artikel 1.3, §1, eerste lid, 14°/1, bijzondere doelgroepen bepalen tot wie de projectgebonden oproep tot kandidaatstelling, vermeld in het tweede lid, zich kan richten. |
| 4 | Een geconventioneerde huurwoning wordt toegewezen na een projectgebonden oproep tot kandidaatstelling. De toewijzing gebeurt door het beslissingsorgaan van de woonmaatschappij of de persoon of personen die hij daartoe aanstelt, rekening houdend met: | 4 | Een geconventioneerde huurwoning wordt toegewezen na een projectgebonden oproep tot kandidaatstelling. De toewijzing gebeurt door het beslissingsorgaan van de woonmaatschappij of de persoon of personen die hij daartoe aanstelt, rekening houdend met: |
| 5 | 1° de interesse van de kandidaat-huurder in een of meerdere woningen in het project; | 5 | 1° de interesse van de kandidaat-huurder in een of meerdere woningen in het project; |
| 6 | 2° de toewijzingsregels die de Vlaamse Regering vaststelt, waarbij ze rekening houdt met de bijzondere doelstellingen van het woonbeleid, vermeld in artikel 1.6, §2. | 6 | 2° de toewijzingsregels die de Vlaamse Regering vaststelt, waarbij ze rekening houdt met de bijzondere doelstellingen van het woonbeleid, vermeld in artikel 1.6, §2; |
| 7 | 3° de voorrangsregel die de Vlaamse Regering vaststelt over de lokale binding van de kandidaat-huurder met de gemeente waar de geconventioneerde huurwoning ligt, als de gemeente beslist om die voorrangsregel toe te passen. | ||
| 7 | §3. De Vlaamse Regering stelt voor de verhuur van de geconventioneerde huurwoningen een typeovereenkomst vast voor de huurders die in aanmerking komen voor een geconventioneerde huurwoning. Van de typehuurovereenkomsten kan alleen worden afgeweken in de gevallen die de Vlaamse Regering bepaalt. | 8 | §3. De Vlaamse Regering stelt voor de verhuur van de geconventioneerde huurwoningen een typeovereenkomst vast voor de huurders die in aanmerking komen voor een geconventioneerde huurwoning. Van de typehuurovereenkomsten kan alleen worden afgeweken in de gevallen die de Vlaamse Regering bepaalt. |
| 8 | De typehuurovereenkomst, vermeld in het eerste lid, bevat minstens de volgende regelingen: | 9 | De typehuurovereenkomst, vermeld in het eerste lid, bevat minstens de volgende regelingen: |
| 1 | §1. Voor de verhuring van de geconventioneerde woningen, vermeld in artikel 4.42, worden persoonsgegevens verwerkt met als doel: | 1 | §1. Voor de verhuring van de geconventioneerde woningen, vermeld in artikel 4.42, worden persoonsgegevens verwerkt met als doel: |
| 2 | 1° na te gaan of voldaan is aan de voorwaarden die de Vlaamse Regering vaststelt conform artikel 4.42; | 2 | 1° na te gaan of voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4.42, §2, eerste lid, en in voorkomend geval, de voorrangsregel, vermeld in artikel 4.42, §2, tweede lid, 3°; |
| 3 | 2° de juridische afwikkeling van de huurovereenkomst verzekeren. | 3 | 2° de juridische afwikkeling van de huurovereenkomst verzekeren. |
| 4 | §2. De verwerkingsverantwoordelijken zijn: | 4 | §2. De verwerkingsverantwoordelijken zijn: |
| 14 | 7° gegevens over onroerende rechten; | 14 | 7° gegevens over onroerende rechten; |
| 15 | 8° woningkenmerken. | 15 | 8° woningkenmerken. |
| 16 | De gegevens betreffende de lichamelijke en psychische gezondheid van de aanvrager of zijn inwonende gezinsleden worden opgevraagd en verwerkt conform artikel 9, lid 2, g), van de algemene verordening gegevensbescherming. Deze gegevens worden opgevraagd en verwerkt om te bepalen of de aanvrager in aanmerking komt voor een geconventioneerde huurwoning. Alleen het statuut van de persoon kan worden opgevraagd en verwerkt. | ||
| 17 | De Vlaamse Regering kan de categorieën van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, nader omschrijven. | 16 | De Vlaamse Regering kan de categorieën van persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, nader omschrijven. |
| 18 | §4. De betrokkenen bij de verwerking van persoonsgegevens zijn: | 17 | §4. De betrokkenen bij de verwerking van persoonsgegevens zijn: |