Tot wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur #1445
Gemerged Vlaamse Regering voegde 105 artikels samen in decreet-2017-12-22-1029017decreet-2021-07-16-1035899decreet-2008-12-19 · 14 oktober 2022 Alle checks geslaagd
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
verzendcode: BIN
ingediend op 1 december 2022 (2022-2023)
Amendementen
op het ontwerp van decreet
tot wijziging van het decreet van 22 december 2017
over het lokaal bestuur
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
AMENDEMENT Nr. 1
voorgesteld door Tom Ongena, Kris Van Dijck, Brecht Warnez,
Nadia Sminate, Katrien Partyka en Paul Van Miert
Artikel 65/1 (nieuw)
Een artikel 65/1 invoegen, dat luidt als volgt:
“Art. 65/1. In artikel 343 van hetzelfde decreet wordt punt 1° vervangen door wat
volgt:
“1° eerste bestuursperiode: de periode vanaf 1 januari die volgt op de eerste verkiezing van de nieuwe gemeenteraad tot de eerstvolgende volledige vernieuwing van de gemeenteraad;”.”.
VERANTWOORDING
Voorliggend amendement beoogt dat bij het bepalen van het einde van de eerste bestuursperiode van
een nieuwe gemeente (dit is de gemeente ontstaan na samenvoeging) rekening wordt gehouden met
de vervroegde installatie van de gemeenteraad in december van het verkiezingsjaar. Alleen voor de
eerste bestuursperiode valt de installatievergadering op de eerste werkdag van januari. Vanaf de
tweede bestuursperiode wordt de gemeenteraad normaliter tijdens de eerste vijf werkdagen van december geïnstalleerd. Er is daarom geen reden om het einde van die eerste bestuursperiode op eind
december van het verkiezingsjaar vast te leggen.
■
AMENDEMENT Nr. 2
voorgesteld door Tom Ongena, Kris Van Dijck, Brecht Warnez,
Nadia Sminate, Katrien Partyka en Paul Van Miert
Artikel 75/1 (nieuw)
Een artikel 75/1 invoegen, dat luidt als volgt:
“Art. 75/1. Aan deel 2, titel 8, hoofdstuk 4, van hetzelfde decreet, wordt een artikel
384/1 toegevoegd, dat luidt als volgt:
“Art. 384/1. In afwijking van artikel 149, vierde lid, 1°, worden aaneensluitende
prestaties, geleverd van 1 januari tot en met 30 november in het laatste jaar van
de eerste bestuursperiode van een nieuwe gemeente, voor de berekening van de
uittredingsvergoeding beschouwd als een gepresteerd jaar.”.”.
VERANTWOORDING
Voorliggend amendement regelt dat prestaties in het laatste jaar van de eerste bestuursperiode van
een nieuwe gemeente (dit is de gemeente ontstaan na samenvoeging) – het verkiezingsjaar dus –,
geleverd van januari tot en met november, volstaan om aanspraak te maken op een maand uittredingsvergoeding. Dit uiteraard op voorwaarde, als vanouds, dat het gaat om een volledig gepresteerde
periode van januari tot en met november van het verkiezingsjaar en er voldaan is aan de overige
voorwaarden gesteld in artikel 149, vierde lid, van 22 december 2017 over het lokaal bestuur (DLB) en
artikel 14 van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 2018 houdende het statuut van de lokale
mandataris.
Deze wijziging beoogt de gebeurlijke drempels die een samenvoeging van gemeenten in de weg staan
weg te werken en samenvoegingen aldus te faciliteren.
In een gelijkaardige regeling, maar dan eenmalig en in overgang, wordt voorzien voor een gewone
gemeente in het verkiezingsjaar 2024, dat dan 11 maanden zal tellen ingevolge de installatie van de
gemeenteraad in december van dat jaar.
Zie ook de verantwoording bij amendement nr. 7 over een bijkomende overgangsbepaling tot afwijking
van artikel 149 DLB en amendement nr. 1 tot wijziging van artikel 343 van hetzelfde decreet.
■
AMENDEMENT Nr. 3
voorgesteld door Tom Ongena, Kris Van Dijck, Brecht Warnez,
Nadia Sminate, Katrien Partyka en Paul Van Miert
Artikel 79
Dit artikel vervangen door wat volgt:
“Art. 79. In artikel 422, eerste lid, van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet
van 16 juli 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° tussen het woord “tot” en het woord “uittreding” worden de woorden “gehele
of gedeeltelijke” ingevoegd;
2° aan het eerste lid wordt een zin toegevoegd die luidt als volgt:
“In het geval van een gedeeltelijke uittreding vermeldt de desbetreffende beslissing de activiteiten of opdrachten waarvoor de deelnemer beslist om uit te
treden.”.”.
VERANTWOORDING
Het te wijzigen artikel 422 DLB werd al gewijzigd door het decreet van 16 juli 2021 tot wijziging van
diverse decreten, wat betreft versterking van de lokale democratie. Om te vermijden dat er verwarring
ontstaat over in welke versie van artikel 422 DLB de wijziging moet worden doorgevoerd, wordt de
wetshistoriek in artikel 79 van het ontwerp van decreet alsnog vermeld.
■
AMENDEMENT Nr. 4
voorgesteld door Tom Ongena, Kris Van Dijck, Koen Van den Heuvel,
Nadia Sminate, Brecht Warnez en Paul Van Miert
Artikel 79/1 (nieuw)
Een artikel 79/1 invoegen, dat luidt als volgt:
“Art. 79/1. In artikel 423 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt:
“Na afloop van de statutair bepaalde duur of in geval van enige vorm van
herstructurering, zoals bedoeld in boek 12 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, in een periode van drie jaren voorafgaand aan de
statutair bepaalde einddatum, kan de dienstverlenende of opdrachthoudende
vereniging opeenvolgende keren verlengd worden voor een termijn die telkens
niet langer mag zijn dan achttien jaar.”
2° in het tweede lid wordt de zinsnede “kan de laatste algemene vergadering vóór
het verstrijken van de duur” vervangen door de zinsnede “kan de laatste algemene vergadering vóór het verstrijken van de duur of, in het geval van enige
vorm van herstructurering zoals bedoeld in boek 12 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, de algemene vergadering die over de herstructurering beslist”.”.
VERANTWOORDING
Het nieuwe artikel 423, eerste lid, DLB voert het principe in dat er binnen de dienstverlenende of opdrachthoudende vereniging over de verlenging van de duur kan worden beslist naar aanleiding van
enige vorm van herstructurering, zoals bedoeld in boek 12 van het Wetboek van vennootschappen en
verenigingen (WVV), in een periode van drie jaar voorafgaand aan de statutair bepaalde einddatum.
Overeenkomstig artikel 423, tweede lid, DLB kan alleen de laatste algemene vergadering vóór het
verstrijken van de duur tot de …