Artikel 67
§ 1. Voor de berekening van de omkadering, vermeld in artikel 69 tot en met 72, worden alleen financierbare leerlingen geteld.
§ 2. Ongeacht het aantal opleidingen dat hij volgt, is een leerling per domein maar een keer financierbaar.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de domeinoverschrijdende initiatieopleiding als een opleiding in een afzonderlijk domein beschouwd.
Een leerling die meer dan een derde van de leeractiviteiten van een vak georganiseerd tussen 1 oktober en de teldag voor de omkaderingberekening ongewettigd afwezig is, is niet financierbaar.
In afwijking van het eerste lid is een leerling die tegelijkertijd een opleiding volgt in de vierde graad en in een kortlopende studierichting specialisatie financierbaar voor beide opleidingen.
Een leerling die voor 1 november van het betrokken schooljaar geen inschrijvingsgeld heeft betaald, is niet regelmatig en niet financierbaar.
§ 3. Elke financierbare leerling telt voor een teleenheid.
In afwijking van het eerste lid worden de financierbare leerlingen met een vrijstelling voor een of meer vakken in het domein beeldende en audiovisuele kunsten gewogen met de coëfficiënt 0,85.
In afwijking van het eerste lid worden de financierbare leerlingen met een vrijstelling voor een of meer vakken in de domeinen dans, woordkunst-drama en muziek gewogen met de coëfficiënt 0,70.
In afwijking van het eerste lid worden de financierbare leerlingen die hun leertraject in de vierde graad of een kortlopende studierichting verlengen gewogen met de coëfficiënt 0,50.
In afwijking van het eerste lid worden de financierbare leerlingen, met uitzondering van de leerlingen in de vierde graad beeldende en audiovisuele kunsten en in de kortlopende studierichtingen, die hun volledige opleiding volgen in vestigingsplaatsen in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad of de gemeente Voeren gewogen met de coëfficiënt 1,4.
In afwijking van het eerste lid worden de financierbare leerlingen, die hun volledige opleiding volgen in vestigingsplaatsen gelegen in een dunbevolkte gemeente gewogen met de coëfficiënt 1,05.
De wegingen, vermeld in het tweede, vierde en vijfde lid, en de wegingen, vermeld in het derde, vierde en vijfde lid, tellen cumulatief.
De wegingen, vermeld in het tweede, vierde en zesde lid, en de wegingen, vermeld in het derde, vierde en zesde lid, tellen cumulatief.
De wegingen, vermeld in het vijfde en het zesde lid, zijn niet cumulatief. De weging van het vijfde lid primeert.
§ 4. Voor de toepassing van de bepalingen in afdeling 2 tot en met 7 van dit hoofdstuk wordt onder "leerlingen" "gewogen financierbare leerlingen" verstaan.
§ 5. Met behoud van de toepassing van paragraaf 2, wordt een leerling die een of meer vakken die tot het lessenrooster van dezelfde opleiding behoren, in verschillende academies volgt, in maximaal twee academies voor 50% in rekening gebracht. De wegingen, vermeld in paragraaf 3, vijfde lid, worden alleen toegepast op de omkaderingsberekening van de academie met een vestigingsplaats in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad of in de gemeente Voeren voor zover de leerling alle vakken volgt in een vestigingsplaats gelegen in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad of in de gemeente Voeren.
De wegingen, vermeld in paragraaf 3, zesde lid, worden alleen toegepast op de omkaderingsberekening van de academie met een vestigingsplaats in een dunbevolkte gemeente voor zover de leerling alle vakken volgt in een vestigingsplaats gelegen in een dunbevolkte gemeente.
Een leerling die meer opleidingen van hetzelfde domein in verschillende academies volgt, is maar in één academie financierbaar. Op basis van gegevens die het Agentschap voor Onderwijsdiensten aanreikt, beslissen de directeurs in onderling overleg in welke academie de leerling financierbaar is. Ze melden hun beslissing schriftelijk aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten voor 1 februari. Als de directeurs niet tot een akkoord komen, is de leerling financierbaar voor het schooljaar 2019-2020 in die academie waar hij het eerst zijn inschrijvingsgeld betaald heeft voor dat schooljaar. Vanaf het schooljaar 2020-2021 is de leerling financierbaar in de academie waar zijn inschrijving voor dat schooljaar het eerst is geregistreerd in het elektronisch systeem voor de uitwisseling van leerlingengegevens van het Agentschap voor Onderwijsdiensten.
§6. Een leerling kan in de loop van het schooljaar zijn opleiding voortzetten in een andere academie als de capaciteit van die academie toereikend is en de directeur toestemming geeft. De nieuwe academie meldt de inschrijving van de leerling aan de oorspronkelijke academie en het Agentschap voor Onderwijsdiensten. Met behoud van de toepassing van de voorwaarden, vermeld in paragraaf 1 tot en met 4, wordt de leerling geteld als financierbare leerling in de academie waar hij op 1 februari ingeschreven is.