§ flandrepo
18 regels · van kracht sinds 15 dec 2022

Artikel 6

§ 1. Het gebruik van het GIPOD is kosteloos.

§ 2. ...

Het agentschap treedt op als beheerder van de publieke informatie uit het GIPOD en stelt publieke informatie uit het GIPOD voor commercieel en niet-commercieel hergebruik ter beschikking, zonder vergoeding te vragen voor de toegang tot of het gebruik van de informatie.

Het agentschap ontvangt voor zijn taken ter uitvoering van dit decreet van het Eigen Vermogen Digitaal Vlaanderen de werkingsmiddelen om de kosten voor het onderhoud, de exploitatie, het operationele beheer en de verdere evolutie te dekken.

§ 3. De kosten voor het onderhoud, de exploitatie, het operationeel beheer en de verdere evolutie van het GIPOD worden voor de helft gefinancierd door het Vlaamse Gewest en voor de helft door bijdragen van alle netbeheerders van fysieke leidingnetten, vermeld in artikel 2, 7°, van het decreet van 16 april 2004 houdende het Grootschalig Referentie Bestand.

De kosten worden verdeeld over alle netbeheerders, vermeld in het eerste lid, in verhouding tot de volgende elementen:

  1. 1°de aanwezigheid van de verschillende fysieke detailnetten per gemeente en de mogelijke interventies daarop;
  2. 2°de lengte van de vervoersnetten, zoals berekend volgens de verdeelsleutel van de GRB-heffing van het heffingsjaar 2016, zoals opgenomen in de GRB-heffingsbiljetten van dat jaar en voor de watersector de verdeelsleutel van het heffingsjaar 2018, zoals opgenomen in de GRB-heffingsbiljetten van dat jaar.

De verdeling van de kosten voor het onderhoud, de exploitatie, het operationeel beheer en de verdere evolutie is vastgelegd in de tabel die is opgenomen in de bijlage die bij dit decreet is gevoegd. De Vlaamse Regering kan de verdeling van die kosten wijzigen, overeenkomstig het tweede lid, als het landschap van de netbeheerders, vermeld in het eerste lid, wijzigt, omdat er onder meer netbeheerders bijkomen, fusioneren, splitsen of niet langer actief zijn.

Het eerste jaar dat een nieuwe netbeheerder als vermeld in het eerste lid toetreedt, betaalt die een bijdrage die overeenstemt met de kleinste bijdrage van de verdeelsleutel, vermeld in het tweede lid, 2°. Vanaf het jaar dat daarop volgt, is de GRB-heffingssleutel van het jaar van de toetreding van de nieuwe speler van toepassing voor de verdeling van de kosten, zoals opgenomen in de GRB-heffingsbiljetten van dat jaar.

De bijdragen zijn verschuldigd door de persoon die op 31 december voorafgaand aan het bijdragejaar, netbeheerder is van het betrokken fysieke leidingnet. Indien op die datum geen enkele persoon de hoedanigheid van netbeheerder had, is de persoon of zijn rechtsopvolger onder algemene titel die als laatste de hoedanigheid van netbeheerder had voor het betrokken net verplicht tot de bijdrage.

Indien de netbeheerder de bijdrage niet binnen de betalingstermijn betaalt, wordt het bedrag van de bijdrage verhoogd met 10 procent. Op het verhoogde bedrag is de wettelijke interest verschuldigd, vanaf het verstrijken van de betalingstermijn.

Het agentschap Digitaal Vlaanderen is belast met de vestiging en de invordering van de bijdragen voor rekening van het Eigen Vermogen Digitaal Vlaanderen. De Vlaamse Regering duidt de personeelsleden aan van het agentschap Digitaal Vlaanderen die belast zijn met de vestiging van de bijdragen, met de invordering ervan en met de controle op de naleving van de verplichtingen betreffende deze bijdragen, en kan nadere regels met betrekking tot hun bevoegdheden bepalen.

Bij gebrek aan voldoening van bijdrage, de verhoging, interesten en toebehoren wordt door de met de invordering belaste ambtenaar een dwangbevel uitgevaardigd. Dat dwangbevel wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door het personeelslid dat daartoe aangewezen is door de Vlaamse Regering.

Het dwangbevel wordt betekend bij gerechtsdeurwaardersexploot of bij aangetekend schrijven.

Op het dwangbevel zijn de bepalingen toepasselijk van deel V van het Gerechtelijk Wetboek houdende bewarend beslag en middelen van tenuitvoerlegging.

Ingeval de bijdrageplichtige een verzet aantekent tegen het dwangbevel, is de uitvoerbaarheid van het dwangbevel geschorst. Evenwel kan de met de invordering belaste ambtenaar, voor de definitieve beslechting van het geschil, een procedure in kortgeding inleiden bij de voorzitter van de rechtbank waar dit geschil in eerste aanleg aanhangig wordt gemaakt, teneinde de bijdrageplichtige te doen veroordelen tot betaling van een provisie op het bij dwangbevel gevorderde bedrag.

De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels betreffende de vestiging en invordering van de bijdragen.

Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd