§ flandrepo

Tot wijziging van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid en het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen #612

Gemerged Vlaamse Regering voegde 25 artikels samen in decreet-1995-04-05decreet-2011-12-23-1021295 · 20 januari 2021 Alle checks geslaagd
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
verzendcode: LEE ingediend op 5 februari 2021 (2020-2021) Verslag namens de Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie uitgebracht door Tinne Rombouts en Mieke Schauvliege over het ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid en het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen Samenstelling van de Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie: Voorzitter: Gwenny De Vroe. Vaste leden: Piet De Bruyn, Inez De Coninck, Andries Gryffroy, Freya Perdaens, Wilfried Vandaele; Bart Claes, Leo Pieters, Sam Van Rooy; Tinne Rombouts, Koen Van den Heuvel; Steven Coenegrachts, Gwenny De Vroe; Björn Rzoska, Mieke Schauvliege; Bruno Tobback. Plaatsvervangers: Annick De Ridder, Marius Meremans, Joris Nachtergaele, Axel Ronse, Nadia Sminate; Carmen Ryheul, Stefaan Sintobin, Wim Verheyden; Robrecht Bothuyne, Lode Ceyssens; Bart Tommelein, Bart Van Hulle; Johan Danen, Chris Steenwegen; Hannes Anaf. Toegevoegde leden: Jos D'Haese. Documenten in het dossier: : Ontwerp van decreet INHOUD 1. Toelichting............................................................................................. 4 2. Bespreking ............................................................................................ 4 3. Stemming ............................................................................................. 8 Gebruikte afkortingen .................................................................................. 9 De Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie besprak op dinsdag 2 februari 2021 het ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid en het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (Parl.St. Vl.Parl. 2020-21, nr. 612/1). (Deze vergadering werd als videoconferentie georganiseerd.) 1. Toelichting Minister Zuhal Demir legt uit dat dit ontwerp tot wijziging van het Materialendecreet Europese richtlijnen omzet, alsook enkele nieuwe bepalingen bevat die belangrijke beleidsveranderingen inluiden. Ten eerste biedt het ontwerp een rechtsgrond voor de doorrekening aan de producenten van de zwerfvuilkosten van de fracties die in zwerfvuil voorkomen. De richtlijn betreffende de vermindering van de effecten van bepaalde kunststofproducten op het milieu verplicht de lidstaten immers de kost voor opruiming van zwerfvuil en bewustmakingsmakingsmaatregelen door te rekenen naar de producenten. Het gaat om alle producten met een relevante milieu-impact zoals bepaalde plastic voedselverpakkingen, drankverpakkingen, drinkbekers, plastic draagtassen, vochtige doekjes, ballonnen en tabaksproducten. Het ontwerp van decreet geeft aan de Vlaamse Regering het mandaat om de producten waarvoor zwerfvuilkost moet worden betaald, aan te duiden en hun aandeel in de kost vast te leggen. Het ontwerp voert voorts minimale criteria in waaraan een regeling van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid moet voldoen volgens de Europese kaderrichtlijn Afvalstoffen. Zo moeten de financiële bijdragen die producenten betalen in het kader van een uitgebreide producentenverantwoordelijkheid de volledige kosten dekken voor bepaalde activiteiten in de afvalfase van een product, met name de gescheiden inzameling, het vervoer en het beheer van de afvalstoffen. De kosten mogen niet meer bedragen dan de kosten die nodig zijn om de afvalbeheerdiensten op een kostenefficiënte wijze te verrichten. De kaderrichtlijn en het voorliggend ontwerp van decreet voorzien in de mogelijkheid om die kosten voor 80 procent te laten dekken door de producenten. De overige 20 procent moeten gedragen worden door de afvalstoffenproducenten of de distributeurs van de producten waaruit het afval voortkomt. Ten derde wordt het principe veralgemeend dat afvalinzamelaars hun inzamelformules zo moeten organiseren dat ze hun klanten aanmoedigen afval gescheiden aan te bieden. Sorteeranalyses tonen dat er in het bedrijfsrestafval nog een belangrijke hoeveelheid recycleerbaar afval zit. Het huishoudelijke afval wordt veel beter gesorteerd. Extra inspanningen zijn nodig om het voor bedrijven zowel logistiek als financieel interessanter te maken hun recycleerbare afvalstoffen gescheiden aan te bieden. De inzamelaars spelen daar een belangrijke rol in. De Vlaamse Regering kan nadere regels uitwerken voor hun inzamelformules. In de volgende VLAREMA-aanpassingen zal ze regelingen opnemen die de verantwoordelijkheden van producenten en inzamelaars van bedrijfsafvalstoffen verduidelijken. Tot slot zijn er enkele bepalingen over de asbestinventaris die in 2022 van start gaat. 2. Bespreking Mieke Schauvliege vindt deze aanpassing een goede zaak daar het de zwerfvuilaanpak ten goede komt. De schoonmaak ervan kostte in 2019 144,3 miljoen euro, iets wat voornamelijk op rekening van de lokale besturen komt. Het is echter nog maar een algemeen kader; de uitwerking is bepalend. Pas als het samenwerkingsakkoord met de Interregionale Verpakkingscommissie er is, zal duidelijk worden om welke hoeveelheden en kosten het gaat en wie voor wat zal opdraaien. Ze vraagt aan de minister hoe de kostprijs zal bepaald worden en wat het aandeel van de overheden daarin zal zijn. Hoe zal het parlement dat kunnen opvolgen? In een van de vorige versies van het ontwerp was ook handhaving een onderdeel van de te financieren kosten. Dat is geschrapt. Nu wordt er enkel verwezen naar andere beleidstaken. In de motivatie staat dat producenten mee mogen beslissen over de wijze waarop een andere beleidstaak zoals handhaving wordt uitgevoerd. Handhaving kost echter geld en het zijn vooral de gemeenten die daarvoor opdraaien. De producten staan allicht niet te springen om voor handhaving te betalen. Ze vraagt de minister hoe de handhaving dan wel zal worden gefinancierd. In het ontworpen artikel 21/1 van …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd