Tot wijziging van diverse decreten, wat betreft versterking van de lokale democratie #790
Gemerged Vlaamse Regering voegde 123 artikels samen in decreet-1977-01-28decreet-2014-04-04decreet-2017-12-22-1029017 · 10 mei 2021 40 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
verzendcode: BIN
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
7 juni 2021 (2020-2021)
Amendementen
op het ontwerp van decreet
tot wijziging van diverse decreten,
wat betreft versterking van de lokale democratie
ingediend op
— 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be
AMENDEMENT Nr. 1
voorgesteld door Kurt De Loor, Conner Rousseau, Maxim Veys
en Hannes Anaf
Artikel 2/1 (nieuw)
In hoofdstuk 3 een artikel 2/1 invoegen, dat luidt als volgt:
“Art. 2/1. In artikel 8, 2°, van het Lokaal en Provinciaal Kiesdecreet van 8 juli 2011
wordt het woord “achttien” vervangen door het woord “zestien”.”.
VERANTWOORDING
Voorliggend amendement wijzigt het Lokaal en Provinciaal Kiesdecreet van 8 juli 2011 in die zin dat
het stemrecht vanaf zestien jaar realiseert. Uit de hoorzittingen in de Commissie voor Bestuurszaken,
Binnenlands Bestuur, Inburgering en Stedenbeleid van 17 en 30 mei 2017 bleek een groot enthousiasme
te bestaan over het voorstel om bij de lokale verkiezingen zestien- en zeventienjarigen het recht te
geven om te gaan stemmen. Zowel de Vlaamse Jeugdraad, Jongsocialisten, Jong Groen, JONGCD&V en
Jong VLD toonden zich grote voorstanders. Het Kinderrechtencommissariaat, bij monde van toenmalig
kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen, schaarde zich achter het voorstel en ook de meeste
politieke fracties in het Vlaams Parlement toonden zich voorstander.
Jongeren vanaf zestien jaar een stem geven in het politieke debat zal het engagement en het
enthousiasme van jongeren in de wereld rondom hen en in de politiek aanwakkeren. Voorliggend
amendement erkent het recht van jongeren op participatie en valoriseert de inbreng van jongeren in
de samenleving als volwaardige actor. Wat de politiek beslist, heeft een grote impact op het leven van
jongeren: ze lopen school, fietsen naar huis, nemen de bus, participeren aan het socio-culturele leven,
gaan sporten in de plaatselijke sporthal enzovoort.
Stemrecht vanaf zestien jaar mag geen doel op zich zijn, maar moet een middel zijn om jongeren mee
te laten participeren in de samenleving. In die zin dringen de indieners van dit amendement er dan ook
op aan dat de Vlaamse Regering, in samenwerking met het onderwijs, de lokale besturen, de (jeugd-)
verenigingen enzovoort ervoor zorgen dat jongeren optimaal en actief geïnformeerd en gesensibiliseerd
worden.
Bovendien uit minister Bart Somers, bevoegd voor onder meer Binnenlands Bestuur, in zijn beleidsnota
Binnenlands Bestuur en Stedenbeleid 2019-2024 (Parl.St. Vl.Parl. 2019-20, nr. 143/1) de ambitie om
‒ vooral op het lokale niveau ‒ te experimenteren met nieuwe vormen van betrokkenheid, inspraak en
cocreatie zodat elke Vlaming volwaardig aan de lokale democratie kan participeren. Dit amendement
geeft jongeren de kans om vanaf zestien jaar te gaan stemmen en zo te participeren aan de lokale
democratie.
AMENDEMENT Nr. 2
voorgesteld door Jeremie Vaneeckhout en An Moerenhout
Artikel 2/1 (nieuw)
In hoofdstuk 3 een artikel 2/1 invoegen, dat luidt als volgt:
“Artikel 2/1. In artikel 8, 2°, van het Lokaal en Provinciaal Kiesdecreet van 8 juli
2011 wordt het woord “achttien” vervangen door het woord “zestien”.”.
VERANTWOORDING
Democratie is iets wat men moet leren. Jongeren kunnen stapsgewijs de groei naar volwassenheid en de
bijhorende verantwoordelijkheid leren door al vanaf 16 jaar het recht te krijgen om hun stem bij lokale
verkiezingen te laten horen. Internationale voorbeelden in Oostenrijk, Malta en andere plaatsen tonen
aan dat stemrecht vanaf 16 jaar de politieke betrokkenheid van jongeren verhoogt en dat jongeren
even weloverwogen stemmen als oudere burgers.
AMENDEMENT Nr. 3
voorgesteld door Kurt De Loor, Conner Rousseau, Maxim Veys
en Ludwig Vandenhove
Artikel 3
Dit artikel schrappen.
VERANTWOORDING
Voorliggend ontwerp van decreet strekt ertoe de opkomstplicht bij de gemeente-, districts-, en provincieraadsverkiezingen af te schaffen. Dit wordt geregeld in artikel 22 (afschaffing opkomstplicht) en artikel
3, 14 en 15 (aanpassing van de bepalingen die op de afschaffing betrekking hebben).
Het afschaffen van de opkomstplicht is evenwel onwenselijk en legt de meest laagdrempelige vorm
van burgerparticipatie, de stemming, aan banden. Het ontwerp van decreet werpt een drempel op voor
politieke participatie van een aantal groepen: laagopgeleiden die sneller zullen afhaken, kansengroepen,
ouderen die minder vlot tot aan de stembus geraken en zich de moeite zullen besparen enzovoort.
Het zijn allemaal burgers voor wie de opkomstplicht een extra motivatie was om te gaan stemmen,
om stil te staan bij hun standpunt. Onderzoek wijst uit dat mensen die het moeilijker hebben in de
samenleving meer geneigd zijn om af te haken dan anderen. Volgens wetenschappelijk onderzoek
zal 57 procent van de stemgerechtigden nog altijd gaan stemmen indien de opkomstplicht wegvalt,
en 23 procent zou afhaken. De rest zit daar ergens tussenin. Aangezien de opkomst bij de jongste
gemeenteraadsverkiezingen nog 92 procent was, staat het vast dat de participatie fors zal dalen.
De daling van de participatiegraad, een onvermijdelijk gevolg van de afschaffing van de opkomstplicht,
staat haaks op de doelstelling van de Vlaamse Regering om de lokale democratie te versterken.
Voorts toont onderzoek aan dat het lokale niveau het dichtst bij de burger staat en het niveau is waar
de Vlaming het meeste vertrouwen in heeft. Voorliggend ontwerp van decreet knipt de band tussen
burger en politiek nog meer door.
Het afschaffen van de opkomstplicht op het lokale niveau zorgt bovendien voor verwarring bij de burger,
aangezien de opkomst voor Vlaamse, federale en Europese verkiezingen wel verplicht blijft. De Vlaamse
Regering geeft de burger met deze hervorming het signaal dat lokale verkiezingen minder belangrijk
zijn omdat men niet verplicht is om te gaan stemmen. En dat terwijl de lokale besturen meer en meer
verantwoordelijkheden en taken krijgen.
Voorliggende amendementen nr. 3, 6, 8 en 12 schrappen dan ook deze hervorming van de …